07 maart 2016
Interview ID!OTS
In een Gents café naast de nachtwinkel waar het interview oorspronkelijk zou doorgaan, hadden we een gesprek met Luc Dufourmont en Wouter Spaens van ID!OTS. De band bracht immers op schrikkeldag 29 februari een tweede album uit, eenvoudigweg ll getiteld. Onlangs haalden ze nog het nieuws toen ze een try-out voor de bijhorende tournee hielden voor 100 vluchtelingen.
Jullie speelden een try-out voor 100 vluchtelingen en oorspronkelijk zou het interview vanavond plaatsvinden in een nachtwinkel. Welke boodschap willen jullie daarmee uitdragen?
Het idee voor het optreden kwam van Patrick Smagghe van de 4AD in Diksmuide. We hadden twee dagen geboekt daar om te repeteren, de visuals uit te proberen,… Hij stelde voor dat we ook zouden spelen voor een testpubliek van vluchtelingen. Het leek ons een enorme uitdaging.
Luc: mijn dochter heeft een relatie met een Afghaan en ik weet dat rockmuziek voor hen allerminst evident is. Ik was dus erg benieuwd maar ook wel wat bezorgd of het wel zou aanslaan, hoe ze zouden reageren. Het bleek echter een heel goeie ervaring. Er waren vrouwen, kinderen, mensen van alle leeftijden en vanaf het begin maakte ze ambiance. Zoiets hebben we nog nooit meegemaakt met een publiek van hier. We werden voorgesteld door tolken (in het Pashtun en in het Arabisch) maar uiteindelijk bleken mijn beperkt Engels en de muziek voldoende om een band met hen te smeden.
Het was ook heel sterk emotioneel geladen. Als je zo die bruine oogjes van een jongentje ziet blinken van verwondering bij onze lichtshow en het optreden, dat bezorgt je toch een andere gedrevenheid. Het pakte echt op mijn strot. Dit overstijgt alles.
De teksten van Dick waren niet geschreven met de specifieke problematiek in gedachten maar achteraf blijken ze wel heel toepasselijk. Neem nu Never look backk. Dat is een schippersliedje over wegvaren en niet meer kunnen terugkeren, maar het gaat ook over nooit opgeven en er altijd voor blijven gaan.
Vinden jullie het niet jammer dat de boodschap die in de songs zit, wat verloren dreigt te gaan? Het soort muziek dat jullie maken, moedigt immers slechts weinigen aan om goed te luisteren naar de teksten.
Wouter: Een deel van de teksten maak ik en zijn eigenlijk vooral klanken. Dick, die de andere songteksten schrijft, maakt er op een andere manier werk van om echt iets te zeggen in de nummers.
Luc: Neem nu Crossing border. Ik werkte aan de grens in Rekkem bij een bedrijf waarvan mijn baas failliet is gegaan. Dick slaagt er dan in een namiddag in om alle frustraties die ik daarrond vind, op een namiddag in drie strofes neer te schrijven. Hij kent mij natuurlijk al dertig jaar. Toch vind ik het knap.
Wouter: Ik vind het zelf niet zo erg dat mijn teksten niet zo goed beluisterd zouden worden, voor mij is het muzikale het belangrijkste.
Luc: Eerst, vind ik, moet de muziek binnenkomen bij de luisteraar. En omdat ik geloof dat vroeg of laat ook de tekst wel opgepikt worden, is het voor mij niet frustrerend dat dat niet meteen gebeurt. Het komt er toch wel van.
Wouter: Luc is trouwens geniaal in het live aanpassen van de tekst.
Niet alleen het optreden voor vluchtelingen, ook de rol die Luc speelde in Bevergem lijkt jullie extra publiciteit op te leveren. Heeft die rol ook nog op andere manieren invloed op ID!OTS of deze plaat?
Luc: Dat staat er voor mij helemaal los van. Het heeft niets met elkaar te maken. Het is soms te makkelijk om in de media een verband te leggen of te suggereren. Bij de eerste plaat las ik overal dat Ugly Papas (een eerdere band van Luc en Dick, sv) een nieuw hoofdstuk afleverden en nu is het al Bevergem wat de klok slaat. Dat verdwijnt ook wel weer.
Wouter: Ik weet dat het voor Luc los van elkaar staat. Toch kan je het niet helemaal loskoppelen van elkaar. Beide feiten zijn er nu eenmaal.
Luc: Tja, als Mariette van de buren de plaat koopt omdat ik in Bevergem heb gespeeld, ga ik daar toch niet rouwig om zijn, hoor. Hoe meer mensen onze muziek horen, hoe liever.
Wat zijn voor jullie de belangrijkste verschillen tussen het debuut en ll?
Wouter: De eerste plaat was vooral een live-album. We speelden de songs die we al een jaar lang live speelden. Nu hadden we heel wat songs die ook voor ons vrij nieuw waren. We wilden eerst een twintig à dertig liedjes hebben waaruit we dan zouden selecteren. Ook kozen we voor een producer (PieterJan Maertens) die alles durfde zeggen. Hij heeft heel wat veranderd aan de plaat. Het belangrijkste verschil voor mij is dan ook dat we dit keer veel meer gewérkt en geschaafd hebben aan de songs.
Luc: Voor ons debuut kan je stellen dat we ons ei gelegd hebben en er dan een plaat van gemaakt hebben, nu hebben we een plaat gemaakt en moeten we ons ei er nog van leggen. Ik bedoel dat de songs nog live moeten gespeeld worden en gekneed.
Wouter: We waren een pak strenger voor dit album. Alles is veel meer overdacht. Daardoor klinkt ze breder, luchtiger ook en tegelijk ook harder. Eigenlijk klinkt ze op elk moment zoals ze moet klinken op dat moment, snap je? Daarna hebben we Jo Francken gevraagd de eindmix te doen, wat de plaat ook nog beter maakte en voor de mastering hebben we ze opgestuurd naar Howie Weinberg Mastering Studio en ook zij hebben er voor gezorgd dat ze steeds beter werd.
Dat ze kort is, vonden we ook belangrijk. We gaan zelf graag naar optredens, maar na drie kwartier vinden we meestal dat er mag afgerond worden. Vroeger waren platen vaak ook niet langer dan een half uur.
Luc: Toen ik jong was, lette ik er soms op om voor mijn geld zoveel mogelijk minuten muziek te hebben. Nu heb ik het niet meer zo voor artiesten die per se lange platen willen maken.
Als luisteraar hoor je ook altijd parallellen met andere artiesten. Zo klinkt voor ons Backk wat als Jon Spencer, Pakistan doet nogal denken aan The Rolling Stones en in Bricks to dust klinkt Luc als Nick Cave. Welke gelijkenissen kregen jullie over je muziek al te horen die jullie verbaasden, waar jullie het oneens mee waren,…?
Luc: Hm, die Nick Cave, dat hoor ik zelf niet zo. Het nummer lijkt me eerder op iets van Suicide, door die baslijn van Dick.
Maar je hebt het dus gehoord, de Rolling Stones in Pakistan. Ik zal je eens iets vertellen. Oorspronkelijk zong ik “New York City” zoals Mick Jagger dat zou doen, maar de producer wou het -terecht overigens- er uit omdat het té was. Ik ben erg blij dat je het toch nog hoort.
Wouter: Jon Spencer vind ik wel een heel mooi compliment. Het is een geweldige artiest. Verder heb ik nog nooit vergelijkingen gehoord die me verbaasden, eigenlijk.
Luc: In feite hebben we in ID!OTS invloeden van 2 generaties verwerkt. We leren ontzettend veel muziek van elkaar kennen.
Voor deze plaat hebben jullie ook samengewerkt met Roland. Hoe ging dat?
Luc: Roland zijn we 20 jaar te laat tegengekomen. Wat een energie heeft die man.
Wouter: We hebben hem een eerste keer ontmoet op een festival in Tielt. Daarna kwamen we elkaar nog een paar keer tegen en toen ontstond het idee of we hem niet zouden vragen iets samen met ons te doen. Hij bleek immers een fan van Id!ots te zijn.
Luc: Urang Utang boogie was eigenlijk voor de eerste plaat bedoeld, maar heeft die niet gehaald. Toen vroegen we Roland om er iets Zappa-achtigs mee te doen. Toen hij uiteindelijk kwam meespelen, hebben we eerst drie kwartier wat aan het zwalpen geweest, we hadden ook niet echt voorbereid en toen ineens ging het heel goed.
Wouter: Het heeft lang geduurd eer we zeker wisten of Roland zou kunnen meespelen. We hadden de rest van de song al ingeblikt en we wisten toen nog niet met zekerheid dat hij het wel zou halen. We waren erg blij toen hij eindelijk toch kon komen en we zijn deel konden opnemen.
We zijn trouwens zelf ook heel erg fan van hem.
Het klinkt haast als een droom die uitgekomen is. Met wie zouden jullie, als àlles mogelijk zou zijn, nog wel eens willen samenwerken?
Wouter: Het was niet echt een droom op voorhand, maar achteraf gezien natuurlijk wel.
Nu, ik heb veel muzikale helden, maar eigenlijk is er niemand waarvan ik denk dat ik daar echt eens mee wil samenwerken.
Luc: Bij mij wel, hoor. Met Rick Rubin zou ik wel héél graag een plaat maken.
Jullie hebben in de groep al heel wat ervaring samen. Maakt dat jullie andere keuzes maken dan beginnende groepen? Welke fouten maken jullie nu bijvoorbeeld niet meer die je voorheen met andere groepen wel nog maakte?
Luc: Ik merk vooral dat onze verschillende invloeden zorgen dat we veel van elkaar leren.
Wouter: Door onze leeftijd kunnen we sowieso niet meer dezelfde keuzes maken die ik andere écht beginnende artiesten, jonge gastjes nog, zie maken. We bekijken alles gewoon nuchter.
Dat maakt wel dat we echt zijn. We hoeven geen imago op te bouwen, we hoeven niet te doen wat “goed” is voor onze carrière. We zijn écht. We zijn wie we zijn.
Je kan dit interview ook hier lezen op Indiestyle. Lees hier de recensie van het album ll.
06 maart 2016
Lied van de week: week 9 - 2016
My head is on too tight - together PANGEA
Je vindt het nummer terug op de EP The phage, die je hier kan kopen.
02 maart 2016
Quilt
Waan je getuige van de zonsondergang der jaren 60 met Quilt. Het viertal uit Boston schildert met prachtige tinten à la Van Gogh of eerdere impressionisten. Daarvoor gebruiken ze gitaren die haast verdrinken in de psychedelische sound waaroverheen Anna Fox Roschinski haar engelenstem uitspreidt.
Met Plaza doen de drie mannen en hun vrouwelijke lead dat al voor de derde keer. Het werkt bijzonder goed in opener Passersby, de zomeravond bij uitstek, en ook nog wel in Roller. Die laatstgenoemde song had niet misstaan op de oudere platen van Tame Impala. Helaas raakt de droom als een niet onderhouden huis in verval en eindigen we met het totaalbeeld van een aardige, maar vooral erg brave plaat. De individuele nummers zijn goed geproduced, bevatten leuke details en liggen aangenaam in het oor. Drie liedjes verder ben je al helaas al vaak vergeten wat je net had gehoord. Onderlinge inwisselbaarheid is de ultieme hemel als het over gsm-opladers gaat, jammer genoeg is dat niet het geval bij muziek.
Deze zonen en dochter van Boston ontpoppen zich nochtans tot goede, aandachtige leerlingen van de klas. De harmonieën in de zang kleurden ongetwijfeld de albums van hun helden en de gitaren worden kundig bespeeld. De songstructuren zijn zelden ingewikkeld en volgen elk folkrock- of psychedelicahandboek. Ambacht mag echter niet verward worden met kunst, zo leert menig student van de gepassioneerde docent.
Liedjes als O’Connor’s barn (met het radiovriendelijke refreintje “are you looking for an answer?“) en Your island kan je op Tuesday night music club smokkelen zonder dat zelfs Sheryl Crow er erg in heeft. Something there is het zonnigste van Belly waar iemand voor alle veiligheid de scherpe kantjes heeft afgeveild. Padova, dat drijft op best wel smakelijke percussie, mist net dat zetje om het uit de vijver der kampvuurfolkrock te duwen. Own ways mag dan nog zo Beatlesesk zijn als het wil, de luisteraar is tegen dan al zo zen gewiegd waardoor het een parel voor de zwijnen dreigt te worden.
Wie zijn kinderen graag ziet, spaart de roede niet. Al is die pedagogische regel intussen zelfs in strijd met de wet, de waarheid dat strenge kritiek nodig is om tot betere prestaties te stimuleren, kunnen we in dit geval wel onderschrijven. Natuurlijk is deze derde plaat van Quilt een geslaagd werkje, waarvoor ze op school zelfs vrij hoge punten zouden krijgen. Maar in de wilde speeltuin der indie zijn het niet de bollebozen die heersen, wel de rare kwieten die gedurfd en origineel uit de hoek komen.
Je kan deze review ook hier lezen op Indiestyle. Beluister hieronder het volledige album:
Labels:
2016,
indiestyle,
mening,
muziek,
nieuwe release,
spotify
01 maart 2016
Rihanna
Ik had niet echt veel met Rihanna, al vind ik Umbrella wel een dijk van een song. En toen maakte ik eind vorig jaar kennis met Bitch better have my money, waar een heerlijk Tarantino-geïnspireerde clip bij hoort.
Toen het nieuwe album Anti onverwacht uitgebracht werd, was ik dan ook nieuwsgierig. Uiteindelijk vind ik nog steeds niets alles goed wat erop terug te vinden is, maar de plaat bevat genoeg parels om mij te bekoren. Nadat Consideration en James joint niet veel meer dan matig blijken, is er het groeinummer Kiss it better. Aanvankelijk deed het nummer me niet zo veel, maar de typische zang van Rihanna weet na verloop van tijd wel een snaar te raken en het mellow refrein wérkt vreemd genoeg wel. Daarna gaat mijn enthousiasme de hoogte in met de samenwerking met Drake (Work), echt singlemateriaal, en het eigenlijk nog veel betere Desperado. Die laatste song is dreigend genoeg om je naar het puntje van je stoel te brengen. Hij duurt ook niet te lang om de betovering niet te verbreken en je te laten verlangen naar meer. Woo, dat erop volgt, weet die honger bijna volledig te bevredigen.
Daarna overheerst het soort liedjes dat ik persoonlijk minder graag hoor. Opmerkelijk zijn wel nog Same ol' mistakes waarin de Amerikaanse opnieuw spanning weet te brengen, Never ending waarin ze zingt zoals Dido in Thank you (luister maar eens heel goed) en de prachtige sixties soulballad Love on the brain. Daarin schittert ze als een ware diva.
Beluister hieronder het volledige album:
29 februari 2016
Twintig parels per maand: februari 2016
Ook een korte maand (dit jaar één dag langer) sluiten we af met de twintig parels die we voor jullie opdiepen:
- O.N.E. - Yeasayer: een geweldige single om mee te starten, uit 2010 al
- Zombies - Otto von Schirach: een verwijzing naar een boek van Ferdinand von Schirach deed me spontaan terugdenken aan deze artiest, wiens vaak geschifte muziek me aan het lachen brengt
- You have my heart, okay - Team William: een glimlach wordt dan weer op mijn gezicht getoverd door deze Vlaamse band. Hun debuutalbum is nog steeds een aangename luisterervaring
- Robbin the liquor store - The Scabs: onveranderlijk moet ik denken aan "Robin, the boy wonder", de side-kick van Batman, maar dit zou dan een soort alcoholistische parodie moeten zijn
- What's in it for - Avi Buffalo: herinneringen aan een mooie zomer en Pukkelpop na vele jaren, dat is al wat er van Avi Buffalo overblijft. En deze song natuurlijk...
- Once around the block - Badly Drawn Boy: en weet er trouwens iemand wat er van deze man geworden is?
- Vortex - John Carpenter: vorig jaar bracht filmregisseur John Carpenter (bekend van heel wat horrorfilms) Lost themes uit, een album met soundtrackmuziek die nergens anders verscheen. Dit is daaruit de opener
- Back to the house that love built - Tito Larriva: films geven soms aanleiding tot verzamelalbums en dat is precies wat gebeurde met El mariachi van Roberto Rodriguez. Op een verzamelalbum met Mexicaanse mariachi(-geïnspireerde) songs vond ik deze
- La pistalo y el corazón - Los Lobos: Mexicaanse muziek is natuurlijk het handelsmerk van de geweldige band Los Lobos
- Buenas tardes amigo - Ween: naadloos daarop aansluitend dit bijzonder grappig verhaaltje van de welllicht grappigste band ter wereld, Ween. Hun hele album Chocolate and cheese staat vol parels, helaas vooral voor de zwijnen...
- Happy together - The Turtles: een klassieker!
- Valerie - The Zutons: hoewel Amy Winehouse deze song een pak meer bekendheid schonk, is deze versie ook absoluut niet te versmaden
- Dreams - Beck: vorig jaar helemaal gemist, maar bij deze goedgemaakt
- Plateau - Meat Puppets: bekend geworden door de MTV Unplugged cover door Nirvana maar hier is het origineel. Omdat de Meat Puppets echt door meer mensen ontdekt moeten worden...
- Siva - Smashing Pumpkins: ik kocht Gish nog voor de band bekend werd, was zeer tevreden met de aankoop, zag hen op Rock Torhout omdat Pearl Jam afzegde en grijp met plezier terug naar dit nummer
- Vapour trail - Ride: vorig jaar was ik te vermoeid om te blijven voor het herenigde Ride op Pukkelpop, iets waar ik onmiddellijk en nog steeds een klein beetje spijt over heb
- Counting backwards - Throwing Muses: evenveel nostalgie vervult mij bij deze band van Kristin Hersh
- Tidal motions - Echo Beatty: het nieuwe, tweede album van deze Antwerpenaren komt in maart uit maar we kunnen ons nog zoethouden met debuut Tidal motions
- About the Dutch - Woodie Smalls: aanvankelijk dacht ik dat Kendrick Lamar een nieuwe single uithad, maar het blijkt gewoon een Vlaming te zijn. Wellicht het beste hiphopnummer uit onze contreien ooit!
- Umami/Water - Le1f: we eindigen deze maand met een soort "dubbelnummer" van Le1f, een man die pop koppelt aan het beste van indie (of omgekeerd)
28 februari 2016
Lied van de week: week 8 - 2016
Roller - Quilt
Je kan het album Plaza hier kopen.
De voorbije dagen heb ik het album van Quilt, Plaza, gereviewd voor Indiestyle. Helemaal tevreden ben ik daarover niet (maar dat lees je wel één van de komende dagen). Toch staan er een paar meer dan aardige songs op en als single zijn die te versmaden. Het aan Sheryl Crow schatplichtige Roller is er één van.
Je kan het album Plaza hier kopen.
27 februari 2016
ID!OTS
Het lijkt wel Jon Spencer die ll aftrapt. ID!OTS houdt het tempo hoog op het tweede album dat niet toevallig op de schrikkeldag uitgebracht wordt. Drieëndertig minuten lang zetten ze een aanval in op je oren en dansbenen.
We horen nog wel meer parallellen met helden van de muzikanten. Pakistan is een erg Rolling Stones-achtig nummer en de zang van Luc Dufourmont in Bricks to dust doet heel sterk denken aan de vroege Nick Cave. Nog belangrijker dan die invloeden is echter de hele sfeer van de plaat. De vier Westvlaamse mannen maken erg potente, “masculiene” muziek. Associaties met modderworstelen, bierdrinken en luchtgitaar spelen schieten spontaan te binnen. Het is echter niet al beuken wat de klok slaat. Run run run klinkt haast gesofisticeerd en het surfbandjesverleden van Wouter Spaens echoot door in de reverb op de gitaren.
Hoewel de teksten niet specifiek met de problematiek in gedachten geschreven zijn, past het thema van de vluchtelingencrisis perfect bij deze songs. Dat die live uitgetest werden op een publiek van honderd vluchtelingen, is méér dan een gelukkig toeval. Niet alleen Never look backk en Run run run sluiten naadloos aan bij het onderwerp. Pakistan vertelt het verhaal van een gedesillusioneerde nachtwinkeluitbater die besluit terug te keren naar Karachi. In Bricks to dust klinkt het “you’re reaping what you sowed years ago“.
In een review verwijzen naar het Ugly Papas-verleden van de helft van de band doet de anderen oneer aan en alluderen op de rol die Luc Dufourmont speelde in een van de meest besproken tv-reeksen van het afgelopen jaar, doet de muziek tekort. Hoe scherp en origineel die wel is, blijkt onder meer uit Urang utang boogie, een Zappa-esque song waarin levende legende Roland het kwartet vervoegt. De drums van Tom Denolf spelen een belangrijke rol in de drive van het nummer en de achtergrondzang verleent het geheel een cachet van Afrikaanse nachten. De zang lijkt wel van een minder hese Tom Waits afkomstig.
Of ID!OTS nu in het Frans (High) of met jaren 80-rock (Little birds) de trommelvliezen in onstuimige beweging brengt, op ll scheren de vier mannen hoge toppen. Het half uur vliegt zo om en deze plaat nodigt uit om regelmatig als peppil beluisterd te worden.
Je kan deze recensie ook hier lezen op Indiestyle.
Labels:
2016,
indiestyle,
mening,
muziek,
nieuwe release
26 februari 2016
Gelezen (84)
Reformatie: christendom en de wereld 1500-2000 - Felipe Fernández-Armesto en Derek Wilson
In bijna 350 bladzijden trachten Felipe Fernández-Armesto en Derek Wilson ons eigenlijk vooral twee zaken duidelijk te maken over de reformatie. Ten eerste, zo betogen zij, is reformatie een tendens die inherent is aan het christendom en dus niet enkel op het einde van de Middeleeuwen plaatsvond, en ten tweede is reformatie een proces dat ook vandaag nog steeds niet "af" is.
Reformatie definiëren de auteurs als het proces van een soort "terugkeer" naar het oorspronkelijke Nieuwe Testament en een poging dit juist te begrijpen en er juist naar te handelen. Gezien de menselijke aard van de overlevering van Gods Woord, is dat immers niet evident en bijna per definitie te bediscussiëren. Met talloze voorbeelden tonen ze aan dat doorheen de hele geschiedenis van het christendom altijd dergelijke bewegingen hebben bestaan en dat "dé Reformatie" op zich als dusdanig beschouwd wordt omwille van het samenvallen met maatschappelijke veranderingen die zeer ingrijpend waren (begin renaissance, en vooral de boekdrukkunst is erg belangrijk geweest in het hevige reformatiedenken). Verder tonen de auteurs aan dat dit proces, net doordat het inherent is aan het christendom, ook vandaag nog voortduurt.
Beide auteurs schetsen dit alles in overzichtelijke, thematische hoofdstukken. Het is behoorlijk zware kost, maar wie moeite doet, ziet na verloop patronen opduiken en ziet ook andere maatschappelijke veranderingen en zelfs kunststromingen verklaard en in context gezet. Interessant boek dus, dat wel wat moeite van de lezer vergt.
Een boekenkast op reis: persoonlijke kroniek 1998 - Boudewijn Büch
In opdracht van zijn uitgever en met enige tegenzin hield Boudewijn Büch in 1998 een dagboek bij, dat in de prestigieuze reeks Privé-domein werd gepubliceerd.
De schrijver komt erin niet als een aangename persoon naar voren. Hij lijkt vaak erg pedant en arrogant, duwt mensen van zich af, koopt ongelooflijk véél boeken (bijna dagelijks voor honderden, soms zelfs duizende guldens: hoe kàn dat nu?). Door alle heisa rond zijn verzonnen verleden is het echter achteraf bij alles wat Büch schrijft, moeilijk om in te schatten wat nu waarheid en verdichting is.
Hoewel ik op zich niet ontevreden ben dat ik dit gelezen heb, zou ik het nu ook weer niet gaan aanraden, tenzij je je af en toe eens flink wil ergeren aan Büch zelf natuurlijk. En toegegeven, zijn weetjes waarmee hij kwistig strooit, zijn altijd interessant en vermakelijk.
De trapchauffeur - Marnix Peeters
Met heel veel mededogen voert Marnix Peeters in dit boek een wat oudere, gewone, single man ten tonele. Hem overkomt weliswaar het één en ander, maar al bij al laat hij zich weinig uit zijn evenwicht brengen. En daarin net schuilt de kracht van dit boek, dat noch belerend noch hengelend naar medelijden is.
Labels:
boeken,
geschiedenis,
literatuur,
mening,
religie,
samenleving
23 februari 2016
Eriksson Delcroix
Op het debuut For ever overheerste bij Eriksson Declroix nog voornamelijk de bluegrasssound die we kennen van The broken circle breakdown. Dat was niet toevallig, aangezien de muziek bij die film onder meer door Bjorn Eriksson verzorgd werd. De zang van zijn vrouw, Nathalie Delcroix (ex-Laïs), paste wonderwel bij zijn muziek. Op opvolger Heart out of its mind durft het tweetal de comfort zone te verlaten en kuieren ze onderzoekend het erf af.
Dat hoor je al vanaf de uitwaaierende intro van de titelsong. Mistigris klinkt bijna als een popsong van The Happy of The LVE. Het indrukwekkendste voorbeeld is echter Snakebite, een "Tarantinesk" nummer dat bij elke beluistering uitermate intrigeert. Lay low is een rock 'n rollnummer met gejodel (jawel!). Zelfs songs die teruggrijpen naar een meer vertrouwd geluid, zoals Arrow, laven zich aan de bron van alle popliedjes.
Eriksson Delcroix toont net als zijn voorganger dat het duo talent zat heeft. Wat deze tweede plaat echter toevoegt, is dat ze ook bewijst dat er muzikaal nog heel wat toekomst in zit omdat dit verre van een "one trick pony" is.
Je kan het volledige album hieronder beluisteren:
19 februari 2016
Astronaute
Een eerste langspeler, die laat Astronaute vandaag op ons los. Petrichor heet hij en ik heb het moeten opzoeken: het verwijst naar de geur wanneer regen op droge rond valt. In feite betekent die naam nog iets veel mooiers als je weet dat het Griekse "ichor" bloed van de Goden inhoudt: het is de geur dat het bloed van de Goden aan de stenen onttrekt. Dat lijkt me dan ook een passende naam voor muziek van een band die melancholie incorporeert en zalig als een zomerse plensbui op ons neerdaalt.
Zeseneenhalve minuut lang zwaait Scales de plaat uit en ik kon me geen meer geschikte afsluiter voorstellen. De heerlijke combinatie van door tristesse doordrongen muziek en toch hoopvolle lyrics ("don't you worry / your lungs will fill up in time / and don't you worry / I'm here") is de perfecte samenvatting van een langspeler die beide aspecten voortdurend verbindt.
Myrthe Luyten (die ook bij Mad About Mountains speelt) heeft een erg typisch, vrij mannelijk klinkende stemgeluid en ze weet perfect die muziek te maken die erbij past. Het lijkt bij momenten al in februari herfst. En hoewel de zangeres nog maar (bijna) 25 is, klinkt ze alsof ze al heel wat bagage meezeult.
Drie jaar zaten er tussen de EP Myriad en de het langspeeldebuut en het was geen rechte lijn: de band die ze rond zich had verzameld, kent intussen al een helemaal andere bezetting. En al laat opener Hours iets zien van de kwetsuren die opgelopen werden, in Poison ivy hoor ik vooral ook strijdlust in een song die opgewekter gaat klinken en zich niet laat wegzetten onder een sluier van triestige mist. Vallen, het is nooit leuk, maar als je opnieuw kan opstaan, leer je met de littekens te leven en ze te dragen als eretekens verdiend in de strijd die het leven kan zijn.
Een absoluut hoogtepunt vormt Ruins in blue. Het roept bij mij vrijwel meteen Your ghost van Kristin Hersh in herinnering. De simpele melodie staat aanvankelijk haast naakt voor ons en wanneer andere instrumenten invallen, benadrukken ze die kwetsbaarheid veeleer dan dat ze ze bedekken of in bescherming nemen.
In the cold sluit misschien nog wel het meest aan bij eerder werk op Myriad. In een luisterproef zouden we deze song er meteen uithalen als één van Astronaute. Daarmee illustreert de Limburgse dat tussen het vertrekpunt en deze grote mijlpaal dingen veranderd zijn, maar dat iedereen ook een rode draad vasthoudt in zijn of haar leven. Dat ze hier Bert Vliegen van Horses, waar Myrthe ooit zelf deel van uitmaakte, als bandlid opnieuw treft, kan dan ook geen toeval zijn.
Beluister hieronder het volledige album:
18 februari 2016
Pinegrove
Zeven (volgens hun Facebookpagina) / Vijf (volgens hun Bandcamp) / Vier (volgens Wikipedia) muzikanten uit New Jersey die klinken als Beck in zijn lo-fi periode, veelbelovender wordt het zelden. Pinegrove klinkt zeurderig en toch weer niet, houdt de slackertraditie in ere en weet te ontroeren door een soort indie-eerlijkheid die verloren gewaand was.
Van die muzikanten, waarvan het aantal dus betwist lijkt, is de meest opvallende Evan Hall, wiens stem een belangrijke factor is in het geluid van de band. Zelfs bij de samenzang met de andere bandleden, zoals in het refrein van Then again, komt die er het sterktst uit. Ik waan me meteen weer in de jaren 90 toen ik Daniel Johnston, Guided By Voices, The Folk Implosion en Sebadoh ontdekte. Diezelfde charme bezitten deze Amerikanen en in nauwelijks 30 minuten, want zo lang duren de 8 songs samen, weten ze mijn hart voor zich te winnen. Dit is een plaatje dat ik nog vaak ga beluisteren...
Beluister hieronder het volledige album:
µ-ziq
Mike Paradinas, de labelbaas van Planet Mu, kennen sommigen onder ons ook onder de naam µ-ziq. In die gedaante liet hij ons al kennismaken met menig interessant album vol elektronische muziek. Toen hij vorig jaar door zijn archieven ging, leverde dat niet enkel een zeldzame remix op van Analogue bubblebath van Aphex Twin maar ook een verloren gewaand album, Aberystwyth marine, dat nu dus het levenslicht alsnog te zien krijgt.
Parallellen met het eerdervernoemd project van Richard D. James liggen voor de hand, maar µ-ziq is tegelijk speelser en minder complex (zoals in Petronas hardstep, Soft pipes play on en The cut of my jib) en bewandelt ook paden die Aphex Twin onaangeroerd laat. Zo lijkt de muzikale basis voor sommige hits van Duran Duran of Talk Talk wel gelegd te zijn in composities als Yumm. Drum 'n bass à la Ed Rush en Optical krijgen we dan weer (kort) voorgeschoteld in Ice nine pt. 2 en Millenium hand and shrimp mixt drum 'n bass met soundtrackmateriaal.
µ-ziq weet niet altijd te boeien: Hanky pokery, Air 3 en Jiggery panky is een trio opeenvolgende songs dat warm noch koud blaast en algauw verloren raakt in de vergetelheid. Maar in zijn geheel is het een best interessante plaat waarvan we blij mogen zijn dat ze alsnog aan de oppervlakte opduikt.
Beluister hieronder het volledige album:
Labels:
2016,
embedded player,
mening,
muziek,
nieuwe release
17 februari 2016
Lied van de week: week 7 - 2016
The wheel - PJ Harvey
Je kan het album The hope six demolition project hier alvast bestellen.
Lyrics:
A revolving wheel of metal chairs
Hung on chains, squealing
Four little children flying out
A blind man sings in Arabic
Hey little children don’t disappear
(I heard it was 28,000)
Lost upon a revolving wheel
(I heard it was 28,000)
Now you see them, now you don’t
Children vanish ‘hind vehicle
Now you see them, now you don’t
Faces, limbs, a bouncing skull
Hey little children don’t disappear
(I heard it was 28,000)
All that’s left after a year
(I heard it was 28,000)
A faded face, the trace of an ear
(I heard it was 28,000)
A tableau of the missing
Tied to the government building
8,000 sun-bleached photographs
Faded with the roses
Hey little children don’t disappear
(I heard it was 28,000)
Lost upon a revolving wheel
(I heard it was 28,000)
All that’s left after a year
(I heard it was 28,000)
A faded face, the trace of an ear
(I heard it was 28,000)
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade...
Juicht, alle muziekfans aller landen, want PJ Harvey heeft niet alleen een nieuwe single klaar, maar in april volgt ook nog eens een volledig album. En als dit nummer een goeie graadmeter is, kunnen we hem nu al aanstippen voor ons eindejaarslijstje.
Je kan het album The hope six demolition project hier alvast bestellen.
Lyrics:
A revolving wheel of metal chairs
Hung on chains, squealing
Four little children flying out
A blind man sings in Arabic
Hey little children don’t disappear
(I heard it was 28,000)
Lost upon a revolving wheel
(I heard it was 28,000)
Now you see them, now you don’t
Children vanish ‘hind vehicle
Now you see them, now you don’t
Faces, limbs, a bouncing skull
Hey little children don’t disappear
(I heard it was 28,000)
All that’s left after a year
(I heard it was 28,000)
A faded face, the trace of an ear
(I heard it was 28,000)
A tableau of the missing
Tied to the government building
8,000 sun-bleached photographs
Faded with the roses
Hey little children don’t disappear
(I heard it was 28,000)
Lost upon a revolving wheel
(I heard it was 28,000)
All that’s left after a year
(I heard it was 28,000)
A faded face, the trace of an ear
(I heard it was 28,000)
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade out
And watch them fade...
16 februari 2016
Gespot voor u: Quartet Diminished
Op beehy.pe vind je goeie indie-muziek van over de hele wereld en het is dan ook een uitstekende plek om ontdekkingen te doen. Zo vond ik tussen de beste albums van 2015 dit pareltje uit Iran. Quartet Diminished laveert tussen Nordmann en Flat Earth Society met hun mix van klassieke muziek, jazz, psychedelische seventies rock en nog een paar andere genres. Voeg daar een klein, slechts hier en daar herkenbaar scheutje Oosterse muziek aan toe en je krijgt het betoverende moois dat ze ons op album Station one presenteren.
Beluister hieronder het volledige album:
DIIV
Brooklyn lijkt, gezien de hoge concentratie aan steengoeie bands, wel één van de muzikale centra van de VS en misschien zelfs de wereld te zijn. Eveneens afkomstig uit dit stadsdeel van New York is DIIV. De vijfkoppige band heeft na Oshin in 2012 een langverwachte opvolger, Is the is are, uit.
Aanvankelijk dacht ik dat ik de criticasters gelijk ging moeten geven: in zijn geheel kabbelt het album wat te veel en zo alle 17 songs na elkaar wordt het wat saai. Maar meerdere luisterbeurten hebben me gedeeltelijk van gedacht doen veranderen. Het klopt dat als de plaat op de achtergrond opstaat, je algauw een gevoel van onderlinge inwisselbaarheid en akoestisch behang dreigt te krijgen. Nu ja, als we eerlijk zijn: hoeveel platen hebben dat niet?
Een meer aandachtige beluistering reveleert niet alleen fantastische, afzonderlijke nummers, maar toont ook dat er binnen het afgelijnde geheel van de sound van de band (ergens tussen shoegaze en dream pop in) ruimte is voor variatie. Uit de band springend en telkens herkenbaar bij elke luisterbeurt zijn Dopamine, het heerlijke uptempo Valentine, het dromerige Healthy moon en het voortdenderende Dust.
Ik hoor talloze band (vooral uit de jaren 90): Pale Saints, Throwing Muses, Smashing Pumpkins ten tijde van Gish, The Cure, Lush, Curve,... De smeltkroes die DIIV ons biedt, overtreft veruit het al uitstekende debuut Oshin.
Je kan het volledige album hieronder beluisteren:
12 februari 2016
Boerenbond : The Smiths misleiden en disinformeren
Nadat Anne-Marie Vangeenberghe eerder al de campagne "Dagen zonder Vlees" hekelde in een opiniestuk op deredactie.be, neemt ze nu namens de Boerenbond en Landelijke Gilden, waarvoor ze woordvoerster is, ook The Smiths op de korrel. We ontvingen deze morgen onderstaande brief, die u kan lezen terwijl u onderaan de Spotify-afspeellijst beluistert:
‘Matigen is een schone deugd’, een van de vele uitspraken van mijn grootmoeder waar ik in de jaren 80 mee opgroeide: ik was ze al die tijd vergeten, maar moest er gisteren, bij het luisteren naar Spotify, weer aan denken. Gek genoeg luisterde ik niet naar een Greatest Hits van Modern Talking of de nieuwe van Kanye West. Wel besteedde ik buitensporige aandacht aan "Meat is murder" van The Smiths. Waar velen blijkbaar (zonder nadenken?) het hoofd zachtjes laten meewiegen op de muziek, voel ik me de enige afwezige. En toch hou ik mijn hoofd (nog) stil.
Ik ben van nature nogal kritisch, zeker geen meeloper. Als ik in een kerk mensen gebeden hoor aframmelen, dan vraag ik me altijd af of ze wel weten wat ze zeggen. Bij de jeugdbeweging had ik het altijd moeilijk met activiteiten die een hoog gehalte van kuddegevoel bij me opriepen, en klakkeloos de opgelegde nummertjes uitvoeren tijdens een schoolfeest, zorgde ervoor dat ik steevast op de laatste rij stond. Toen iedereen Milli Vanilli geweldig vond, had ik al mijn vraagtekens. Dat was mijn ding niet en, zo zou later blijken, ook helemaal niet het ding van die twee mannen die we in videoclips zagen opdraven.
Hetzelfde voor albums: als ik al ergens naar luister, dan wil ik altijd goed weten waarom, wat erachter zit, de lyrics opzoeken op internet. Zo ook bij "Meat is murder". Morrissey roept op tot geen vlees en vis eten. En dat zelfs op de Lokerse Feesten. Samen besparen we zo veel mogelijk op onze ecologische voetafdruk. Daartoe loopt een militair in Vietnam rond met een helm met daarop de slogan. Ik wist niet dat er door de Vietcong zoveel vlees werd gegeten.
Daarom kan ik niet meer luisteren naar deze plaat. Ze bulkt uit van desinformatie en creëert de perceptie dat je beter oorlog kan voerren dan vlees eten.
"Meat is murder" misleidt en desinformeert, en creëert de perceptie als zou je met neerslachtige muziek en een zagerige stem een hoop wereldproblemen makkelijk kunnen oplossen. Ik moet je ontgoochelen. Dat doen ze niet. Zo eenvoudig is het niet.
‘Matigen is een schone deugd’, een van de vele uitspraken van mijn grootmoeder waar ik in de jaren 80 mee opgroeide: ik was ze al die tijd vergeten, maar moest er gisteren, bij het luisteren naar Spotify, weer aan denken. Gek genoeg luisterde ik niet naar een Greatest Hits van Modern Talking of de nieuwe van Kanye West. Wel besteedde ik buitensporige aandacht aan "Meat is murder" van The Smiths. Waar velen blijkbaar (zonder nadenken?) het hoofd zachtjes laten meewiegen op de muziek, voel ik me de enige afwezige. En toch hou ik mijn hoofd (nog) stil.
Ik ben van nature nogal kritisch, zeker geen meeloper. Als ik in een kerk mensen gebeden hoor aframmelen, dan vraag ik me altijd af of ze wel weten wat ze zeggen. Bij de jeugdbeweging had ik het altijd moeilijk met activiteiten die een hoog gehalte van kuddegevoel bij me opriepen, en klakkeloos de opgelegde nummertjes uitvoeren tijdens een schoolfeest, zorgde ervoor dat ik steevast op de laatste rij stond. Toen iedereen Milli Vanilli geweldig vond, had ik al mijn vraagtekens. Dat was mijn ding niet en, zo zou later blijken, ook helemaal niet het ding van die twee mannen die we in videoclips zagen opdraven.
Hetzelfde voor albums: als ik al ergens naar luister, dan wil ik altijd goed weten waarom, wat erachter zit, de lyrics opzoeken op internet. Zo ook bij "Meat is murder". Morrissey roept op tot geen vlees en vis eten. En dat zelfs op de Lokerse Feesten. Samen besparen we zo veel mogelijk op onze ecologische voetafdruk. Daartoe loopt een militair in Vietnam rond met een helm met daarop de slogan. Ik wist niet dat er door de Vietcong zoveel vlees werd gegeten.
Daarom kan ik niet meer luisteren naar deze plaat. Ze bulkt uit van desinformatie en creëert de perceptie dat je beter oorlog kan voerren dan vlees eten.
"Meat is murder" misleidt en desinformeert, en creëert de perceptie als zou je met neerslachtige muziek en een zagerige stem een hoop wereldproblemen makkelijk kunnen oplossen. Ik moet je ontgoochelen. Dat doen ze niet. Zo eenvoudig is het niet.
10 februari 2016
Lied van de week: week 6 - 2016
Wide open - The Chemical Brothers featuring Beck
Ah, The Chemical Brothers! Ah, Beck! Twee artiesten die al zoveel moois gemaakt hebben dat je hen de occasionele miskleun met plezier vergeeft...
De nieuwe single heeft geen splijtende beats nodig noch een catchy meezing- of meebrulrefreintje om te bekoren. Toegegeven, aanvankelijk dacht ik dat het maar slappe kost zou worden, maar gaandeweg groeide deze song. Wellicht is het toch nodig je verwachtingspatroon bij te stellen of achterwege te laten.
Je vindt dit nummer ook op het nieuwe album Born in the echoes, dat je hier kan kopen.
Lyrics:
I'm wide open
But don't I please you anymore?
You're slipping away from me
You're drifting away from me
I'm wide open
But don't I please you anymore?
You're slipping away from me
You're slipping away from me
Slow me down
It's getting away from me
It's getting away from me
It's getting away from me
Slow me down
It's getting away from me
It's getting away from me
It's getting away from me
I'm wide open
But I couldn't see it anymore
You're drifting away from me
You're slipping away from me
I'm wide open
I'm wide open
I'm wide open
One day just gonna see me
Look back and forth from the ceiling
(I'm wide open)
Some day love's gonna hurt me
Turn back and soon I'll believe it
Slow me down
It's getting away from me
It's getting away from me
It's getting away from me
Slow me down
It's getting away from me
It's getting away from me
It's getting away from me
I'm wide open
I'm wide open
Slow me down
It's getting away from me
It's getting away from me
It's getting away from me
09 februari 2016
Red Zebra
Net in deze Week van Eigen Kweek op Studio Brussel, moet me iets van het hart waar ik uren over zou kunnen doorbomen. Niet alleen kiest men er op de "alternatieve" radiozender voor steeds weer dezelfde groepen en artiesten te promoten en verengt men Belgische muziek bijna voornamelijk tot Vlaamse muziek, bovendien worden van sommigen enkel en alleen maar die ene single telkens opnieuw gedraaid. Zo zullen we deze week van Red Zebra wellicht enkele malen I can't live in a living room horen (terecht want een iconische song uit die periode) maar niets anders.
The beauties of the beast: the best of Red Zebra (1980-1983) bewijst nochtans dat de keuze niet gering is. Net zoveel herkenning roepen de andere songs niet op, maar ze laten wel zien welke muziek in de vroege jaren tachtig door een toenmalige Rock Rally-finalist gemaakt werd. Al klinkt de sound wat gedateerd soms, er staan toch enkele pareltjes tussen.
Red Zebra ontstond uit de as van het Brugse punkgroepje The Bungalows. In 1980 spelen ze de finale van Humo's Rock Rally. Daar slaat hun bekendste song meteen aan en het is dat nummer dat ook de weg baant naar o.a. de studio van John Peel. In 1981 brengen ze het mini-album Bastogne uit en het valt op deze verzamelaar op dat die songs werkelijk tot hun beste werk behoren. The art of conversation mag zo op elke new wave-verzamelaar en ook Shadows of doubt drijft op een sterke melodie en een ritmesectie zoals je die in die dagen op zijn best hoorde. Bastogne zelf had van The Cure (voor wie de band in 1980 het voorprogramma had gespeeld) kunnen zijn.
In 1983 volgde het album Maquis met daarop een professioneler geluid dat dichter aansluit bij hoe vandaag platenproductie gebeurt. Lust bijvoorbeeld klinkt gevarieerder en meerlagiger dan de oudere songs. Ook voor Polar club hadden we meteen een boontje. Ondanks de vreemde zang is het een catchy nummer. En hoe volwassen klinken de Bruggelingen niet in Beirut by night. Van Search party vraag je je ook al af waarom we dit liedje nooit horen op onze radiozenders.
De compilatie sluit af met 2 bijzondere opnames. Er is de live gespeelde cover van Transmission (Joy Division) die ook al terug te vinden was op A Red Zebra is not a Dead Zebra. De somberheid die Ian Curtis het nummer meegaf, is er wat afgeslepen, doch verder is het zeker een goeie cover. Tot slot krijgen we de remix die Kolk van I can't live in a living room maakte in 2000 en die nooit eerder gereleased werd. Door die herwerking komt de tekst sterker tot uiting omdat de muziek meer naar de achtergrond gedrongen wordt én meer zweverig klinkt, de song daarmee transformerend naar een triphopversie.
Dit album wordt uitgebracht door Starman Records.
Labels:
2016,
compilatie,
mening,
muziek,
nieuwe release
08 februari 2016
Gezien: Boyhood + We need to talk about Kevin
Boyhood
In Boyhood volgen we de opgroeiende Mason (Junior) over een periode van 12 jaar. Het achtergrond verhaal is wellicht voldoende gekend: dezelfde cast werd 12 jaar gevolgd, waardoor je de natuurlijke veroudering ziet bij alle personages over de tijd. Twee uur en drie kwartier lang zien we hoe het leven van deze jongen, van de lagere school tot de start aan de universiteit verandert. Zijn gescheiden ouders maken keuzes die zijn leven beïnvloeden, maar dat doet hij zelf ook. De film is een mooi en indringend portret en heeft daar geen spectaculaire plotwendingen of grootse gebeurtenissen voor nodig. Dit had bij wijze van spreken het verhaal van elk willekeurig jongentje kunnen zijn...
We need to talk about Kevin
We need tot talk about Kevin begint enkele jaren na een gruwelijke daad van genoemde Kevin. Met flashbacks komen we te weten dat hij op zijn middelbare school een bloedbad aanrichtte en middels diezelfde flashbacks krijgen we een inkijk in de moeilijke opvoeding van de jongen en zijn verstoorde relatie met zijn moeder. Tilda Swinton, die de moeder op meesterlijke wijze gestalte geeft, probeert haar zoon te bereiken, maar al vrij vroeg vertoont die psychopatische (en sociopatische) trekken. Bovendien toont Kevin zich aan zijn vader als een vrij gewone jongen, wat spanning brengt in de relatie tussen beide ouders. Tegelijk zien we in de film ook hoe het leven voor de moeder een hel geworden is door wat haar zoon deed, niet enkel door het besef dat haar zoon zulke verschrikkelijke daden pleegde en het onvermijdelijk schuldbesef, maar ook de reactie van andere mensen.
Net als in Jagten zien we hoe directe naasten door de omgeving mee gebrandmerkt worden en hoe dat zich uit in agressie en wraakacties. In tegenstelling tot de zoon in de Deense film, draagt de moeder hier vrij lijdzaam de vernederingen, wellicht omdat het schuldgevoel toch groter is.
Opmerkelijk is ook de keuze die de film maakt in het nature/nurture-debat: worden we bepaald door aanleg (natuur) of door opvoeding (nurture)? Ondanks de verwijten die de moeder krijgt, trekt de film overduidelijk de kaart van "nature". Wat de moeder ook probeert, doorheen de film zie je hoe Kevin vaak heel bewust antisociaal gedrag (in al zijn vormen) stelt. Het geeft de film iets heel dreigends, wat na een tijdje krijg je als kijker het gevoel bij elke scene met Kevin dat er iets ergs gaat gebeuren. De dreiging en onrust bij de moeder beleef je immers zelf ook.
Natuurlijk is dit standpunt vrij bemoedigend voor wie zich met de moeder identificeert, maar is het ook juist. Want Kevin wordt wel heel erg "een kind van het Kwaad" en er lijkt geen enkele externe invloed te zijn in zijn leven. Naar mijn mening was de film beter gediend van een genuanceerder beeld. Dat lijkt er soms te komen, maar de tegenstrijdige gevoelens van de moeder en haar ambivalente houding ten aanzien van haar zoon (soms zelfs vijandige houding) wordt al te makkelijk verklaard door zijn eigen daden en houding, als niet meer dan een reactie. En hoe ontschuldigend dat ook moge zijn voor het personage van de moeder, het lijkt me te weinig genuanceerd in wat voor de rest een bijzonder intense, goed gemaakte (visueel ook: hoe de regisseur speelt met de kleur rood, vooral in het begin) en tegelijk beklemmende film is.
06 februari 2016
Broeder Dieleman
De Zeeuw Broeder Dieleman bracht vorig jaar een derde album uit. Uut de bron is een zo mogelijk nog ingetogener, teruggetrokkener plaat dan zijn voorgangers. De muziek wordt afgewisseld met geluidsfragmenten waardoor het gevoel ontstaat dat je naar een documentaire luistert.
Zo horen we in Ruischendegat de zee, vogels, een verre kerkklok en een motorfiets. Het vredig tafereel gaat over in een gesprek in het Zeeuws dialect. Terwijl het gesprek wegsterft, start Hoofdplaat als ware dit het Zeeuwse equivalent van Sigur Ròs. Er wordt ruim de tijd genomen om de muziek zich te laten ontvouwen en de outro is zo rustgevend dat ik al helemaal weggezonken ben in de polderklei. Spaarzame banjo leidt Meilied in. Hoewel het dialect het midden houdt tussen Westvlaams en Nederlandse dialecten die ik alleen maar ken uit sketches over boeren en jeugdfeuilletons die zich afspeelden op het platteland in vervlogen tijden, valt het me erg moeilijk te begrijpen wat Broeder Dieleman nu precies zingt.
Gelukkig hoef je, net als bij de voornoemde IJslanders, de taal niet te begrijpen om gevangen te worden door de muziek. Ik voel de nostalgie en de lof op het plattelandsleven zo ook wel in Lovenpolder, boerengat. Ook hier is het nummer doorspekt met flarden gesprekken. Het Lied van de wilg wordt gezongen door koebellen en passerend verkeer: een allegorie voor de boerenbuiten waar moderniteit niet aan voorbijgaat maar het verleden gekoesterd wordt met de hardnekkigheid van taaie, ouwe mannenhanden.
Aan de priester-kunstenaar Omer Gielliet is het gelijknamig lied opgedragen. Omdat de lyrics hier meer begrijpbaar zijn, adviseer ik iedereen goed te luisteren naar deze ode. Vorig jaar werd de bezongene 90 jaar en naar aanleiding daarvan kan je in Het Warenhuis/Museum Land van Axel in Axel (NL) tot 2 april naar een tentoonstelling van zijn werken. Afgaande op wat ik in een kort item met Broeder Dieleman op NPO2 zag in Landinwaarts, is dat zeer de moeite waard.
Nehallenia lijkt een religieus lied. Het is niet zozeer de religieuze ervaring van een ontmoeting met God maar een haast animistisch treffen met het landschap van de kreken rond Axel. Een soortgelijk lied is Water, waarin gesproken gedeeltes afwisselen met a capella en uiteindelijk ook muzikaal ondersteunde zang. Naadloos vervloeit het in Onder Zaamslag. Het toegevoegde ritmische element bepaalt in sterke mate dit nummer, waarin Tonnie Dieleman er het zwijgen toe doet omdat de muziekinstrumenten al klare taal spreken.
Beluister hieronder het volledige album:
Abonneren op:
Posts (Atom)


















