Posts tonen met het label 2010. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 2010. Alle posts tonen

09 januari 2011

Liederen van de week (2010)

Dit waren de liederen van de week in 2010 :


  1. Cousins - Vampire Weekend
  2. You look familiar - Team William
  3. Heads will roll (A-Trak remix) - Yeah Yeah Yeahs
  4. Hard believer - First Aid Kit
  5. July flame - Laura Veirs
  6. Lewis takes action - Owen Pallett
  7. Fireflies - Owl City
  8. Go do - Jónsi
  9. Trouble in mind - Erland & The Carnival
  10. Angry young man - Get Well Soon
  11. Hide it away - Retribution Gospel Choir
  12. Let's go surfing - The Drums
  13. Kaufman's ballad - Megafaun
  14. My propeller - Arctic Monkeys
  15. Stylo - Gorillaz
  16. Come home - Amatorski
  17. Before - Scuba
  18. Headphones - The Bear That Wasn't
  19. Come and get it - Eli "Paperboy" Reed
  20. The mermaid parade - Phosphorescent
  21. What's it in for? - Avi Buffalo
  22. Bloodbuzz Ohio - The National
  23. Death by diamonds and pearls - Band Of Skulls
  24. We no speak Americano - Yolanda B Cool & Dcup
  25. Swoon - The Chemical Brothers
  26. Mo ba nin - Flip Kowlier
  27. Holiday - Vampire Weekend
  28. Born free - M.I.A.
  29. Numbers don't lie - The Mynabirds
  30. Dragon's song - Blitzen Trapper
  31. Tighten up - The Black Keys
  32. Let's not fall apart - Broken Glass Heroes
  33. Roll away your stone - Mumford & Sons
  34. Don't go to Klaksvik - Leif Vollebekk
  35. We used to wait - Arcade Fire
  36. Cooler couleur - Yelle with Crookers
  37. Something good can work - Two Door Cinema Club
  38. I need air - Magnetic Man
  39. Heathen child - Grinderman
  40. 9000 - Fatih
  41. Self machine - I Blåme Coco
  42. Zorbing - Stornoway
  43. Hands - The Ting Tings
  44. Solitude is bliss - Tame Impala
  45. Words - Goose
  46. That day - Villagers
  47. Ready to start - Arcade Fire
  48. Anyone's ghost - The National
  49. The cliff - Emily Jane White
  50. Dauphine - Gabriel Rios
  51. Hello - Martin Solveig
  52. Cooler als ekke - Jack Parow

Drie groepen slaagden erin met 2 nummers mij te bekoren (Vampire Weekend, Arcade Fire en The National, niet toevallig groepen die elk een schitterend album uitbrachten). Enkele keren werd mijn keuze mee beïnvloed door mijn kinderen (Owl City, Yelle with Crookers, Martin Solveig). Vaak ook zag ik de groep die voor het lied van de week zorgde, live in die periode, wat zeker ook meespeelde...

Het lied dat het meest bijblijft van 2010, wegens oneindig veel gedraaid doorheen het hele jaar en enkele keren live gezien, is toch "Headphones" van The Bear That Wasn't



En voor mijn dochter was dit ongetwijfeld hét lied van 2010 : "Fireflies" van Owl City



01 januari 2011

Top tien concerten 2010

Het was moeilijk kiezen om een top 10 samen te stellen uit de concerten die ik het afgelopen jaar allemaal zag, maar hier dus toch nog een poging. Je vindt van elk verslag (ook degene die niet in deze top 10 staan, op mijn blog een verslag...). Enkele concerten zag ik dit jaar ook omdat ik als reviewer voor Indiestyle op de guestlist mocht...

10. Die Antwoord (Pukkelpop ; 21/8)

Muzikaal heb ik zeker betere concerten gezien, maar hoe de Zuid-Afrikanen van Die Antwoord erin slaagden om de hele tent op zijn kop te zetten met in wezen vrij eenvoudige rhymes en beats, verdient bewondering. Met niet meer dan één radiohit, dan nog voortgestuwd door het WK voetbal dat dit jaar in hun land plaatsvond, wisten ze heel wat publiek te lokken en ze gaven dat publiek méér dan ze vroegen...

9. Malcolm Holcombe (Toogenblik - Haren ; 19/2)

Met dank aan Roen, die me op de concerten in Toogenblik wees... In dit café in Haren zag ik een gedreven man-met-gitaar, en het doet me veel plezier dat hij in het voorjaar alweer daar zal neerstrijken...

8. Blood Red Shoes (De Zwerver - Leffinge ; 7/11)

Op Pukkelpop had ik van hun optreden al erg genoten, maar in zaal waren ze (ondanks de verkoudheid van de zangeres) nog beter...

7. Tame Impala (Pukkelpop ; 19/8)

Dé revelatie van Pukkelpop volgens velen en ook volgens mij, waren deze Australiërs die heel erg retro maar vooral heel erg goed klonken, en zo Pukkelpop al meteen heel goed inzetten...

6. Murder (Gents huisconcert ; 1/10)

Het beste huisconcert dat ik dit jaar zag in Gent, bracht na een goed voorprogramma (The Catatonics) ook nog deze 2 Denen, die moeiteloos overtuigden, een kop thee in de hand van de zanger en een gitaar in de handen van zijn kompaan. Ontzettend mooi concert !

5. Shearwater (Boomtown Gent ; 24/7)

Net als in 2009 in de Vooruit, kon Shearwater ook dit jaar weer moeiteloos bekoren. In de Handelsbeurs speelden ze een geweldige set, en ik maakte achteraf nog een praatje met zanger Jonathan Meiburg.

4. Woven Hand (4AD Diksmuide ; 15/5)

Ik stond vlak voor David Eugene Edwards, en de intensiteit waarmee de man muziek maakt, is van een onvoorstelbare orde. Hij hield me het hele concert in zijn ban, en dan is muziek ook nog eens hemels mooi...

3. Jónsi (Pukkelpop ; 21/8)




Het meest verbluffende concert van Pukkelpop was voor mij toch dat van de Ijslander Jónsi, die zijn prachtige muziek uit zijn solo-debuut ook nog eens ondersteunde met de mooiste visuals die ik al ooit zag. Het was overweldigend, en dat naar het einde van 3 (vermoeiende) dagen op een festival waar ik toch al heel wat goeie concerten had gezien.

2. The Black Keys (AB Brussel ; 15/11)




Toen ik dit concert samen met een vriend zag, was ik ervan overtuigd : dit is hét concert van het jaar ! Ongemeen straf, alles wat je van een rockconcert mag verwachten, met genoeg afwisseling en sterke songs, virtuoos gitaarspel en een intense band met het publiek. Wie kan beter dan dit ?

1. Einstürzende Neubauten (AB Brussel ; 18 en 19/11)




Wel, enkele dagen later zou blijken dat het nóg straffer kon. Einstürzende Neubauten mag dan al 2 dagen gehad hebben waarop ze me konden overtuigen, het was al tijdens hun eerste set op dag 1 van hun verjaardagsfeestje (een set waarin ze enkel nummers speelden die ze nooit eerder of slechts heel zelden en dan nog heel lang geleden, live hadden gebracht) duidelijk dat dit immens straf was, en dat ze zulk een mooie muziek ook live kunnen brengen met de meest verbazingwekkende instrumenten die men zich maar kan voorstellen. En al mocht ik dankzij hen zelf ook op het podium van de AB staan, en al brachten ze in de reguliere set (van 2,5 uur) op dag 2 vooral de bevestiging met ook hun bekendere nummers, het is nét dat onmiddellijk overtuigen vanaf het eerste nummer dat hen de onbetwiste koningen van het podium van 2010 maakt...

31 december 2010

Lied van de week : week 52 - 2010

Cooler as ekke - Jack Parow



Dit nummer ken ik natuurlijk al van tijdens de zomer, maar het was met veel plezier dat ik Jack Parow, een Zuid-Afrikaanse rapper terughoorde de voorbije dagen, en ik besloot eindelijk zijn debuut te kopen (wat een aardig album is).

Je kan zijn titelloos debuut hier kopen.

Lyrics :

Jy dink jy’s cooler as ekke, want jy rook Yves Saint Laurent sigarette
Jy dink jy’s cooler as ekke, want jy’t ‘n tattoo van ‘n slang op jou tette.
Jy dink jy’s cooler as ek, want jy’t ‘n plakkaat van Led Zeppelin bo jou bed
Jy dink jy’s cooler as ek, want jy’s elke jaar by die J&B Met.

Jy’s ou nuus, ek kom met rou beats
Jy lê en wag, ek gan soek iets
Jy’s ice tea, ek’s witblits
Jy’s lite bier, ek’s spirits
Jy’s die ou met die new fresh look
Ek’s die ou met die Pep Stores broek
Ek watch jou, jy koekeloer oukes
jy forward nog Vernon Koekemoer jokes
Ek’s fantasties, jy’s spasties
Ek vat an poppies, jy raak an klein kids
Jy’s Tim Voster, ek’s Chris Edwards
Jy’s innie bosse, ek rol innie vet shit
Jy’s boring soos liedjies ommie kampvuur
my styl slick sneak suutjies soos ‘n vampier
jou styl kak sag soos ‘n pink marshmallow
meisies skree vir net “one night in parow”

Jy dink jy’s cooler as ekke, want jy hang saam met models en ek hang saam met slette
Jy dink jy’s cooler as ekke, want ek’s ‘n rapper en jy sing in falsette
Jy dink jy’s cooler as ek, want ek ry op met die bus en jy vlieg op met ‘n jet
Jy dink jy’s cooler as ek, want jy ry in ‘n Peugeot twee nul ses

Jy rol met ‘n selfoon in jou pen
Ek rol nog met ‘n 3310
My styl gooi sexy korrek
Jy dra nog fokken Mr Price Red
As ek instap skrikkie hele fokken bar
Jy kry nog fokken geld by jou ma
Ek los die hele jol papnat
As jy instap begin die hele jollie pad vat
ek’s Amerika, jys Irak
ek bomb jou lat die kak slap spat
Ek’s ‘n Bic pen, jy’s ‘n Mont Blanc
Jy loop rond met fokken skuim op jou mond-rand
Ek’s original jy’s gecopy
Ek’s ‘n flash drive jy’s ‘n floppy
Jy maak of jy alles het ma jy’s fake
Jack Parow bra ek lewe soos n straatmeit

Jy dink jy’s cooler as ekke, want jy drink by Ku De Ta en ek drink by De Dekke
Jy dink jy’s cooler as ekke, want jy’s die gentleman, bra eksie prette
Jy dink jy’s cooler as ek, want ek hou vakansie in Hartenbos en jy hou vakansie in Quebec.
Jy dink jy’s cooler as ek, omdat jy die nuwe issue van One Small Seed het

Jack Parow bra ek’s n poes woes
Jy eet caviar en couscous
Ek drink Klipdrif, jy drink Peroni
Jy’t vriende in Swede, ek het vriende in Benoni
Ek koop al my klere by die local Pep Stores save more
Jy koop al jou fokken klere by a store
Jy dra net fokken Polo shirts
Shame, jy luister na die Dirty Skirts
My naam’s Parow, dik heavy uitgeskollie
Jy lyk soos Jeremy de Tollie
Jack Parow, die life van die party
Jy dra net fokken Issey Miyake
Jy’s too cool for school, eks mos kief
Ek’s grasshopper, jys Lacoste sportief
Jy lat die koek flop, ek lat die huis rys
Jou meisie het ‘n foto van my piel op haar Space Case

26 december 2010

Lied van de week : week 51 - 2010

Hello - Martin Solveig




Tijdens Music for life werd dit nummer ontelbare keren aangevraagd en gedraaid, en ik moet zeggen : het blijft hangen. Bovendien heeft Martin Solveig er ook nog een leuke clip bij, co-starring Bob Sinclar...

Je kan het nummer
hier kopen.

Lyrics :

I could stick around a little longer with you, hello.
It doesn't really mean that I'm into you, hello.
You're alright but I'm your darling to enjoy the party.
Don't get too excited 'cause that's all you get from me, hey.

Yeah I think you're cute but I really think that you should know.
I just came to say hello, hello, hello, hello.

I'm not the kinda girl who'd mess it up with you, hello.
I'm gonna let you try to commence with you, hello.
It's alright I'm getting dizzy just enjoy the party.
It's OK with me if you don't have that much to say, hey.

Kinda like this thing but there's something you should know.
I just came to say hello, hello, hey, hey.

I could stick around a little longer with you, hello.
It doesn't really mean that I'm into you, hello.
I'm your darling to enjoy the party.

I'm getting dizzy, just enjoy the party.

I just came to say hello, hello, hello, hello.

I'm not the kinda girl who'd mess it up with you, hello.
I'm gonna let you try to commence with you, hello.
It's alright, I'm getting dizzy, just enjoy the party.
It's OK with me if you don't have that much to say, hey.

Kinda like this thing but there's something you should know.
I just came to say hello, hey.

19 december 2010

Lied van de week : week 50 - 2010

Dauphine - Gabriel Rios



Zeker in het refrein zet Gabriel Rios me op het verkeerde been, en denk ik de nieuwe single van Coldplay te horen...

Je vindt dit nummer op het nieuwe album, The dangerous return, dat je hier kan kopen.

Lyrics :

seventeen
a nymph if there was ever one
you were noticed
and rushed upon the scene
rough times
some hell to get away from
and whirlwind
to do the very thing

once again
a trick of the light found
and burned at the beat
those we're in
will trickle down their songs
and burn at the beat

ever the locust
you tore across the avenues
and hotels
with death under your feet
the sullen
girls that look like women
the gregarious gamines
leaving pictures on all magazines

once again
a trick of the light found
and burned at the beat
those we're in
will trickle down their songs
and burn at the beat

all eyes upon you
and no one could see it
the exoskeleton is all they see
so leaving it...
we revel in the poses yeah

we do the best we can
the snakes will sing to horses
and the horses back to men
and you will know and I will know
to leave the state we're in
again

once again
a trick of the light found
and burned at the beat
those we're in
will trickle down their songs
and burn at the beat

the exoskeleton is all they need
so leaving it
behind
who knows what
you'll find
this time...

12 december 2010

Lied van de week : week 49 - 2010

The cliff - Emily Jane White


Nadat ik het album mocht recenseren voor Indiestyle en ook nog eens haar concert mocht reviewen, is het geen wonder dat haar nieuwste nummer mijn lied van de week geworden is. Alles wat ik goed vind aan Emily Jane White, heb ik vorig jaar en dit jaar al uitvoerig beschreven, dus geniet maar gewoon...

Het nummer staat uiteraard op het nieuwe album, Ode to sentience, dat verdeeld wordt door Munich Records.

Lyrics heb ik jammer genoeg nergens gevonden...

Emily Jane White : Ode to sentience


Het is vreemd : zelfs na enkele beluisteringen leek het nieuwste album van Emily Jan White tegen te vallen, maar als je het album meteen na haar twee vorige in chronologische volgorde afspeelt, vallen de puzzelstukjes in mekaar, en hoor je de evolutie die ze doormaakte, en hoe natuurlijk die klinkt.
Betekent dit nu dat je die eerdere albums moet gehoord hebben om te kunnen genieten van deze plaat? Natuurlijk niet! Emily Jane White heeft een pracht van een stem, met daarin een langoureuze zucht, een van verlangen zwangere toets, die haar zo herkenbaar maakt tussen al die andere vrouwelijke singer/songwriters. En er zijn de strijkers, altijd aanwezig (prominent of op de achtergrond), en altijd het lied dragend. Er is de piano, die de melodielijnen uittekent, en op dit album is er een rijkere orchestratie, rijkere arrangementen, en zelfs een breder palet aan stijlen.
Zo klinkt “The cliff” wel heel erg laidback country, en tot we Emily's eigen stem horen, denken we daarbij aan schoon volk als Emmylou Harris, Caroline Herring en Gillian Welch. “Requiem waltz” begint als een wals die vrolijk een feest opent, tot alweer haar stem een andere wending geeft aan het nummer. De muziek mag verder dezelfde weg op blijven gaan, de weg is wonderbaarlijk veranderd door al wat in die vocalen doorklinkt. Op een nummer als “The law” (gratis te downloaden op haar website, echt een aanrader) klinkt ze dan weer heel erg zoals we haar al langer kennen, en dat is een compliment.
Er is iets sprankelends aan de manier waarop ze haar verdriet bezingt, of haar woede, of eender welke emotie. Je hoort en voelt doorheen alle nummers een stérke vrouw, die problemen niet uit de weg gaat, problemen op haar weg vindt maar tegelijk ook over de omgevallen boomstammen heen klautert, door de snelstromende beken waadt, door de donkere nacht het pad weet te vinden in een gloed zoals die haar op de hoesfoto ook omgeeft.
“Ode to sentience” is een betoverende én betoverde plaat, waarop de grootste troef ligt in de stem van Emily Jane White, waarmee ze wat ze aanraakt (muzikaal), verandert in iets nieuws, met méér lagen, met méér diepgang, met méér gevoel. Het is ook een groeiplaat, en nu we erover nadenken, waren haar vorige albums dat ook al. Ze kropen onder de kleren, en binnen enkele maanden zullen we u kunnen vertellen of ook deze derde worp daarin slaagt. Al is de kans groot dat u Emily Jane White tegen dan ook al overal met u meedraagt, onverhoeds opduikend tussen andere liedjes, wanneer je dat het minst verwacht...

Je vindt deze recensie ook hier op Indiestyle.be.

Botanique concert : Emily Jane White (voorprogramma : Faustine Hollander)


Openen met een cover van Bob Dylan, helemaal alleen op gitaar als jong meisje, dat moet je durven. De Belgische Faustine Hollander mocht zo afgelopen woensdag in de Rotonde van de Botanique openen voor Emily Jane White, en ze had haar set heel slim opgebouwd. Na enkele nummers kwam een gitarist haar versterken, enkele songs later gevolgd door een drummer. De liedjes varieerden van Dylan tot een nummer dat al heel erg aan de hoofdact deed denken (“Dragonfly”), en nog iets steviger popwerk. De band genoot zichtbaar van het succes, en eigenlijk waren er enkel de lange momenten waarin gitaren gestemd moesten worden (en de vaart zo niet al te best in de set kwam) minpuntjes.


Ongeveer een jaar na haar vorige doortocht kwam Emily Jane White, geflankeerd door celliste Jen Grady, haar jeugdvriendin die haar vaak vergezelt, en een gitarist, opnieuw in de Botanique, met een nieuw album onder de arm. Op “Ode to sentience” zet ze haar muzikale groei verder, en dat hoorde je in de set vooral omdat de nieuwe nummers vrij naadloos overgingen in het geheel. Die nieuwere nummers zaten vooral in het begin van de set (en ook daarna nog een beetje gespreid), want Emily Jane White had het beste uit haar vorige plaat vooral in het slot van de reguliere set verstopt : “The ravens”, “Liza”, “Stairs” en helemaal op het einde titelnummer “Victorian America”. Dat hoeft niet te verbazen, want die nummers blijven nog steeds haar beste materiaal, zo bleek alweer...
De magie van de Botanique leek goed te werken : Emily Jane White vond de zaal prachtig (“it feels like playing in a womb”) en gaf even later toe dat ze zelden zich echt op haar gemak voelt op een podium, maar vanavond was ze ontspannen. Ze ging met plezier in op opmerkingen uit het publiek, bedankte het publiek, deed moeite om af en toe Frans te spreken en stak haar bewondering voor het publiek, dat in stilte luisterde, niet onder stoelen of banken.
Net als bij het voorprogramma werden vaak instrumenten gestemd, maar je zag dat deze artieste al meer ervaring heeft in het omgaan met die onfortuinelijke pauzemomenten.
Emily Jane White wisselde zelf vaak tussen keyboards en gitaar, maar welke instrumenten ook bespeeld werden, doorheen de liedjes werd een patroon herkenbaar. Samen met haar unieke manier van zingen vormt dat een herkenbaar element, dat -als je er niet weg van bent- kan gaan vervelen of waar je -als je zoals ik, daar net erg van houdt- uren kan naar blijven luisteren.
Emily Jane White kwam nog terug voor 3 bisnummers, eerst helemaal alleen, daarna met de andere muzikanten, en ze mocht afscheid nemen met een gemeend applaus voor een concert dat perfect past in een zaal als deze.




Je vindt deze recensie ook hier op Indiestyle.be

30 november 2010

Lied van de week : week 48 - 2010

Anyone's ghost - The National



live voor Studio Brussel "Club 69"


Ook The National leverde al eens eerder dit jaar een "lied van de week", en ook met de nieuwe single is het raak. Dat komt natuurlijk ook doordat hun album, High violet, één van de platen van het jaar zou kunnen worden, en vol goeie nummers staat. En dit liedje is niet meer weg te branden uit mijn hoofd...

Je kan het album High violet hier kopen.

Lyrics :


Say you stay at home
Alone with the flu
Find out from friends
That wasn't true
Go out at night with your headphones on, again
And walk through the Manhattan valleys of, the dead


Didn't want to be your ghost
Didn't want to be anyone's ghost
Didn't want to be your ghost
Didn't want to be anyone's ghost
But I don't want anybody else
I don't want anybody else

You said I came close


As anyone has come
To live underwater
For more than a month
You said it was not inside my heart, it was
You said it should tear a kid apart, it does

Didn't want to be your ghost
Didn't want to be anyone's ghost
Didn't want to be your ghost
Didn't want to be anyone's ghost
But I don't want anybody else
I don't want anybody else
I don't want anybody else
I don't want anybody else


I had a hole in the middle where the lightning went through it
Told my friends not to worry
I had a hole in the middle someone's sideshow wouldn't do it
I told my friends not to worry

Didn't want to be your ghost
Didn't want to be anyone's ghost
Didn't want to be your ghost
Didn't want to be anyone's ghost

28 november 2010

AB Concert : Swans (voorprogramma : James Blackshaw)

Over het voorprogramma van James Blackshaw kunnen we eigenlijk vrij kort zijn : de naam zullen we snel vergeten en zijn muziek zullen we nog zelden terughoren, is ons sterk vermoeden. Met een twaalfsnarige gitaar en zonder zang iets meer dan een half uur amper 4 liedjes brengen, is een huzarenstukje, geven we toe, maar om er een publiek mee te boeien moet je dan wel echt sterk uit de hoek komen. De nummers hadden lang uitgesponnen intro's van Swans-nummers kunnen zijn (en in die zin was het een passend voorprogramma), maar het weinige publiek dat al was komen luisteren, werd niet echt gegrepen. Dit lijkt me meer iets voor een huisconcert dan voor een ruimere zaal...


Swans heeft na 13 jaar opnieuw een album uit (“My father will guide me up a rope to the sky”), waarop ze te situeren vallen tussen de laatste albums en Angels Of Light, het project dat Michael Gira de voorbije jaren koesterde. Opener van dat album, “No words/No thoughts”, was de logische opener van het concert, en werd ingezet met een langdurig herhaald zoemend geluid, enkele minuten later aangevuld door een hoger klinkende loop, en langzaam kwamen er instrumenten bij... Die langzame opbouw is typisch voor Swans, en zou één van de hoofdkenmerken worden van het concert. Is het openingsnummer op plaat al goed voor meer dan 9 minuten, live werd het uitgesponnen tot meer dan een half uur. Het gekke daarbij is dat je niet eens beseft dat het zo lang duurt, omdat er gewoon de tijd genomen wordt om elk nummer zich te laten ontwikkelen. Uiteindelijk speelden Swans 2 uur, en daarin brachten ze 7 nummers, en 1 (kort) bisnummer.
Met uitzondering van het einde van het concert, was de groep niet bepaald communicatief. De bassist speelde bijna de hele tijd met zijn rug naar de groep, Gira keek veelal gefocust en schijnbaar boos (of streng) het publiek in en zei amper een woord (tot hij vlak voor het einde een biertje vroeg en wat losser werd). We hadden hem intussen (al in het openingsnummer) zien spuwen in de lucht en zijn eigen spuugsel opvangen, en later wreef hij op zijn broek over zijn geslacht en verdween zijn hand zelfs enkele keren in zijn broek.
Jammer genoeg speelde de band hemeltergend luid. Het mag een wonder heten dat we met dat volume nog voldoende songs konden herkennen en konden horen hoe goed de groep erin slaagt om in golfbewegingen de songs die drijven op repetitieve elementen, op het publiek los te laten. Dit is post-rock avant la lettre...
Swans was indrukwekkend, best goed, met verrassend mooie nummers ook, maar véél, véél te luid.


Setlist :

No words/No thoughts
Your property
Sex, God, sex
Jim
I crawled
Avatar
Eden prison

Bisnummer niet herkend

Je vindt deze recensie ook hier terug op Indiestyle.be

26 november 2010

Lied van de week : week 47 - 2010

Ready to start - Arcade Fire




Al eerder dit jaar werd een nummer uit het nieuwe album van Arcade Fire "lied van de week". Dat hoeft niet te verwonderen, want Arcade Fire hoor ik enorm graag en het barokke van hun muziek heeft mij al altijd enorm weten te charmeren. Ook de nieuwe single, Ready to start, heeft me helemaal veroverd : die stem uit de duizenden, dat opzwepende ritme, die muzikale toetsen die gestrooid worden over het hele nummer zodat het een muzikale orgie wordt.

Je vindt het nummer op het album The suburbs, dat je hier kan kopen.

Lyrics :

Businessmen drink my blood
Like the kids in art school said they would
And I guess I'll just begin again
You say can we still be friends

If I was scared, I would
And if I was bored, you know I would
And if I was yours, but I'm not

All the kids have always known
That the emperor wears no clothes
But they bow down to him anyway
It's better than being alone

If I was scared, I would
And if I was pure, you know I would
And if I was yours, but I'm not

Now you're knocking at my door
Saying please come out against the night
But I would rather be alone
Than pretend I feel alright

If the businessmen drink my blood
Like the kids in art school said they would
Then I guess I'll just begin again
You say can we still be friends

If I was scared, I would
And if I was pure, you know I would
And if I was yours, but I'm not

Now I'm ready to start

If I was scared, I would
And if I was pure, you know I would
And if I was yours, but I'm not

Now I'm ready to start

Now I'm ready to start
I would rather be wrong
Than live in the shadows of your song
My mind is open wide
And now I'm ready to start

Now I'm ready to start
My mind is open wide
Now I'm ready to start
Not sure you'll open the door
To step out into the dark
Now I'm ready!

AB concert : Einstürzende Neubauten

Dertig jaar geleden ontstond in het nog verscheurde Duitsland een groep die uit de lokale underground scene zou uitgroeien tot een internationaal vermaarde en gerespecteerde band, die haar core-business (geluid halen uit alle mogelijke objecten) verhief tot een melodieuze en toegankelijkere muziekstijl, zonder de eigen ziel te verloochenen.
Frontman
Blixa Bargeld mag dan 30 jaar later dikker geworden zijn en er niet meer uitzien als een terminale junkie, en hij mag zich zelfs één van opper-Seeds noemen bij Nick Cave, maar Einstürzende Neubauten blijft experimenteren met geluiden van allerlei oorsprong, en boren en slijpschijven behoren nog steeds tot hun instrumentarium...
Naar aanleiding van hun 30e verjaardag speelden ze vorige week twee dagen na elkaar (18 en 19 november) in de
AB, maar met een verschillende show.


Op de eerste dag, in de ABBox, stond eerst een korte set op het programma waarin ze nummers speelden die ze nooit eerder live speelden, of slechts zeer zelden, of héél erg lang geleden. Er werd al meteen flink ingezet met het duo “Sonnenbarke” en “Seele brennt” en de band verblufte het publiek met de inventieve instrumenten en vooral hoe ze al die geluiden versmolten tot prachtige songs. Wat Nirvana ooit deed voor de harde gitaren (ze wondermooi verbinden aan Beatliaanse melodieën), doen Einstürzende Neubauten voor percussie. Ze slagen erin allerlei percussie op plastic, metaal en eigenlijk elk mogelijk denkbaar voorwerp aan te vullen tot er échte songs ontstaan, met melodieën die evenzeer tussen de oren blijven hangen. Waren de Neubauten in hun begindagen nog vooral een band die “lawaai” maakte, dan zijn ze intussen verrassend toegankelijk geworden en dat viel meteen op, zelfs met de oudere nummers. Voor een groep die in zijn naam refereert aan instortende gebouwen, staan ze er verrassend als een huis.

“Als dit de weinig gespeelde nummers zijn en ze al zo uitblinken, wat moet dat niet geven morgen”, dacht ik en toen kwamen ze nog eens terug voor één bisnummer : hun prachtcover van “Sand”, een nummer van
Nancy Sinatra en Lee Hazlewood.

In bijna elke andere band krijgt een gitarist een prominenter rol dan Jochen Arbeit bij de Neubauten krijgt, maar in het tweede deel van de avond mocht hij zijn ding doen. Onder de titel “Die Körper ohne uns” kregen we een mixed media performance, met video, moderne dans, soundscapes en gitaar... euh -soundscapes. Duidelijk niet het soort stuff dat zijn weg vindt naar Indiestyle, maar vast te genieten voor dansliefhebbers...


Dan was het project waarmee percussionist N.U. Unruh de eerste avond mocht afsluiten een pak geslaagder. Overal op het podium en in de zaal werden tafels met drums en cymbalen opgesteld, en iedereen kreeg 2 drumsticks. Op de tonen van de afgespeelde instrumentale dance-nummers mocht iedereen naar hartelust meedrummen, samen met enkele leden van de Neubauten. Je zag iedereen genieten van het moment, en de blaren namen we er met plezier bij. Want wie kan zeggen dat ze al ooit eens 50 minuten lang hebben gedrumd op één van onze bekendste podia ?
De tweede dag werd een uitverkochte zaal getrakteerd op een “gewoon” concert, zij het dat er zonder voorprogramma tijd was om echt heel veel nummers te brengen. Anderhalf uur optreden en nog twee bisrondes van elk een half uur ten beste geven : daar komen we met plezier ons huis voor uit.



Wat Einstürzende Neubauten de dag voorheen al had gewekt aan verwachtingen, werd helemaal ingelost. Geplukt uit de 30 jaar en het uitgebreide repertorium kregen we een mix van bekende (“Haus der lüge”, “Die interimsliebenden”, “Halber mensch”, “Silence is sexy”,...) maar ook minder bekende nummers (“Nagorny Karabach”, “Youme & meyou”,...) De hoge gil van Blixa Bargeld (die me al altijd aan een hinnikend paard heeft doen denken) was uitgebreid aanwezig, en de instrumenten waren talrijker en vreemder dan je je kan voorstellen : metalen emmers waarin iets gegooid werd, metalen en pvc-buizen, kettingen, stukken metaal die uit een bak van enkele meters boven de grond naar beneden mochten vallen, een veer, een slijpschijf met een vinyl plaats ipv de gebruikelijke schijf, de kabel van de basgitaar waarmee Alex Hacke via zijn tong, zijn oogkassen, zijn armen,... rare geluiden produceerde, staalplaten en nog heel veel meer. Naast de hoger genoemde nummers hoorden we nog hoogtepunten in “Sabrina” en “Redukt” (een hemelse versie, met alle elementen van hun repertorium : van fluisteren tot hels kabaal). De gewone set werd afgesloten met een nummer dat al in 1982 werd geschreven, maar toen was het volgens Bargeld technisch nog niet mogelijk om het nummer te spelen zoals hij het wou laten klinken. Dat zulks vandaag wel kan, bewees de band meteen.
Bargeld was bijzonder ontspannen, maakte grapjes (toen hij moest wachten omdat het extra lid -op keyboards- technische problemen had, grapte hij dat ze Plastic Bertrand op de guestlist hadden gezet, maar hemzelf niet hadden verwittigd...).

Op twee dagen tijd bewees Einstürzende Neubauten nog eens uitgebreid dat het wel degelijk mogelijk is om lawaai te verheffen tot pure schoonheid, kabaal te injecteren met melodie en al bij al toegankelijke muziek te maken met hamertje, zaagske en beiteltje...
Setlist dag 1 :
1. Sonnenbarke
2. Seele brennt
3. Grundstück/November/Kleine grundstück
bis : Sand

Setlist dag 2 :
1. The Garden
2. Befindlichkeit des Landes (Ufo, Rampe, Überleitung)
3. Von Wegen
4. Interimsliebenden
5. Nagorny Karabach
6. Dead Friends
7. Unvollständigkeit
8. Installation # 1
9. Rampe
10. Ich hatte ein Wort
11. Let´s do it DaDa
12. Haus der Lüge
13. Sabrina
14. Susej
ENCORE I:
1. Headcleaner
2. Silence is Sexy
ENCORE II:
1. Youme & Meyou
2. Redukt
ENCORE III:
Total Eclipse of the Sun 

Je vindt deze recensie ook hier op Indiestyle.be

21 november 2010

Lied van de week : week 46 - 2010

That day - Villagers




Uit het prachtige album
Becoming a jackal heeft Villagers deze prachtige nieuwe single uitgebracht, die zich ontwikkelt als een bloeiende klimplant : de energie gaat een tijdje in de opbouw (het klimmen) om dan te gaan naar het openvouwen van de nieuwe bloemen (het bloeien). En dan komt het nummer abrupt tot een einde, en laat je verbaasd achter, met honger om op de repeat-knop te duwen...

Je vindt dit nummer dus op Becoming a jackal, dat je hier kan kopen.

Lyrics :

Can you hear me now
Lying in this bed
Embedded in this written story

Can you hear me now
Calling from this bed
I'm spitting words but there's no meaning, no

(Now he's taking his time)
He's got nothing to lose
(But the first thing he sees)
Is the last thing he choose
(And when the moment arrived)
He just found he had nothing to say
That day

Can you hear me now
Sky is turning red
The streets are all gone
Am I dreaming, no

Can you hear me now
Falling from this bed
Nudist that bears gifts
But when will it show me

(Now she's taking her time)
She's got nothing to lose
(But the first thing she sees)
Is the last thing she choose
(And when the moment arrived)
She just found she had nothing to say
That day

He lies awake in his bed every night devising ways to conceal the strain
She never tells of her midnight fears or admits that she does the same
They never meet, never touch, never speak and for one tired old refrain

Can you hear me now
Lying in this bed
Embedded in this written story

Can you hear me now
Calling from this bed
I'm spitting words but there's no meaning

16 november 2010

AB Concert : The Black Keys (voorprogramma : Beach Fossils)

De Ancienne Belgique had Beach Fossils aangekondigd als The Drums die aan de Middellandse Zee verblijven. Dat eerste deel was inderdaad waar. Ze klonken heel erg als The Drums (maar niet zo goed) en de eerste nummers waren dan ook best aangenaam. Helaas kreeg je algauw het gevoel een family pack songs voorgeschoteld te krijgen : 6 + 2 gratis, van dezelfde uiteraard. De nummers klonken onderling zeer inwisselbaar (en eigenlijk niet meer dan variaties op het openingsnummer) en zelfs het slotnummer van hun half uur durende set klonk hetzelfde, alleen rapper gespeeld... Indrukwekkend was wel hun drummer, die bijzonder snél kan drummen.


Gelukkig kregen we daarna een werkelijk subliem concert van The Black Keys. Ongelooflijk hoe dit duo met enkel drums en een gitaar erin slaagt zo overweldigend en indrukwekkend te klinken. Dan Auerbach is natuurlijk een fantastische gitarist, die meermaals staaltjes van zijn kunnen liet zien, en Patrick Carney is een soort Animal pur sang, en het viel op hoe ze in een swamprocknummer à la Kings Of Leon (nochtans ook geen doetjes) nog driemaal imposanter klinken, enkel met hun beiden.


Er werd gestart met vooral rauwere bluesrocknummers en wat ouder werk, met vleugjes soul vermengd. Halfweg de set kregen we een mooie Kinks-cover gepresenteerd (Act nice and gentle), die al op Rubber factory terug te vinden was en die ze heel erg gepimpt hebben tot een nummer dat helemaal Black Keys klinkt, en toch onmiskenbaar de Ray Davies-toets behoudt : sterk ! Daarna voegden zich nog een bassist en keyboardspeler aan het duo toe (samen met een gigantische discobal), en die brachten extra volume in wat sowieso al de beste songs zijn van het nieuwe album. De keuze van The Black Keys om net die nummers rijker te laten klinken, was bijzonder intelligent, en liet Everlasting light, Next girl, Howling for you en uiteraard ook Tighten up klinken als klassiekers-in-spe. Er werd opnieuw afgesloten als duo, en voor de bisnummers (2) mochten de 2 andere muzikanten nog even opdraven voor één nummer. In het slotnummer van de bisronde viel de gitaar van Dan Auerbach jammer genoeg even weg (het werkelijk énige minpuntje -en dan nog...- van de hele set).
De set was heel intelligent opgebouwd, The Black Keys weten heel goed dat de noten die niét gespeeld worden soms even belangrijk zijn als de noten die wel gespeeld worden, Dan Auerbach is een virtuoze gitarist, misschien wel de beste van zijn generatie, en de variatie zat bijzonder goed, met nummers uit diverse albums, met diverse arrangementen en bezettingen die telkens de sterktes van de nummers volledig tot hun recht lieten komen.

Dit zou wel eens het concert van het jaar kunnen blijken...

13 november 2010

Lied van de week : week 45 - 2010

Words - Goose




Het Kortrijkse Goose kon me zeker bekoren met hun debuutalbum, en hun tweede album heb ik weliswaar nog niet gehoord, maar deze single, die wel heel erg eighties klinkt, is alvast veelbelovend.

Je kan het album Synrise, waarop dit nummer te vinden is, hier kopen.

Lyrics heb ik van dit nummer nog niet gevonden...

09 november 2010

Concert : Blood Red Shoes (support : Holy State)

Een soort misthoorn kondigde zondagavond het Britse Holy State aan, dat inderdaad als een orkaan door zijn set raasde. Loeihard en retestrak klonken ze, en ze hielden er de vaart in met krachtige nummers die soms vervaarlijk dicht bij Fugazi aanschuurden. Zeker in “Urges” klonk hun zanger ook effectief een beetje als Ian MacKaye. Met hun halfuurtje noise hadden ze De Zwerver in Leffinge helemaal opgewarmd voor wat nog komen moest.


En wat nog komen moest, was ook niet min. Blood Red Shoes, het duo uit Brighton dat rock herleidt tot zijn essentie met enkel drums en een gitaar, heeft dit jaar een dijk van een tweede album uitgebracht (“Fire like this”) en wist eerder dit jaar ook al te overtuigen op Pukkelpop. Waar op Pukkelpop zangeres-gitariste Laura-Mary Carter (het blijft een wondermooie vrouw) nog de meeste aandacht naar zich toe zoog, was het verrassend genoeg vooral drummer (en mede-vocalist) Steven Ansell die dit keer op het voorplan trad. Misschien zat de verkoudheid van Laura-Mary (we doen ook maar een gok qua diagnose natuurlijk, al hadden heel wat toeschouwers -opvallend veel mannen posteerden vlak voor de zangeres- maar wat graag doktertje gespeeld met haar) er voor iets tussen, maar dankzij geestige bindteksten en commentaar op uit het publiek gebrachte boodschappen, slaagde de drummer er dus in de zaal naar zijn hand te zetten. Natuurlijk kon hij daarbij ook rekenen op de sterke nummers van de band, die niet alleen strakker dan een legging waren, maar ook ondanks het beperkte instrumentarium behoorlijk rijke melodiëring bevatten. Met vroege hoogtepunten als “Light it up” en “I wish I was someone better” of met afsluiter “Heartsink”, en eigenlijk met alles daaromheen, overtuigde de band, kreeg het publiek geweldig aan het dansen, en overtuigden ze om niet alleen hun recentste plaat te kopen, maar ook debuut “Box of secrets”. Ze herinnerden zich nog perfect dat ze ooit eerder op Leffingeleuren stonden (dat was in 2009), en ze vergewisten zich er in ieder geval van dat ook Leffinge niet zal vergeten dat ze langskwamen.
Met nog 2 bisnummers als een soort ereronde, netjes verdeeld over beide albums, etaleerde het Britse duo dat ze hun vrij constante kwaliteit op plaat ook live kunnen waarmaken.


Na de misthoorn waarmee de avond begon, een dijk van een concert : de zee is in Leffinge blijkbaar nooit veraf...

Setlist :

1. It's getting boring by the sea
2. Don't ask
3. Light it up
4. I wish I was someone better
5. One more empty chair
6. Count me out
7. When we wake
8. Say something, say anything
9. It is happening again
10. This is not for you
11. Keeping it close
12. You bring me down
13. Heartsink

Bisronde :

1. Doesn't matter much
2. Follow the line

Je kan deze recensie ook hier lezen op Indiestyle.be

05 november 2010

Lied van de week : week 44 - 2010

Solitude is bliss - Tame Impala


Zoals je hier al kon lezen, vond ik (en ik was blijkbaar niet de enige) Tame Impala dé revelatie van het voorbije Pukkelpopfestival. Wat ik over hun debuutalbum Innerspeaker vind, kon je overigens hier al lezen (en op Indiestyle). Het kon dus niet uiblijven eer ze ook in deze rubriek zouden opduiken, en dat doen ze meer dan terecht met Solitude is bliss, dat al hun kwaliteiten nog eens goed in de verf zet.

Je vindt dit nummer zoals gezegd op Innerspeaker, dat je hier kan kopen.

Lyrics :

Cracks in the pavement underneath my shoe
I care less and less about it and less about you
No one else around to look at me
So I can look at my shadow as much as I please

All the kicks that I can't compare to
Making friends like they're all supposed to

You will never come close to how I feel (x2)

Space around me where my soul can breathe
I've got body that my mind can leave
Nothing else matters I don't care what I miss
Company's okay

Solitude is bliss

There's a party in my head and no one is invited

And you will never come close to how I feel (x2)

Movement doesn't flow
Quite like it does when I'm alone
I'll be the one who's free
You and all your friends
Can watch me today

Don't ask me how you're supposed to feel

You will never come close to how I feel (x4 fade out)

The Orb & David Gilmour


Dat The Orb ooit zou samenwerken met (een lid van) Pink Floyd, hoeft niet echt te verwonderen. Er zijn wel wat gelijkenissen te bespeuren tussen beide groepen, en zeker het Pink Floyd waarin David Gilmour (die hier dus gitaar komt spelen bij dé ambient band bij uitstek) staat bekend om zijn lang uitgespronnen intro's en muzikale stukken (denk maar aan de sfeer van The division bell uit 1994, of nummers als Time en Money). Dat grootse, stadioneske karakter deelt ook The Orb, dat ooit met A huge ever growing pulsating brain that rules from the centre of the ultraworld tekende voor de toen langste songtitel ooit. De band balanceerde tussen genialiteit (Little fluffy clouds) en kinderlijke speelsheid met een randje Druivelaar (op Orbus terrarum b.v.).
Wat levert de samenwerking tussen The Orb en David Gilmour nu op ? Tien songs, verdeeld over 2 tracks (waarin dus telkens 5 nummers in elkaar overlopen), samen goed voor bijna 50 minuten dromerige ambient met gitaartoetsen verspreid over het geheel van dit album, Metallic spheres. De voorliefde voor concepten springt al snel in het oog. De eerste track (bijna 29 minuten) heet Metallic side en begint met geluiden uit een science-fiction film, waaroverheen de lang uitgesponnen gitaarintro van David Gilmour niet zou misstaan op het live-album P.u.l.s.e. en het is onmogelijk de vijf songs te onderscheiden. Er zitten in de lange track zeker goeie momenten (de pulserende drums rond 11 minuten en een half, en het typische Pink Floyd geluid dat opzet rond het kwartier), maar daartussen krijgen we o.m. een soort nepdierengeluiden (rond 13 minuten ongeveer) waarmee ze toch vooral vervallen in het soort spielerei dat van hun track Toxygene een uitstekend voorbeeld maakt van waar ze balanceren op de wel erg dunne scheidslijn tussen “geestig” en “irritant”.
Ook het tweede nummer (Spheres side) schijnt te bestaan uit 5 songs, maar ook die zijn niet te onderscheiden. Op deze track lijkt David Gilmour iets meer zijn stempel te hebben weten drukken, en voor de rest kunnen we een vrijwel identiek oordeel vellen als voor de eerste track,
Bij een eerste beluistering leek dit album vooral langdradig en saai, en te weinig divers. Meerdere beluisteringen brengen meer reliëf in het geheel, maar al bij al blijft dit een te lang uitgesponnen mijmering, die weliswaar zijn goeie momenten kent. Doordat ervoor gekozen is om alles te verdelen in slechts 2 tracks, is het onmogelijk om de skip-toets verstandig te gebruiken, en dat is jammer, want te vrezen valt dat het globale plaatje te zwak uitvalt en de goeie stukken te veel weggestopt zijn hierdoor, om deze cd nog vaak op te zetten.

Deze recensie vind je ook hier op Indiestyle.be