Posts tonen met het label actua. Alle posts tonen
Posts tonen met het label actua. Alle posts tonen

13 november 2020

Gelezen (153)

High-rise - J.G. Ballard


In een hoge torenflat even buiten London, bedoeld voor bemiddelde mensen, leven deze mensen als in een verticale stad, oorspronkelijk vrij geïsoleerd in hun eigen appartementen, tot er problemen opduiken, er aanvankelijk een groepsgevoel en -hiërachie ontstaat die echter al snel ontspoort. J.G. Ballard beschrijft in dit boek hoe hoger opgeleiden onder het laagje vernis der beschaving al gauw vervallen in tribale en primitieve gewoonten en zich steeds meer overgeven aan perversie fantasieën en dierlijke impulsen. Zoals je al halverwege het boek voelt aankomen, bouwt dit op naar een finale confrontatie maar verrassend genoeg blijkt de climax eerder anti-climax en zijn de "winnaars" onverwacht.
Hoewel het boek op het einde net iets te langdradig wordt, is de opbouw fantastisch en word je al lezer meegenomen in de diverse stadia van de evolutie in het leven van de torenflat. Dit is een ontluisterend en in feite dystopisch verhaal over een vorm van stadsleven die slim en modern lijkt maar een zichzelf verslindend monster lijkt. En bovendien weet de acteur de these die in feite al in het non-fictie boek van Alain de Botton over de samenhang tussen architectuur en geluk, perfect te illustreren.

A portable shelter - Kirsty Logan


Kirsty Logan
vertelt vreemde, ietwat magische verhalen binnen een raamvertelling waarin de twee moeders van een kindje dat nog geboren moet worden (maar wel al groeit in de buik van één van hen) elk om beurten, verborgen voor elkaar verhalen vertellen aan dat kind. Dat ze dat in het geheim doen, is omdat ze elkaar beloofden hun kind enkel de waarheid te vertellen, geen verhalen. Maar verhalen blijken meer waarheid te bevatten dan de naakte waarheid zelf.
Naarmate het boek vordert, grijpen de verhalen je meer en meer. Hier en daar is de verborgen waarheid van het verhaal wat moeilijk te ontcijferen maar al in al is dit een mooie verzameling geworden.  

Liquidatie - Imre Kertész


In een bijwijlen complex geconstrueerd boek vertelt Imre Kertész, de Hongaarse Nobelprijswinnaar, het verhaal van een redacteur die hem zijn werk nalaat wanneer hij zelfmoord pleegt. Boedapest, net na Dé Machtswissel tussen communisme en kapitalisme, blijkt algauw een even treurige plek en de hoofdrolspelers in dit verhaal zijn bovendien beladen door een verleden waarin Auschwitz de hoofdrol opeist. Overtuigd dat er nog een roman moet zijn die zijn vriend Bé heeft nagelaten maar niet tussen de papieren terug te vinden was, gaat hij op zoek, in heden en in het verleden, om steeds meer de onvoorstelbaarheid van Auschwitz te zien opdoemen en daardoor de onmogelijkheid van het leven.
Het boek vraagt veel van de lezer en het is eigenlijk pas na twee derde, wanneer de verteller verandert gedurende enkele tientallen bladzijden, dat de puzzelstukken op hun plaats lijken te vallen, al is niets wat het lijkt in dit boek. En net zoals voor hoofdpersoon Keserü doemen ook voor de lezer onvermijdelijk de onvoorstelbaarheid van Auschwitz en de onmogelijkheid van het leven op.

De kracht van rechtvaardigheid - Jan Nolf


Ex-vrederechter en journalist Jan Nolf volgde ik al een tijdje op Twitter en zijn interessante opmerkingen n.a.v de actualiteit, gestoeld op grondige kennis van het recht, de rechtsbeginselen en justitie vind ik er meestal erg boeiend en interessant. En dus besloot ik het boek te lezen dat hij enkele jaren geleden schreef waarin hij justitie onder de loep neemt.
Hij zet zijn visie rond hoe justitie hoort te zijn in dit boek behoorlijk helder uiteen en stoffeert dit niet enkel met praktijkvoorbeelden (bekende voorbeelden die het nieuws haalden, afgewisseld met eigen praktijkervaringen vooral als vrederechter in Roeselare), maar ook met opinies van anderen die zich verdiepten in justitie of minstens een verlichte maatschappelijke visie uitdroegen. Het deel waarin hij dit doet in de vorm van brieven (3 om precies te zijn), is een literaire keuze die ik niet helemaal geslaagd vind, omdat ze teveel hangt tussen een brief gericht aan een specifiek persoon (maar die kent de inhoud van de brief al grotendeels) en een les recente justitiële geschiedenis. Het hoofdstuk daarentegen waarmee hij eindigt en de kracht van rechtvaardigheid (uit de titel) expliciteert, is erg to the point en ontmaskert de rechtse ridders als ridders van de apocalyps (naar die 4 figuren uit de bijbel, in brons vereeuwigd in zijn woonplaats Brugge). Haarscherp ontleedt hij de zogenaamde aanspraken op de verlichting van historicus (met een bepaald slecht en selectief geheugen voor de geschiedenis) Bart De Wever en zijn partij. Hoewel veel van de ideeën uit dit hoofdstuk nauw aansluiten bij mijn eigen "analyse" van NVA/VB, was het toch verhelderend om hier mij voorheen onbekende argumenten te vinden die mijn "buikgevoel" bevestigen. Als waarschuwing kan dit boek en zeker dat laatste hoofdstuk tellen! 

Wit - Bret Easton Ellis


De bedenkingen die Bret Easton Ellis, onder meer bekend van American psycho, hier neerschrijft zijn soms interessant, soms uitdagend, soms uitnodigend tot instemmend geknik maar ook (vooral in het deel over Twitter en Trump) toch wat al te positief gekleurd ten faveure van de (intussen voormalige) president. Maar "thought-provoking", zoals dat in het Engels zo mooi heet, zijn ze wel. Hij hekelt een (linkse) identiteitscultus die reduceert tot slachtofferschap, hij maakt een analyse van het verschil tussen het Imperium (toen de VS onbetwist de politieke, economische en misschien zelfs wel de morele leider van het westen was) en het post-Imperium, na 9/11. Hij doet dat zowel vanuit zijn eigen persoonlijke ervaringen (de verhaallijnen van het ontstaan van zijn bekendste boeken doorkruisen af en toe het betoog) als vanuit een toeschouwersblik. Waar hij echter meent dat hij zijn toeschouwerspositie hem (vrij uniek) in het centrum van de objectiviteit plaatst, vergist hij zich en mist hij misschien wel het besef dat ook zijn perspectief een subjectief gegeven is.
Je hoeft het in dit boek zeker niet eens te zijn met Bret Easton Ellis als zijn gedachten maar aanzetten tot kritische (zelf)reflectie. Af en toe maakt hij een terecht punt en zelfs als hij de bal misslaat, heeft hij in ieder geval getoond waar het om draait.

29 juli 2020

Gelezen (149)

De nieuwe zijderoutes. Het heden en de toekomst van de wereld - Peter Frankopan


Het voorafgaande boek over de zijderoutes van Peter Frankopan las ik jammer genoeg nog niet, ik denk dat het interessant kan zijn dat vooraf te lezen gezien de verwijzingen ernaar. Toch is dit boek ook goed op zichzelf te lezen. De auteur legt goed uit hoe vooral onder impuls van China een Nieuwe Zijderoute ontstaat, die zelfs (Centraal-)Azië overstijgt en eerder een visie is in een geglobaliseerde wereld dan een territoriaal gegeven. Hij laat zien hoe in Azië op een andere manier naar relaties tussen landen gekeken wordt en hoe het zwaartepunt in de geopolitieke verhoudingen daardoor verschuift (en al verschoven is) van het Westen (Europa en VS) naar Azië. Hij laat de mogelijkheden daarvan zien maar ook de valkuilen, de obstakels en de uitdagingen.
Wat doorheen het boek ook duidelijk wordt, is hoe het beleid van Trump doorgaans catastrofaal is. Dat mag geen nieuws heten, hier wordt de schaal ervan duidelijk en die is nog een pak erger dan ik altijd al dacht. Toch wijst de auteur er ook op dat Trumps houding ook voordelen voor de VS kan opleveren, maar vooral de wispelturigheid lijkt dat strategisch voordeel teniet te doen of te zullen doen.
Frankopan is zeker niet blind voor de slechte kanten van Chinees, Russisch,... beleid. Soms bekroop me zelfs het gevoel dat hij eerder blind of alleszins is voor hetzelfde wanneer het de VS betreft dan deze landen. Ja, er vallen zeker heel wat vraagtekens en opmerkingen te plaatsen bij het buitenlands beleid van China en Rusland (en ook hun binnenlands beleid overigens) en hun impact op de wereld, maar dat geldt en gold natuurlijk niet minder voor de VS zelf. Die worden hier naar mijn mening toch iets te makkelijk gespaard bij momenten.


Sunset Park - Paul Auster


Paul Auster vertel het verhaal van Miles Heller en nog enkele andere personages, die elk in aparte hoofdstukken hun kans krijgen je binnen te laten in hun leven. Die levens zijn danig overhoop gehaald door de kredietcrisis van 2008, wat tot veel uithuiszettingen leidt en tot een economische crisis die velen treft. Hoewel dat alles slechts decor lijkt, weet Auster de hardheid van zo'n crisis goed weer te geven als een zeer sterk bepalende achtergrond en we krijgen een beeld van een meedogenloos Amerika, brute politie (ja, toen ook al natuurlijk), onder spanning staande relaties en een ontbrekend sociaal beleid.

Het moois dat we delen - Ish Ait Hamou


Je zou Ish Ait Hamou kunnen verwijten dat hij een linkse naïeveling is die denkt dat liefde uiteindelijk haat overwint, maar dan heb je dit boek niet goed gelezen. Haat, daarbij verliest iedereen. En ja, er gebeuren mooie en hoopvolle dingen in dit boek en dat maakt het net zo hartverwarmend om te lezen, maar het is niet al rozengeur en maneschijn.
In heldere, eenvoudige en o zo vlotte taal beschrijft hij het verhaal van een jonge vrouw van Marokkaanse origine die betrokken is geraakt bij een vreselijke gebeurtenis en een oude man die door dezelfde gebeurtenis getekend is. Hun ontmoeting is de katalysator voor goede én slechte dingen die gebeuren. Maar nog interessanter is hun eigen verhaal, dat meer omspant dan de gebeurtenis en de gevolgen ervan.
Dit boek is ook heerlijk herkenbaar: je herkent de stad Brussel, je herkent een ploeg als RWDM, je herkent een "minister van Asiel en Migratie" zoals hij in het boek heet, het type dat scoort bij de achterban met een "harde" aanpak van moslims. Je herkent ons land, zoals het er nu voor staat. En Ish Ait Hamou maakt duidelijk dat zelfs een land dat in zulke woelige baren terechtgekomen is, uiteindelijk bestaat bij gratie van de inwoners en dat zijn mensen, met elk hun verhaal, maar ook met (om de titel te parafraseren) al het moois dat ze delen.


Moeders van anderen - Mirthe van Doornik


Mirthe van Doornik weet in dit boek heel goed te vatten wat alcoholisme doet met een vrouw van middelbare leeftijd en vooral met haar kinderen, die opgroeien in een onstabiele omgeving en zo veel te vroeg volwassen moeten worden. Het is een hartverscheurend verhaal in feite, dat toont hoe mensen verschillende met hetzelfde gegeven omgaan. En toch zijn beide kinderen, hoe verschillende ze er ook mee omgaan, allebei getekend... 

25 juni 2020

Sault


Ietwat toevallig las ik over de Britse groep Sault, die net een nieuwe plaat uit heeft. Untitled (Black is) heet net op het juiste moment te komen omdat ze thema's zou behandelen die erg actueel geworden zijn in deze Black Lives Matter-tijden en standbeelddiscussies. Mijn nieuwsgierigheid werd in ieder geval voldoende geprikkeld om het album (meermaals) te beluisteren.
Voorwaar, deze plaat valt muzikaal wat buiten mijn comfortzone, vallend binnen een genre dat ik al snel iets gelikt klinken vind. Hoewel, af en toe weet een artiest de meligheid voldoende te omzeilen om me toch te overtuigen. Daarin lijkt Sault hier op Solange, de zus van Beyoncé, waarvan ik hier eerder al het album A seat at the table besprak. Maar wat nog het meest opvalt, is dat de twintig songs op de plaat een gevoel van urgentie uitstralen (deels omdat sommige nog niet geheel uitgewerkt lijken en slechts heel kort duren) dat door de band op hun website wordt bevestigd in de mededeling rond de release. 
Wanneer een song tot volledige wasdom is gekomen, blijkt het steeds een zowel tekstueel als muzikaal relevant werkstuk, zoals Miracles dat vroege soulpop in het achtergrondkoortje oproept of het door Afrikaanse ritmes aangedreven Bow met een mooie gastrol voor Michael Kiwanuka. Alleen al uit de titels van Sorry ain't enough (met echo's van Destiny's Child), Stop dem (dat muzikaal gezien van Jay-Z had kunnen zijn) en Why we cry why we die (soulvol en net dat tikkeltje sneller dan je gewoon bent en zou verwachten) blijkt heel goed welke motivatie ten grondslag lag voor het maken van deze plaat.
Hard life is een mengeling van Snap! en Bob Marley, Black kronkelt zich een weg naar je oor als een worm (pun intended) met als lyrics enkel "I'm black" en Eternal life klinkt als een vroege ballad van Michael Jackson
De Britten weten met deze plaat niet enkel de tijdsgeest perfect te vatten, ze bedienen zich ook nog eens van een muzikaal palet zo gevarieerd en zo geworteld in de Amerikaanse zwarte muziek dat we hier bijna van een meesterwerk durven te spreken.  

Je kan deze plaat hier kopen via hun Bandcamp-pagina en alvast hieronder beluisteren:

18 juni 2020

Run The Jewels


Wellicht waren in mijn enthousiasme mijn verwachtingen zo hoog gespannen dat het zelfs voor Run The Jewels, ontegensprekelijk één van de sterktste hiphopgroepen van de voorbije jaren, moeilijk werd om daar aan te voldoen. De vervroegde release van hun vierde album, alweer toepasselijk genoemd (RTJ4), naar aanleiding van de protesten tegen het politiegeweld in de VS tegen zwarten, had in mij een beeld opgeroepen dat dit de ultieme protestplaat zou worden tegen alles wat in dat land, hun thuisland, misloopt: (politie)geweld tegen zwarten, Trump, een steeds verder groeiende kloof in de samenleving,... Dit zou -zo beeldde ik me in- de ultieme tijdsgeestvattende plaat worden die 2020 zou bepalen door de vinger op de stinkende, etterende, open wonde te leggen en erin te peuteren om alle vuil naar boven te krijgen.
Dat is het niet helemaal geworden en waarschijnlijk had ik mijn eigen wensen geprojecteerd op deze talentvolle hiphoppers. Toch is het zeker en vast één van de sterkste platen die ik dit jaar al hoorde en militantere hiphop zal je zo gauw niet horen. Je zou Run The Jewels, ook basis van eerdere platen, de Public Enemy van de 21e eeuw kunnen noemen. Het inspelen op de actualiteit gebeurt overigens ook, zelfs zeer expliciet in Walking in the snow, waarin de intussen overbekende "I can't breathe" letterlijk in de mond genomen wordt om het politiegeweld maar ook de onverschilligheid van vele (blanke) Amerikanen daaromtrent op de hak wordt genomen. Het is niet de enige keer dat ze zich uitspreken over de VS: in Ju$t doen ze dat samen met Pharrell Williams en Zack De la Rocha (van Rage Against The Machine ; al eerder op Run The Jewels 2 te horen in het geweldige Close your eyes (and count to fuck) en werkelijk alle thema's passeren de revue. 
Soms hoeven de songs niet eens over maatschappelijke onderwerpen te gaan om te boeien. De al eerder uitgebrachte single Ooh la la (met Greg Nice van het duo Nice and Smooth en DJ Premier van Gang Starr) is onweerstaanbaar. Wat samenwerkingen betreft, mogen we zeker ook niet voorbijgaan aan het tegenover het kapitalisme erg kritische Pulling the pin, met Mavis Staples en Josh Homme (Queens Of The Stone Age).
De raps van Killer Mike mogen dan al vaak bijzonder kwaad klinken, de muziek die El-P erbij aanlevert, versterkt de eerder al vermelde militante sfeer die over hun platen, en zeker over deze, hangt. Luister maar eens naar de spanning die opgebouwd wordt in Never look back of de bijna old school breakbeats in Out of sight
Laat u dus niet misleiden door mijn inleiding en mijn aanvankelijke teleurstelling want dit is ongetwijfeld nog steeds één van de belangrijkste platen die je dit jaar zal horen. En informeer je zeker ook verder over de aangebrachte thema's. We mogen immers niet blind zijn voor de invloed op onze eigen samenleving en de parallellen die te trekken zijn.

Beluister hieronder het volledige album:

03 juni 2020

Aankondiging: nieuw album Run The Jewels


Twee dagen vroeger dan gepland is er de release van RTJ4 van Run The Jewels. De recente gebeurtenissen in de VS hebben die versneld, zo lezen we op hun Instagram-account. In de song Walking in the snow verwijzen ze zelfs letterlijk naar de moord op George Floyd door een blanke politie-agent. Op de plaat hoor je ook bijdragen van  onder meer Zack De La Rocha (van Rage Against The Machine), Mavis Staples, Josh Homme (van Queens Of The Stone Age) en Pharrell Williams.
Via een link in hun bio kan je de plaat gratis downloaden. Ze vragen je wel (vrijblijvend) om een donatie te doen voor Mass Defence Program, een programma dat de National Lawyers Guild lopen heeft om politieke activisten, protesteerders en bewegingen gericht op sociale verandering, juridische bijstand te verlenen. Ik adviseer hier graag om te doneren want zulke bijstand is broodnodig in een polariserende VS waar de president zich zeer autoritair gedraagt. 
Binnenkort mag u trouwens een review van het album verwachten op deze blog.
Ik maak overigens van de gelegenheid gebruik om deze video te delen waarin Killer Mike, de helft van het hiphopduo, op het moment dat Trump verder polariseerde en door zijn speech de gemoederen nog meer deed oplaaien, in Atlanta een emotionele, sterke speech geeft die net kalmerend wil zijn:



(op het moment dat ik dit schrijf, is de website van het duo niet bereikbaar, hopelijk raakt dat snel opgelost, maar je kan dus via Instagram de informatie terugvinden)

29 maart 2020

In memoriam: Krzysztof Penderecki


Wie mij kent of volgt op Facebook, kent het verhaal al van mijn kennismaking met de Poolse componist Penderecki. Nadat Thom Yorke hem in een interview naar aanleiding van Kid A noemde als inspiratiebron, was ik erg benieuwd naar diens werk en ik vond in een Brusselse tweedehandsplatenwinkel enkele platen van Penderecki, waaronder Dies irae (Auschwitz oratorium). Ik kocht de platen en was helemaal verkocht en verknocht. 
Deze voormiddag las ik dat hij overleden is. Binnen mijn heel brede collectie muziek, vele genres omvattend, zaten tot voor kort slechts drie klassieke componisten: Carl Orff (diens Carmina burana beluisterden en vertaalden we in de lessen Latijn), Arvo Pärt en Penderecki. Niet toevallig is dit ook de chronologische volgorde waarin ik hen leerde kennen.
Net als bij Pärt, is het subtiel gebruik van zacht gespeelde muziek, die hij soms tegenover een vol geluid zet en zo de tegenstelling nog versterkt, vooral datgene wat mij zo raakt in zijn muziek. Of het nu muziek is ter gelegenheid van gebeurtenissen of zijn missen, de kracht ervan ligt ook nét in de zachtheid. Dat hoor je ook terug in de filmmuziek die hij maakte.
Beter dan ik het kan uitleggen, luister je best naar zijn muziek en laat je je overwelmen. Hieronder kan je alvast een afspeellijst beluisteren die je op weg kan helpen:

07 maart 2020

Gelezen (140): dystopie


1984 - George Orwell
Brave new world - Aldous Huxley

Vorig jaar leerde mijn dochter in de lessen Nederlands over de utopische en de dystopische roman. We hadden een gesprek na het eten daarover. Voorbeelden van utopische romans vinden, bleek niet zo eenvoudig (Walden van Thoreau is er één), dystopische romans en bij uitbreiding dystopische verhalen bleken heel wat populairder en frequenter. Van bovenstaande twee boeken tot The hunger games, de Divergent-reeks tot The handmaid's tale: verhalen van maatschappijen die zo ingericht worden dat ze een status quo (veelal van macht) opleveren en die schrikbarende gevolgen hebben, zijn immens populair en spreken ons duidelijk aan.
Ik herlas nog eens de klassiekers onder de dystopische romans die in mijn middelbareschooltijd op zowat elke leeslijst Engels stonden. 1984 van George Orwell wordt in deze tijden van massa-surveillance en metadata om de haverklap vernoemd, Brave new world van Aldous Huxley leefde in mijn herinnering als het complementaire boek over een maatschappij die gestuurd wordt. En er zijn wel degelijk grote verschillen tussen beide boeken, waardoor de toekomstbeelden die erin geschetst worden (al zijn we natuurlijk al ver voorbij 1984 maar toen ging het over de toekomst) heel anders zijn maar in zekere zin ook wel complementair. 

Maar laten we eerst even deze romans op zich bekijken. 1984 wordt gekenmerkt door een verhaal dat gesitueerd wordt in een dictatoriale wereld, waarin terreur geïnstitutionaliseerd , zowel op grote (steeds oorlog) als kleine (de constante dreiging van de Denkpolitie) schaal. Het is een in hoge mate geïndustrialiseerde wereld die doet denken aan Modern times van Charlie Chaplin of Metropolis van Fritz Lang. Bovendien is een strakke hiërarchisering doorgevoerd die onveranderlijk is (of moet zijn). De massa (de "proles") doet er amper toe en daarom houden de machthebbers zich amper bezig met hen, ontdaan als ze zijn van alle middelen die hen tot opstand zouden kunnen brengen. Het zijn de hogere klassen (Kernpartij en Randpartij) die het voorwerp zijn van een verregaande surveillance (met teleschermen die iedereen constant bespioneren) en wiens gedachten men wil controleren.  Het hoofdpersonage is net die uitzonderlijke (maar hij niet enige) mens die als een Socrates de vragen stelt die de mogelijkheid van een andere wereld scheppen. Niet verrassend is het verlangen naar verandering het verlangen naar een terugkeer naar vroegere tijden, ondanks alle "ongemakken" die daarbij hoorden.
Ook in Brave new world vormen een strikt klassensysteem en een nog verder doorgevoerde industrialisatie en machinisatie van zowat alle processen de basis voor een stabiliteit en status quo die onveranderlijk gemaakt wordt. In tegenstelling echter met George Orwell kiest Huxley ervoor om een wereld te tonen waarin mensen nét gelukkig gehouden worden, waarin negatieve gevoelens uitgeband worden en waarin de stabiliteit verkregen wordt doordat niemand reden tot klagen heeft. Nu ja, niemand: het hoofdpersonage is net als in 1984 één van de eenlingen die kritisch is ten aanzien van deze status quo en die verlangt naar verandering. Ingrepen in de voortplanting en verregaande conditionering kunnen niet verhinderen dat er mensen opstaan (zoals Bernard Max in dit boek) die verlangen naar een verleden dat nét niet nostalgisch zoeter gemaakt wordt dan het was, maar het is net een verlangen naar bijhorend lijden vanuit de overtuiging dat lijden iets oplevert dat de "ideale" wereld niet kan opleveren. Omdat Huxley via "world controller" Mustapha Mond een antwoord formuleert op dat verlangen, beargumenteert waarom het geschapen ideaal de beste keuze is (ondanks de inherente gebreken), is het ook minder duidelijk of de auteur zelf nu een utopie dan wel dystopie beschrijft. De wereld is dystopisch vanuit het perspectief van Bernard Max en "de wilde", John, maar utopisch vanuit het perspectief van Mustapha Mond en wellicht ook dat van de meeste mensen die erin leven. Het verschil met 1984 is dat, hoewel de meerderheid ook daar enthousiast meedoet en "kiest" voor de status quo, bij Huxley die meerderheid dat op een bewuster niveau lijkt te doen (al is er bij beide natuurlijk sprake van gedachten en gevoelens die niet op een vrije manier verworven zijn). Kort gezegd, in Brave new world lijkt iedereen tenminste écht gelukkig en staat de echtheid ter discussie. In 1984 is het leven in feite voor niemand (tenzij misschien de leden van de Kernpartij) een pretje.
Eén van de redenen waarom de laatste tijd 1984 zo vaak aangehaald (hoewel vaak verkeerdelijk, zoals ik bij herlezing besefte) wordt, is dat Orwell methoden beschrijft waarmee de status quo gehandhaafd wordt die heel herkenbaar zijn. Naast uiteraard de massa-surveillance is er bijvoorbeeld ook het (voortdurend) herschrijven van de geschiedenis met als gevolg dat niemand nog enig historisch besef lijkt over te houden. Hoe herkenbaar is dit voor wie kritisch kijkt naar wat machthebbers over de tijd (soms over slechts maanden of zelfs weken) aan tegenstrijdige meningen en standpunten uitkramen zonder dat daar nog een kritische houding tegenover aangenomen wordt die verleden (vorige uitspraak) en heden (huidige uitspraak) met elkaar vergelijkt. Winston Smith is de uitzondering wanneer hij de herinnering vasthoudt dat zijn land Oceanië, nu in oorlog met Eurazië en bondgenoot van Oostazië, voordien net met die beide landen in de omgekeerde relatie verkeerde. Het is zoals bij ons een meerderheid lijkt te vergeten dat de N-VA rond verkiezingstijd overal een veto tegen de PS uitbazuinde en tegenwoordig nét de PS verwijt dat zij, ondanks de eigen goede wil om samen te regeren, mordicus tegen een coalitie met de N-VA te zijn. Het verleden wordt in beide gevallen als een onveranderlijk gegeven voorgesteld om de tegenstrijdigheden te verdoezelen die de machinaties van de machthebbers zouden blootleggen. Voor mij is nét deze voortdurende geschiedvervalsing het meest essentiële en tevens meest herkenbare element in het boek.
Ook de Nieuwspraak, die woorden ontdoet van (ongewenste) betekenissen, is herkenbaar, niet in het minst in het gebruik van afkortingen als Engsoc die evenveel betekenen als de afkortingen die bijvoorbeeld in mijn eigen professionele sector gebruikt worden: ADHD, ASS, OCD,... worden inhoudloze containerbegrippen zoals in de managementterminologie ook ASAP, SMART,... algauw ontdaan geraakt zijn van werkelijke betekenisoverdracht.

Beide boeken houden ons ook vandaag nog een spiegel voor: zijn we bereid voor het gewin van stabiliteit de controle over onze maatschappij uit handen te geven? In 1984 gebeurt dat aan een naamloze machthebber (Grote Broer bestaat natuurlijk niet fysiek) die met terreur, het voortdurend gevoel dat je kàn gezien en gehoord worden, en bij voorkeur zelfs controle over de gedachten iedereen in het geraal houdt. In Brave new world lijken de methodes alvast heel wat humaner: door ingrijpen in genetica en ontwikkeling wordt een maatschappij gemààkt die door haar ingenieuze samenstelling de balans inhoudt die de stabiliteit moet verzekeren. Ja, hier is iedereen tevreden (desnoods met behulp van wat "soma") en daardoor is het verlangen naar verandering gedoofd, bij Orwell is het net angst die mensen ervan weerhoudt naar verandering te hunkeren.

21 februari 2020

Gelezen (139)

Over geweld - Hannah Arendt


De filosofe Hannah Arendt schreef deze tekst niet zo lang na de studentenrevolutie van 1968 en hoewel dat sommige voorbeelden misschien wat gedateerd maakt, blijven de inzichten in dit boek over geweld (en de verhouding tot macht, voornamelijk) ook vandaag interessant. Alleen: zo'n filosofisch boek lezen is altijd ook wat worstelen met de veelheid aan concepten en ideeën, die tijd nodig hebben om ze te laten bezinken.
Ik vroeg me ook af hoe ze naar sommige ontwikkelingen van de laatste decennia zou kijken vanuit die bril van macht en geweld...
 


Niets in zicht - Jens Rehn


Jens Rehn heeft een mooi (anti-)oorlogsboek geschreven en vermeldt daarin amper oorlogsgevechten. Toch beklijft het verhaal van twee drenkelingen in een rubberboot op de Atlantische Oceaan, één Amerikaan en één Duitser, net door de afstandelijkheid waarmee de personages benaderd worden en de vaagheid van de context. Daardoor komt de focus te liggen op de universele strijd om te (over)leven en op de gedachten van de hoofdpersonages. Gekweld door dorst (naast andere ontberingen) en voor één van hen zelfs een schotwond waardoor hij een arm kwijt is, drijven de twee op het water zonder veel hoop op redding, want hoe vaak en hoe intens ze ook turen, steeds is het "niets in zicht". De auteur slaagt erin om in dit prachtig boek zeer scherp existentiële thema's aan te raken zonder gruwel expliciet te maken, maar tussen alle regels door lees je hoe het bestaan zelf zich van zijn hardste kant laat zien.

Naziliteratuur in de Amerika's - Roberto Bolaño


Roberto Bolaño beoefent hier een wel heel bijzondere vorm van romanschrijfkunst, door zijn boek op te vatten als een verzameling biografieën van Amerikaanse rechtse auteurs (dichters, romanschrijvers,...) die allemaal gemeen hebben dat ze nooit echt bestaan hebben en ontsproten zijn aan zijn fantasie. De personages staan soms in onderling verband, soms niet, ontmoeten soms reële historische figuren en situeren zich zowel in Zuid-Amerika, Midden-Amerika en de Caraïben en zelfs de VS. De schrijver weet hun levensverhalen op een vlotte, aangenaam leesbare manier te brengen en je vergeet haast dat deze mensen nooit echt bestaan hebben en hun werken evenzeer verzonnen zijn.

Over normaliteit en andere afwijkingen - Paul Verhaeghe


Wie bekend is met het werk van Paul Verhaeghe (of zelfs, zoals ik, ooit les van hem kreeg) zal in dit beknopte boek wellicht weinig nieuws vinden. Toch is het een interessante en vlotte (en niet al te uitgebreide) inleiding tot het denken van de maatschappijkritische psychoanalyticus.
Het opzet van het boek is overigens wel zeer interessant. De uitgevers van deze reeks (Nieuw licht) vragen een auteur om een belangrijk werk uit b.v. de filosofie te herlezen en te becommentariëren vanuit de huidige tijd. Zo trekt Verhaeghe hier aan de slag met de "Geschiedenis van de waanzin" van Michel Foucault en toetst hoe relevant dat boek nog is voor deze tijden en welke ideeën van toen te herkennen zijn in wat zich tegenwoordig rondom ons afspeelt.


Oostwaarts. Reizen door de Balkan, het Midden-Oosten en de Kaukasus - Robert D. Kaplan


Net als Balkan ghosts, waar dit boek in zekere zin een vervolg op is, combineert Robert D. Kaplan reisverhaal en politieke analyse in een boeiend relaas waarin zijn journalistieke contacten hem helpen vanuit de geschiedenis van de bezochte landen hun huidige status en mogelijke toekomst te begrijpen. Al is de analyse intussen ook alweer zo'n twintig jaar oud, ze blijft verhelderend, want Kaplan bezoekt niet alleen enkele Balkanlanden opnieuw maar reist verder naar het Midden-Oosten (Turkije, Syrië, Libanon, Jordanië en Israël) en de Centraal-Aziatische landen van de Kaukasus (Georgië, Armenië, Azerbeidjan en Turkmenistan). Zijn voorspellingen zijn zeker interessant maar doordat die landen zo weinig in onze berichtgeving voorkomen, zou het wat opzoekwerk vergen om te checken wat er intussen (al) van uitgekomen is...

25 januari 2020

Goed gedaan, Vlaamse regering! (Of toch niet?)


Zoals hier te lezen viel op vrt.nws, heeft Wouter Beke, onze nieuwe minister van welzijn, door verschuiving van middelen extra geld kunnen vrijmaken om mensen met een beperking die wachten op zorg, te helpen. Mooi, en goed gedaan, Wouter! Iedereen blij...
Of toch niet? Want laten we dit allemaal eens wat kritischer bekijken. Nog los van het feit dat het daar op het kabinet van Beke een rommeltje moet zijn waarbij hij om de haverklap nieuwe middelen vindt zonder dat er extra geld is (blijkens zijn communicatie van de laatste weken), is de maatstaf waaraan we deze aankondiging misschien best afwegen de plannen, doelstellingen en ambities van de opeenvolgende regeringen (waar zijn partij CD&V altijd deel van uitmaakte) inzake het helpen van mensen met een beperking.
Tien jaar geleden formuleerde Jo Vandeurzen, toenmalig minister en partijgenoot van Beke, immers zijn conceptnota "Perpectief 2020: nieuw ondersteuningsbeleid voor personen met een handicap" (het hele document vind je als je doorklikt). Het werd de basis van alle hervormingen het afgelopen decennium in de sector en ik kan u, in de praktijk werkende, zeggen dat die ingrijpend waren. Alles wat u tegenwoordig hoort over zorgregie, de wachtlijst (één centrale i.p.v. per instelling), persoonsvolgende financiering vermaatschappelijking van de zorg,... is toen allemaal geconcipieerd. 
Kort gezegd komt het erop neer dat Perspectief 2020 (zoals het algauw ging heten) twee doelstellingen nastreefde, tegen 2020, om zo onder meer tegemoet te komen aan het VN-verdrag over de rechten van personen met een handicap. Die twee doelstellingen waren:



Aandachtige lezers merken meteen dat de Vlaamse regering er zich voor hoedde tot zeer concrete verbintenissen over te gaan, je zou deze doelstellingen eerder streefdoelen kunnen noemen dan "targets" (managertaal werd ook in de sociale sector plots hip want we moesten allemaal sociaal ondernemerschap omarmen) waarop je de directie (de regering) achteraf kan afrekenen.
Het idee achter die doelstellingen, uitgaande van vaststellingen in een veranderende maatschappij en internationale tendenzen, is zeker mooi. Personen met een handicap die het meest zorg nodig hebben, moeten (eerst) geholpen worden en die hulp moet vertrekken vanuit wat ze nodig hebben, niet vanuit het aanbod dat al bestond. M.a.w. gedaan met steeds maar weer dezelfde mensen met een complexe zorgvraag die nergens geholpen geraken omdat er voorrang verleend wordt aan "haalbaarder" problematieken en en gedaan met dat mensen met een handicap een pakketje hulp krijgen ongeacht of ze alles daaruit nodig hebben of niet. Voorwaar mooie doelstellingen zijn dat en er was, naast zoals overal enige weerstand tegen verandering (vooral omdat die nogal plots en onvoorbereid kwam), ook in de sector wel enthousiasme voor de ideeën. En de minister meende eindelijk het recept gevonden te hebben om van die verdomde lange wachtlijsten waar elke minister voor hem over struikelde, af te geraken. 
Hoe zag de praktijk er uit de voorbije jaren? Nou, het zou me veel te ver voeren om elk aspect daarvan te belichten en elk nieuw probleem dat opdook (van het verdwijnen van balans in het opnamebeleid van voorzieningen, want ze mochten niet meer zelf kiezen wie ze opnamen, tot haperende doch verplichte netwerktoepassingen die de overheid oplegde), maar sommige, in het kader van die doelstellingen belangrijke, wil ik wel voor de aandacht brengen.
De overheid streeft er dus (en Beke nu evenzeer) om de mensen met de hoogste noden alvast de garantie te bieden op zorg (en die moet dan ook nog op maat zijn). Maar hoe definieer je "de hoogste nood"? Je kan daar ronkende zinnen voor gebruiken zoals Vandeurzen deed in zijn nota of je kan kijken naar de praktijk. Die hoogste noden krijgen allemaal prioriteit 1. Mooi, duidelijk te onderscheiden van mensen met minder hoge prioriteiten. Nu ja, die andere prioriteiten zijn 2 (iedereen die niet 1 is maar toch NU geholpen wil worden) en 3 (toekomstige zorgvragen). Veel differentatie laat dat nu ook weer niet toe. 
Wanneer krijg je de hoogste prioriteit? Wel, er zijn 3 redenen:
- je krijg al zorg maar door verhuis van je familie, partner,... of wat voor reden ook zou je diezelfde zorg ELDERS willen krijgen
- je krijgt zorg maar om één of andere reden heb je nu niet zoveel zorg meer nodig dus je wil een lagere zorgcategorie maar wel liefst aansluitend natuurlijk
- je dient een dossier in om uit te leggen waarom je echt wel niet langer kan wachten op zorg
Die eerste twee redenen geven niet zo veel problemen in de praktijk, althans, niet meer dan vroeger. De derde reden is ietwat tricky. Ten eerste is er nogal wat administratie en papierwerk dat moet ingevuld worden om te bewijzen dat je dus écht niet meer kan wachten en dat je dus écht nog steeds die handicap hebt waarvoor het VAPH (Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap) je al erkent. Dat dossier wordt beoordeeld en de overheid doet dat zeer streng en strikt. Mensen waarvan iedereen met gezond verstand en met kennis van zaken van de dagelijkse realiteit beseft dat ze nu toch echt wel zeer dringen hulp en ondersteuning nodig hebben, blijken geen "voldoende dringende" reden te hebben, bijvoorbeeld omdat hun ouders nog leven (en die kunnen toch voor hen zorgen?). Het is zelfs zo absurd dat zelfs een slechte, ongelooflijk destructieve relatie tussen ouder en kind, die het kind dus eerder kapotmaakt dan helpt, voor het VAPH een reden is om jou niet de hoogste prioriteit toe te kennen.
Stel dat je toch het geluk hebt dat je die hoogste prioriteit toegekend krijgt, is de lijdensweg nog niet voorbij, want je bent niet de enige. Daar zijn immers momenteel zo'n 6.000 van die wachten op een budget voor zorg. In totaal staan trouwens zo'n kleine 16.000 mensen op de wachtlijst om een budget of een budgetverhoging (wegens gegroeide zorgbehoefte) te krijgen, blijkens de cijfers uit het nieuwsartikel.
Probleem is ook dat de overheid ervan uitgaat dat alles wat je krijgt, beter is dan niets (en meteen ook reden om je prioriteit daarna te verlagen van 1 naar 2, want je krijg al "hulp", zelfs al is die niet toereikend). Maar de praktijk toont duidelijk dat vroeg én voldoende ingrijpen juist factoren zijn die een betere prognose geven én die voorkomen dat je later méér hulp nodig hebt dan je oorspronkelijk nodig zou gehad hebben. Net zoals degenen die langst wachten al iets geven ten koste van mensen met nieuwe zorgvragen, eerlijk LIJKT maar het geweldige nadeel heeft dat mensen pas hulp krijgen als de problemen al dermate geëscaleerd zijn dat ze méér en intensievere hulp nodig hebben dan oorspronkelijk nodig zou geweest zijn (en dus ook duurdere hulp!).
En wat met de doelstelling van vraaggestuurde zorg i.p.v. aanbodgestuurde zorg? Wel, dat is in de praktijk een pak moeilijker dan op papier. Want organisaties (instellingen, diensten,...) moeten met hun personeel binnen een kader van arbeidswetgeving wel die hulp georganiseerd krijgen en er waren ook al veel mensen die al hulp kregen die je hen ook niet zomaar kan afnemen om op een bepaald moment van nul te herbeginnen. Dus, net als in andere sectoren overigens, is de praktijk een verschuiving naar méér vraaggestuurd maar ook nog steeds sterk aanbogestuurd, want je kan maar krijgen wat voorhanden is. Dat is voor ons trouwens ook zo in de supermarkt: ik kan wel een kerststol WILLEN in jullie en de supermarkt zou me misschien graag helpen om mijn vraag te beantwoorden (uiteindelijk is verkopen wat ik wil hun businessmodel) maar als er geen zijn, zijn er geen, hoe hard ik dat ook wil...
En zijn de wachtlijsten nu verminderd? Dat was achterliggend misschien nog wel de grootste motivatie om al die veranderingen door te voeren. Wel, volgens het nieuwsartikel stijgt het aantal wachtenden nog steeds (van 15.583 nu tot vermoedelijk 24.900 in 2024, over VIER jaar dus al) en zelfs de groep met de meest dringende noden zou stijgen van 1.500 nu tot 4.000 dan.
Het is goed dat de regering tien jaar geleden doelstellingen en een plan had (zelfs al waren beide verre van perfect), maar mogen we dan nu alstublieft verwachten dat de minister i.p.v. wat maatregelen in de marge eens echte beleidsmaatregelen zou nemen vertrekkende vanuit een visie die realistisch de gigantische problemen van de sector aanpakt?
Want we hebben het hier nog niet gehad over personeelsomkadering (gemiddeld zo'n 80 % van de voorziene personeelsomkadering in de jaren zeventig toen de mix van problemen tenminste nog enige balans had doordat voorzieningen zelf een evenwichtig opnamebeleid konden voeren), het gigantische wantrouwen tegenover de hulpverlening (hulpverleningsinstanties die een persoon al zijn hele leven helpen en dus samen met zijn familie beter dan wie ook weten, vanuit profiessionele deskundigheid, wat iemand nodig heeft in de toekomst, mogen officeel geen "betrokkenen" zijn bij het indienen van het dossier met vraagverheldering en budgetaanvraag), de vermaatschappelijking van de zorg binnen een inclusieve maatschappij (ik weet niet of u het al opviel, maar deze overheid is helemaal niet zo inclusief als ze van ons verwachten: vreemdelingen, Walen, werklozen, langdurig zieken, linksen, culturo's,... zijn niet welkom want profiteurs dus het laat zich raden wat ze sommige politici écht vinden van mensen met een handicap die weinig "bijdragen aan de maatschappij"),...

28 november 2019

Gelezen (132)

Gestameld liedboek: moedergetijden - Erwin Mortier



Erwin Mortier schrijft over zijn dementerende moeder in een boek dat heel sterk doet denken aan Sprakeloos van Tom Lanoye, maar waar dat laatste vooral erg prozaïsch-verhalend is, leest dit meer als een poëtisch werk, ondanks de verhalen die verteld worden. Mortier zoekt woorden en zinnen die je in gedichten verwacht, meer dan in een prozawerk. De toon is daarmee anders, maar het onderwerp weet evenzeer aan te grijpen.


Woeste Hoogten - Emily Brontë



Deze klassieker van Emily Brontë leerde ik kennen tijdens de lessen Engels in het middelbaar maar moest ik nooit volledig lezen. Ik heb een editie in het Engels waar ik ooit, enkele jaren geleden, aan begon, maar het dialect was onbegrijpelijk voor mij (vooral één personage spreekt dialect, het meeste in het boek is gewoon mooi standaardengels). Nu las ik het (eindelijk) dan maar in het Nederlands en naast betoverd heeft het boek me ook verrast, want ik had een ander beeld van waarover het verhaal ging. De kracht van dit boek ligt vooral in de doorgedreven kwaadaardigheid in hoofdpersonage Heathcliff en hoe die nietsontziend beschreven wordt. De wraakzucht waardoor hij gedreven wordt, ontziet niemand en ook zichzelf niet en mag dan geboren zijn uit liefde en passie, ze verteert alles, zelfs die passie en liefde. Zelden las ik hoe imposant dat kan zijn. Het boek hanteert ook een mooie verhaal-in-het-verhaalstructuur die dat alles nog aan kracht doet winnen en waardoor een afstand tot de personages en gebeurtenissen ontstaat voor de lezer, die echter niet meer bezadiging brengt, maar des te duidelijker het ingrijpende karakter van motieven en gevoelens maakt waardoor ze nog versterkt worden.
Dit boek is dan ook een aanrader die weliswaar enige moeite vraagt (je leest er niet vlotjes doorheen en het aantal pagina's vraagt ook wat moeite) maar die meer dan waard blijkt.



Onuitwisbaar. Mijn verhaal - Edward Snowden



Klokkenluider Edward Snowden vertelt zijn verhaal in deze autobiografie die inzicht verschaft in de manier waarop de NSA (en de Amerikaanse overheid, maar die is daar lang niet alleen in) aan massasurveillance doet en onze privacy in onvoorstelbare mate schendt. Het boek is een serieuze waarschuwing dat àls het kan, het ook zal gebeuren, vroeg of laat en dus moeten we heel erg beducht zijn voor pogingen van ook onze Belgische regering om data te verzamelen. Vooral de combinatie met een steeds (extreem-)rechterse regering baart me zorgen, omdat net deze mensen geen gewetensproblemen hebben met het misbruik van alle verzamelde informatie. Doe maar eens de denkoefening: stel dat de nazi's over de technologie van de NSA hadden beschikt...
Een recent nieuwsbericht over de stad Kortrijk die metadata analyseerde in functie van haar toerismebeleid (tenminste, dat deel maakten ze publiek bekend, maar geen mens weet wat ze er meer mee doen), maakt me des te kwader nu ik dit boek las, omdat Kortrijk hiermee duidelijk een grens overschreed waarvan Snowden en alle gelijkgezinden gehoopt hadden dat we die terug konden opeisen.


The noise of time - Julian Barnes


Hoewel ik Shostakovitch enkel van naam en faam ken en zijn muziek me eigenlijk onbekend is (ik luister niet vaak klassiek), wist dit boek van Julian Barnes me enorm te intrigeren. Dat komt wellicht omdat de auteur erin slaagt doorheen het biografisch verhaal zoveel universele waarheden te vertellen over liefde, muziek, dictatuur, macht, onderdrukking, moed en lafheid en het leven zelf, dat Barnes' onderwerp ondergeschikt raakt aan de thema's die hij aanhaalt en met veel precisie en met prachtige woorden aanraakt. Ik zocht (op Wikipedia) wat gegevens op over het leven van de componist Barnes gebruikt inderdaad de feiten zoals ze bekend zijn, uitgebreider dan ze op Wikipedia terug te vinden zijn.
Dit boek is bijzonder helder, verhelderend, prikkelend en wellicht het beste dat ik ooit al las van deze Engelse auteur.

22 november 2019

Gelezen (131)

Life of Pi - Yann Martel

Het wonderlijke verhaal van Pi Patel en zijn overlevingstocht in een reddingsboot, samen met een Bengaalse tijger, is verfilmd (die film zag ik nog niet) en ik begrijp heel goed waarom het verhaal zo aanspreekt. Yann Martel vertelt hier immers een saga van ongelooflijk doorzettingsvermogen, afwisselende hoop en wanhoop, onverwachte avonturen en een ongelooflijk uitgangspunt dat het boek je gekluisterd houdt aan de bladzijden. Dat ik dit boek geen vijf sterren geef, is omdat sommige stukken naar mijn gevoel iets te lang uitgesponnen worden. En nu toch maar eens die film zien...

Ze hebben mijn vader vermoord - Édouard Louis


Net zoals Didier Eribon in Terug naar Reims exploreert Édouard Louis de context van het arbeidersgezin, een arm milieu dat hij "ontstegen" is, materieel maar waar hij zich politiek nog steeds erg mee verbonden voelt. Hij grijpt minder terug naar filosofen, maar soms wel naar andere schrijvers (zoals de recente Nobelprijswinnaar Peter Handke) en vertelt het verhaal eerst veel anecdotischer waarna in het laatste deel de namen noemt van politici die verantwoordelijk zijn voor beslissingen die mensen in armoede naar de dood drijven. Hij beschuldigt hen in de meest duidelijke bewoordingen: Chirac, Sarkozy, Macron,...

Een mens van goede wil - Gerard Walschap


Thijs Glorieus is een jongen die al van kindsbeen één groot gebrek kent: hij kan niet tegen onrecht. Zijn (hopeloos naïef) verlangen om voor iedereen goed te doen en de wereld rechtvaardig te maken, bezorgt hem in dit boek van Gerard Walschap menig probleem.
Het boek heeft een liefdesgeschiedenis, een moordverhaal, een boerenroman en een levensverhaal in zich en die ambitie is misschien te zwaar, want voor mij voelt het soms toch als te geforceerd hoe het verhaal zich ontwikkelt. Niet dat dit geen aangenaam boek is om te lezen, maar mijn eerste kennismaking met het werk van Walschap is niet van die aard dat ik nu meteen naar de bib spurt om meer.


Wieren - Miek Zwamborn


Miek Zwamborn vertelt over die eigenaardige levensvormen die wieren zijn, niet enkel vanuit een biologisch standpunt, maar ook culinair, cultuurhistorisch,... In het laatste deel worden enkele soorten wat nader voorgesteld. Dit boek bevat ook heel mooie illustraties en is best wel onderhoudend. Het betreft (uiteraard) non-fictie, maar toch mooi geschreven.

15 november 2019

Gelezen (130)

Afscheid van de wapenen - Ernest Hemingway



Ernest Hemingway situeert dit verhaal, dat naar het schijnt deels gebaseerd is op zijn eigen ervaringen, in Italië tijdens de Eerste Wereldoorlog. Hoofdpersonage Federico Henry is een Amerikaan die vrijwillig als officier dient in het Italiaanse leger. Dit is volgens mij een bijzonder interessant personage, een personage waarvan ik soms ook graag wat meer zou willen hebben: hij zegt niet al te veel maar hij kiest vaak de rake, onverbloemde woorden die hij toch met zorg voor de anderen uitspreekt. Federico wordt verliefd op een Engelse verpleegster, Catherine, en nadat hij gewond is geraakt en na zijn genezing deelneemt aan gevechten die uiteindelijk een terugtrekking van de Italianen inleidt, heeft hij genoeg van de oorlog en vlucht met Catherine naar Zwitserland, omdat in Italië de sfeer helemaal is omgeslagen en iedereen de schuld voor de terugtrekking, die als smadelijk wordt ervaren, bij de officieren legt.
Dit boek is naast een mooi verslag van wat het is om middenin een oorlog te zitten (het hoofdpersonage is ambulancier, geen soldaat), vooral ook een klassiek liefdesverhaal.


De afluisterstaat: Edward Snowden, de NSA en de Amerikaanse spionage- en afluisterdientsten - Glenn Greenwald

 
Glenn Greenwald, journalist voor onder andere The Guardian, doet verslag van zijn journalistieke activiteiten die Edward Snowden hebben geholpen om zijn verhaal naar buiten te brengen (over de gigantische mate waarin de NSA mensen in de VS en erbuiten in feite digitaal afluistert) en licht dat verhaal toe, door elementen eruit te lichten, te illustreren en te verklaren. Daardoor ontstaat een helder inzicht bij de lezer van de omvang van het schandaal en de indringendheid van de praktijken van de NSA, niet alleen binnen de VS.


Mathilda - Mary Wollstonecraft Shelley


Zoals Hanna Bervoets in het nawoord schrijft, is eenzaamheid nog meer dan incest en depressie het centrale thema van dit boek van Mary Shelley, die eerder al met Frankenstein hetzelfde thema aangesneden had: de onmogelijkheid om met gelijken ervaringen te delen, is voor Shelley de kern van eenzaamheid. In dit boek wordt verhaald hoe de dochter ongelukkig wordt door een met taboe (toen en nu) omgeven bekentenis die neerkomt op een incestueuze liefde. Toch spitst de schrijfster zich daar niet op toe (hoewel het een onderwerp is dat heel wat mogelijkheden voor een roman in zich draagt natuurlijk), maar wel op het grote verdriet (dat bij alle personages aan bod komt) na verlies, in het reële zij het in de beleving en de bijhorende rouw, en dus vooral ook de eenzaamheid.
Toch is dit verhaal net iets te vaak te introspectief om de lezer voldoende vast te houden naar mijn gevoel en daarom verkies ik Frankenstein boven dit boek, hoewel ook hier weer de woordkunst en de verhalende kracht van Mary Shelley duidelijk getoond wordt.


Moord op de moestuin - Nicolien Mizee


Anders dan de IJslandse crimi's of de boeken van Mo Hayder waarvan ik er bijna jaarlijks één lees in het kader van de Zomer van het spannende boek, is dit moordverhaal van Nicolien Mizee veeleer luchtig en leest het ook heel erg typisch Nederlands. Maar dat maakt het net een aangenaam boek, met een heel toegankelijk verhaal.


Van achterdocht tot zelfgenoegzaamheid. Korte verhandelingen voor de moderne mens - Arnon Grunberg


Laat ik me even de stijl van dit boek toemeten en een "korte verhandeling" schrijven over dit boek:

1. Mooi kunnen schrijven is een deugd, een kwaliteit zo u wil. Mooischrijverij is een aanstellerig gedoe voor wie overmatig wil behagen. Onduidelijk is het of Arnon Grunberg zichzelf of de lezer hier wil behagen met zijn mooie vondsten, zijn badinerende gedachten, zijn grappig voorbeelden (die wel heel vaak uit het vaatje PVV-FvD tappen overigens, of antisemitisme als voorbeeld van iets negatiefs). Antisemitisme is negatief, laat daar geen twijfel over bestaan. Maar het is niet de illustratie van alles.

2. Dit mooigeschreven boek (het ontbreken van een spatie is géén vergissing) is dus de deugd voorbij, en zoals u weet, ligt net voorbij de deugd al gauw de ondeugd op de loer.

3. Alle onderwerpen worden alfabetisch behandeld. Dat betekent ook dat de titel van het boek eigenlijk Van aanbod tot zelfregulering had moeten zijn. Tenzij het onbedoeld poëzie is door gebruik te maken van het gemak van dichterlijke vrijheid.

4. Grunberg verliest zich soms zodanig in zijn knappe constructies dat hij zichzelf tegenspreekt. Soms zelfs in hetzelfde puntje, zoals bij Verwaarlozing waar je geliefde minstens een kwartier goed gesprek verdient, maar als ze zwanger is, mag je die tien minuten (vijf zijn dus zomaar verdwenen!) aftrekken van de twintig minuten waar een zwangere recht op heeft. Mooie liedjes duren niet lang, maar ze spreken zichzelf tenminste niet tegen...

5. Ik kan mooie constructies, mooie vondsten en prachtige omschrijvingen zeker waarderen, zij het indien ze met mate worden gehanteerd. Had Van Gogh in Sterrennacht alles in dat prachtige blauw geschilderd, hadden we geen sterren meer gezien.