Posts tonen met het label concertregistratie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label concertregistratie. Alle posts tonen

11 februari 2024

Mitch Ryder


Je hebt een teletijdmachine nodig die je terugbrengt naar Detroit in de jaren zestig om een debuterende Mitch Ryder te zien en horen. In de "Motor City" was hij met zijn band Mitch Ryder & The Detroit Wheels één  van de grote soullegendes en scoorde hij enkele top 10-hits. Zestig jaar en talloze albums later waarin hij ook de muzikale velden van rhythm & blues exploreerde, blijft hij met de regelmaat van de klok muziek uitbrengen en aan zijn lange discografie voegt hij dit jaar The roof is on fire toe,  een live-dubbelaar. Deze eeuw was zijn populariteit het grootst in Duitsland (en bij uitbreiding groter in Europa dan in de VS) maar als er een publiek bestaat dat nog steeds ouderwetse rock én blues(rock) weet te waarderen (en dat is er zeker!) kan hij met dit album zeker nieuwe fans werven.
The roof is on fire stoomt de eerste helft van de 15 nummers lange plaat, goed voor bijna anderhalf uur, gewoon door. Er is een interessante cover van Dylans Subterrean homesick blues of van Tuff enuff van The Fabulous Thunderbirds. Af en toe worden we vergast op een bluesy rustpunt als From a Buick 6 of de muzikale strandwandeling Freezin in hell. Dat laatste nummer leidt een overgang in naar een meer bluesgericht tweede deel met daarin het mooie door een orgeltje gedragen Many rivers to cross en de meer dan een kwartier uitgesponnen maar nooit vervelende afsluiter Soul kitchen (een cover van The Doors).
Mitch Ryder mag zijn commercieel hoogtepunt al een heel mensenleven (of meer) van menige luisteraar achter zich hebben, met deze plaat toont hij ook in 2024 nog relevant te zijn en een plaatsje te verdienen in de luisterlijsten die uw jaar zullen kleuren.

Je kan het volledige album hieronder beluisteren en hier kopen via de website van het platenlabel Ruf Records:

05 oktober 2016

Aankondiging: CHVE brengt live-album uit


Colin H. Van Eeckhout, de frontman van Amenra, bracht in 2015 onder de naam CHVE een solo-plaat uit. Ik besprak dat album, Rasa, toen hier. Ik ging zelfs naar de liveshow kijken, het verslag daarvan kan je hier teruglezen. 
Op 11 november wordt, om de transformatie die de songs live ondergingen te illustereren, 10910 uitgebracht (dat je hier kan bestellen sinds eergisteren). De songs werden opgenomen in één take door één man in een oude tram, temidden de drukte van een zaterdagnamiddag in Gent. Behalve de songs van Rasa werd ook een cover van Le petit chevalier van Nico opgenomen.
Je kan CHVE morgenavond live aan het werk zien in de Consouling store. Dit zijn de verdere concertdata:

02 juni 2016

Amenra


Mijn fascinatie voor Amenra blijft maar groeien en ik was dan ook dankbaar met mijn bestelling van hun 2 live-albums. Van het album uit 2012 (Amenra - live) kon ik enkel nog de Amerikaanse versie op de kop tikken, maar er is dus ook het recent verschenen Alive.
De akoestische benadering van hun eigen nummers is iets wat de band zelf ook al in 2009 deed met Afterlife, een EP met hetzelfde opzet. Intussen is de groep wel nog pakken beter geworden en dat hoor je ook. De nummers weten ook in de naakte versies de luisteraar te beraken. De sterke emotionele spanning die doorgaans bedolven wordt onder dreigende gitaren, wordt er niet minder om. En wanneer Het dorp van Zjef Vanuytsel gecoverd wordt, val je bijna van verbazing van je stoel. Niet alleen klinkt Amenra ineens als vintage kleinkunst, je oren worden door de onverwachte keuze nog meer gespitst waardoor de tekst, heel helder gezongen, nog meer binnenkomt. 
Het is niet de enige cover: Parabol van Tool gooit zijn hyperbolische sound van zich af zonder aan omineuze sfeer in te boeten. Daarmee wordt het nummer tot zijn essentie teruggebracht. Ook September is een bijzonder lied: dichteres Sofie Verdoodt declameert haar gedicht, haast overwoekerd door de klanken uit de instrumenten. Het lijkt wel alsof het kunstprogramma Coda terug is, zij het in een gemoderniseerd en beter zittend jasje.
Buiten adem, Razoreater,... en in feite elke song verdient het predicaat "hoogtepunt". Dit zullen we in december vermoedelijk bestempelen als de strafste live-plaat van het jaar.

Je kan het album hier via Consouling bestellen. Beluister het alvast hieronder volledig:


12 januari 2016

Villagers


De voorbije jaren hebben we enorm genoten van de albums van Villagers. In 2013 was {Awayland} voor mij zelfs de op één na beste plaat van het jaar. Het hoeft dan ook niet te verbazen dat ik blij was te merken dat er een nieuwe plaat uit is.
Nu blijkt dat nieuw natuurlijk relatief, want het is een live-album. Toch horen we verrassend rustige versies van de songs. That day bijvoorbeeld klinkt een pak bedaarder dan we gewend waren. 
Op echt nieuw werk is het dus nog even wachten maar deze concertregistratie is alvast een aardig zoethoudertje.

Beluister hieronder het volledige album:

24 augustus 2015

Pukkelpop 2015 dag 1


Op de eerste dag van Pukkelpop voelde het meteen vertrouwd aan: de festivalwei, de tenten, de sfeer, het vooruitzicht van talloze optredens... Het blijft mijn favoriet festival, waar ik niet alleen bands kan zien die ik heel graag hoor maar waar ik ook steeds ontdekkingen doe. Het zou dit jaar niet anders worden, behalve dan dat mijn lief erbij was...



We vatten de dag alvast aan met een groep waar we nog nooit van gehoord hadden: Residual Kid. Drie jonge gastjes (15 tot 17 jaar oud, maar ze zagen er nog jonger uit) betraden het podium en ze bleken wel héél goed geluisterd te hebben naar Nirvana. Dit was grunge pur sang, Natuurlijk moeten ze nog verder groeien, maar wij hoorden enkele echt goeie songs (en minstens nog een paar goeie ideeën die nog niet voldoende uitgewerkt waren). Ze speelden een verdienstelijke cover van 100% van Sonic Youth en dat ze af en toe klonken als Dinosaur Jr. zal wellicht te maken hebben met het feit dat J. Mascis hen onder zijn vleugels nam.



De eerste aangestipte artiest die ik dit jaar zeker wou zien, was Natalie Prass. Hier kan je lezen wat ik van haar debuutalbum vind. Vreemd genoeg hadden ze geen synthesizers meegebracht en dus vroeg ik me vooraf af hoe ze die Carpenters-achtige arrangementen live zou weten te brengen. Met drums, bas, gitaar en zang bleek ze die gewoon achterwege te laten en dat leverde een wat teleurstellend optreden op, waarin de cover van The sound of silence (Simon and Garfunkel) bewees dat de productie haar op plaat beter maakt dan wat zij en haar band op dit moment live presteren. Daar veranderen roze sokjes en gouden muiltjes, hoe prinsesachtig ook, geen moer aan.



Geef ons dan maar The Sha-La-Lees, een garagerockband uit Limburg waarin we als frontman later de gitarist van The Sore Losers herkennen. Voor ze opkwamen, schalde Rainy day women #12&35 van Bob Dylan door de speakers. Hoogtepunten in hun set waren in ieder geval Gods' children en Long way to the USA (waarin een fragment uit Get back van The Beatles verwerkt werd).



In 1998 kocht ik het debuut van Jurassic 5, grappig genoeg zés hiphoppers. Ze kwamen toen al over als de sympathiekste jongens in het genre en nu ik ze live zag, kan ik dat alleen maar beamen. Vriendelijk en nederig brachten ze op het hoofdpodium een show die (zeker naar hiphopnormen, waar live optredens al eens een probleem durven te zijn) muzikaal dik snor zat en waarin de DJ's Cut Chemist en Nu-Mark ook nog eens de show mochten stelen. Hits Jayou en Concrete schoolyard vormden de hoogtepunten bij deze charmante heren. 



Wat een verschil met Ty Dolla $ign: deze West Coast-rapper had wellicht een extra roadie nodig voor zijn ego. Een DJ warmde de tent op en hij zou met zijn beats nog het enige lichtpunt in de hele show vormen, want Ty zelf, die opkwam op een soort Segway, werd gevolgd door een man die een hele tijd een fototoestel/camera in zijn buurt hield en een roadie die gewoon op het podium stond en daar niet zo bijster veel hoefde te doen. Bovendien bleek er vooral een bandje mee te lopen en wanneer dat uitgezet werd, bleek Ty niet bepaald toonvast. Hoe potsierlijk zijn attitude ("is that your girlfriend? she sure wasn't when I last played here") ook was, het voornamelijk jonge publiek liet het niet aan zijn hart komen.



Het absolute hoogtepunt van deze editie van Pukkelpop, zo zou later blijken, was toch wel Strand Of Oaks. Ik zag de band vorig jaar al eens in Trix (lees hier het verslag) en had hoge verwachtingen, die helemaal ingelost werden. Niet alleen mijn lief, maar ook de vrienden waar we logeerden, had ik dit aangeraden en daar hoefde ik geen spijt over te hebben: ook zij vonden het een geweldig concert. Hij zette dan ook meteen in met Goshen '97 en zou eindigen met J.M. (zijn eerbetoon aan J. Mascis), tussendoor strooiend met fantastisch op muziek gezette zielenroerselen als Shut in. Opvallend was vooral ook hoe helder hij zong, waardoor de teksten over zijn moeilijke jeugd en de troost die muziek hem bracht, nog sterker overkwamen. Vooral de afsluiter toonde hem als een zeer oprechte muzikant en toen hij daarna het publiek ging bedanken in de frontstage, knuffelde hij onverwachte de mannen die net naast hem stonden (en waar ik dus één van was). Geknuffeld worden door een sterke, bezwete, langharige en bebaarde man, het is niet mijn vurigste wens, maar hé, het mag nu wel van mijn bucket list.


JM (live) (met de knuffel!)


Eigenlijk koesterde ik al geen verwachtingen ten aanzien van Limp Bizkit, maar nadat ze hun enige nummer dat ik nog wel graag hoor (Nookie) én Killing in the name van Rage Against The Machine vakkundig de nek omwrongen, liet ik ze voor wat ze waren (laat al die meisjes die mee op het podium mochten, hen verder adoreren, maar bij mij zonken ze nog verder onder nul).



"Elk nadeel heb zijn voordeel", zei Cruijff ooit, en parafraserend zou ik zeggen "elk slecht optreden op Pukkelpop kent zijn tegenhanger even later". Future Islands zag er niet uit: het leek wel een bende mollige, lelijke Duitsers. Maar ze verrastten wel degelijk: goeie muziek en een gedreven show met vooral een onnavolgbaar vreemd dansende zanger Samuel T. Herring. Het meest hield ik uiteraard van de geweldige single Seasons (waiting for you), maar ook de andere nummers klonken echt heel goed.



Nostalgie dreef mijn lief en mij naar The Neon Judgement, dat bewees ook om andere redenen onze aandacht waard te zijn. Je hoorde de hele tijd door waar vele techno-artiesten de mosterd vandaan haalden en als eerbetoon aan die andere pionier mocht Luc Van Acker meedoen in Concrete. Tijdens afsluiter en grootste hit TV treated werden op de achtergrond beelden gemixt waarin ik onder andere fragmenten herkende van Murder, she wrote, Two and a half men en de schattige beelden van een eendenmoeder met haar kuikentjes op een voetbalveld in de Jupiler League.

Mr. Oizo, het muzikaal alter ego van de regisseur Quentin Dupieux, daar stelde ik me bij voor dat hij in zijn DJ set de gekste dingen zou draaien. Zijn films, waarvan ik zelf al Rubber zag (over een autoband die wraak neemt op de mensen die gebruikte banden weggooien wanneer blijkt dat hij door te trillen dingen en mensen kan laten ontploffen) en waarvan ik al trailers zag of over hoorde vertellen, getuigen immers van een hoge dosis absurdisme, maar zijn set bleek al bij al maar gewoontjes.


fragment Boys Noize

Krachtige en opwinderder ging het eraan toe bij Boys Noize, met visuals waarin vuur en smileys de terugkerende thema's bleken. De beats waren vooral hard, schurkten aan tegen rock en werden besmet met dreunende techno. Uit je dak gaan was hier niet moeilijk maar het late uur begon bij mij na een tijdje toch zijn tol te eisen, en dus zocht ik nog gauw, voor richting bed te fietsen, een andere tent op.


Machinedrum, daar had ik al over gehoord en dus was mijn nieuwsgierigheid gewekt. De elektroniche muziek werd vooral door drum 'n bass gedreven (daar hou ik wel van) en zo bleek mijn afsluiter van deze dag beter mee te vallen dan het naar verluidt rotslechte Rudimental waarmee mijn lief de eerste dag afsloot.

05 juli 2015

Mijn Bob Dylanjaar (15): Before the flood


Het zou een mooie compilatie kunnen zijn, dit live-album waarop Bob Dylan samen met The Band veel van zijn (en soms anderen hun) mooiste songs speelt tot dan toe. Bovendien zit de "feel" die je verwacht van een concertregistratie er uitstekend in. Dit klinkt als een concert waar ik graag bij had willen zijn. Maar tijd en ruimte maakten dat onmogelijk: in de VS ben ik nog nooit geweest en in 1974 werd ik pas in december 3 jaar.
Het begint allemaal al erg mooi op de eerste CD van dit dubbelalbum met Most likely you go your way (and I'll go mine). Een hoog, strak tempo sleurt de toehoorder meteen mee op een trip die zijn weerga amper kent. Van de concertopnames die ik uit die periode (jaren 60 en vroege jaren 70) al beluisterd heb van diverse artiesten, is enkel het dubbel live-album van The Doors nog beter.
Wat ook tot eer van de artiesten op deze plaat strekt, is dat er geen onnodig lange en uitgesponnen versies gespeeld worden. Zo blijft de vaart erin en krijg je het gevoel dat je echt de essentie van de songs gepresenteerd krijgt. De muzikanten van The Band zijn bedreven genoeg om elke song genoeg body en franjes mee te geven zonder uitvoerige solo's of megalange intro's of outtro's. Op de eerste plaat is enkel Up on Cripple Creek een langere versie toebemeten, zonder dat de plaat aan tempo inboet overigens. Daarna volgt immers het rustpunt I shall be released.
Mijn voorkeur gaat echter uit naar de tweede plaat, waarop nog meer parels bijeengebracht werden en leiden tot de climax die de vierde vinylzijde beslaat: All along the watchtower, Highway 61 revisited, Like a rolling stone en Blowin' in the wind. Enkel Like a rolling stone krijgt een echt lange versie mee, die boven de 7 minuten uitkomt, maar naar het einde van een concert, wanneer je de climax verwacht, is dat voor mij zeker geen probleem. Nochtans begint dit tweede deel van het album met een wat mindere song, Don't think twice, it's all right. Deze versie kan me eigenlijk niet echt bekoren. In Just like a woman zingt Dylan een beetje zoals Elvis Presley. De sneren naar de Amerikaanse president in It's alright, ma (I'm only bleeding) worden op stevig gejuich onthaald. De verbeten kwaadheid is zo duidelijk hoorbaar dat beelden van rondvliegend speeksel en spuugdruppeltjes tijdens het zingen zo voor de geest komen. Het is gezellig stampen op The shape I'm in. The weight blijft sowieso een heerlijk lied en dan begint dus het kwartet dat het concert afsluit.
Goed nieuws voor de niet-voetballiefhebbers trouwens: het anderhalf uur Bob Dylan is mooi gespreid over twee helften van 45 minuten (eigenlijk met 1 minuut blessuretijd erbij op het einde) en vormt dus een mooi alternatief voor als uw lief/man/vrouw/vader/... voor tv zijn/haar favoriete ploeg zit aan te moedigen.

05 december 2014

Jason Lytle huisconcert


Jason Lytle ken je misschien nog als de frontman van het lichtjes fantastische Grandaddy. Hij bracht net een nieuwe plaat uit. Het is niet zomaar een nieuw album geworden, maar een registratie van een huisconcert (jammer genoeg niet in míjn huiskamer) in mei. Geheel toepasselijk kreeg het de naam House show mee en je kan het hieronder beluisteren:


14 juni 2014

Aankondiging: live-album van Kitchen Of Insanity

Kitchen Of Insanity is zo'n Belgische band die slechts bij enkelen nog bekend is. Tussen de plooien der tijd gevallen en door velen vergeten, is de tijd gekomen om hen terug op de kaart te zetten. Op 23 juni wordt immers een live-album van de band uitgebracht: Live in Ghent 1991.
Hun sound vertoont gelijkenissen met The Doors, Nick Drake, Scott Walker en John Cale. Ooit speelden ze de finale van Humo's Rock Rally (in 1990). Op 21 juni stellen ze de nieuwe release voor in Cartoon's Café in Antwerpen (samen met de release van Lies and logic van Asmodaeus). 

Hieronder alvast een clip van één van de songs van Kitchen Of Insanity:


Facebookpagina van Kitchen Of Insanity
Meer info via Starman Records en Walhalla

05 juni 2014

Le Grand Mix concert: Midlake (voorprogramma: Caveman)


Vorig jaar wist Midlake ons alweer te bekoren met hun vierde album. Antiphon scherpte de verwachtingen voor hun optredens nog wat meer aan. In Le Grand Mix in Tourcoing waren we er getuige van hoe de heren moeiteloos die horde namen.


Caveman, ook al uit de VS, opent de avond met indierock zoals we er wel vaker horen. De band is lang niet slecht maar mist uitschieters die hen van de vergetelheid kunnen redden. Hun vreugde om te mogen toeren met Midlake maakt het gezelschap meermaals kenbaar. Aan het enthousiasme van het vijftal ligt het zeker niet dat we ons hen over een maand amper nog herinneren.


Het levert een fel contrast op met de hoofdact die we niet gauw zullen vergeten. Midlake heeft intussen al een mooi repertoire bij elkaar geschreven, al grossieren de Amerikanen vooral rijkelijk uit hun nieuwste album, waarvan letterlijk elk nummer gespeeld wordt. Hun indierock heeft een flinke scheut psychedelica toegediend gekregen, zonder de neiging aan te leunen bij folk te verloochenen. Dat het zestal kiest om voornamelijk recent werk te spelen, heeft wellicht alles te maken met het vertrek van de vroegere frontman, waarna de groep zichzelf moest heruitvinden. De oudere nummers zijn in die zin minder van het Midlake dat we vandaag op het podium zien verschijnen dan van Tim Smith, die andere muzikale oorden opzocht.


Hoogtepunten zijn er meer dan genoeg: This weight etaleert het zuivere gitaarspel van Joey McClellan, Provider loopt naadloos over in het oudere Rulersn ruling all things, Antiphon blijft de dichtste benadering van Tame Impala die deze jongens ooit kunnen bereiken, Aurora gone onthult meer dan op plaat zijn schoonheid en klassieker Roscoe en recentste single The old and the young wekken herkenning op bij alle aanwezigen. Zelfs het instrumentale Vale mag gerust aan dit rijtje toegevoegd worden.
Omdat het podium verlaten en betreden een hachelijke zaak is, zo legt de zanger uit, blijft Midlake gewoon on stage om de bisnummers te spelen. Met de nodige zelfrelativering en kwinkslagen oogsten de mannen daar heel wat sympathie mee. En dan wordt een erg mooie, aan het origineel trouwe cover ingezet van I shall be released dat je ongetwijfeld kent van Bob Dylan of van The Band. Door de oorspronkelijke versie in ere te houden, vormt dit meteen een buitenbeentje in de set van het zestal, want de stijl die de andere songs zo kenmerkte, wordt hier niet klakkeloos getransplanteerd. Het erg toepasselijke Head home vormt de climax, waarna de gitarist handen schudt met de mensen op de voorste rij.


Setlist:


  1. Ages
  2. This Weight
  3. Provider
  4. Rulers, Ruling All ThingsYoung Bride
  5. We Gathered In Spring
  6. Antiphon
  7. Vale
  8. It’s Going Down
  9. Children Of The Grounds
  10. Corruption
  11. Aurora Gone
  12. Roscoe
  13. The Old And The Young
  14. Provider (Reprise)
———————————————
  1. I Shall Be Released (Bob Dylan cover)
  2. Head Home


Je kan dit concertverslag ook hier lezen op Indiestyle.

17 februari 2014

Ongeletterd Concert: Bearskin


Toen ik aankondigde dat Bearskin in mijn huiskamer zou komen spelen, was de meest gehoorde reactie: "Die klinken een beetje zoals The National." De diepe stem van Sam Geraerts rechtvaardigt die vergelijkingen, maar de Limburgers zijn niet zomaar het Vlaamse antwoord op de band rond Matt Berninger.
In oktober 2012 recenseerde ik hun titelloos debuut en vorig jaar maakte William Ludwig een heel bijzondere clip bij Passive. Datzelfde nummer brachten ze rond kerst in een nieuw opgenomen versie opnieuw uit, gratis te downloaden. Intussen werken ze aan nieuwe nummers voor een volgende plaat, en daarvan stelden ze er enkele voor aan ons zaterdagavond. 
Vooraf zou blijken dat optreden in een woonkamer enkele niet zo evidente beslissingen met zich meebrengt. Het samenstellen van de setlist dient toch wat aangepast te worden aan onder meer de buren, want normaliter spelen ze hard, die gasten. En de meeste podia waarop ze al stonden, zijn een tikkeltje groter (en vermoedelijk vooral breder) dan mijn living, dus ook de opstelling diende wat doordacht te gebeuren. Maar uiteindelijk lukte het allemaal en na een soort menselijke Tetris met het ruim opgekomen publiek (een "'full house" als het ware) konden ze eraan beginnen. 


Dat deed Bearskin met het openingsduo van hun plaat: Derelict en Passive. Het publiek werd meteen mee hun muzikale universum ingesleurd en iedereen voelde meteen dat ze een bijzondere concertavond tegemoet gingen. Voor het nieuwe nummer dat ze daarna speelden, dat voorlopig nog geen titel heeft, zijn alle suggesties welkom, liet de zanger weten. En een beetje later was het tijd voor een unicum: gedwongen door de omstandigheden werd Horsepower solo gebracht door Sam. 
Uiteindelijk brachten ze drie nieuwe nummers, waarvan enkel Wave patterns al een naam heeft. Als afsluiter, normaal gezien loeihard maar nu met aangepast volume, werd gekozen voor Bruïtism, waarin de zang heel veel gelijkenissen vertoont met die van Maynard James Keenan van Tool. De frasering roept die band heel sterk op. Het bleek een perfecte afsluiter, een ideale climax en de voorbode voor een uitgebreid applaus dat Bearskin verdiend in ontvangst mocht nemen.


Setlist:
  1. Derelict
  2. Passive
  3. Nieuw nummer, voorlopig titelloos
  4. Derivative
  5. Horsepower
  6. Wave patterns
  7. Waiting for the kill
  8. Nieuw nummer #2, eveneens voorlopig titelloos
  9. Bruïtism


 
Waiting for the kill


 
Bruïtism

Wil je hen zelf ook (opnieuw) aan het werk zien, dan kan dat woensdagavond in Maastricht in de Muziekgieterij. Houd hun website in het oog voor komende concerten.

23 september 2013

Verslag ONE Festival Haacht (21/9)


Met heel wat vertraging kwam het viertal Vincent & Jules uit de coulissen. Hoewel ze zo het publiek nog extra tijd gaven om de weg naar het festivalterrein te vinden, stond de wei bij aanvang nog zo goed als leeg. De groep leek het zich niet echt aan te trekken en speelde een meer dan degelijk optreden. Hun frisse indiepop mag dan niet echt origineel of speciaal zijn, ze beschikken wel over een stel aardige songs die ook op een podium goed uit de verf komen. Deze goede opener verdiende zonder twijfel om voor meer volk te spelen.

 
De woehoes, ahs en ohs vlogen ons om de oren bij Sue Me Charlie. In dit Antwerpse trio in klassieke bezetting van drums, bas en gitaar is het duidelijk wie de broek draagt. Zangeres-drumster Charlotte stuurde haar troepen door met popmelodieën gelardeerde songs als Humdrum quest en Bogus brains, maar het was vooral in de oudere nummers Are you watching closely? en Even the worms dat alles goed zat: het popgevoel, de juiste vaart, voldoende variatie en wisselingen binnen de nummers.


We werden al getrakteerd op zonnige zomerpopklanken, maar het was aan de jongens van Mosquito om de wei echt wakker te schudden. Zij deden dat met vurige stonerrock, met een vleugje postrock ertussen. Ze kijken niet op een geperforeerd trommelvliesje meer of minder en slagen erin om met z’n tweeën toch een indrukwekkende geluidsmuur op te trekken. Als Queens of the Stone Age en This Will Destroy You ooit een liefdeskind maken, dan vermoeden we dat het een beetje zoals deze Mosquito zou klinken. Het is dan ook niet toevallig dat ze ooit nog in het voorprogramma van die laatste band gestaan hebben. De wei stond nog lang niet vol, maar op de eerste rijen konden we wel al een moshpit onderscheiden, en dat is geen slechte prestatie, zo vroeg in de namiddag.


Vervolgens mocht het sympathieke Video Volta aantreden, een groep die last-minute gevraagd werd om Barefoot & The Shoes te vervangen. Dat deed het Turnhoutse trio degelijk, al ontbrak het de band aan songs die een optreden naar een hoger niveau kunnen tillen. Daarnaast leken ze ons ook nog op zoek naar een eigen sound. Hun liedjes hebben namelijk nog iets te veel die typische post-punk revivalsound. Langs de andere kant hoorden we dan weer wel prettige, dromerige gitaren die deden denken aan Captured Tracks-bands en speelde het drietal een mooie cover van Cleaners From Venus.


Is dat Julian Casablancas van The Strokes op het podium in Haacht? Neen hoor, het is Roeland Vandemoortele van Too Tangled, die je met zijn leren vestje, warrige haardos en zonnebril alvast geen gebrek aan stijl kan verwijten. Niet dat zijn collega Eva Buytaert moet onderdoen: moeilijk om een viool nog meer rock-’n-roll te bespelen dan zij. In Too Tangled is geen plaats voor muurbloempjes, het is een band met twee prominente figuren die beiden de aandacht opeisen. Die clash hield hun optreden interessant, ook wanneer de gitaar van Vandemoortele het even begaf of wanneer ze de experimentele kant opgaan: een flard spoken word of een bizarre cover van de eighties hit Eisbär van Grauzone zorgden voor een grappige afwisseling in het optreden. Maar Too Tangled is echt op hun best wanneer ze de synths en de gitaren het tegen elkaar laten opnemen en ze als een grauwe versie van de Yeah Yeah Yeahs klinken.


Met Soldier’s Heart mocht de eerste publiekstrekker van de dag aantreden. Het volk zette dus met z’n allen een stapje naar voor en stelde vast dat dit vijftal allesbehalve een one-hit-wonder is. De groep heeft namelijk een kenmerkend geluid ontwikkeld, dat Scandinavische pop en tropische klanken op een meer dan geslaagde wijze weet te verenigen. Ook qua podiumprésence zit het bij deze band wel snor. Zangeres Sylvie Kreusch beweegt alsof ze al heel haar leven op een podium staat en de rest van de band charmeert door hun aanstekelijke enthousiasme. Afsluiter African fire was natuurlijk het hoogtepunt in de set, mede dankzij een knallende versie waarvoor trommelhulp van Compact Disk Dummies werd ingeschakeld.


De hoofdmoot van de affiche bestond uit bands uit het Antwerpse, en het was aan Polaroid Fiction om te bewijzen dat ze ook in Limburg kunnen rocken. Met Satisfied hebben ze een bescheiden hit te pakken, en die spaarden ze op tot het einde van de set. Een riskante set, want de rest van het materiaal is soms boeiend genoeg om de aandacht vast te houden, maar ook niet altijd. Ze omschrijven zichzelf als een mengeling tussen Beach Boys en Rage Against the Machine, en die tweespalt is inderdaad hoorbaar: het ene moment hobbel je mee op meerstemmige oehs en aahs, het andere moment bedek je de oorschelp wanneer zanger Wouter Souvereyns zijn stem verheft en de ronkende gitaren het laatste woord krijgen. Hoewel dit boeiend is om te volgen, hebben deze jongens vooral nog een stel messcherpe songs nodig om ons en de rest van het land over de streep te halen.


Uit Barcelona komt niet enkel “I know nothing” Manuel, maar ook Mujeres. De vier mannen exporteren jaren 50 rock-’n-roll naar de 21e eeuw, vermengen die met een stevige portie surf en bouwen zo een feestje waarmee je de kou verdrijft en het nachtleven gepast inzet. Ze lieten zich amper van de wijs brengen door technische problemen, onder andere met één van de gitaren, en zongen en schreeuwden zich de ziel uit het lijf.


Vooraleer we met een Date With The Night-party de nacht ingingen, bezorgden Compact Disk Dummies de Haachtse festivalgangers nog het hoogtepunt van de avond. Woorden als energiek en wild zijn understatements voor de wijze waarop de West-Vlaamse broers hun door electro beïnvloede muziek op ons loslieten. Al vroeg in de set gooiden ze er Mess with us tegenaan, ze kondigden nieuwe single What you want aan en ook The reeling werd in dank aangenomen door het enthousiaste publiek. Zanger Lennert gooide zich in de massa, liet zich gewillig door de lange lokken wroeten en al snel begrepen we waarom hij zijn keyboard op een grote veer monteert. Voor climaxen als dit worden festivals georganiseerd.



Je kan deze review, die ik samen met Thomas Konings en Filip Van Der Elst schreef, ook hier lezen op Indiestyle. En hieronder kan je een opname bekijken van de cover die ze speelden van Toxic van Britney Spears (met excuses voor de povere kwaliteit van de opname):


20 april 2013

Democrazy concert: Isbells + Marble Sounds


Vorige week zette Democrazy Isbells, die stilaan het einde van hun tournee naderen, en Marble Sounds, die met een nieuw album onder de arm pas begonnen met touren, samen op het podium van de Gentse Vooruit. Ik was er voor Indiestyle (mijn korter en minder persoonlijk concertverslag kan je hier lezen), samen met mijn lief en een vriendin.
Wat ons alledrie toch wel opviel, en ook behoorlijk stoorde, was hoeveel er gebabbeld werd door het publiek tijdens het concert. Dat fenomeen is me niet helemaal onbekend, maar dat zelfs op de voorste rijen het getater en gesnater de muziek vaak overstemde (zeker tijdens het voorprogramma), valt (gelukkig) maar zelden voor. Ik snap het ook niet zo goed: wat ik wél snap, is dat je af en toe eens de ervaring wil delen met je vrienden en kort iets zegt, maar de hele tijd staan kletsen over vanalles en nog wat, daar ga je toch niet voor naar een concert? Stoort de muziek hen dan niet?


Soit, Marble Sounds, dat zijn tweede plaat (Dear me, look up) pas uitheeft, mocht openen. Dit is niet eens zo vreemd als je merkt dat de groep enkele leden deelt met Isbells. Zowel gitarist Gianni Marzo als Chantal Acda vulden de band aan. Opvallend in de set, waarin de nieuwe nummers de bovenhand hadden, was hoezeer elk lied gedragen wordt door een mooie melodie. En hoewel Sky high hun bekendste song blijft, was het niet het hoogtepunt van hun concert, wel No one ever gave us the right.


Isbells, dat vorig jaar zijn tweede album (Stoalin') releaste, bewees met een gevarieerde en krachtige set dat zij toch echt wel een divisie hoger spelen. Ze begonnen al goed met het titelnummer uit die plaat, maar het was eigenlijk pas vanaf Reunite dat ik het gevoel kreeg dat ze een echt fantastisch optreden aan het spelen waren. Daarvoor hadden ze al een mooi meezingmoment ingelast (dat frontman Gaëtan Vandewoude hun "Snoop Dogg-moment" noemde). Maar met Reunite legden ze de lat nog een pak hoger, en ze zouden daar eigenlijk niet meer onder duiken. We kregen een erg krachtige cover van Wolf like me, van TV On The Radio. Hun gloedvolle sound totdantoe, die associaties aan Sigur Rós opriep, werd ingeruild voor stevige indie rock, en de cover bewees dat deze band muzikaal een behoorlijk breed spectrum kan bestrijken. De knal met slingers en snippers breidde er bovendien een mooie apotheose aan.
Daarna kwam de groep vooraan op het podium plaatsvatten, netjes op een rijtje, en ze slaagden erin door akoestisch te spelen (en na een oproep om stilte van Gaëtan) het publiek inderdaad de gesprekken te laten verstommen. Na Baskin' volgde een prachtversie van As long as it takes (die je hieronder kan bekijken en beluisteren). Hoewel ik verwachtte dat ze het podium nu zouden verlaten om zich op te maken voor de bisronde, namen ze weer plaats achter hun instrumenten en we kregen nog een cover opgediend: Reason to believe van Tim Hardin. De reguliere set werd dan afgesloten met een alweer erg goed gespeeld Erase and detach.


Twee bisnummer kregen we nog, en de afsluiter brachten ze zelfs samen met Marble Sounds (tien muzikanten op het podium dus). Fantastisch concert, noem ik zoiets, en een geheide kanshebber om in mijn eindejaarslijstje érg hoog te eindigen. 




As long as it takes (live in de Vooruit, 11/4/13)




Setlist Isbells:

1. Stoalin'
2. Past back
3. Heading for the newborn
4. Heart attacks
5. Letting go
6. Maybe
7. Falling in and out
8. Illusion
9. Reunite
10. Wolf like me (TV On The Radio cover)
11. Baskin'
12. As long as it takes
13. Reason to believe (Tim Hardin cover)
14. Erase and detach

Bis:g
1. Ain't gonna go home tonight
2. Celebration! (samen met Marble Sounds)

24 december 2012

De Kreun concert: Mark Lanegan (voorprogramma: Flying Horseman solo)


Het was ongetwijfeld het laatste concert voor mij in 2012, en het leek wel alsof ik er bij móest zijn. De derde poging bleek immers de goeie: een accreditatie via Indiestyle kwam er niet en toen ik een kaart kon overkopen had ik eigenlijk al een andere afspraak intussen. Maar toen ik zomaar twee gratis tickets in de schoot geworpen kreeg, overtuigde Elke me alsnog om deze kans niet te laten schieten en zo ging ik samen met Kris naar Kortrijk, allemaal very last minute.


Flying Horseman had ik al eerder gezien, in Nijdrop, toen met zijn band. Zondagavond mocht hij helemaal in zijn eentje openen. Hij deed dat behoorlijk indrukwekkend. Hoe hij in zijn uppie erin slaagt om ook zo luid en verschroeiend te klinken, is wellicht een goed bewaard geheim. Hoedanook, alweer overtuigde Bert Dockx. Hij speelde overigens ook enkele nieuwe nummers (waaronder Landlord, dat het beste laat verhopen voor zijn eerstvolgende release) en eindige met een bijzondere cover van Shadowplay (Joy Division).
Met Blues funeral heeft Mark Lanegan zonder twijfel dé plaat van het jaar gemaakt (nu verklap ik al mijn eindejaarslijstje een beetje natuurlijk...) en dus wou ik de man graag zien. Weliswaar zou hij optreden met enkel een gitarist aan zijn zijde, en dus in de bezetting waarin ik hem in 2010 op Pukkelpop zag. Zijn zware stem en de gitaar van zijn enige metgezel op het podium zijn weliswaar in staat om goeie nummers te brengen, maar ik miste toch de scherpte en de diepte die vooral op zijn meest recente album aanwezig zijn. Het duurde overigens een hele tijd vooraleer hij nummers uit die plaat zou brengen. Het werd meteen vier op een rij met The gravedigger's song, Phantasmagoria blues, Gray goes black en St Louis elegy. Ook bij die songs, die ik intussen door en door ken, ging een deel van het dreigende karakter verloren. Je hoorde wel nog steeds hoe goed ze zijn, al klinken ze op plaat stukken overtuigender. Af en toe kwam de scherpte wel naar boven, zoals in afsluiter On Jesus' program (origineel van O.V. Wright, en ook terug te vinden op Lanegan's album I'll take care of you) of in het 3e bisnummer, Halo of ashes (een nummer dat Lanegan ooit nog met Screaming Trees opnam). Mark Lanegan was overigens mooi begonnen met het kerstnummer Cherry tree carol. Dat nummer opent de EP Dark Mark does Christmas 2012, dat enkel verkocht wordt bij zijn optredens (en waar ik nu dus spijt van heb dat ik toch niet eens ben gaan kijken aan de cd-stand na afloop van het concert).


Ik ben wel blij dat ik Mark Lanegan zo op de valreep nog live zag, en het was zeker niet slecht. In een relatief korte set (1 uur gewone set en 4 bisnummers die in een kwartier gespeeld werden) toonde Lanegan (in déze bezetting) ook zijn beperking. Net als toen op Pukkelpop, had ik ook nu het gevoel dat het ook niet langer had mogen duren vooraleer de balans richting saai zou overgeheld hebben. De variatie, de scherpte, de diepgang, de dreiging,... waar ik zo van geniet op Blues funeral, kwam live slechts af en toe piepen. Jammer is dat...




Don't forget me



Low



The gravedigger's song



Halo of ashes

18 december 2012

Ongeletterd concert: Unlock Dialogue


Afgelopen zaterdag speelde Unlock Dialogue het vijfde huiskamerconcert in mijn living. Met maar liefst zes muzikanten bracht de band een set waarin afwisseling tussen rustige nummers en meer uptempo songs voor een goede balans zorgde, en waarin de arrangementen in deze setting heel goed tot hun recht kwamen.


Eerder had ik Unlock Dialogue al eens bezig gezien, in een grote zaal én in een nog grotere bezetting, en eigenlijk viel me op dat de intimiteit van een huiskamer hun muziek meer recht aandoet. De instrumenten (drums, bas, piano, cornet, viool, altviool en gitaar) en de zang vormen in deze combinatie een uitgebalanceerd geheel dat tegelijk erg vol en warm klinkt in een kleinere ruimte (zoals mijn huiskamer) en dat goed wisselt tussen rust en kracht, zonder dat er luid gespeeld moet worden. Dat het publiek dan ook om een bisnummer vroeg (dat het met Sunday ook kreeg), hoeft niet te verwonderen. Intussen ben ik zelf al behoorlijk vertrouwd geraakt met erg catchy nummers als Let's sit down by the water, About space, time and killing sleep, Rumour has it en Take tick time die ook op deze avond erg aangenaam in het gehoor lagen, en ik merkte dat ook het publiek vooral voor deze songs een wat langer applaus in petto had.


Moeiteloos wist de groep rond Jelle Vandewiele de toeschouwers voor zich te winnen. De zenuwen mochten dan wel gieren, daar viel eigenlijk tijdens de songs weinig van te merken. Naarmate het concert vorderde, zag je ook meer ontspannen interactie tussen de bandleden onderling en met het publiek. 
Unlock Dialogue bevestigde voor mij dat dit concept van huiskamerconcerten een erg mooi podium levert aan muzikanten die geen schrik hebben om de intimiteit van hun muziek te delen met een publiek dat vrijwel letterlijk op hun neus zit en dan hoeven het echt niet alleen singer-songwriters te zijn met enkel stem en gitaar voor wie dit werkt.

Setlist:

1. About space, time and killing sleep
2. The naked tree
3. Let's sit down by the water
4. Call her a friend
5. Rumour has it
6. Draw me some lines
7. Question mark
8. Reasons for seasons
9. The village
10. Sweet friends
11. Starting from today
12. Take tick time
13. Love and how to lose your way
14. Magicboy

Bis: Sunday

Hieronder zie je nog enkele opnames van het concert:

 
Rumour has it


 
Question mark


 
Sweet friends


 
Take tick time

28 november 2012

Einstürzende Neubauten


In 1989 had het Duitse collectief Einstürzende Neubauten zijn vijfde studio-album Haus Der Lüge uitgebracht. De tour die daarop volgde bracht hen in 1990 onder meer naar Düsseldorf voor een optreden dat geregistreerd werd voor Rockpalast, het live muziekprogramma van de Duitse tv-zender WDR. De band rond Blixa Bargeld, de man die velen nog beter kennen als één van de Bad Seeds bij Nick Cave, bewees op die plaat dat ze toegankelijk konden klinken, en toch – zoals Aphex Twin ook vaak doet – stoorzenders in hun muziek inbouwde waardoor ze de radio niet haalden. Voor ondergetekende betekende dit album zelfs de eerste kennismaking met de Duitsers.
Het concert is nu uitgebracht op dvd en cd. Door de enorm goede live-reputatie van de band (luister ook maar eens naar het in de AB opgenomen 9-15-2000, Brussels) is dat enkel toe te juichen. We waren dan ook erg benieuwd in welke mate ze die reputatie toen al waarmaakten.
De nog jonge en spichtige bandleden bieden een vreemde aanblik op dat grote podium, met de vreemde percussie, en zelfs een winkelkarretje. Feurio, na inleiding Prolog het eigenlijke openingsnummer van het concert én van het album, klinkt een stuk vuiler en ongepolijster dan op plaat en verliest daarmee een beetje van zijn toegankelijkheid. Het album vinden we daarom een betere introductie voor wie de band nog niet kent. Wie wel al bekend is met de groep, vindt hier een ideale aanvulling voor zijn of haar platenkast, met versies die goed laten zien hoe Einstürzende Neubauten hun compromisloze muziek weten te vertalen tot een vrijwel ongeëvenaarde concertervaring. We krijgen op de dvd overigens erg goed in beeld welke ijzerwaren allemaal bijdragen tot het unieke geluid.
Sehnsucht wordt in deze ruwere live-versie een stuk dwingender en meer onontkoombaar. Daarna gaat Bargeld op de knieën voor een immens dreigend Armenia. Even later wordt er ook nog eens een al even duister en gillend Zestörte Zelle achteraan gegooid. Het is smullen en likkebaarden voor elke avontuurlijke luisteraar en concertganger. Zelfs een relatief niemendalletje als Trinklied zou in de setlist van menig concert een hoogtepunt vormen.
Opvallend intussen zijn de lang niet gevulde zaal, waar er voor de tribune behoorlijk heen en weer gelopen wordt, en de naar hedendaagse normen sobere lichtshow. Maar we concentreren ons terug op de muziek, met het repetitieve, haast als kinderrijmpje aandoende Ein Stuhl In Der Hölle. Het publiek klapt enthousiast mee, en de opbouw van de climax gebeurt al net zo perfect als op plaat, ondanks het licht andere arrangement. Opnieuw volgt een behoorlijke lange stilte vooraleer Der Kuss ingezet wordt.
Een absoluut hoogtepunt is daarna Haus Der Lüge, de perfecte kruising van new wave en industrial en het unieke van de Neubauten. De band lijkt zich ten volle bewust van de kracht van dit nummer en versterkt die door nog meer verwachting te vervlechten. Bargeld toont zelfs een soort begin van een glimlach. Het winkelkarretje krijgt een hoofdrol toebedeeld en de epiloog vormt het contrapunt van al wat voorafging in deze song.
Het publiek schreeuwt de band terug op het podium voor nog vier bisnummers, waaronder nieuwe hoogtepunten als Zeichnungen Des Patienten O.T. en de Lee Hazlewood en Nancy Sinatra-cover Sand. De manier waarop de groep erin slaagt het poppy jaren ’60-geluid te incorporeren in hun eigen dreigende muzikaal universum blijft ook na al die jaren en ontelbare beluisteringen niet minder dan indrukwekkend. Het origineel klinkt weliswaar al niet als een zeemzoeterig en vrolijk liedje uit het decennium waarin mensen enkel uitzicht op steeds meer vooruitgang leken te hebben. Wat Einstürzende Neubauten daar nog aan toevoegt aan doem (het nummer stond op het in ’86 uitgebrachte Halber Mensch, toen Reagan en Thatcher een liberale agenda voerden in een klimaat van besparingen), laat vergeten dat op het moment van dit concert de Berlijnse Muur reeds gevallen was en er een golf van hoop en enthousiasme door Europa waarde.
De dvd bevat verder nog de setlist, die dienst doet als menu om rechtstreeks naar de diverse nummers te gaan, en 4 trailers voor andere concerten uit de Rockpalast-reeks. Al bij al voegt de dvd amper iets toe aan de uitstekende concertregistratie die je ook al op de cd vindt.

Deze recensie kan je ook hier lezen op Indiestyle.