17 augustus 2020
Penny Penny
Toen ik jong was (en nog studeerde) had ik het plan opgevat later naar Afrika te gaan om daar te werken. Hoe ik daar als psycholoog aan de kost zou komen, daar had ik niet concreet over nagedacht en evenmin hield ik op dat moment veel rekening met mijn fysieke toestand (mijn aangeboren hartafwijking en alle gevolgen daarvan) en hoe die niet meteen gebaat zou zijn van een tropisch klimaat (Congo leek met ongeveer de ideale bestemming). Ik stond zelfs op het punt als keuzevak Swahili te volgen. Ik was helemaal wet van het continent en luisterde ook veel naar Afrikaanse muziek. Dat was allemaal begonnen met de ontdekking van Johnny Clegg and Savuka, de in Frankrijk immens populaire Zuidafrikaan, en natuurlijk waren er ook Mory Kanté, Miriam Makeba en Youssou N'Dour. Langzaamaan verdiepte ik me wat meer in de muziek die hier helaas te onbekend is. Ik ben helemaal geen kenner geworden of zo, want zoals dat gaat in mijn jeugd, waren mijn interesses soms nog vluchtig en fladderden ze van het één naar het ander.
Toch ben ik af en toe Afrikaanse artiesten die een nieuwe plaat uitbrachten die goed onthaal werd, blijven beluisteren. Zo stootte ik nu op Penny Penny, een Zuidafrikaanse zanger die het sprookje "van dakloze tot ster" werkelijk beleefde. Tevens is hij politicus voor het ANC. Yogo yogo is in feite een re-issue van zijn tweede album dat in 1996 gepresst werd in Zimbabwe. De plaat is op CD zelfs voor het eerst buiten Zuid-Afrika verkrijgbaar.
Gezien de feitelijke leeftijd van dit album is het geen verrassing dat ik hem heel erg vond klinken als de muziek die ik toen beluisterde, begin jaren negentig. Er zit een soort (euro)discodeun onder enkele nummers (zoals Dodomenzi) maar vaker klinkt dit zoals Afrikaanse popmuziek toen vaak klonk, vooral vrolijk en dansbaar en steunend op ritmes eerder dan op melodieën. En zo komen we bij onweerstaanbare songs uit als opener Ibola aids (waarvan ik vermoed dat de lyrics een pak minder vrolijk zijn), Hai kamina en Ti samaboko. Wat wel opvalt als je die zo eventjes kort na elkaar beluistert, is dat hetzelfde ritme telkens weer terugkomt en als basis gebruikt wordt. Het zorgt voor consistentie maar kan voor sommigen ook het effect hebben van teveel herhaling en daardoor een te lange plaat, die net te weinig gevarieerd lijkt te klinken.
Beluister hieronder het album alvast, dat je hier kan kopen op de Bandcamp-pagina van de Zuidafrikaan:
13 augustus 2020
Billy Bruner
Met de hittegolf van de voorbije week ben ik niet meteen geneigd om heel dicht bij mijn lief zwoel te gaan dansen op stomende disco en ik ben er vrij zeker van dat ze dat ook absoluut niet zou willen. Met haar in mijn bubbel zou het nog net mogen, maar het is gewoon te warm. En heet, zo kan je ook zeker de soulboogie van Billy Bruner noemen, van wie net een titelloos album is uitgebracht met tien zeldzame en/of onuitgebracht nummers. Hij was de prins van de Tulsa boogie in de late jaren tachtig en speelde onder meer in bands als Darwin's Theory, T-Spoon en J.O.B. Band en produceert nog steeds muziek. Deze re-issue bij een Schots label is toch wel opmerkelijk en verdient zeker uw aandacht en luisterbereid oor.
Dat we middenin de jaren tachtig gedropt worden hoor je meteen al bij opener Tulsa song dat erg vertrouwd klinkt omdat het gebruik maakt van de toenmalig erg populaire ritmes, productie en arrangementen. Hetzelfde geldt voor The dream, dat zo naast hits van Paula Abdul of Lisa Lisa And Cult Jam kan staan. Cats meow klinkt als Billy Ocean die alweer een film voorziet van een catchy song en is met verve de beste song op deze plaat. Ook in ballads toont Billy Bruner zich bedreven, al moet je natuurlijk houden van het mierzoete dat toen zovelen kon bekoren. Never, Say yeah of Genesis zijn de kleine broertjes van Hello van Lionel Richie.
Het is eens een heel ander genre dan we tegenwoordig gewoon zijn voorgeschoteld te krijgen. Dat komt natuurlijk doordat het een re-issue is van songs uit de eighties, maar toch is het wel eens verfrissend zo'n release tussen de stapel nieuwe platen tegen te komen.
Je kan dit album hier kopen via de Bandcamp-pagina van het Schotse platenlabel Athens Of The North en hieronder alvast beluisteren:
24 juni 2020
Wim De Craene
Ik was een jongen van amper zeven jaar toen Live 78 van Wim De Craene opgenomen werd. Mijn ouders waren toen (al, in het geval van mijn vader die nog steeds die zender verkiest) trouwe luisteraars van Radio 2. Ik herinner me de zaterdagvoormiddagen met Luc Saffloer en later Luc Verschueren, Jos Ghysen, De Pré Historie, De peperbus met Romain Deconinck, de BRT Top 30, op zondagavond Vragen staat vrij met Lutgart Simoens,... In al die programma's kwam ook Wim De Craene wel eens langs, als één van de iconen van de Vlaamse kleinkunst, een genre dat een grillige loopbaan in mijn leven maakte: neutraal tijdens mijn kindertijd, hip in de jeugdbeweging vol wereldverbeteraars, verguisd in mijn studententijd en vele jaren later gerehabiliteerd als laatste uitbreiding aan mijn liefde voor rootsmuziek. Uit mijn kindertijd nam ik alvast Tim en Rozane mee.
BLP Records brengt als voorlopig sluitstuk van hun Wim De Craene-reeks die ze vorig jaar startten, deze live-registratie uit. Wim speelt voor het radioprogramma Dorp bij de stad samen met zijn Duitse begeleidingsband Headband acht songs, de meeste uit Wim De Craene... is ook nooit weg.
Zoals dat toen wel vaker ging met radio-orkesten en bij optredens in een studio voor de radio (vaak in het Flagey-gebouw maar dit keer opgenomen in Sterrebeek) hoor je een jazzy, typisch jaren zeventig geluid. De originelen ken ik niet goed genoeg om hier echt goed over te kunnen oordelen, maar het lijkt de songs een extra diepgang te geven nadat de Gentse zanger in zijn teksten al "kleinkunstelend" verschillende lagen had aangebracht. En bij een song als Tim (die ik dan weer wel goed ken), hoor je een muzikale complexiteit die het nummer minstens in mijn geheugen nooit eerder had. "Hier laat ik je los, Tim" klinkt hier veel meer als de moeilijke opdracht die meegegeven wordt dan in de hitversie. En het "paradijs voor de mens", het "hoogste doel dat de mens heeft bereikt" klinken niet zomaar eenvoudig als het platteland maar door de ingewikkelde arrangementen ga je werkelijk geloven dat het onvolmaakte leven zoals we dat kenden, misschien toch meer inhield dan altijd gedacht. Geëindigd wordt dan ook passend met tierlantijntjes die ongetwijfeld de trots van de begeleidingsband waren.
Dat gejongleer met noten komt zeker ook terug in het door de zanger vooraf geïntroduceerde Psylocybe Mexicana. Net niet bekruipt ons het gevoel van de sketches van Jazz club in The fast show, al is dit natuurlijk een pak serieuzer. En dan "Weet je nog die nacht, Rozane, dat we samen op de stoep..." en wordt de nostalgie vermengd met het gevoel dat dit een onverwoestbaar mooi nummer is dat altijd een klassieker zal blijven.
Afgesloten wordt er met een toegift dat hij enkel begeleid door zijn eigen gitaar brengt, De rode heuvel, dat daarmee vertrouwd klinkt omdat dit keer niet gekozen wordt voor een ander arrangement.
Deze plaat begint met een doodernstige aankondiging die niet meer van deze tijd is, je als luisteraar dus meteen decennia terug katapuleert en daardoor in de juiste stemming brengt om al dit schoons, dat muzikaal voorzien wordt een jazzjas, te savoureren. Als echte fijnproevers zet je dit je meest geachte gasten voor, als muziek voor het eten maar nog eens herhaald in de late uurtjes, als de gesprekken als vanouds over het verbeteren van de wereld, de nostalgische oude tijd en de huisbereide filosofie gaan.
Je kan het album hier kopen en alvast hieronder voorbeluisteren:
08 april 2014
sleepmakeswaves
Vergeef ons als we bij de hoes van het (heruitgebrachte) debuut van sleepmakeswaves wegdromen. Het avondland wenkt, terwijl de wind een eenzame jonge vrouw aan de haren en kleren rukt. Het is niet moeilijk allerlei voorstellingen te maken en verhalen te verzinnen, ook niet bij de zes rauwe lappen post-rock die we voor de kiezen krijgen.
In 2008 al zwierden de Australiërs deze songs op een plaat, en nu ze tekenden bij Monotreme Records, komt er een Amerikaanse en Europese release. Dat mogen we heuglijk noemen, want goeie post-rock onthalen we hier graag met applaus. Menig liefhebber van het genre kan zich met een gerust hart opsluiten in zijn of haar slaapkamer en de golven over zich heen laten rollen. En hoewel we dit viertal niet tot de absolute top kunnen rekenen, eisen ze met recht en reden een eigen plaats op, ergens tussen Dirty Three en Explosions In The Sky. In Exits to nowhere overheerst een dromerig gevoel, dat zachtjes uitdooft. One day you will teach me to let go of my fears borduurt ogenschijnlijk verder op eenzelfde sfeer, maar de twist zit in het soort dreiging dat schuilgaat achter de horizon. Sommige bands kiezen ervoor slechte voortekenen in donkere wolken te schilderen, sleepmakeswaves kiest eerder voor de hint dat achter een langzaam ondergaande zon, onder de sluier van de invallende nacht, een storm onmerkbaar naderbij sluipt. De gitaarsalvo’s die als enkele druppels al vergoten worden, schud je eerst nog lachend weg, doch gauw zal het lachen je vergaan. Die reële proporties worden echter niet meer aangenomen tijdens het nummer, wat blijft is een aankondiging die je met bezorgdheid vult.
Onze tegenvoeters hebben de knepen van deze muziekstijl duidelijk goed in de vingers, en terwijl we ons hier nog afvragen of dit nu een lange ep dan wel een kort album is, kan je met gerust hart de hoofdtelefoon inpluggen, de slaapkamerdeur op slot draaien en meer dan een half uur lang verdwalen in een land dat niet bestaat, maar toch een prachtige soundtrack kreeg.
Je kan deze recensie ook hier lezen op Indiestyle.
31 januari 2014
Gratis download: The Twilight Sad with the Royal Scottish National Orchestra
15 december 2012
Conrad Schnitzler
Het kostte wat opzoekwerk op het internet om te achterhalen wie deze Duitser is, en hij blijkt één van de vroege leden van Tangerine Dream te zijn. En dus bevinden we ons meteen in het heerlijke, voor velen onbekende gebied der krautrock. Schnitzler zou later vooral bekend (hoewel dat misschien een té groot woord is voor de faam die hij in beperkte kringen zou verwerven) worden als een experimentele musicus, die allerlei muziek op eigen geschreven cd-r’s uitbracht. Con 3, één van de twee albums die nu heruitgebracht zijn, dateert eigenlijk al van 1981. De huidige versie bevat 6 extra nummers, waaronder het erg aan drum ‘n bass verwante Con 3.1.
Zijn muzikale achtergrond en zijn eigenzinnigheid laten het beste verhopen, en we komen jammer genoeg behoorlijk bedrogen uit. Het valt niet te ontkennen dat Conrad Schnitzler erin geslaagd is om enkele zeer interessante en vooral unieke ideeën uit te werken, en als je beseft wanneer dit alles eigenlijk gemaakt werd (Schnitzler stierf overigens in 2011), is enige bewondering op zijn plaats. Toch gaat het algauw vervelen of, erger nog, irriteren. Con 3 is het album waarop nog gezongen wordt, en toch haakten we na vijf nummers af. Wer Sind Wir Denn is repetitiviteit to the extreme, en ver voorbij onze verdraagzaamheid. En op het instrumentale album Consequenz is het euvel hetzelfde: het begint allemaal leuk en fijn en tof en apart, tot de gimmick uitgewerkt is en je vooral herhaling hoort met veel te weinig variatie.
Beide platen helemaal beluisteren is een opgave, die ertoe leidt dat je wel eens op iets moois stoot, zoals Con 3.3 of Nachte Im Kreuzberg. Helaas is zoiets enkel weggelegd voor de doorzetters, de volharders, de onversaagde muzikale avonturiers. Op Consequenz moet je overigens ook nog eens hoofdpijn vermijden met al die science-fictionachtige bleeps en geluidjes.
Je kan deze recensie ook hier lezen op Indiestyle.
10 november 2011
Man... Or Astro-Man?

Herinnert u zich nog The Jetsons? Nee, dat is geen obscuur bandje uit de jaren '80, maar een tekenfilmreeks van Hanna-Barbera, u vooral bekend van The Flintstones. Wat zowel The Flintstones als The Jetsons zo leuk maakte, was dat hedendaagse (nu ja, in de jaren '60, '70 en '80 van de vorige eeuw) thema's en gewoontes gewoon getransponeerd werden naar respectievelijk de prehistorie en de verre toekomst.
Stel dat wij de soundtrack mochten samenstellen bij The Jetsons, we kozen ongetwijfeld voor Man... Or Astro-Man?, het geschifte combo rond (hou u vast!) Star Crunch, Birdstuff en Coco the Electronic Monkey Wizard. Geschift noemen we hen liefdevol en met bewondering, want deze heren uitrichten met oude science-fiction, soundbites uit TV-programma's die niemand zich nog herinnert en surf rock, grenst aan het buitenaardse...
Eén EP uit 1994 (Your weight on the moon) en 2 7”-releases uit 1993 en 1995 (Mission into chaos en Return to chaos) worden nu heruitgebracht op één album, dat de titel van de EP meekreeg.
Alles begint al met een stem die commentaar levert bij de countdown van een raketlancering, en dan zetten surfgitaren in, aan een rotvaart bovendien. De meeste nummers zijn, geheel naar surfrock traditie, instrumentaal, dus het meezingen wordt verruild voor het uitbundig luchtgitaar spelen. Want aanstekelijk is het allemaal in hoge mate. En er mag, veronderstellen we, ook al eens gelachen worden, tenzij alsnog zou blijken dat ze het ménen met songtitels als Special Agent Conrad Uno, Electrostatic brain field en F=GmM(moon)/r². Die laatste wiskundige formule verwijst blijkbaar naar het berekenen van “your weight on the moon”...
In Destination Venus wordt gezongen door iemand die klinkt als een kruising tussen Kim Gordon van Sonic Youth en een man die in een hoekje amper aan de microfoon kan. In tegenstelling tot die planeet, is pretpunk niet veraf. En het is nog een keer schrikken wanneer de band ineens het ritme vertraagt voor wat een surfballad mag genoemd worden: Within a Martian heart. Dit soort tragere surf was ook behoorlijk populair in Pulp fiction, zo herinneren we ons nog levendig.
Afgesloten wordt er met een wel heel eigenzinnige cover van Goldfinger (we durven er om wedden dat het geluidsfragment waarmee het nummer inzet, uit de gelijknamige Bondfilm komt).
Reissues zijn niet altijd makkelijk te beoordelen, omdat je eigenlijk met de oren van toen zou moeten kunnen luisteren, maar we aarzelen niet om te beweren dat dit een goeie introductie tot Man... Or Astro-Man? is, of tot surfrock voor al wie daar nog niet eerder mee kennismaakte. De weirde combinatie van oude science-fiction en uit vroege rock 'n roll geboren surfmuziek werkt! En nu we in de stemming zijn, gaan we nog eens enkele afleveringen van The Jetsons bekijken...
14 maart 2011
The Apartments





