Posts tonen met het label leven. Alle posts tonen
Posts tonen met het label leven. Alle posts tonen

28 februari 2024

Ziekenhuis


Het UZ in Gent kent nog weinig geheimen voor me. Al vanaf mijn geboorte ben ik er "vaste klant". Ik heb immers een aangeboren hartafwijking en werd daarvoor reeds op jonge leeftijd geopereerd. De ingreep waarmee ze het probleem toen verhielpen was destijds vrij nieuw maar wordt tegenwoordig niet meer uitgevoerd omdat er al betere alternatieven zijn. Uit longitudinaal onderzoek, zo vertelde mijn cardioloog bij wie ik minstens jaarlijks op controle ging (en ga), bleek dat na verloop van tijd een reeks van problemen (waaronder ritmestoornissen) ontstonden ten gevolge van die ingreep en ik had nog geluk dat die evolutie bij mij trager ging dan vele lotgenoten. Maar sinds enkele jaren zijn de secundaire problemen niet langer te negeren en staan ze een normaal functioneren in de weg. Nier-, lever- en vaatproblemen volgden en ik sta inmiddels al een tijdje op de wachtlijst voor een transplantatie van hart en nier. Op een dag zal ik plots telefoon krijgen dat er een donorhart beschikbaar is voor mij. Het is een dag waar ik tegelijk naar uitkijk en tegen opzie, want de revalidatie zal lang en niet makkelijk zijn. (En wellicht zal ik hier dan een tijdje "verdwijnen" tijdens mijn hospitalisatie.)
Mijn vertrouwdheid met ziekenhuizen (want de nierdialyse krijg ik in mijn woonplaats en niet in het te verre Gent) inspireerde me tot onderstaande Spotify-playlist met songs in het thema:

  1. Hospital - Astronaute: we openen met dit rustige nummer van het album Petrichor dat ik ooit hier reviewde.
  2. Hospital beds - Cold War Kids:  Cold War Kids hadden ooit een fijne radiohit met Hanging out to dry en het typische stemgeluid dat die song er toen deed uitspringen kleurt ook deze song overduidelijk.
  3. Take me to the hospital - The Prodigy: er zullen weinig zieken zijn die kunnen meedansen op het moment dat de titel ook hun wens is maar verder is er weinig mis met dit nummer dat terug te vinden is op Invaders must die.
  4. Harborview hospital - Mark Lanegan: hoe fantastisch ik het album Blues funeral van de betreurde Mark Lanegan wel vind, kan je op elk moment hier nalezen. Er staat werkelijk geen minder liedje op de plaat en hoewel dit niet het hoogtepunt is, blijft ook dit staan als een huis.
  5. Picture me in a hospital - Babyshambles: de hype rond The Libertines en Babyshambles, de bands van Pete Dohery, begreep ik destijds niet echt. Intussen heb ik beide bands toch wel weten te waarderen. En dit nummer ligt aangenaam in het gehoor dus mag hier zeker niet ontbreken.
  6. Nurse - Miss Kittin and The Hacker: er is iets guilty pleasure-achtig aan de muziek van Miss Kittin. Tegelijk lijkt alsof ze gebruikmaakt van goedkope effecten maar wie goed luistert, hoort toch hoe ingenieus ze met de elementen aan de slag gaat en deze song over een verpleegster past perfect als illustratie voor mijn punt.
  7. Earth people - Dr. Octagon: we kennen het allemaal uit films en ziekenhuisseries uit de VS dat door de speakers boodschappen weerklinken voor de dokters. "Paging Dr. Octagon", zo begint dit fijn  nummer van Dr. Octagon, een alter ego van Kool Keith, en je wordt meteen het hospitaal ingeslingerd als luisteraar.
  8. X-ray - The Maccabees: hoeveel röntgenfoto's (niet in het minst van mijn longen, want dat lijkt wel standaar te zijn bij een opname via spoed) zouden er van mij intussen niet al in mijn medisch dossier zitten? Ik hoop maar dat ik niet straal als de reactorkern van Doel, om eens een overdrijving uit de kast te halen.
  9. Wires - Athlete: zanger Joel Pott van Athlete schreef dit nummer nadat zijn dochtertje kort na de geboorte ziek werd en op intensieve moest opgenomen worden. De aanblik van al die draden die zijn kindje verbonden met de apparatuur inspireerde hem en het verhaal heeft me altijd al ontroerd.
  10. Röntgen - Affet Robot: deze Londense dark wave-artiest was me totnogtoe onbekend maar zijn nummer hoort hier perfect thuis.
  11. Take your medicine - Czarface and MF Doom: hiphop die even zwart klinkt als new wave, ik hou er wel van. En Czarface en MF Doom zijn er goed in. Nog geen minuut lang, dit liedje, maar toch toepasselijk.
  12. Medicine - Nick Waterhouse: voor zijn song over medicatie bedient Nick Waterhouse zich van een heel ander muzikaal palet want hij grossiert in rhythm & blues, jazz en soul. 
  13. Injection - Push (featuring Belko): Push ken je wellicht van het zeer populaire Universal nation maar ook dit nummer is de moeite waard.
  14. I need a doctor - Dr. Dre, Eminem and Skylar Grey: fijn singletje uit 2011.
  15. Doctor's orders - Sonic Youth: het is een running gag tussen mijn lief en mij sinds ik enkele malen via spoed opgenomen werd. Er zijn  immers twee zinnetjes die we telkens (vaak) te horen kregen: "de dokter heeft dat voorgeschreven" en "de dokter komt zo". Fijn te weten dat ook Sonic Youth ervaring heeft ermee...
  16. Bad case of loving you (Doctor, doctor) - Robert Palmer:  het moeten niet allemaal minder bekende of zelfs obscure songs zijn in dit liedje. Deze hit van Robert Palmer zullen velen al wel eens horen passeren hebben op de radio. Deze diagnose heb ik echter nog nooit gekregen.
  17. Doctor doctor - Labi Siffre: ik breek hier graag een lans voor de onderschatte Britse soulzanger Labi Siffre, die af en toe eens een klein hitje scoorde maar wiens platen veel meer pareltjes bevatten. Ook hij aanroept de dokter.
  18. Surgery - Two Door Cinema Club: soms leidt een opname tot een operatie: nooit leuk maar wel noodzakelijk. Al goed dat je zelf weinig weet van wat er gebeurt tijdens de ingreep. En ik kijk ook niet graag (meer) naar operaties die ze op tv tonen, dus daar mogen ze eigenlijk ook wel eens mee ophouden. 
  19. Anaesthetic - Arca: operaties zijn nooit leuk maar gelukkig is er de narcose. Ik heb me in al die jaren leren overgeven aan de narcose want mijn drang naar controle hield me vroeger zo lang mogelijk wakker zodat ik zo lang mogelijk zou zien en horen wat er gebeurde (niet de pijn natuurlijk, ik ben blij dat ik tegen dan altijd allang weg ben van de wereld).
  20. Cardiology - Good Charlotte: de groep die een one hit-wonder werd met Lifestyles of the rich and famous bezingt hier de discipline die in mijn leven het meest centraal staat.

Misschien mis je hier Smokers outside the hospital doors van Editors, een song die altijd in mijn hoofd sluipt als ik naar het ziekenhuis ga en bezoekers, personeel en patiënten zie die staan te roken net buiten de ingang. Behalve dat ik dat asociaal vind om dat op die plaats te doen (de meeste ziekenhuizen voorzien immers paviljoentjes waar je kan roken zonder de anderen te storen) zodat wie binnen- of buitengaat door de rook moet, ben ik het ook eens met Tom Smith dat het één van de meest zielige dingen is die je kan zien: zieke mensen die een ziekmakende gewoonte niet kunnen laten en in kamerjas en met een standaard waaraan hun infuus is bevestigd, die verslavende nood moeten inlossen. Maar ik heb daar elders al eens over geschreven (maar blijkbaar nooit op deze blog) dus hoefde het voor mij niet in dit lijstje.

12 februari 2020

Gelezen (138)

Het lichaam: een reisgids - Bill Bryson


Ik kan je wel vertellen dat ik bijzonder blij was toen ik van mijn lief dit boek cadeau kreeg met nieuwjaar. Net als in zijn vorige boeken (althans, diegene die ik al las) slaagt Bill Bryson erin een moeilijk, wetenschappelijk en ruim onderwerp als het menselijk lichaam op een heldere, leerrijke en ook vaak grappige wijze begrijpelijk te maken. Systematisch verkent hij per domein van het lichaam de beschikbare kennis en vertelt daarbij ook over de geschiedenis van het tot stand komen van die kennis. Daarmee is het niet alleen vanuit biologisch standpunt maar ook vanuit historisch oogpunt vaak heel interessant.

De kolonel krijgt nooit post - Gabriel García Marquez


Hoewel een korte roman (minder dan 100 bladzijden) beschouwde de Colombiaanse Nobelprijswinnaar dit toch als zijn beste werk. In dit verhaal over een kolonel die al een eeuwigheid wacht op een beloofde vergoeding door de overheid voor het vervullen van zijn plicht, weet Gabriel García Marquez de armoede, de wanhoop en het geloof in een illusie zo treffend te beschrijven dat je hoopt op een goede afloop. Ik kan goed begrijpen waarom de auteur zelf zo tevreden was over dit boek: bondiger en afgemetener kan je een verhaal niet vertellen en toch de essentie ervan vatten.

Mythos. De Griekse mythen herverteld - Stephen Fry


Als die excentrieke oom die gestudeerd heeft en aan wie je letterlijk alles mag vragen, zo hervertelt Stephen Fry de Griekse mythen in dit boek. Daarbij legt hij verbanden uit, maakt zij-uitstapjes naar o.a. Shakespeare en Lord Byron, duidt de etymologische verbanden tussen de personages en de dingen die in het Grieks naar hen vernoemd zijn en tovert daarmee zo'n wereld te voorschijn van cultuur, helder gemaakt voor iedereen, dat je bewonderend dit boek uitleest.

25 januari 2020

Goed gedaan, Vlaamse regering! (Of toch niet?)


Zoals hier te lezen viel op vrt.nws, heeft Wouter Beke, onze nieuwe minister van welzijn, door verschuiving van middelen extra geld kunnen vrijmaken om mensen met een beperking die wachten op zorg, te helpen. Mooi, en goed gedaan, Wouter! Iedereen blij...
Of toch niet? Want laten we dit allemaal eens wat kritischer bekijken. Nog los van het feit dat het daar op het kabinet van Beke een rommeltje moet zijn waarbij hij om de haverklap nieuwe middelen vindt zonder dat er extra geld is (blijkens zijn communicatie van de laatste weken), is de maatstaf waaraan we deze aankondiging misschien best afwegen de plannen, doelstellingen en ambities van de opeenvolgende regeringen (waar zijn partij CD&V altijd deel van uitmaakte) inzake het helpen van mensen met een beperking.
Tien jaar geleden formuleerde Jo Vandeurzen, toenmalig minister en partijgenoot van Beke, immers zijn conceptnota "Perpectief 2020: nieuw ondersteuningsbeleid voor personen met een handicap" (het hele document vind je als je doorklikt). Het werd de basis van alle hervormingen het afgelopen decennium in de sector en ik kan u, in de praktijk werkende, zeggen dat die ingrijpend waren. Alles wat u tegenwoordig hoort over zorgregie, de wachtlijst (één centrale i.p.v. per instelling), persoonsvolgende financiering vermaatschappelijking van de zorg,... is toen allemaal geconcipieerd. 
Kort gezegd komt het erop neer dat Perspectief 2020 (zoals het algauw ging heten) twee doelstellingen nastreefde, tegen 2020, om zo onder meer tegemoet te komen aan het VN-verdrag over de rechten van personen met een handicap. Die twee doelstellingen waren:



Aandachtige lezers merken meteen dat de Vlaamse regering er zich voor hoedde tot zeer concrete verbintenissen over te gaan, je zou deze doelstellingen eerder streefdoelen kunnen noemen dan "targets" (managertaal werd ook in de sociale sector plots hip want we moesten allemaal sociaal ondernemerschap omarmen) waarop je de directie (de regering) achteraf kan afrekenen.
Het idee achter die doelstellingen, uitgaande van vaststellingen in een veranderende maatschappij en internationale tendenzen, is zeker mooi. Personen met een handicap die het meest zorg nodig hebben, moeten (eerst) geholpen worden en die hulp moet vertrekken vanuit wat ze nodig hebben, niet vanuit het aanbod dat al bestond. M.a.w. gedaan met steeds maar weer dezelfde mensen met een complexe zorgvraag die nergens geholpen geraken omdat er voorrang verleend wordt aan "haalbaarder" problematieken en en gedaan met dat mensen met een handicap een pakketje hulp krijgen ongeacht of ze alles daaruit nodig hebben of niet. Voorwaar mooie doelstellingen zijn dat en er was, naast zoals overal enige weerstand tegen verandering (vooral omdat die nogal plots en onvoorbereid kwam), ook in de sector wel enthousiasme voor de ideeën. En de minister meende eindelijk het recept gevonden te hebben om van die verdomde lange wachtlijsten waar elke minister voor hem over struikelde, af te geraken. 
Hoe zag de praktijk er uit de voorbije jaren? Nou, het zou me veel te ver voeren om elk aspect daarvan te belichten en elk nieuw probleem dat opdook (van het verdwijnen van balans in het opnamebeleid van voorzieningen, want ze mochten niet meer zelf kiezen wie ze opnamen, tot haperende doch verplichte netwerktoepassingen die de overheid oplegde), maar sommige, in het kader van die doelstellingen belangrijke, wil ik wel voor de aandacht brengen.
De overheid streeft er dus (en Beke nu evenzeer) om de mensen met de hoogste noden alvast de garantie te bieden op zorg (en die moet dan ook nog op maat zijn). Maar hoe definieer je "de hoogste nood"? Je kan daar ronkende zinnen voor gebruiken zoals Vandeurzen deed in zijn nota of je kan kijken naar de praktijk. Die hoogste noden krijgen allemaal prioriteit 1. Mooi, duidelijk te onderscheiden van mensen met minder hoge prioriteiten. Nu ja, die andere prioriteiten zijn 2 (iedereen die niet 1 is maar toch NU geholpen wil worden) en 3 (toekomstige zorgvragen). Veel differentatie laat dat nu ook weer niet toe. 
Wanneer krijg je de hoogste prioriteit? Wel, er zijn 3 redenen:
- je krijg al zorg maar door verhuis van je familie, partner,... of wat voor reden ook zou je diezelfde zorg ELDERS willen krijgen
- je krijgt zorg maar om één of andere reden heb je nu niet zoveel zorg meer nodig dus je wil een lagere zorgcategorie maar wel liefst aansluitend natuurlijk
- je dient een dossier in om uit te leggen waarom je echt wel niet langer kan wachten op zorg
Die eerste twee redenen geven niet zo veel problemen in de praktijk, althans, niet meer dan vroeger. De derde reden is ietwat tricky. Ten eerste is er nogal wat administratie en papierwerk dat moet ingevuld worden om te bewijzen dat je dus écht niet meer kan wachten en dat je dus écht nog steeds die handicap hebt waarvoor het VAPH (Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap) je al erkent. Dat dossier wordt beoordeeld en de overheid doet dat zeer streng en strikt. Mensen waarvan iedereen met gezond verstand en met kennis van zaken van de dagelijkse realiteit beseft dat ze nu toch echt wel zeer dringen hulp en ondersteuning nodig hebben, blijken geen "voldoende dringende" reden te hebben, bijvoorbeeld omdat hun ouders nog leven (en die kunnen toch voor hen zorgen?). Het is zelfs zo absurd dat zelfs een slechte, ongelooflijk destructieve relatie tussen ouder en kind, die het kind dus eerder kapotmaakt dan helpt, voor het VAPH een reden is om jou niet de hoogste prioriteit toe te kennen.
Stel dat je toch het geluk hebt dat je die hoogste prioriteit toegekend krijgt, is de lijdensweg nog niet voorbij, want je bent niet de enige. Daar zijn immers momenteel zo'n 6.000 van die wachten op een budget voor zorg. In totaal staan trouwens zo'n kleine 16.000 mensen op de wachtlijst om een budget of een budgetverhoging (wegens gegroeide zorgbehoefte) te krijgen, blijkens de cijfers uit het nieuwsartikel.
Probleem is ook dat de overheid ervan uitgaat dat alles wat je krijgt, beter is dan niets (en meteen ook reden om je prioriteit daarna te verlagen van 1 naar 2, want je krijg al "hulp", zelfs al is die niet toereikend). Maar de praktijk toont duidelijk dat vroeg én voldoende ingrijpen juist factoren zijn die een betere prognose geven én die voorkomen dat je later méér hulp nodig hebt dan je oorspronkelijk nodig zou gehad hebben. Net zoals degenen die langst wachten al iets geven ten koste van mensen met nieuwe zorgvragen, eerlijk LIJKT maar het geweldige nadeel heeft dat mensen pas hulp krijgen als de problemen al dermate geëscaleerd zijn dat ze méér en intensievere hulp nodig hebben dan oorspronkelijk nodig zou geweest zijn (en dus ook duurdere hulp!).
En wat met de doelstelling van vraaggestuurde zorg i.p.v. aanbodgestuurde zorg? Wel, dat is in de praktijk een pak moeilijker dan op papier. Want organisaties (instellingen, diensten,...) moeten met hun personeel binnen een kader van arbeidswetgeving wel die hulp georganiseerd krijgen en er waren ook al veel mensen die al hulp kregen die je hen ook niet zomaar kan afnemen om op een bepaald moment van nul te herbeginnen. Dus, net als in andere sectoren overigens, is de praktijk een verschuiving naar méér vraaggestuurd maar ook nog steeds sterk aanbogestuurd, want je kan maar krijgen wat voorhanden is. Dat is voor ons trouwens ook zo in de supermarkt: ik kan wel een kerststol WILLEN in jullie en de supermarkt zou me misschien graag helpen om mijn vraag te beantwoorden (uiteindelijk is verkopen wat ik wil hun businessmodel) maar als er geen zijn, zijn er geen, hoe hard ik dat ook wil...
En zijn de wachtlijsten nu verminderd? Dat was achterliggend misschien nog wel de grootste motivatie om al die veranderingen door te voeren. Wel, volgens het nieuwsartikel stijgt het aantal wachtenden nog steeds (van 15.583 nu tot vermoedelijk 24.900 in 2024, over VIER jaar dus al) en zelfs de groep met de meest dringende noden zou stijgen van 1.500 nu tot 4.000 dan.
Het is goed dat de regering tien jaar geleden doelstellingen en een plan had (zelfs al waren beide verre van perfect), maar mogen we dan nu alstublieft verwachten dat de minister i.p.v. wat maatregelen in de marge eens echte beleidsmaatregelen zou nemen vertrekkende vanuit een visie die realistisch de gigantische problemen van de sector aanpakt?
Want we hebben het hier nog niet gehad over personeelsomkadering (gemiddeld zo'n 80 % van de voorziene personeelsomkadering in de jaren zeventig toen de mix van problemen tenminste nog enige balans had doordat voorzieningen zelf een evenwichtig opnamebeleid konden voeren), het gigantische wantrouwen tegenover de hulpverlening (hulpverleningsinstanties die een persoon al zijn hele leven helpen en dus samen met zijn familie beter dan wie ook weten, vanuit profiessionele deskundigheid, wat iemand nodig heeft in de toekomst, mogen officeel geen "betrokkenen" zijn bij het indienen van het dossier met vraagverheldering en budgetaanvraag), de vermaatschappelijking van de zorg binnen een inclusieve maatschappij (ik weet niet of u het al opviel, maar deze overheid is helemaal niet zo inclusief als ze van ons verwachten: vreemdelingen, Walen, werklozen, langdurig zieken, linksen, culturo's,... zijn niet welkom want profiteurs dus het laat zich raden wat ze sommige politici écht vinden van mensen met een handicap die weinig "bijdragen aan de maatschappij"),...

20 januari 2020

Gelezen (136)

Lovesick blues: the life of Hank Williams - Paul Hemphill


In deze biografie van Hank Williams, één van de grootste echte country-sterren wiens songs mij enorm aanspreken, begint en eindigt Paul Hemphill met de link die hij en zijn vader zelf hadden met Hank, luisterend naar en geraakt door zijn muziek. Daarmee maken ze dit biografisch verhaal wat persoonlijker. Het levensverhaal van deze countryzanger is op zich al een wilde rit tot hij op zijn negenentwintigste sterft en als lezer word je meegesleurd tussen de successen en de dieptepunten in diens leven.
Voor mij is Hank Willliams op Johnny Cash na de grootste ster uit de country. Zijn songtitels alleen al ("I'm so lonesome I could cry", "There's a tear in my beer", "You're gonna change (of I'm gonna leave", "I'll never get out of this world alive",..) zijn pareltjes en de simpele, directe taal die hij hanteert, weet me steeds te bekoren. Ik ben blij dat ik nu ook meer weet over de zanger achter die liedjes.

Een (ongewone) geschiedenis van doodgewone dingen - Annegreet van Bergen


Annegreet van Bergen verzamelde in dit boek haar columns over alledaagse zaken die ze als historicus benadert. Ze laat zien hoe vele dingen die wij tegenwoordig als (bijna) vanzelfsprekend beschouwen, dat vaak allerminst waren tot voor kort. Van koelkasten tot "doorleren", van boter tot treinen, heel wat producten en diensten kennen pas een recente geschiedenis, zeker voor de gewone man (in dit geval, in Nederland).
Het boek deed me heel erg denken aan "At home" van Bill Bryson, dat nog veel uitgebreider (en vanuit een Engels standpunt) gelijkaardige fenomenen en hun geschiedenis beschouwt en dat -eerlijk gezegd- daardoor ook een veel beter boek is geworden. Maar dit is voor wie minder tijd of zin heeft, alvast een heel toegankelijk begin.


Blues: seks, moed en tegenspoed - Johan Op De Beeck


In dit boek gaat journalist Johan Op De Beeck op zoek naar wat blues inhoudt. Hij gaat daarbij ten rade bij Belgische bluesmuzikanten of concertpromotoren maar ook bij de oude meesters zelf. Hij verbindt het hele boek door die roots van de muziek en haar vertolkers met de hedendaagse artiesten in ons land, met mensen van bij ons die gebeten zijn door eenzelfde bluesmicrobe als de auteur zelf. Daarin is het boek verhelderend, het beschrijft ook mooi de geschiedenis van het genre en van de voornaamste vertolkers.
Toch leest het ook vooral als een ode door een fan, die bijna elke oude bluesgrootheid als "de grootste" bestempelt en in zijn aanbidding voor het genre hedendaagse genres en artiesten meen te moeten neerhalen, alsof authenticiteit enkel in de blues (en jazz) terug te vinden zou zijn. Bovendien gaapt in zijn relaas te vaak een gat tussen de oude helden en de nieuwe generatie, waarin bluesartiesten uit de jaren tachtig en negentig uit het buitenland (of hedendaagse buitenlandse artiesten tout court) amper of niet aan bod komen. R.L. Burnside wordt weggezet als een marketingidee, hoewel zijn verhaal vele gelijkenissen vertoont met dat van de oude blueshelden: onbekend tot een blanke artiest (Jon Spencer) hem bekend maakte en hij eindelijk de erkenning kreeg die hij verdient. Die idolatrie en die verafgoding van alles wat maar oud en "authentiek" is naar de maatstaven van de auteur zelf, stoort bij momenten en dat is jammer.

17 december 2017

Voor een goed doel


Vorig jaar postte ik dit bericht over De Warmste Week van Studio Brussel en ik sta nog steeds achter wat ik er toen over zei. Als het einde van het jaar en de kerstdagen jou echter laten nadenken over hoe je ook aan andere mensen kan denken en als je een steentje wil bijdragen voor diegenen die het moeilijk hebben (ondanks de zogezegde #extranetto waar Gwendoly Rutten het steeds over heeft), dan is dit alvast een klein maar zeer waardevol initiatief dat jouw steun verdient.
In de Consouling Store (Baudelostraat 13/001, 9000 Gent, alle dagen open van 11u tot 19u, behalve op woensdag en zondag) staat op de toonbank een potje. Daarin kan je een bedrag naar keuze steken om de Voedselbank te steunen. Mike en Nele van de winkel vinden het immers belangrijk om dat goede doel te steunen, en alle kleine beetjes helpen. Wisselgeld als je er muziek komt kopen, klein geld dat nog ergens in je broekzakken zit,... het is allemaal welkom. Op het eind van het jaar schrijven ze het over naar de Voedselbank van Oost-Vlaanderen en maken ze het bedrag bekend op hun Facebookpagina. Het is geen astronomisch bedrag, maar alle beetjes helpen.

24 september 2016

Eén jaar later: verslag van een rit op een roetsjbaan


Het is vandaag precies één jaar geleden dat ik een operatie aan mijn hart onderging. Om een lang verhaal kort te maken: toen ik twee was, werd ik voor een aangeboren hartafwijking geopereerd maar die ingreep leidde op termijn wel tot hartritmestoornissen en enkele andere problemen. Vorig jaar werd in één operatie o.m. iets gedaan aan die hartritmestoornissen (door het plaatsen van een pacemaker) en werd een lek aan een klep gedicht.
De eerste week na de operatie ging mijn herstel verrassend vlug, in het ziekenhuis. Ik slaagde er al snel in om de doelstelling m.b.t. beweging (wandelen, trappen lopen,...) te halen en ik mocht zelfs iets vroeger naar huis dan ik gedacht had. Met goede moed en vol vertrouwen ging ik dus naar huis. Daar bleek het herstel toch zwaarder dan gedacht. Maanden kon ik niet gaan werken en moest ik revalideren: 3 maal per week naar de kine (in het UZ), op het einde gewoon thuis. Waar vooraf gesteld werd dat ik na enkele maanden beter zou zijn en meer conditie zou hebben dan in de periode voorafgaand aan de ingreep, bleek dat ferm tegen te vallen. Meer zelfs, in maart ging ik terug werken maar viel nog regelmatig ziek uit omdat het te zwaar was. Een infectie die ook effect had op mijn lever zorgde ervoor dat ik alle geboekte conditionele winst weer verloor en het is pas sinds enkele weken dat het eindelijk in stijgende lijn gaat. Voordien was het toch vooral een soort processie van Echternach: drie stappen vooruit en twee achteruit... (en bij momenten zelfs omgekeerd).
In al die tijd was er gelukkig wel mijn fantastisch lief, dat tijd maakte voor me, me steunde, me hielp, me aanspoorde, mijn geklaag aanhoorde en een beetje mee triest werd toen ik deze zomervakantie stilaan moedeloos werd van het gebrek aan vooruitgang. Zonder haar en zonder de steun van mijn vrienden en familie zou ik wellicht weggezakt zijn in lethargie en wanhoop.
Ook op het werk ging het moeilijk: mijn steeds terugkerende afwezigheden maakten me onbetrouwbaar en hoewel mijn collega's natuurlijk wel begrepen hoe het kwam (of toch deels), was het voor ieder van hen erg lastig om niet op mij te kunnen rekenen. Momenteel werk ik even in een ander team en die frisse start maakt het vast makkelijker om daarna eventueel terug samen te werken en die vervelende periode achter ons te laten.
De voorbije weken ging het eindelijk beter. Behalve dat de ritmestoornissen meteen weg waren na de operatie (niet onbelangrijk maar lange tijd zowat de enige winst die ik ondervond), was mijn conditie nog slechter dan voorheen, waar ik gehoopt had (en waar dat me ook was voorgehouden) dat ik eindelijk terug meer fysieke inspanningen zou kunnen leveren en meer dingen met mijn kinderen zou kunnen doen. Maar kijk, nu geraak ik weer zonder volledig buiten adem te zijn een brug over met de fiets en kan ik min of meer zoals vroeger naar het werk fietsen, zij het aan een iets lager tempo. Ik heb mijn inspanningen leren doseren en ik voel nu wel dat mijn conditie aan het groeien is. Daar gaan we blijven aan werken dus.
Ook voor mijn kinderen was het geen makkelijke periode. Hoewel ze er zelden iets van zeggen, merk ik toch dat ze bezorgd zijn en ze hebben het afgelopen jaar ook meer dan eens een beetje voor zichzelf moeten zorgen omdat ik moest rusten/slapen of vroeg in bed kroop. Ook kon ik totnogtoe amper dingen doen met hen die fysiek een inspanning vroegen, maar ook daar komt stilaan verandering in.
Het was een roetsjbaan (en ik hou daar sowieso niet van, ook niet in pretparken of op de kermis), maar stilaan wordt het precies een rustige wandelweg naar boven, richting top van de heuvel (berg is nog wat veel gezegd). Hout vasthouden dus...

07 juni 2016

Gelezen (87)

Mosquitoland - David Arnold


Dit is een vaak grappige en mooi geschreven "road story" over een meisje dat wegloopt bij haar vader en stiefmoeder om haar moeder, waarvan ze vermoedt dat die in nood verkeert, te helpen. Zoals gebruikelijk in dit soort verhalen laat David Arnold niet enkel de fysieke weg zien die ze aflegt, maar ook de emotionele en geestelijke weg van het hoofdpersonage. Tussen de regels door is het boek bovendien kritisch voor hulpverlening die focust op medicatie en aan het verhaal van de patiënt voorbijgaat.

To kill a mockingbird - Harper Lee


Je zou het verhaal kunnen terugbrengen tot dat van de advocaat die een zwarte die beschuldigd wordt van verkrachting, verdedigt, maar dat is toch tekort doen aan dit monumentale en iconische boek van Harper Lee. Het beeld dat geschetst wordt van het rurale zuiden van de VS tijdens het interbellum, waarin racisme sterk aanwezig blijft, is zoveel rijker dan dat. Het is niet alleen een heel mooi geschreven boek, de auteur slaagt er ook in met veel zin voor detail een beeld op te roepen dat nuance combineert met maatschappelijk engagement.


At home - Bill Bryson



Met de kamers van de oude domineewoning waar Bill Bryson woont in Engeland als gids, neemt hij ons mee doorheen de geschiedenis van een heleboel dagelijkse activiteiten, voorwerpen, domeinen,... Dat doet hij met heel veel humor. Dat maakt dat je niet constant het gevoel hebt overladen te worden met wel heel veel informatie. Vaak zijn de verhalen markant, interessant, verrassend en soms zelfs ontroerend. Dit boek is een hele turf, maar de moeite toch wel waard, met aandacht voor geschiedenis, architectuur, kunst, volkskunde,....


Deep south - Paul Theroux



Dit keer neemt Paul Theroux ons in zijn reisboek niet mee naar verafgelegen gebieden (nu ja, voor ons wel nog natuurlijk) maar naar het voor hem verrassend dichtbije zuiden van de Verenigde Staten. Staten als South-Carolina, Georgie, Alabama, Arkansas, Mississippi,...: ze vormen de achtergrond voor een verhaal over armoede, onderontwikkeling maar ook racisme en wapenfanatici. Theroux vermijdt de grote steden en zoekt echt kleinere steden en het platteland op om te schetsen hoe de Burgeroorlog nog steeds nazindert in het door jobvlucht geteisterde zuiden.
Jammer genoeg wordt de boodschap van Paul Theroux nogal drammerig gebracht: het zuiden is er minstens zo erg aan toe als de Derde Wereld, maar ontvangt weinig middelen van de VS-overheid en rijke weldoeners, die liever miljoenen en zelfs miljarden pompen in arme landen ver weg dan in de eigen achtertuin. De auteur herhaalt dit echter zo vaak dat het gaat vervelen, iets wat hij uiteindelijk ook zelf begrijpt als hij een keer te veel Clinton als voorbeeld aanhaalt in gesprekken met arme, zwarte boeren.
Die nodeloze herhalingen kenmerken ook wel een beetje de rest van het boek. Sommige zinnen worden te vaak herhaal (zoals bij de wapenshows, waar hij niet komt om te oordelen, maar om te kijken en luisteren). Soms gebeurt het zelfs dat in eenzelfde stukje van het verhaal de herhaling toeslaat en achtergrondinformatie dubbel gegeven wordt, vaak met dezelfde woorden.
Theroux grijpt graag terug naar de literatuur om toestanden te duiden en vergelijkingen te trekken tussen heden en verleden. Een jammerlijk gemiste kans is wel dat hij muziek (en in feite ook film) als cultuurgoed te weinig betrekt in die beschouwingen, hoewel de muziekcultuur toch erg prominent aanwezig is in de VS en niet in het minst in het zuiden. Wie weet hoe groot country is en welke maatschappelijke invloed het genre heeft, kan niet goed begrijpen waarom we er amper iets over te lezen krijgen in dit boek. In het interludium over het woord "nigger" komt hiphop nog wel even aan bod en heel spaarzaam wordt de blues binnengebracht in het verhaal, maar dat staat toch niet in verhouding tot de impact die muziek had en heeft.
Wat het volgen van het verhaal ook bemoeilijkt, is dat nergens in het boek een kaartje opgenomen is, dat de lezer zou kunnen helpen zich te oriënteren bij de omzwervingen die hij maakt.
Paul Theroux blijft een begenadigd schrijver, maar dit boek is toch het minst goeie dat ik van hem las, omwille van de gemiste kansen en omwille van de uiteindelijk storende herhalingen.

12 februari 2016

Boerenbond : The Smiths misleiden en disinformeren

Nadat Anne-Marie Vangeenberghe eerder al de campagne "Dagen zonder Vlees" hekelde in een opiniestuk op deredactie.be, neemt ze nu namens de Boerenbond en Landelijke Gilden, waarvoor ze woordvoerster is, ook The Smiths op de korrel. We ontvingen deze morgen onderstaande brief, die u kan lezen terwijl u onderaan de Spotify-afspeellijst beluistert:



‘Matigen is een schone deugd’, een van de vele uitspraken van mijn grootmoeder waar ik in de jaren 80 mee opgroeide: ik was ze al die tijd vergeten, maar moest er gisteren, bij het luisteren naar Spotify, weer aan denken. Gek genoeg luisterde ik niet naar een Greatest Hits van Modern Talking of de nieuwe van Kanye West. Wel besteedde ik buitensporige aandacht aan  "Meat is murder" van The Smiths. Waar velen blijkbaar (zonder nadenken?) het hoofd zachtjes laten meewiegen op de muziek, voel ik me de enige afwezige. En toch hou ik mijn hoofd (nog) stil.
Ik ben van nature nogal kritisch, zeker geen meeloper. Als ik in een kerk mensen gebeden hoor aframmelen, dan vraag ik me altijd af of ze wel weten wat ze zeggen. Bij de jeugdbeweging had ik het altijd moeilijk met activiteiten die een hoog gehalte van kuddegevoel bij me opriepen, en klakkeloos de opgelegde nummertjes uitvoeren tijdens een schoolfeest, zorgde ervoor dat ik steevast op de laatste rij stond. Toen iedereen Milli Vanilli geweldig vond, had ik al mijn vraagtekens. Dat was mijn ding niet en, zo zou later blijken, ook helemaal niet het ding van die twee mannen die we in videoclips zagen opdraven.
Hetzelfde voor albums: als ik al ergens naar luister, dan wil ik altijd goed weten waarom, wat erachter zit, de lyrics opzoeken op internet. Zo ook bij "Meat is murder". Morrissey roept op tot geen vlees en vis eten. En dat zelfs op de Lokerse Feesten. Samen besparen we zo veel mogelijk op onze ecologische voetafdruk. Daartoe loopt een militair in Vietnam rond met een helm met daarop de slogan. Ik wist niet dat er door de Vietcong zoveel vlees werd gegeten.
Daarom kan ik niet meer luisteren naar deze plaat. Ze bulkt uit van desinformatie en creëert de perceptie dat je beter oorlog kan voerren dan vlees eten.
"Meat is murder" misleidt en desinformeert, en creëert de perceptie als zou je met neerslachtige muziek en een zagerige stem een hoop wereldproblemen makkelijk kunnen oplossen. Ik moet je ontgoochelen. Dat doen ze niet. Zo eenvoudig is het niet.


24 augustus 2012

Gelezen (47)

Een kleine geschiedenis van bijna alles - Bill Bryson



Wat In Europa van Geert Mak voor mij betekende op vlak van geschiedenis, betekent Een kleine geschiedenis van bijna alles van Bill Bryson als het op natuurwetenschappen aankomt. Op een begrijpelijke, mooi geschreven wijze wordt een mooi overzicht gegeven van de kennis die we hebben over de aarde, het heelal, het leven, de mens,... Het verhaal wordt doorspekt met anekdotes over de hoofd- en bijrolspelers in het grote verhaal van de (geschiedenis van de) natuurwetenschappen, en je komt een heleboel (veel te veel om ze allemaal te onthouden zelfs) weetjes tegen die je doen glimlachen of je verwonderd achterlaten. Dit is een soort naslagwerk in zekere zin, om af en toe nog eens fragmenten uit te herlezen.

En ik leerde er -naast de vele feiten en theorieën die erin uitgelegd staan- ook volgende dingen:

- In de wereld van het grote (het heelal) en het kleine (atomen, cellen) zijn de aantallen die gehanteerd (moeten) worden van een orde die niet te bevatten is voor een mens.
- Om in de wetenschap de erkenning te krijgen die je verdient, moet je geluk hebben, je kennis op het juiste moment, op de juiste manier en op de juiste plaats delen. Zoniet gaat een ander gegarandeerd met de pluimen lopen.
- Eigenlijk zijn wij zeer nietige wezens, die zichzelf héél belangrijk wanen, maar die slechts een fractie van die "geschiedenis van bijna alles" uitmaken en er maar een heel kleine plaats in hebben. Onszelf zien als het centrum van de wereld (laat staan het heelal) of als iets waar de evolutie naartoe gewerkt heeft, is ontzettend aanmatigend.

Kijken in de ziel: toptrainers - Coen Verbraak


Nadat Coen Verbraak al eerder psychiaters interviewde voor de tv-reeks Kijken in de ziel deed hij in deze reeks hetzelfde met toptrainers (uit Nederland), en de interviews (behalve dat met Van Haneghem) verschenen ook in boekvorm.
Foppe de Haan, Guus Hiddink, Leo Beenhakker, Co Adriaanse, Bert van Marwijk en Louis van Gaal passeren de revue en worden soms dezelfde vragen voorgelegd, waardoor je een beter zicht krijgt op wat de rol van een trainer is in een voetbalclub (of een nationaal elftal). Ondanks de individuele verschillen blijken enkele zaken opvallend vaak terug te keren: trainers moeten in de eerste plaats het verhaal kunnen overbrengen, ze moeten spelers beter maken door dicht bij hen te staan en hen te coachen (jammer genoeg vertelt enkel Foppe de Haan iets meer over hoe je dat doet), het trainersvak is een eenzame stiel en het helpt als je zelf toch minstens een redelijk goed voetballer was (maar topspelers zijn niet noodzakelijk toptrainers, of zoals Co Adriaanse het al ooit eens eerder uitdrukte: "Een goed paard is daarom nog geen goeie ruiter.")
Toch bleef ik, omdat de trainers eigenlijk weinig ingaan op hoe ze het precies doen, een beetje op mijn honger zitten. Ik had verwacht dat dit boek me méér zou leren over management en leiderschap, en nét dat aspect wordt wat onderbelicht.

09 mei 2012

Gevaarlijk jong (1/2)


Rijkelijk laat (want de tentoonstelling loopt maar tot 20 mei) ging ik in het Museum Dr. Guislain in Gent naar de tentoonstelling Gevaarlijk jong. Kind in gevaar, kind als gevaar. In die tentoonstelling worden aan de hand van kunstwerken en ander archiefmateriaal aspecten belicht van onze visie op kinderen en de kindertijd, gevaren die het kind bedreigen en op hoe kinderen zelf een gevaar kunnen vormen voor anderen (o.a. door geestesziekten of gedragsstoornissen). Kinderen is in deze overigens een term die moet begrepen worden als 'minderjarigen', aangezien het ook vaak over jongeren gaat.
Een belangrijk thema in de tentoonstelling is het ideologisch gebruik (of misbruik) van het kind. Kinderen en jeugd worden door allerlei ideologieën gerecupereerd om het eigen blazoen op te poetsen of als argumenten, die inspelen op de emoties. Immers, kinderen zijn een goed dat maatschappelijk vaak erg geïdealiseerd bekeken wordt en benaderd wordt binnen een associatie met onschuld, kracht, ongereptheid en maakbaarheid. Dat het overigens niet enkel politieke ideologieën zijn zoals socialisme en nazisme, maar ook het (ultra)liberaal kapitalistisch gedachtengoed dat op een bijzondere manier omgaat met kinderen en de kindertijd en die incorporeert, strekt tot eer van deze tentoonstelling. De hele idealisering van de kindertijd is er op zich eigenlijk eveneens een voorbeeld van. Voorbeelden hiervan zijn de kortfilm Rhabarber boy van Ulu Braun, waarin het kind in navolging van L'enfant sauvage getoond wordt als een ongerept, primitief, onbeschreven blad, dan wel als misschien toch niet zo onschuldig, en de foto's van Ruud van Empel, die de beelden zodanig manipuleert dat er een heel cleane, haast perfecte kindertijd geconstrueerd wordt.


Ook de tegenstelling kindertijd versus volwassenheid en de ambigue houding daaromtrent wordt meermaals geïllustreerd. Heel wat kunstenaars spelen met dat ambigue, b.v. in de foto's van Edith Maybin waarin ze haar eigen kinderhoofd op haar volwassen vrouwenlichaam plaatst. Ook wanneer misbruik en sexualisering van kinderen getoond worden, zoals in de foto's van Sergey Bratkov, wordt die ambiguïteit op confronterende wijze aan de toeschouwer voorgehouden. Foto's van kinderen die meedoen aan schoonheidswedstrijden voor kinderen (die trouwens ook al gebruikt werden voor de tentoonstelling Het gewichtige lichaam) tonen hoezeer deze vaak jonge kinderen zelf al mini-volwassenen geworden zijn, om te voldoen aan verwachtingen die van de kindertijd een soort ideale mini-volwassenheid maken.


Kinderen in gevaar behelst ook de psychiatrische kijk op problemen bij kinderen. Er wordt getoond hoe jongeren door complexe stoornissen in hun ontwikkeling bedreigd zijn, maar evenzeer hoe psychiatrisering van de normale ontwikkeling een bedreiging vormt voor kinderen (denk daarbij maar aan het hele debat rond ADHD, Rilatine en de DSM-classificaties).
Ook de jongerencultuur en hoe kunstenaars die trachten een plaats te geven in hun werk, komt ruimschoots aan bod. Er is aandacht voor historische ontwikkelingen in de kijk naar kinderen, krachten van kinderen worden belicht. Er is werk te zien van o.m. Banksy, Miro, Gerda Dendooven, Larry Clark, Keith Haring, Eugène Laermans,...
De tentoonstelling loopt nog tot 20 mei. Meer info vind je hier.

22 december 2011

Pickpockets bevinden zich mogelijks op onze trein


Gisteren op de trein gehoord : "Waarschuwing aan de passagiers. Gelieve op uw bezittingen (uitgesproken als "bezettingen") te letten. Pickpockets bevinden zich mogelijks op onze trein."
Wellicht komt het ook doordat ik aan het lezen was in
Taal is zeg maar echt mijn ding, maar ik vond het een heel vreemde zin... In het Frans klonk hij overigens zo: "Pickpockets se trouvent possiblement dans notre train."
Nu is pickpockets al een vreemd en bij ons vrij ongebruikelijk woord. Gauwdieven en vooral zakkenrollers worden ze vaker genoemd. En blijkbaar bevinden ze zich (allemaal?) ergens, mogelijks zelfs op onze trein. Tja, verpleegsters bevinden zich eveneens mogelijks op de trein, want voor zover ik weet, vraagt de conducteur niet naar wat iedereen doet.

Ik vermoed natuurlijk dat een melding van een diefstal van een portefeuille of zo bij de conducteur de aanleiding vormde voor deze boodschap (trouwens gedaan net voor de deuren van de trein opengingen, als een waarschuwing voor hen om snel de trein te verlaten vooraleer ze betrapt kunnen worden?). Hoe men meteen ook tot de conclusie kwam dat het er méér dan één was, weet ik niet...

En tenslotte : ónze trein ? Sorry hoor, maar in deze dagen waarin bovenop de al gebruikelijke chaos van de spoorwegen de stakingen ook nog eens echt voor een tegenstelling tussen reizigers en spoorpersoneel zorgen, overbrugt deze conducteur meteen die tegenstellingen door ons deelgenoot te maken aan de trein : we zitten per slot van rekening allemaal in hetzelfde schuitje?

15 juli 2011

Gentse Feesten 2011

Morgen beginnen de Gentse Feesten. Een greep uit het fijne en rijke aanbod :


- Op het
Puppetbuskerfestival staan allerhande vormen van poppentheater op de agenda, en je kan altijd fijne ontdekkingen doen, niet alleen in het Europees Figurentheatercentrum, maar ook op locatie op de Korenmarkt, het Woodrow Wilsonplein (de Zuid) en in de Veldstraat... (van 16 tot 24 juli)
- Ook al zo'n klassieker op de Gentse Feesten is het straattheaterfestival MiraMiro : met gratis en betalende voorstellingen voor jong en oud, met het hart van de activiteiten nabij de Sint-Baafsabdij, maar ook Bij Sint-Jacobs en de Korenmarkt (enkele voorstellingen vanaf 16 juli, maar vooral van 21 tot 24 juli)
- Gent Jazz loopt op zijn laatste benen, maar er zijn nog fijne concerten van Agnes Obel, Absynthe Minded en Angus & Julia Stone (vanavond), Raphael Saadiq (zaterdag 16/7) en Daniel Lanois' Black Dub featuring Trixie Whitley & Brian Blade (zondag 17/7)
- Dance in alle vormen en maten vind je op
10 Days Off met onder meer Dr Lektroluv (15/7), Simian Mobile Disco (16/7), Carl Craig (18/7), Laserkraft 3D en Tocadisco (20/7), Richie Hawtin (21/7), 2562 en Martyn (22/7) en Moodymann (25/7) in de Vooruit
- Nog meer muziek op het Boomtownfestival op de Kouter en in de Handelsbeurs, met onder meer Gorki, Avi Buffalo, Love Like Birds, Deerhoof en Kiss The Anus Of A Black Cat (19/7), Low Vertical en Amatorski (20/7), You Raskal You, The Bony King Of Nowhere, Josh T. Pearson en 13 & God (21/7), Architecture In Helsinki (22/7), Intergalactic Lovers, Steak Number Eight en Drums Are For Parades (23/7) en Ólafur Arnalds die optreedt op 20, 21 én 22 juli !
- Wereldmuziek, reggae en aanverwante genres kan je natuurlijk vinden op het
Polé Polé Festival (16 tot 25 juli) aan de Koren- en Graslei, met onder meer Kraak & Smaak (16/7), Internationals featuring Lize Accoe (19/7), Discobar Galaxie (20/7), The Glimmers (23/7), Krema Kawa, Buyse en TLP (24/7), Merdan Taplak Orkestar en Buscemi & The Squadra Bossa (25/7)
- verder fijne optredens van
Flat Earth Society (Bij Sint-Jacobs, 18/7), Flip Kowlier (Sint-Baafsplein, 18/7), SX en The Sore Losers (Bij Sint-Jacobs, 20/7), Headphone (Bij Sint-Jacobs, 23/7) en No Angry Young Man (Groentenmarkt, 23/7) en Clement Peerens Explosition (Bij Sint-Jacobs, 24/7)

De rest van het uitgebreide programma, met theater, museumbezoeken, rondleidingen, foren en markten,... vind je op
www.gentsefeesten.be

03 april 2011

Sneeuwwitje en de 77 vergiften



Samen met mijn dochter ging ik in het Cultureel Centrum van Dilbeek kijken naar de prachtige voorstelling Sneeuwwitje en de 77 vergiften, waarin 2 actrices van Villanella de moeilijke relatie tussen Sneeuwwitje en haar stiefmoeder als uitgangspunt nemen voor een avond waarin kinderen en volwassenen mogen nadenken over de opgelegde relatie tussen stiefmoeders en -dochters.

Het originele verhaal van Sneeuwwitje mag dan wel de achtergrond zijn voor deze voorstelling, maar eigenlijk wordt het al snel als ballast overboord gegooid en enkel gebruikt waar dat uitkomt, om herkenning op te wekken, om verhaallijnen te kaderen. Want per slot van rekening willen de makers van deze voorstelling ons iets vertellen over hoe "gedwongen liefde" zich verhoudt tot loyauteit ten aanzien van de "echte" moeder, hoe beide figuren in dit steekspel van haat en liefde slachtoffer zijn van tegengestelde gevoelens en hoe zij soms moeten weerstaan aan gevoelens die hen overvallen, omdat ze menen dat hun rol die van vijanden is, voor het leven.

De actrices, die ook nog eens rollen van dwergen (maar stel u vooral niet de schattige Disneyfiguren voor, maar eerder sinistere poppenspelers die de touwtjes in handen nemen en experimenten uitvoeren ten koste van de mensen) spelen, schitteren in dit interactief stuk, dat boordevol (soms wrange) humor zit.

Voor mijn dochter, zelf kind van gescheiden ouders en heel erg bezig met thema's als "verliefd zijn" en met hoe het is als je ouders verliefd worden op iemand anders, vormde dit trouwens een ideale manier om stukjes te laten zien die anders amper aan de oppervlakte durven komen, en alleen al daarom ben ik bijzonder blij dat ik met haar hierheen ging...

01 maart 2011

Madrid




Ik had echt geluk met het weer, het voorbije weekend. Ik bezocht een vriendin die een schooljaar lang als vrijwilligster in een kleuterschool in Madrid werkt, en het was het eerste zonnige, warme weekend in de Spaanse hoofdstad, zo bleek.


Ik bezocht er musea (Prado natuurlijk, de prachtige collectie van Thyssen-Bornemisza en het Museo Naval, en jammer genoeg moest ik Museo Reina Sofia laten schieten), wandelde door de stad, at Spaans, Indisch en Arabisch, verpoosde in het prachtige Retiro park, pikte een concertje mee van Steve Zee & His Blues Reunion, deed terrasjes en een soort prondelmarkt op zondag en vloog voor het eerst van mijn leven.


Geniet mee met enkele foto's :




















05 februari 2011

Architectuur

Ik ga hier eens iets gewaagd posten. Want eigenlijk weet ik niets af van architectuur. En dus is alles wat ik hieronder ga zeggen, het oordeel van een complete leek. Want dat ben ik dus, een complete architectuurleek. Daar helpen geen 50 bladzijden "De architectuur van het geluk" van Alain de Botton aan...


Een architecte die ik ken, huldigt heel hard het principe "form follows function". Ik kan me voorstellen dat dat inderdaad een goed principe is, maar omdat ik op zich niet zo heel veel verstand heb van functionaliteit in architectuur, laat ik me zelf in mijn beoordeling van architectuur enkel leiden door esthetische motieven. Vind ik het mooi, dan is het voor mij "goeie" architectuur. Méér vragen stel ik me meestal niet eigenlijk. Je zou kunnen zeggen dat voor mij "function follows form". Al is dat wellicht ook weer overdreven, want zoals ik al zei, over function heb ik weinig zinvols te melden.
Ik laat me bij architectuur verleiden door vormen, door strakke lijnen (of vloeiende lijnen ook), door mooi ogende vondsten, door imitaties van de natuur of net door een hypermoderne, sobere look met veel ruimte en licht. Ik stel me weinig vragen over hoe het zou zijn om daar effectief te wonen, hoe ik in zulke ruimtes mijn meubels, mijn boeken, mijn cd's zou kwijt moeten... Als het er mooi uitziet, ben ik allang blij. Trouwens, ik kan me toch niets permitteren dat hoogstaande architectuur is. Dus ik hoef me daar ook geen zorgen over te maken natuurlijk...


Maar ! Ik wil eigenlijk wel meer weten over wat iets goeie architectuur maakt, en ik wil dat leren van iemand met verstand ervan. Zoals die architecte ;-)
Ik ben benieuwd wat ik er allemaal ga over leren...