26 juli 2013

Gentse Feesten 2013 - dag 6

In de namiddag ging ik met mijn zoon naar het pas gestarte MiraMiro. Net als elk jaar stond er een interactieve installatie op de Sint-Baafssite waar kinderen (en volwassenen) allerlei spelletjes kunnen spelen op door Spanjaarden ineengeknutselde eenvoudige en soms ook wel wat complexere constructies. Niet altijd is even duidelijk wat precies de bedoeling is, maar de bereidwillige ontwerpers houden in de gaten waar het wat stroef loopt en komen dan tonen en met eenvoudig Engels een beetje uitleggen wat je moet doen.


We pikten, voor het eerst onvoorbereid wegens nog geen programmaboekje, ook een voorstelling mee. Ruim op voorhand hadden we een plekje vooraan weten te veroveren, maar jammer genoeg ging het om moderne dans, en laat dat nu nét iets zijn waar ik niks mee heb. 


Daarna gingen we richting het Sint-Baafsdorp waar uit oude meubelen autootjes waren gemaakt die je zelf moet voortduwen. De zoon wou er niet in, maar er wel naar kijken. En we namen meteen ook een kijkje in het minimuseum met ineengeknustelde jukeboxen die met een knopje te bedienen waren. Ze zagen er niet alleen intrigerend uit, er kwamen ook nog eens vaak verrassende melodietjes uit...



's Avonds toog ik naar Boomtown. Een korte tussenstop bij Sint-Jacobs leverde een flard Mister And Mississippi op, die echter te lauw klonken om echt te boeien (zelfs hun cover van Get lucky klonk alsof ze er zelf niet in geloofden dat de hele nacht opblijven iets zou opleveren).
Op de Kouter stond Dez Mona al het beste van zichzelf te geven. Stel u daar vooral een theatrale set bij voor, want voor minder doet deze band het blijkbaar niet. Je hoort dat er best wel goeie songs tussen zitten, maar waarom alles zo vet aangezet moet worden, is me een raadsel. Bij momenten leken ze zich Led Zeppelin te wanen, al eindigden ze dichter bij Guild Of Stags, een Nederlandse band die ik op Vestrock aan het werk had gezien.


In de tent volgde de aangename verrassing genaamd BRNS (spreek uit: Brains). Met twee drummers dreef hun sound vooral op de percussie, waardoor These New Puritans niet veraf leken. BRNS laat Brussel klinken als een verpauperde Britse industriestad, herinnert me daardoor ook aan Public Service Broadcasting en Clock Opera. Tegelijk hoor ik er flarden Great Mountain Fire in, nog een andere Brusselse band die me weet te bekoren. De plankenvloer in de tent geeft ruim mee, zodat we bijna de lucht invlogen (letterlijk!) op de opzwepende muziek van BRNS. Halfweg zat er met Deathbed al een hoogtepunt en vlak voor het eind speelden ze ook nog een zeer enthousiast ontvangen, fantastisch Mexico. Live klinken ze alvast een stuk spannender en strakker en energieker dan op plaat, dus ook dit is vanaf nu een blindelings te volgen concerttip.


Op het hoofdpodium begon meteen erna Efterklang aan hun set. De Denen maken rijk gearrangeerde droommuziek en de netjes in pak gehesen frontman zag er erg zondags uit. In een song als The ghost (met een geweldige videoclip trouwens) hoor je ook live dat heel veel details verwerkt zitten en dat de song goed opgebouwd is. Jammer genoeg slaagden ze er live te weinig in me bij de kraag te vatten en bleef vooral het gevoel over dat dit thuis met een koptelefoon en zonder ruis van omstaanders, wanneer je de details ten volle kan waarderen, nog het best tot zijn recht komt.


Onderweg naar huis zagen we nog heel even dat aan de Portus Ganda een leuke openluchtcinema die deel uitmaakt van MiraMiro. Er draaide net iets van Charlie Chaplin. Misschien moet ik één van de komende avond eens komen kijken nog...


25 juli 2013

Gentse Feesten 2013 - dag 5


Net als de avond ervoor met Douglas Firs, stond ook deze avond vooral in het teken van één optreden. De Canadees Ben Caplan, die ik vorig jaar een huisconcert zag geven in Middelburg, zakte immers af naar Gent, en zo een kans konden we niet laten liggen.


Na wat rondgekuierd te hebben door de stad en zelfs even het Sint-Veerleplein aangedaan te hebben, verzamelden we met een voor dit uur aanzienlijk aantal mensen voor het grote podium bij Sint-Jacobs. Aanvankelijk was er nog enige teleurstelling om te merken dat Caplan zijn Casual Smokers (zijn begeleidingsband) niet had meegebracht. Achteraf kan ik alleen maar vaststellen dat nét daarom ik dit concert nog indrukwekkender vind dan dat in Middelburg. Want deze man heeft een klok van een stem, opzwepende nummers (die zo ongeveer wel allemaal "ladadada" bevatten) die zich aanschurken tegen zeemansliederen en walsen en tonnen humor waarmee hij zelfs het meest weerbarstige publiek nog mee zou krijgen. Hij begeleidde zichzelf, wisselend tussen gitaar en piano, leek en klonk oprecht gelukkig hier te staan en kreeg gaandeweg het hele plein enthousiast. Eindigen deed hij dan ook met een magistraal ingeleid en samen uitbundig meegezongen Conduit.
Rest ons nog één tip: als u ooit ziet dat Ben Caplan bij u in de buurt optreedt, aarzel niet en ga erheen. U zal het zich niet beklagen.




(foto's: Elke Ramon)

24 juli 2013

Gentse Feesten 2013 - dag 4

Deze dag stond helemaal in het teken van het concert dat Douglas Firs gaf bij Sint-Jacobs. Maar vooraf struinden we al wat door de stad en lieten we ons vooral door de straatanimatie bekoren. Er was (opnieuw) Trashbeatz, dat ik enkele dagen geleden nog verkeerdelijk Trashbattery had genoemd, en er was het Ouse Valley Collective, een band die net Black Soul Choir van Sixteen Horsepower coverden. 



Maar Douglas Firs dus... Gert-Jan Van Hellemont heeft net een tournee in de USA en Canada achter de rug (al viel uit de bindteksten gisteren niet goed op te maken of hij zijn band ook meegenomen had of niet) en speelde bij valavond op het groot podium. Laat ons eerlijk zijn: het inspireerde hem niet tot geweldige bindteksten, maar gelukkig stond de muziek nog steeds als een huis. Al het goede dat we al eerder schreven over Douglas Firs (hier en hier, en leest u meteen misschien ook nog eens het interview met hem), werd nog eens bewaarheid. Meer zelfs, de band staat steviger dan ooit op zo'n podium en deze ambitieuze, jonge artiest valt, eens hij begint te spelen en te zingen, niet weg te blazen van de bühne. Sinds mijn eerste kennismaking met hem heeft hij al een mooi parcours afgelegd.



De band speelde (flarden) van covers: I me mine van The Beatles en Atlantic City van Bruce Springsteen. Wel jammer dat we geen volledige nummers te horen kregen, want wat ze er wel van speelden, klonk veelbelovend. In de bisronde bracht Gert-Jan solo nog een nummer van Feist. Hoogetepunten van de set waren de bekendere en ook wel de stevigere songs: Shimmer and glow, I dont' think you're good to have around, Pretty legs and things to do, Misunderstood en Dirty dog.

Gelezen (53)

Ledeberg - Jo Van Damme


Dit boek heb ik niet eens uitgelezen. Ik vermoed dat de radiomaker Jo Van Damme (en zijn uitgeverij) dit boek vooral zag(en) als een makkelijke manier om zijn bekendheid te gelde te maken. Het verhaal was niet veel soeps, maar wat vooral stoorde was dat het vol fouten stond die een beetje eindredacteur -zou je denken- er toch meteen uit zou gehaald hebben: de namen van de hoofdpersonages worden voortdurend verwisseld, er ontbreken woorden of zinsconstructies kloppen niet. Na veertig bladzijden was ik het beu en heb ik het boek weggelegd. Ik gebruik mijn tijd liever nuttiger.


De laatste dag van de zomer - Ian McEwan


En dat gebeurde dan weer wel met dit boek. Ian McEwan is een schrijver die ik graag lees, en deze verzameling van zijn vroegste verhalen kreeg ik ooit van mijn kinderen cadeau. De kwaliteit van de verhalen is niet altijd even hoog, maar zelfs in de mindere verhalen herken je al het talent van deze schrijver. De kortverhalen boeien en er is afwisseling genoeg. Leuk boekje!

The collector - John Fowles



John Fowles is vooral bekend als auteur van The French Lieutenant's Woman. Dat boek heb ik overigens nog nooit gelezen. In de bib sprak dit boek me wel aan, en dus besloot ik het mee te nemen. Hoofdpersonage Frederick is een wat wereldvreemde man die opgroeide bij zijn tantes. Hij verzamelt vlinders. Wanneer hij de lotterij wint, besluit hij een afgelegen huis te kopen dat hij helemaal inricht voor de kunststudente Miranda, op wie hij een oogje heeft maar die hij niet durft aanspreken. Hij ontvoert haar, ervan overtuigd dat als ze hem leert kennen, ze wel zal vallen voor zijn charme en zijn liefde. 
Het verhaal wordt verteld vanuit beider standpunten (het tweede deel is het dagboek dat Miranda bijhoudt en vertelt alles wat je tot dan toe al had gelezen, vanuit haar standpunt). Uiteraard verloopt niet alles volgens plan, en het is de verdienste van Fowles dat hij voldoende plotwisselingen inbouwt die je niet mijlenver ziet aankomen. Het was even voorbij de helft van het boek even doorbijten, maar globaal gezien vond ik het best wel een goed boek.


Just kids - Patti Smith



De zangeres Patti Smith, voor wie ik een grote bewondering koester, beschrijft in dit autobiografisch werk vooral de periode in haar leven die ze deelde met de kunstenaar Robert Mapplethorpe, die vooral als fotograaf erg beroemd zou worden. Het boek staat vol verwijzingen naar andere interessante figuren die in New York rondhangen in de jaren 60 en 70. Bij momenten krijg je een beetje een gevoel van namedropping, zeker wanneer er verwezen wordt naar welke boeken ze las en welke kunstenaars ze goed vond, en de anekdotische vertelstijl leidt niet altijd ergens naartoe, maar interessant is en blijft het natuurlijk wel om een inkijk te krijgen in een milieu van kunstenaars, uit een periode toen ik eerst nog niet eens geboren was, en daarna als kind meemaakte.

Wolf In Loveland


Een aquarel van blauwe lucht boven een glooiend graslandschap is niet meteen iets wat wij associëren met een band uit Rotterdam. Wolf In Loveland tooit er de binnenzijde van de titelloze debuutplaat mee, en leidt met de opgeroepen sfeer de aandacht af van de grote stad waar de muziek gemaakt werd.
Vermoedelijk is dat ook precies de bedoeling, want de oorspronkelijk Zeeuwse muzikant Jan Minnaard drenkt de pen waarmee hij zijn composities schrijft diep in folkpop. In de promo worden vergelijkingen gemaakt met Iron & Wine, José Gonzalez en Angus & Julia Stone, doch dat vinden wij wat hoog gegrepen. Wél krijgen we fijne songs op ons bord, die ontdaan zijn van weerhaakjes en goed in het oor liggen. Het hoeft voor ons namelijk ook niet elke dag een moeilijke plaat van John Zorn en Mike Patton, of een concept-lp van The Mars Volta te zijn. Waar wij daarentegen bij beluistering van de elf kleinoden aan denken, is Douglas Firs in een lichtzinnige bui (On the road) of de minstrelen uit de jaren 60 waarvan Donovan wellicht de bekendste is. Opvallend is trouwens hoe dicht de stem van Jan Minnaard aanleunt bij die van Douglas Firs.
Dat Wolf In Loveland al eens wat steviger uit de hoek durft te komen, mogen we ervaren op Other side/Neon lights waarin de ellenlange jaren 70-gitaarsolo niet geschuwd werd, als mochten de Nederlanders Santana als gastmuzikant noteren in de liner notes. Buitenbeentje is overigens het anderhalve minuut durende instrumentale noise-experiment Reprise dat Sonic Youth-gewijs begint en stilaan vorm krijgt in een rockmelodie waar ze in het al eerder genoemde decennium ook hun hand niet zouden voor omgedraaid hebben.
De aquarellen hebben ons al voorbereid. Dit hoort eerder thuis in een lichtgewichtcategorie, toegegeven, waar Wolf In Loveland weliswaar geen mal figuur slaat.

U kan deze recensie ook hier lezen op Indiestyle.

23 juli 2013

Gezien: The wrestler


Hij lag al een tijdje in mijn kast, en ik had hem ook mee op vakantie, maar pas tijdens deze warme dagen waarop ik beter binnen kan blijven, is het me gelukt om hem ook effectief te bekijken: The wrestler. In deze film van Darren Aranofsky (die al eerder pareltjes maakte als Pi, Requiem for a dream en Black Swan -die laatste zag ik nog niet, overigens-) speelt Mickey Rourke een voormalige wresling-ster. Dat worstelen is niet het Grieks-Romeins worstelen (ooit een Olympische discipline), maar wel de Amerikaanse showvariant waarin heel wat afgesproken is en dat eigenlijk (deels) doorgestoken kaart is. De sterren daarin zijn echter echt wel huge, getuige de realitysoap die rond Hulk Hogan gemaakt werd. Maar twintig jaar na zijn grote successen is Randy "The Ram" Robinson nog steeds actief in een soort veteranencircuit waar hij slecht betaald wordt en moet bijklussen om zijn huur en zijn medicatie (doping) te kunnen betalen. Hij krijgt de kans om een comeback te maken, maar tegelijk wordt hij geconfronteerd met gezondheidsproblemen en probeert hij zowel een vrouw (Cassidy) als zijn dochter voor zich te winnen. 
Het meest werd ik getroffen door de rauwe, uitstekende vertolking door Rourke van het hoofdpersonage. Net als Tarantino met John Travolta, slaagt Aranofsky erin de gevallen steracteur tot een grootste prestatie uit te dagen. Mickey Rourke doet me trouwens ook wat denken aan Tommy Lee Jones (zoals die o.m. in No country for old men te zien).
Dit is een prachtfilm, die niet altijd voor de makkelijkste weg kiest. Geniet er bij gelegenheid ook eens van...

Gentse Feesten 2013 - dag 3

No Angry Young Man kent u misschien al als u deze blog al een tijdje volgt: ik besprak zowel hun eerste als tweede album, en zag hen live in 't Ey in Belsele. Nu ze dicht bij (mijn) huis speelden, wou ik hen absoluut zien. En dus trokken we naar het Luisterplein.


Hoewel het moeilijker is/lijkt om op een festival op te treden en het publiek te boeien, dan bij een zaaloptreden waar de meeste mensen nét gekomen zijn om JOU te zien en horen, bracht No Angry Young Man het er echt wel zeer goed vanaf. Je merkte dat de band er zelf zin in had, en ze speelden een selectie uit hun beide albums. Het tempo was strak, de songs wisten je te grijpen, er werd vol overtuiging gezongen en gemusiceerd. Opvallend was bijvoorbeeld dat de versie die ze gisteren brachten van Paris rains de meest intense uitvoering was die ik al hoorde. Naarmate het lied vorderde, voelde je de wanhoop, de smeekbede die door ziel en merg ging. 



Setlist:
  1. Intro
  2. Caroline
  3. Mary-Jane
  4. Burden
  5. Leaving town
  6. No man's land
  7. Whispers and mourns
  8. Counting stars
  9. Paris rains
  10. Before I sleep
  11. Generation failure
  12. Shake on

Ik was nog nooit eerder het bekende jazzcafé Hotsy Totsy binnengeweest, maar maandagavond speelde een vriend van ons, Gert Torck, er mee met Djurdjevak. Djurdevak brengt gypsy balkan. Het eerste deel hadden we gemist, maar net na de pauze zong Gert Torck er zijn nummers van Brel, die hij in het lokaal dialect vertaald heeft. Vorig jaar bracht hij die trouwens ook al eens bij Sint-Jacobs, zoals je hier kan lezen. 


Zo volgden na Mathilde en Marieke een venijnige versie van Les bourgeois (Hé bourgeois) en Ga niet weg bij mij, vooraleer Le port d'Amsterdam hertaald werd naar De haven van Gent. Met Djurdjevak als muzikale begeleiders (terwijl hijzelf ook nog gitaar speelde) slaagde Gert Torck er moeiteloos in om het publiek op zijn hand te krijgen.
Daarna speelde de band nog enkele nummers, waaronder een verrassende cover van Veerpont (heen en weer) van Drs. P, waarbij de toehoorders betrokken werden en het refrein in allerlei talen gezongen werd, tot zelfs gebarentaal toe...
In de Spiegeltent pikten we nog een klein stukje mee van Tiny Legs Tim. Hij coverde net op dat moment het geweldige It takes a worried man (to sing a worried song) van Lead Belly.


Afsluiten deden we deze keer op het Bal Populaire in het Baudelopark, waar de DJ van dienst met (bijna) allemaal goeie deuntjes het dansbeest in ons wist wakker te maken.


Grant Hart


Bij de eerste beluistering dachten we nog dat The argument van Grant Hart een wisselvallige plaat was, die daardoor uiteindelijk ergens vergeten zou worden op een plekje in de platenkast waar we nooit heen grijpen. Vele draaibeurten later hebben we onze mening grondig herzien.
Grant Hart vormde ooit samen met Bob Mould het legendarische Hüsker Dü. Wie hun platen nog nooit hoorde, mag zich naar het dichtstbijzijnde streamingkanaal reppen om zijn of haar schade in te halen en te horen waar vele bands de mosterd vandaan haalden. Ook na Hüsker Dü bleef Hart actief. Hij deed dat deels solo, maar ook enkele jaren in het rocktrio Nova Mob. De kans dat je van die laatsten gehoord hebt, is wat kleiner, en dat is jammer. De beide albums die door deze band werden uitgebracht, bleken moeilijk te doorgronden doch erg mooie werkstukken. Solo is de man pas aan zijn vierde plaat toe. Tussen de eerste drie zat telkens tien jaar, dus dat The argument slechts vier jaar nodig had om voltooid te raken, is relatief snel.
En wat valt er te beleven? Twintig songs worden over ons uitgezaaid. En net als in de bijbelse parabel vallen ze niet allemaal in de goeie, vruchtbare grond waar ze meteen ontkiemen. Gelukkig blijkt ook het zaad dat eerst tussen harde rotsen terechtkwam over genoeg kracht te beschikken om uiteindelijk tot bloeiende planten uit te groeien. De invloeden die je meent te herkennen, zijn erg divers. In Awake, arise! klinkt Grant als David Bowie, If we have the will is een rouwklacht bovenop een kermisdeuntje met de bliktrommel uit Grass’ meest bekende boek. Golden chain bevat Chinese invloeden, War in heaven opent met een brandweersirene en geweersalvo’s en Underneath the apple tree (met de onsterfelijke zin “I was born a simple reptile / Upon my belly I would crawl” vat hij het verhaal aan van de beroemde slang uit het Adam-en-Evaverhaal) klinkt als een kinderliedje, gespeeld op speelgoedinstrumenten (en een kazoo). Joy Division loert om de hoek in I am death en net als in heel wat liedjes komt er dan een twist waardoor er een andere sfeer ontstaat. Hier krijgen we Kaiser Chiefs nà het innemen van de ADHD-medicatie.
Lijken sommige nummers aanvankelijk toch niet helemaal waar je op hoopte, dan blijken het nadien één voor één groeiertjes te zijn. En zo blijkt deze hele plaat als goede wijn, die je lang genoeg moet laten rijpen.

Je kan deze recensie ook hier lezen op Indiestyle.

22 juli 2013

Lied van de week: week 30 - 2013

Pompeii - Bastille


Ik ben gezwicht voor het onweerstaanbare Pompeii van Bastille...

Je kan het album Bad blood hier kopen.

Lyrics:

Eh-eh-o eh-o [4x]

I was left to my own devices
Many days fell away with nothing to show


And the walls kept tumbling down
In the city that we love
Grey clouds roll over the hills
Bringing darkness from above

 

But if you close your eyes,
Does it almost feel like
Nothing changed at all?
And if you close your eyes,
Does it almost feel like
You've been here before?
How am I gonna be an optimist about this?
How am I gonna be an optimist about this?

 

We were caught up and lost in all of our vices
In your pose as the dust settles around us

 

And the walls kept tumbling down
In the city that we love
Grey clouds roll over the hills
Bringing darkness from above

 

But if you close your eyes,
Does it almost feel like
Nothing changed at all?
And if you close your eyes,
Does it almost feel like
You've been here before?
How am I gonna be an optimist about this?
How am I gonna be an optimist about this?
If you close your eyes

 

Eh-eh-o eh-o [4x]
 

Oh where do we begin?
The rubble or our sins?
Oh where do we begin?
The rubble or our sins?

 

And the walls kept tumbling down
In the city that we love
Grey clouds roll over the hills
Bringing darkness from above

 

But if you close your eyes,
Does it almost feel like
Nothing changed at all?
And if you close your eyes,
Does it almost feel like
You've been here before?
 

How am I gonna be an optimist about this?
How am I gonna be an optimist about this?

 

If you close your eyes, does it almost feel like nothing changed at all?
 

Eh-eh-o eh-o [4x]

Gentse Feesten 2013 - dag 2

Het was erg warm gisteren, en dat heb ik geweten. Het werd niet meteen een topdag, door die hitte en felle zon. 's Namiddags begon nog rustig, met een bezoekje aan het ambachtenmarktje aan het Geraard De Duivelsteen, de tweehandsboekenmarkt aan de Recollettenlei en de prondelmarkt aan Sint-Jacobs. Daar vond ik trouwens deze prachtige oude 33-toerenplaat (in kleiner formaat dan normaal, zoals ik al eerder eens op een rommelmarkt één vond met klassieke muziek):


De plaat bevat allerlei (soms wat schunnige) kermisliedjes, zoals Overal waar de meisjes zijn, Charlowieke, mijne vogel is gaan vliegen en 'k Heb een bloemeke geplukt.
De zon noopte me echter naar huis, want ik voelde me echt niet goed. Gelukkig kwam ik er later op de avond weer door, en zo trokken we naar het Luisterplein (François Laurentplein) voor De Held, een artiest die me door enkele Twitterlimburgers was aangeraden ooit... Jo Jacobs had Gaetan Vandewoude, van Isbells, meegebracht. Zijn muziek werd aangekondigd als slaapkamermuziek. Eerlijk? Ik was er niet zo weg van... Het kabbelde allemaal iets te zacht voort, en hoewel de liedjes niet slecht waren, kon ik maar matig bekoord worden. Of het moest zijn dat het nog allemaal een gevolg was van de hitte...



In de Spiegeltent in het Baudelopark trad Pauwel De Meyer op met zijn band. Ook hij was me nog niet zo goed bekend, maar kreeg ik ooit als tip van een huiskamerconcertorganisator. Hij startte zijn set met wat vertraging, om niet teveel gestoord te worden door het nabije vuurwerk. De eerste liedjes bracht hij solo, met zang, gitaar en mondharmonica (o.m. I don't think so), waarna zijn band hem bijtrad. Ook voor Pauwel De Meyer gold dat het lang niet slecht was (hij was trouwens een stuk beter dan De Held), en toch werd ik er niet helemaal door meegesleept. Hij speelde vooral nummers uit zijn album (o.a. Two feet on the ground was meer dan aardig), en ook een nieuw nummer.




Tussendoor hadden we nog onder meer Joni Sheila zien busken, een stukje meegepikt van de Backseat Boppers voor Radio Modern onder de stadshal en wat straatanimatie gezien van Trashbattery.




21 juli 2013

Gentse Feesten 2013 - dag 1

Hoewel ik de Gentse Feesten gisteren niet begon met de traditionele openingsstoet, heb ik er toch een stukje van meegepikt onderweg. In vergelijking met de vorige jaren werd een gewijzigd parcours gevolgd (ik had me daar wat aan laten vangen, en geraakte niet zo vlot voorbij de mensenzee als ik had gewild). Het leek me alsof het nieuwe parcours vooral het oude (van lang, lang geleden) benadert, met de tribune op het Bisdomplein.



's Avonds was het alvast druk, en een eerste stop was ingelast bij Swing Cité, in de Rembert Dodoensdreef, het kleine dreefje aan de rand van het Baudelopark. Een swingdansdemonstratie én een soort theaterstukje waarin swingdans geïntegreerd was (of dat rondom de dans gebouwd was ; het verhaaltje was behoorlijk flauw eigenlijk), werd ons deel.


In de Spiegeltent van vzw Trefpunt startte gisteren ook het concours Jonge Wolven. Opener van de wedstrijd was dit jaar Charlie Fields, de band rond Pieter Servranckx (die blijkbaar al voor de derde keer met een groep meedeed). Die klonken absoluut niet slecht en zelfs de nummers die maar halfslachtig begonnen, groeiden tot een goed niveau. Hier en daar was er een voorzichtig uitstapje richting blues of jazz en het bleef allemaal nogal braaf en onschuldig, en op die manier dreig je als band een beetje lijn in je optreden te verliezen natuurlijk. Goed, was ons eindoordeel, maar ik denk niet dat ik de winnaar gezien heb... Met zijn krullen en hoed deed de zanger ons trouwens een beetje denken aan de piepjonge Jasper Steverlinck.



 
Onder de stadshal heeft Radio Modern haar tenten opgeslaan (al moet u dat hier uiteraard figuurlijk nemen: de door sommigen verguisde stadshal is een prachtige locatie voor dit soort evenementen!). Waren we bij Swing Cité nog in de jaren 30, dan werden we nu gekatapulteerd naar de USA van de jaren 50. Rock, rockabilly, rhythm and blues en nog een hele hoop muziekgenres in het verlengde daarvan werden opgediend door Slick Nick And The Casino Special. Je waande je in Happy days of verwachtte elk moment vooraan een tafeltje waar The Godfather instemmend knikt naar de muzikanten. Het spelplezier droop eraf en het publiek werd zonder moeite meegevoerd in de droomwereld en in de aanstekelijke, sprankelende muziek. De frontman bleek overigens een geboren performer en kreeg de dansende toeschouwers geheid op zijn hand.
Als bisnummer brachten ze Batman to the rescue, met de Batman theme uit de originele reeks erin verwerkt, als eerbetoon aan de superheld.




De eerste dag sloten we af met Meuris op het groot podium aan Sint-Jacobs. Het is de derde gedaante waarin ik de Limburger er zie optreden: vroeger met Noordkaap en Monza, nu dus met de band die hij maar gewoon naar zijn familienaam heeft vernoemd. Het schept tenminste duidelijkheid.
Wat opvalt, is dat Stijn Meuris in al die jaren grappiger geworden is, ervaring heeft opgedaan in het omgaan met en bespelen van een soms balorig publiek én dat zijn basishouding op het podium hetzelfde gebleven is. Hij smijt zich echt, molenwiekend als weleer. In de set zaten nummers uit de nieuwe plaat (titelnummer Mirage, 1974,...) maar ook oudere nummers. Naarmate de set verstreek, kwam de nadruk trouwens meest op de Noordkaaptijden te liggen, al was er ook al geopend met Panamarenko. Verder herkende we nog Een heel klein beetje oorlog, Hoopvol, Gigant, Satelliet Suzy, Druk in Leuven en Monza-hit Van God los. De rond Meuris verzamelde muzikanten speelden een bijzonder strakke set en een nummer als Hoopvol klonk in het nieuwe arrangement helemaal anders (het duurde een tijdje vooraleer ik het herkende...). Gebist werd er met een nieuw nummer en met het meegezongen en -gebrulde Arme Joe. Net voor de laatste strofe, begon Stijn Meuris een hele uitleg af te steken, die herinnerde aan hoe Jim Morrison bij The Doors hele flarden tekst binnensmokkelde in songs. En kijk, een kort fragment van The end werd ingezet als tussendoortje... Grappig!


19 juli 2013

Jesus & The Christians


Het ontbreekt Pim van de Werken, de man achter Jesus & The Christians, allerminst aan lef noch humor. Dat bewijst hij op zijn grappige tumblr, Pim reageert op Facebook advertenties, en ook op de eerste EP van zijn band. Nadat hij zelf tips gaf om een recensie te schrijven, soms hij ook enkele redenen op om waarom we hem zouden moeten interviewen. Wel, beste Pim, misschien doen we dat wel eens binnenkort...
Intussen zoeken we onze eigen woorden om de EP The pros and cons of hell te beoordelen. In de zes songs wordt het samplen niet geschuwd. De meestal korte teksten schuwen de controverse niet en Jesus & The Christians kiest resoluut voor electronica. In 9-11 is overrated wordt de vocoder helemaal over het paard getild, wellicht om Kanye West een hak én te kakken te zetten. Een erg aanstekelijk refrein maakt dit nummer alvast een pak beter dan vrijwel alles op Wests 808s & heartbreak. Het militantere Copyright kills kids in Africa verleidt ons met een vrouwenstem die weggeplukt lijkt te zijn uit het beste van Chumbawamba en Bis. De pop-feel van die beide bands is eveneens mooi meegenomen. Waar het titelnummer de mosterd haalde, blijkt dan weer een heel andere uithoek. Even wanen we ons in het universum van Ministry, dat zich dan wel laat producen door de Pet Shop Boys in een Arabische mood.
We schuiven wat op richting Depeche Mode met The future is the new history. Opnieuw valt op dat het popgehalte erg hoog ligt, zonder dat je het gevoel krijgt dat er toegevingen gedaan worden om het publiek of de muzieksamenstellers van de radiozenders te lijmen.
Nederlanders en Duitsland: sinds de verloren WK-finale in Argentinië, zo meenden we, is het een combinatie die erg moeilijk ligt. De Utrechtenaar integreert fragmenten uit een Duitse film of serie, zo vermoeden wij toch, in Blondi my dear, waarin de vrouwenstem opnieuw de hoofdrol speelt. Slontummer Murder and ballet bevaart rustiger wateren en klinkt behoorlijk Brits. Aanvankelijk lijkt het het langverwachte rustpunt te gaan worden, tot een lichtelijk aan triphop verwante sfeer overneemt in het refrein.
Als staalkaart van zijn kunnen heeft Pim hier met zijn alter ego een bijzonder aantrekkelijke EP achtergelaten. Hij maakt nieuwsgierig, prikkelt ons verlangen naar meer en laat ons tegelijk onbevredigd en toch voldaan achter.

Je kan de EP hier aan een zelfgekozen prijs digitaal kopen. Beluister hem alvast hierronder, en geniet ook van de clips die al gemaakt werden:


The pros and cons of hell


The future is the new history


Copyright kills kids in Africa


17 juli 2013

Lied van de week: week 29 - 2013

Love me again - John Newman


Vorige week, op vakantie, hoorde ik overal waar we aan winkels passeerden of uit open ramen van voorbijrijdende auto's deze aanstekelijke single van John Newman. Ik wist niet goed wat het was, maar wel dat het veel gedraaid werd, ook op Studio Brussel, en dus zocht ik het bij thuiskomst op. En ik ben er weg van. Want intussen heb ik ook de videoclip gezien, en die ademt alle sfeer uit die ik me voorstel bij northern soul. Northern soul is een variant van soul die erg (Noord-)Engels is. Net als de soul in The Commitments hangt er een aura rond van troost voor arbeiders in arme industriesteden. En in de clip zijn de danspasjes, de kleren en het hele vrienden-onder-elkaar-uitgaansfeertje precies zoals ik me dat daar altijd bij had ingebeeld...
John Newman zong al eerder mee op twee nummers van Rudimental. Zijn debuutalbum zal verschijnen in oktober. Je kan het al bestellen hier.

Lyrics:

Know I’ve done wrong, left your heart torn
Is that what devils do?
Took you so long, where only fools gone
I shook the angel in you!
Now I’m rising from the crowd
Rising up to you!
Feel with all the strength I found
There's nothing I can’t do!

 

Chorus:
I need to know now, know now
Can you love me again?
I need to know now, know now
Can you love me again?
I need to know now, know now
Can you love me again?
I need to know now, know now
Can you love me again?
I need to know now, know now
Can you love me again?

 

It’s unforgivable,
I stole and burnt your soul
Is that what demons do, hey?
They rule the worst in me
Destroy everything,
They blame on angels like you, hey!
Now I’m rising from the crowd
Rising up to you!
Filled with all the strength I found
There's nothing I can’t do!

 

Chorus:
I need to know now, know now
Can you love me again?
I need to know now, know now
Find More lyrics at www.sweetslyrics.com
Can you love me again?
I need to know now, know now
Can you love me again?
I need to know now, know now
Can you love me again?
I need to know now, know now
Can you love me again?
Uh, uh, uh, uh!
Oh, oh!

 

Told you once again,
Do this again, do this again, oh!
I told you once again,
Do this again, do this again, oh, oh!

 

Chorus:
I need to know now, know now
Can you love me again?
I need to know now, know now
Can you love me again?
I need to know now, know now
Can you love me again?
I need to know now, know now
Can you love me again?
I need to know now, know now
Can you love me again?

16 juli 2013

Gentse Feesten 2013


Net als de vorige jaren licht ik uit het werkelijk zeer uitgebreide en voor-elk-wat-wils programma van Gentse Feesten een hoop tips waar u misschien iets aan hebt. U kan mij bij een aantal ervan zeker en vast tegenkomen... Nog even voor de goede orde: de Gentse Feesten starten zaterdag 20 juli en eindigen 10 dagen later, op maandag 29 juli.
Verder kan je natuurlijk heel wat musea bezoeken, zijn er speciale tentoonstellingen, wandelingen, debatten, is er volop theater en zo veel meer... Het hele programma vind je hier.

Gratis download: Barhûs


De Nederlander Keimpe Koldijk heeft onder de naam Barhûs een eerste plaat gemaakt. Plaat is misschien niet helemaal het juiste woord, want je kan ze downloaden en verder enkel op cassette bestellen. 
De mooie soundscapes kan je hieronder beluisteren, én gratis downloaden:

12 juli 2013

The Veils


In het voorjaar reeds kregen we een nieuwe single voorgeschoteld van The Veils, die hier toen overigens "lied van de week" werd. Met Through the deep, dark wood leverden ze een voorproefje af van hun album Time stays, we go dat het beste deed verhopen. Veel, heel veel luisterbeurten later blijft het nummer als een huis overeind staan. Zó hebben we onze indierock het liefst: melodieus én stevig.
Nu we de hele plaat achter de kiezen hebben, kunnen we alvast besluiten dat de singlekeuze uitstekend was, want dit is met kop en schouders het beste lied dat we hier aantreffen. Dat die extreem hoge kwaliteit niet meer geëvenaard wordt, is voor sommigen misschien een ontgoocheling, doch we hoeven ons niet huilend af te wenden van wat volgt op dit schijfje. The Veils, een Londense band met roots in Nieuw-Zeeland, wisten al eerder te overtuigen met prachtalbums als Nux vomica en, in iets mindere mate, Sun gangs.
De deuntjes die ze op hun vierde worp presenteren, kunnen op het openingsnummer na, dat we hierboven al vernoemden, niet tippen aan de pracht van Nux vomica. Wat ze echter wel kunnen, is ons overtuigen dat deze band de moeite waard blijft om te volgen en om live te zien. Of ze nu rustig opbouwen zoals in Candy apple red, grandioos eindigen (Out from the valley & into the stars’, aanschurken bij de folk van Mumford & Sons in Turn from the rain of een vette knipoog geven aan Kings Of Leon en The Killers (Sign of your love), telkens weten ze ons bij het nekvel te grijpen, en ons in de zetel te zwieren zodat we met een glas wijn of limoncello blijven luisteren. We ontdekken nog meer moois: The pearl sleept zich aanvankelijk gesluierd en met een lange cape door de nevel, tot de drums de spanning draaglijker maken en de zang ons meeneemt op een queeste. De zoektocht naar de parel uit de titel blijkt vooral een metafoor voor het leven en het verlangen van de mens naar liefde. Kijk, als filosofie op zo’n prachtige, muzikale wijze vertaald wordt, dan zijn wij daar altijd voor te vinden.
Als extraatje krijgen we er The Abbey Road EP bovenop. Vier songs uit het album krijgen hier een ander arrangement, en worden vergezeld van een eerder nog niet uitgebracht nummer (Summer & smoke). Die bonus is niet zomaar vlug uit de mouw geschud: de aanwezigheid van blazers geeft Out from the valleys & into the stars meer diepgang, trekt Turn from the rain wat weg van Mumford & Sons of The Avett Brothers, en roept in de andere liedjes de geest van Calexico op. We kunnen alleen maar hopen dat deze band al dat koper ook meeneemt op tournee.

Je kan deze recensie ook hier lezen op Indiestyle.

10 juli 2013

Spookhuisje


Het drie man sterke Spookhuisje uit Brussel levert zijn eerste EP af met een hoesfoto die als titel The dark side of the moon had kunnen meekrijgen, ondanks de volle maan die erop afgebeeld staat. Titel en artwork ademen zoveel dreiging uit dat je halvelings verwacht drones à la Sunn O))) voorgeschoteld te krijgen. Hun vi.be-pagina kondigt echter psychedelica, surf en trance aan.
Het is de gitaar van RRRRR (we kid you not!) die nummers als Alone in the open (at night) draagt. Ik zag de man ooit eens een huiskamerconcert spelen, met een cape over de ogen getrokken en gezeten achter één enkele kaars, terwijl hij de schemering had afgewacht om te beginnen aan zijn set. Die stage setting mag je al enigszins een idee geven van wat komt eens de EP door de boxen of - beter nog - koptelefoon schalt. De instrumentale muziek van Spookhuisje klinkt erg zuiver en vaak ook erg basic. Daarin schuilt net de kracht ervan. Palm tree tattoo heeft iets bezwerends, als Kaa die Mowgli in haar macht tracht te krijgen. De surf- en psychedelica-invloeden horen wij in Dune boogie, in bescheiden porties overigens. Wanneer in Darth entrance de zeven minuten overschreden worden, dreigt echter het uiterste van het rekvermogen gevraagd te worden, en dan moet Cosmic echoes nog beginnen, dat bijna elf minuten haalt. De intro daarvan had korter gekund, durven we te denken, en gelukkig bevat het einde een verrassende wending. Zoniet was dit nummer ten onder gegaan aan de eigen duur.
Ons globaal oordeel is eerder positief. Spookhuisje maakt bijzondere muziek, die de luisteraar in zijn greep krijgt. Als het trio leert zijn songs tijdig af te ronden, kan dit zelfs evolueren tot een opmerkelijk groeiertje, en kijken we uit naar wat ze nog voor ons in petto hebben.

Je kan deze review ook hier lezen op Indiestyle.

09 juli 2013

Lied van de week: week 28 - 2013

Isjaki - Sigur Ros


Uit het nieuwe album Kveikur heeft Sigur Rós een nieuwe single uitgebracht: Isjaki. Die is gewoon prachtig! Magistraal refrein dat je ondanks het IJslands zo wil meezingen... Gelukkig kan je de lyrics meevolgen in de video.

Je kan het album hier kopen.

03 juli 2013

Julia Kent


De diepe dreiging die uitgaat van Ebb, dat de openingsscore voor menige film zou kunnen zijn, zet de luisteraar even op het verkeerde been. Julia Kent, een in Canada geboren en in New York wonende celliste, is bij ons het best gekend als bandlid van Antony And The Johnsons. Op haar derde album, Character, overheerst vooral melancholie, waar de strijkers variatie in brengen: van diep en doordringend (Fall) tot verzacht door speelse toetsen (Flicker).
Wie het werk van Julia enigszins kent (pun intended), weet al dat de cello-virtuose een hang heeft om ondanks het weinig voor de hand liggende instrumentarium een benadering in haar composities toe te passen die dichter aanleunt bij rock dan bij klassieke muziek. De elektronica die Kingdom ondersteunt, is hier een mooi voorbeeld van. Het maakt ook een song als Intent toegankelijk genoeg voor het avontuurlijke oor van de indieluisteraar. Wie goed oplet, merkt achtergrondgeluiden op die door dolfijnen lijken geproduceerd. Julia Kent evoceert die op een manier die veel subtieler is dan ze gehanteerd worden in de filmmuziek van Le grand bleu en kan daarom op onze goedkeuring rekenen. Afsluiter Nina and Oscar behoort eveneens tot het kransje liedjes op deze plaat die we onze gasten tersluiks durven voorschotelen onder het nuttigen van een fijne maaltijd, zonder te moeten vrezen dat ze verschrikt van hun bord opkijken.
Een evidente keuze is deze langspeler nochtans niet. Deze vrouw maakt muziek die zich ophoudt aan de rand van het muzikale universum waar we bij Indiestyle een venster voor willen zijn. Wie zang wil, mag nu al de zaal verlaten, want Julia Kent laat enkel de instrumenten spreken. Toch worden wij geraakt door zoveel pracht, zoveel beheersing en zoveel weltschmerz. En als we, afgewezen door het mooiste meisje op het feestje, alleen thuiskomen, te onrustig om ons bed op te zoeken en met een slaapmutsje in de hand, zullen we dit schijfje uit het (prachtige) hoesje halen om ons te wentelen in zelfmedelijden.

Je kan deze recensie ook hier lezen op Indiestyle.
Je kan het volledige album hieronder alvast beluisteren:

01 juli 2013

Lied van de week: week 27 - 2013

Came back haunted - Nine Inch Nails


 
De nieuwe single van Nine Inch Nails vond ik eigenlijk niet veel bijzonders, maar ik merk dat de song toch wel blijft hangen bij meerdere beluisteringen. Het meest opvallende is echter de clip: die werd geregisseerd door David Lynch. Je herkent de hand van de meester (die onder meer The elephant man maakte, waar ik bij sommige beelden aan moest denken) er meteen in. De video kreeg een waarschuwing mee voor epilepsie-lijders. Dat is niet onnodig: de clip is visueel heel druk en bevat flitsende beelden. David Lynch en Trent Reznor werkten eerder als samen (voor Lost highway) en deze nieuwe samenwerking kan alvast op heel wat aandacht rekenen.

Dit nummer staat op het in september te verschijnen album Hesitation marks, dat je wel al kan bestellen.

Lyrics:

Ha-ha-haunted
The throat is deep and the mouth is wide
Saw some things on the other side
Made me promise to never tell
But you know me, I can't help myself

Now I've got something you have to see
They put something inside of me
The smile is red and its eyes are black
I don't think I'll be coming back

I don't believe it
I had to see it
I came back haunted
I came back haunted

I said goodbye but I
I had to try
I came back haunted
C-c-c-came back haunted

Everywhere now reminding me
I am not who I used to be
I'm afraid this has just begun
Consequences for what I've done, yeah

I don't believe it
I had to see it
I came back, I came back haunted
C-c-c-came back haunted

I said goodbye but I
I had to try
I came back, I came back haunted
I c-c-c-came back haunted

I don't believe it
I had to see it
I came back, I came back haunted
C-c-c-came back haunted

I said goodbye but I
I had to try
I came back, I came back haunted
C-c-c-came back haunted

They tried to tell me but I
I couldn't stop myself and I
I came back, I came back haunted
C-c-c-came back haunted

Just can't
Stop
Came back ha-ha-haunted
[x9]
Just can't
Stop