08 oktober 2012
Democrazy concert: Douglas Firs (voorprogramma: C.A. Smith)
Vooraleer Douglas Firs zijn debuutalbum mocht voorstellen in de Gentse Minardschouwburg, bracht C.A. Smith zijn liedjes ten berde. Mannen met baarden zijn allesbehalve zeldzaam in de muziekwereld tegenwoordig, en dus voegde de Canadees daar ook nog 2 lange vlechten aan toe, om toch nog op te vallen. Behalve zelf platen maken, werkte de singer-songwriter ook samen met Feist, Daniel Johnston, Chad VanGaalen en anderen. Hij zong liedjes over ouder worden, de perfecte vrouw (die helaas al bezet blijkt), God en dergelijke meer. Er zit ook veel humor in songs als Granddad is sleeping and he won't get up (over als kind spelen met je grootvader, niet beseffend dat de man in coma gevallen is) of Drink a lot of water (dat iedereen mocht meezingen).
Douglas Firs had zich goed omringd voor het releaseconcert. Zijn broer Sem op toetsen, bassist Simon Cassier en drummer Frederik Van Den Berghe (die straks mag touren met Trixie Whitley) stonden frontman Gertjan Van Hellemont bij, en bovendien had hij enkele gasten uitgenodigd. De band begon alvast erg krachtig met titelnummer Shimmer & glow en Apple, dat energieker klonk dan op plaat. In een goed uitgebalanceerde set zaten ook enkele covers: You really got a hold on me van Smokey Robinson, dat Gertjan akoestisch zong met Renée, en Home van Bonnie Raitt, dat zelfs onversterkt gebracht werd met Bram en Cleo van The Bony King Of Nowhere. Renée had dan al, net als op plaat, meegezongen op Misunderstood en Bram en Cleo zouden daarna, samen met nog 2 andere gastmuzikanten, de backing vocals verzorgen in Baby Jack.
Naarmate het concert vorderde, gaf Douglas Firs een meer ontspannen indruk, en maakte hij grapjes, ging in interactie met de fans (toen twee mannen de zaal verlieten net nadat hij het publiek geloofd had om haar beleefdheid, vroeg hij zich luidop af of het misschien te luid was) en zag je ook meer ontspannen communicatie tussen de bandleden. Waar I don't think you're good to have around op het album nogal sterk naar The Black Keys neigt, leunt het live eerder dicht aan bij The White Stripes en helemaal op het eind van de bisronde werd een nieuwe song gespeeld waarin we echo’s van Tom Petty & The Heartbreakers hoorden, en die niet op het album staat.
Geen van beide acts stelde teleur, integendeel. Zo werd het een prachtige concertavond in een prachtige zaal.
Setlist Douglas Firs:
1. Shimmer & Glow
2. Apple
3. Isn’t It Weird?
4. Pretty Legs And Things To Do
5. Misunderstood
6. You Really Got A Hold On Me (Smokey Robinson cover)
7. I Don’t Think You’re Good To Have Around
8. Never Cared Enough
9. Home (Bonnie Raitt cover)
10. Baby Jack
11. Dirty Dog
bisnummers:
1. The Winter Sun Is Gonna Last
2. Caroline
Je kan dit concertverslag ook hier lezen op Indiestyle.
13 oktober 2012
Douglas Firs
Gertjan Van Hellemont, muzikant bij The Bony King Of Nowhere en producer van onder meer Love Like Birds, heeft zijn eerste eigen ei gelegd. De single Shimmer & glow had verwachtingen geschapen die voor het gelijknamige album misschien moeilijk in te lossen zouden blijken. We prijzen ons en jullie gelukkig, want Douglas Firs slaagt erin die beloften waar te maken en en passant nieuwe verwachtingen toe te voegen.
Het geluidspalet van de eerste single sluit nauw aan bij Absynthe Minded (het had met gemak hùn song kunnen zijn, dachten we altijd) en daar voegen andere nummers nog heel wat referenties aan toe: The Black Keys in I don't think you're good to have around, Melanie in Baby Jack en Boz Scaggs in Dirty dog, om er slechts enkele te noemen. De piano in Apple lijkt weggelopen bij Dr. John, terwijl in datzelfde lied de aandachtige luisteraar zelfs een echo van Bob Dylan opvangt.
Het album klinkt afwisselend triest en vrolijk, zelfs wanneer het gevoel dat uit de teksten spreekt niet noodzakelijk hetzelfde is. Douglas Firs maakt graag gebruik van alledaagse beelden, die banaal lijken op zich, en er tegelijk in slagen het gevoel op scherp te zetten. Charlie die zijn best doet om zijn broccoli op te eten, kan het alledaagser en herkenbaarder? En toch is het in wezen intriest.
Gertjan liet zich omringen door goede muzikanten, van zijn broer Sem tot leden van onder meer Trixie Whitleys band, The Bony King Of Nowhere en Balthazar, en gastvocalen van Renée. Hij deelde de productie met Gert Jacobs, die al eerder de eveneens op deze plaat aanwezige Senne Guns producete, en werkte met veel zorg aan zijn debuut. Daardoor klinken zowel de globale sound, de samenhang tussen de nummers als de details erg goed. Soms stamp je mee op de beat (Dirty dog), soms zit je haast roerloos te luisteren naar gefluisterd verdriet. Afsluiter Thought it was you klinkt bijvoorbeeld zo somber dat je bij wijze van spreken de plaat hoort eindigen op de plons van een zich verdrinkende jonge gevoelige artiest.
Wie op deze wijze debuteert, legt de lat zelf hoog. We hebben er alle vertrouwen in dat de amper 21-jarige Douglas Firs al zijn jeugdige kracht in de strijd zal gooien om die lat ook in de toekomst te blijven overschrijden.
Je kan deze recensie ook hier lezen op Indiestyle. Het verslag van de cd-release in de Minarschouwburg in Gent lees je hier en het interview dat ik met Gertjan had, hier.
16 september 2012
Nieuwe singles Douglas Firs en Love Like Birds
12 februari 2015
AB concert: Douglas Firs (voorprogramma: Astronaute)
Terwijl in de grote zaal van de AB Milky Chance een uitverkocht concert hield, mocht ook Douglas Firs zich woensdagavond verheugen op een volle AB Club. Onder zijn arm zat, weliswaar niet letterlijk, zijn tweede album, The long answer is no, dat hij de avond voordien al in Gent had voorgesteld.
De keuze van Myrthe Luyten om zich door een band te laten omringen, komt Astronaute absoluut ten goede. De muzikanten die ze om zich heen schaart, zijn dan ook niet van de minste: Gianni Marzo (Marble Sounds), Bert Vliegen (Horses) en Joshua Geboers (ex-Bearskin). De songs krijgen daardoor meer variatiemogelijkheden, meer diepgang en een rijker arrangement. Van opener Lighthouse tot afsluiter Lioness werd onze aandacht vastgeketend. De Limburgers gooiden er een nieuw nummer, Enough, tussen dat vreemd genoeg net minder teerde op de uitgebreidere bezetting.
Soms is het goed om nog eens te horen hoe een plaat die je niet meer zo vaak oplegt, toch wonderbaarlijk mooie songs bevat. Douglas Firs kwam dan wel zijn nieuwste muzikaal kind voorstellen, de songs uit debuut Shimmer & glow staan nog steeds als een huis. De titelsong, Pretty legs and things to do (waarin het voorprogramma mee de backings verzorgde) en Isn’t it weird? verdienen hun plaats naast het recentste werk. Op The long answer is no horen we resonanties van de trip die Gertjan Van Hellemont twee jaar geleden maakte naar de VS en Canada. Daardoor landt zijn muziek wat dichter bij de vroege Admiral Freebee en associëren we uitwaaierende songs nadrukkelijker met highways en uitgestrekte, onbewoonde landschappen. Summer's leaving is een aanstekelijk lied over het nakende einde van een relatie en het door Gertjan zelf als heel direct aangekondigde en solo gespeelde That kind of thing legt de vinger op de zere wonde in een alweer niet zo heel deugddoend partnerschap. Het meezingsmoment van de avond krijgen we in het door kwaadheid geïnspireerd Don't buy the house en de zelfrelativerende humor van Douglas Firs maakt de momenten tussen de nummers, zelfs als hij moet uithijgen, interessant. De gastmuzikanten, waaronder Senne Guns, Steven De Bruyn (The Rhythm Junks) en Bram Vanparys (The Bony King Of Nowhere), vervolledigen het gezellige feestje.
Setlist:
- Caroline
- Summer's leaving
- Through watery eyes
- Shimmer and glow
- 22:22
- When the day is over
- Don't buy the house
- Pigs in the sky
- That kind of thing
- Pretty legs and things to do
- The long answer is no
- Isn't it weird?
- Can you tell her I said hi?
Je kan dit concertverslag ook hier lezen op Indiestyle.
14 februari 2026
Ververij concert: Douglas Firs
Gisterenavond speelde Douglas Firs in CC De Ververij in Ronse. Enkele maanden geleden tourde hij nog met een zeskoppige band, maar voor deze concertreeks in kleinere zaaltjes brengt hij enkel zijn geluidsman en zijn instrumenten mee.
Gertjan van Hellemont, zoals hij bij de burgerlijke stand bekend staat, ken ik al langer. Ik interviewde hem in 2012 ter gelegenheid van de release van zijn debuut Shimmer & glow en hij passeerde al enkele malen op deze blog. Nu het weer haalbaar is om concerten bij te wonen, was ik dan ook verheugd hem te kunnen zien in mijn huidige woonplaats.
Meer dan dertien jaar later op de dertiende van de maand mocht hij mij en mijn lief trakteren op nummers uit zijn intussen vijf albums. Hij bracht solo intiemere versies van o.a. Pretty legs and things to do en Pains in the asses, die doorgaans krachtiger klinken mét band maar toch overeind blijven in deze versie. Uiteraard passeerden ook sowieso al rustiger nummers als Montréal en I miss you, dat thematisch nog erg hoort het album Heart of a mother maar terug te vinden is op zijn vijfde plaat, Happy, pt. 2. Hij deed ook enkele verzoekjes, zoals Judy, echt een band-song die hij voor het eerst solo bracht, en Don't buy the house, dat ook wat inspanning vroeg om zonder de overige muzikanten te spelen. Toch bracht hij het er telkens goed vanaf.
Douglas Firs toonde zich overigens als entertainer een grappige en openhartige gastheer, waardoor je niet alleen via de liedjes zijn universum in gezogen werd. Het publiek vergaste hem dan ook op veel applaus en zong op verzoek soms zelfs verrassend enthousiast mee.
05 april 2015
Douglas Firs
Twee zinnen heb ik ter beschikking om mijn recensie mee te beginnen en ik weet niet goed welke ik moet kiezen... Wordt het "Twee jaar geleden trok Gertjan Van Hellemont door de VS en Canada en dat hoor je" of toch maar "Wat een prachtige titel is The long answer is no toch".
Douglas Firs, dat is in eerste instantie natuurlijk Gertjan en als je wil weten waarin deze plaat met de mooie titel verschilt van zijn debuut (dat ik hier besprak), dan schuilt de sleutel echt wel in de trip die hij maakte. Ik schreef het al in mijn concertverslag toen hij zijn nieuw werk voorstelde in de AB: hij sluit nu nauwer aan bij de vroege Admiral Freebee en de songs waaieren uit waardoor ik aan highways en uitgestrekt onbewoonde landschappen moet denken.
Als ik heel eerlijk ben: ik was oorspronkelijk wat teleurgesteld in opener Caroline, waarvan het refrein voor de release als teaser gebruikt werd in de reclame op Spotify. Aanvankelijk klinkt het te glad, in ieder geval meer dan ik van Douglas Firs gewoon was op zijn eerste plaat. Intussen heb ik deze song leren waarderen als een goed geconstrueerde en gespeelde liefdesballade die erg goed aansluit bij de rest en dus een geschikte opener vormt. Can you tell her I said hi? kende ik al langer (het werd lied van de week begin november vorig jaar) en verklaart wellicht zonder veel verdere uitleg waarom ik bij de vroege Admiral Freebee uitkom. Of Gertjan nu zijn gevoelige kant laat zien zoals in Through watery eyes of het tempo opvoert (zoals wanneer hij zijn kwaadheid van zich afzingt in Don't buy the house), de manier waarop hij zingt, doet erg Amerikaans aan en past daardoor perfect bij de muzikale middelen die hij vindt om zijn verhaal over te brengen.
Tot de hoogtepunten van deze plaat reken ik zeker Summer's leaving (het had perfect op de soundtrack van (500) Days of Summer gekund), het heel fragiele en intense That kind of thing, het aan The Band erg schatplichtige titelnummer en Your only friend dat dan gek genoeg weer het meest aansluit bij zijn debuutalbum.
Beluister hieronder het volledige album:
24 juli 2013
Gentse Feesten 2013 - dag 4
Maar Douglas Firs dus... Gert-Jan Van Hellemont heeft net een tournee in de USA en Canada achter de rug (al viel uit de bindteksten gisteren niet goed op te maken of hij zijn band ook meegenomen had of niet) en speelde bij valavond op het groot podium. Laat ons eerlijk zijn: het inspireerde hem niet tot geweldige bindteksten, maar gelukkig stond de muziek nog steeds als een huis. Al het goede dat we al eerder schreven over Douglas Firs (hier en hier, en leest u meteen misschien ook nog eens het interview met hem), werd nog eens bewaarheid. Meer zelfs, de band staat steviger dan ooit op zo'n podium en deze ambitieuze, jonge artiest valt, eens hij begint te spelen en te zingen, niet weg te blazen van de bühne. Sinds mijn eerste kennismaking met hem heeft hij al een mooi parcours afgelegd.
De band speelde (flarden) van covers: I me mine van The Beatles en Atlantic City van Bruce Springsteen. Wel jammer dat we geen volledige nummers te horen kregen, want wat ze er wel van speelden, klonk veelbelovend. In de bisronde bracht Gert-Jan solo nog een nummer van Feist. Hoogetepunten van de set waren de bekendere en ook wel de stevigere songs: Shimmer and glow, I dont' think you're good to have around, Pretty legs and things to do, Misunderstood en Dirty dog.
28 december 2012
Albums van het jaar 2012: van 20 tot 11
20. Portico Quartet - Portico Quartet
Bijzonder verrassend was dit plaatje, dat ik recenseerde en waar ik na meerdere beluisteringen steeds meer van ging houden, hoewel het op papier niet my cup of tea lijkt (jazz, namelijk...).
19. Adventures in your own backyard - Patrick Watson
Uiteindelijk lukte het me niet om samen met enkele collega-cursisten naar het optreden van Patrick Watson in Brussel te gaan, hoewel ik op basis van zijn toen net verschenen album wel heel graag had willen gaan. Ook zoveel maanden later nog blijft het een heerlijke plaat.
18. Heat - Ansatz Der Maschine
Ik kende Ansatz Der Maschine al van hun debuutalbum, The postman is a girl, dat ik louter op basis van bandnaam, albumtitel en hoes uitleende uit de Gentse bib. Begin dit jaar kreeg ik de kans frontman Mathijs Bertel te interviewen (mijn eerste interview -buiten die voor de "10 platen"-reeks op deze blog zelf- van een muzikant) en de man bleek een aangename, rustige kerel te zijn. De plaat is hun beste totnogtoe en hun try-out concert waar ik naartoe mocht, behoort ook tot de beste die ik dit jaar zag (#7 in mijn concertlijst van dit jaar). Wat ik verder nog over dit album schreef, kan je hier lezen.
17. Advaitic songs - Om
In een week tijd kwam ik dit album zowat overal tegen. Er verscheen ergens iets over in een blogstukje (geen idee meer waar), de hoes was één van de kandidaten in een online wedstrijd om de hoes van het jaar aan te duiden en in de bib bleken ze dit album ook al in huis gehaald te hebben. Thuis werd ik toch wel omvergeblazen door de mengeling van drones, doom en wereldmuziek. Zonder aarzelen noem ik dit album dé ontdekking van het jaar (omdat het compleet nieuw voor me was).
16. Mad about mountains - Mad About Mountains
Ook Mad About Mountains zag ik live (#11 in mijn concertlijst) en het album besprak ik hier. De bevreemdende Myrthe Luyten zou in september trouwens nog met een vriendin een huisconcert spelen in mijn living, maar dat deze band met dit debuut zo hoog eindigt, heeft alles te maken met de americana-sfeer die niet verraadt dat dit om Vlamingen gaat die in een blokhut in de Ardennen gingen opnemen.
15. Dr Dee - Damon Albarn
In mijn jonge jaren deden Blur en Oasis de legendarische "strijd" tussen de Beatles en de Stones nog eens over. Hoe graag ik ook naar Oasis luister, toch vond ik altijd dat Blur de meest creatieve en diverse band was, een band ook die het experiment niet schuwde. Frontman Damon Albarn was daar, zo bleek ook in de jaren nadien steeds duidelijker, de drijvende kracht achter, en hij maakte zelf heel uiteenlopende muziek, niet zelden met succes (denk maar aan Gorillaz). Ook dit werkstuk (waar ik hier al wat uitgebreider over schreef) is zeer de moeite waard, en het doet me eigenlijk wat verdriet te merken dat dit album vrij onopgemerkt bleef dit jaar. Deze plaats is een passend eerbetoon aan een echt goeie plaat!
14. Put your back N 2 it - Perfume Genius
Het duurt niet lang, het is heel eenvoudig en het weet je meteen te raken. Ook de bijhorende clip is tegelijk simpel én aandoenlijk. Hood werd terecht een lied van de week in januari, en het hele album blijft ijzersterk én fragiel tegelijk. Het debuutalbum van Perfume Genius was een beetje aan mij voorbijgegaan, maar de plaat die hij dit jaar afleverde, heeft me helemaal voor deze jongeman gewonnen.
13. Shimmer & glow - Douglas Firs
Ik zag Douglas Firs in het voorprogramma van Thomas Dybhdal, sprak hem aan, mocht hem interviewen, recenseerde zijn debuutplaat en zag zijn release concert in de Gentse Minard. Douglas Firs is een gedreven, talentvolle, ambitieuze jongeman die wel eens zou kunnen uit de schaduw treden van The Bony King Of Nowhere (bij wie hij nu in de band speelt). Daarmee bedoel ik nog niet meteen dat hij zijn "leermeester" al gauw zal weten te overtreffen, maar hij lijkt mij meer dan Bram Vanparys erop gebrand om ook zijn eigen promotie goed in de hand (en in de gaten) te houden, en hij heeft natuurlijk ook al een erg mooi album gemaakt.
12. Ways to forget - Clock Opera
Clock Opera had al behoorlijk wat materiaal op de wereld losgelaten via het internet vooraleer hun debuutalbum eraan kwam. Het recensie-exemplaar raakte verloren in de post (een euvel dat zich wel eens vaker durft voordoen bij bpost, tot mijn en andermans ergernis). Dat is erg jammer, want ik hou er wel van om ook de fysieke drager van een goeie plaat in mijn platen- en cd-kast te hebben. Hoe Clock Opera erin slaagt invloeden uit voorbije decennia aan een hedendaags geluid te koppelen, kan u hier nog eens nalezen.
11. Psychedelic pill - Neil Young & Crazy Horse
Ik geef het toe: ik heb nog niet genoeg naar deze plaat geluisterd om hem helemaal naar waarde te schatten. Vast staat wel dat Neil Young met zijn favoriete begeleidingsband erin slaagt om een dubbelaar af te leveren zoals slechts enkelen dat kunnen. Bij elke beluistering groeit de plaat nog, dus wie weet... Dit album had misschien wel hoger kunnen eindigen in dit eindejaarslijstje...
Wie wel de top 10 haalde, leest u morgen...
25 september 2012
Interview Douglas Firs
24 juli 2013
Wolf In Loveland
Een aquarel van blauwe lucht boven een glooiend graslandschap is niet meteen iets wat wij associëren met een band uit Rotterdam. Wolf In Loveland tooit er de binnenzijde van de titelloze debuutplaat mee, en leidt met de opgeroepen sfeer de aandacht af van de grote stad waar de muziek gemaakt werd.
Vermoedelijk is dat ook precies de bedoeling, want de oorspronkelijk Zeeuwse muzikant Jan Minnaard drenkt de pen waarmee hij zijn composities schrijft diep in folkpop. In de promo worden vergelijkingen gemaakt met Iron & Wine, José Gonzalez en Angus & Julia Stone, doch dat vinden wij wat hoog gegrepen. Wél krijgen we fijne songs op ons bord, die ontdaan zijn van weerhaakjes en goed in het oor liggen. Het hoeft voor ons namelijk ook niet elke dag een moeilijke plaat van John Zorn en Mike Patton, of een concept-lp van The Mars Volta te zijn. Waar wij daarentegen bij beluistering van de elf kleinoden aan denken, is Douglas Firs in een lichtzinnige bui (On the road) of de minstrelen uit de jaren 60 waarvan Donovan wellicht de bekendste is. Opvallend is trouwens hoe dicht de stem van Jan Minnaard aanleunt bij die van Douglas Firs.
Dat Wolf In Loveland al eens wat steviger uit de hoek durft te komen, mogen we ervaren op Other side/Neon lights waarin de ellenlange jaren 70-gitaarsolo niet geschuwd werd, als mochten de Nederlanders Santana als gastmuzikant noteren in de liner notes. Buitenbeentje is overigens het anderhalve minuut durende instrumentale noise-experiment Reprise dat Sonic Youth-gewijs begint en stilaan vorm krijgt in een rockmelodie waar ze in het al eerder genoemde decennium ook hun hand niet zouden voor omgedraaid hebben.
De aquarellen hebben ons al voorbereid. Dit hoort eerder thuis in een lichtgewichtcategorie, toegegeven, waar Wolf In Loveland weliswaar geen mal figuur slaat.
U kan deze recensie ook hier lezen op Indiestyle.
25 augustus 2015
Pukkelpop 2015 dag 3
Dag drie is altijd de meest gevreesde op Pukkelpop. De vermoeidheid laat zich voelen, zo herinner ik me van vorige edities, en ergens in de vooravond krijg ik gegarandeerd een klopje. Het is dan kwestie je daar overheen te zetten, maar dat bleek dit keer niet zo evident en uiteindelijk zouden mijn lief en ik vroeger afhaken, waardoor we Underworld (zij) en Ride (ik) noodgedwongen zouden missen.
Gelukkig begon de dag alvast goed met Pond. Ik had de Australiërs al eerder dit jaar live gezien in Nijdrop (herlees hier mijn verslag) en na enige overredingskracht trok ook mijn lief mee naar de Club. En met songs als Waiting around for grace, Elvis' flaming star en Sitting up on our crane toonde het vijftal zich een meester in de zeer melodieuze psychedelica. Zanger-gitarist Nick Allbrook was weer zijn onnavolgbare zelve en de band zette een supergoed optreden neer, bijna net zo goed als toen in Nijdrop.
In de Baraque Futur, het festivalgedeelte waar alles in het teken van duurzaamheid en ecologie stond, traden The Glücks op, die ik nog kende van hun Rock Rally-deelname (hier kan je het verslag van die voorronde lezen). Rammelende bluesrock kregen we, nog steeds met veel attitude, en helaas ook nog steeds met iets te weinig inhoud.
Gertjan Van Hellemont had daags voordien al meegespeeld met Bony King, maar nu trad zijn eigen band Douglas Firs voor het eerst zelf op op Pukkelpop. De zenuwen waren groot en dat merkte je bij aanvang van het concert ook wel wat. Maar naarmate de set vorderde en het publiek enthousiast bleef reageren, groeide de band enorm en zo stegen ze boven zichzelf uit. Het was de vierde keer dat ik de band aan het werk zag en uiteindelijk ook veruit de beste keer. Met hulp van Bram en Cléo van Bony King en met Christophe Claeys (Amatorski) op drums kregen we zalige momenten, met onder andere meezingmomenten tijdens Can you tell her I said hi? en afsluiter Don't buy the house. Ook Shimmer and glow en Pretty legs and things to do uit het debuut hoorden tot de hoogtepunten, maar eigenlijk zat er nooit een zwak moment tussen.
Setlist:
- Caroline
- Summer's leaving
- Shimmer and glow
- Pigs in the sky
- Your only friend (met Bram en Cléo)
- The long answer is no
- Can you tell her I said hi?
- Pretty legs and things to do
- Don't buy the house
Jammer dat de vermoeidheid stilaan begon toe te slaan en ik ook niet meer vooraan geraakte voor het concert van Viet Cong. Ik had geen noot willen missen van Douglas Firs en daardoor kwam ik net te laat voor het begin van het concert. Toch wist Viet Cong te imponeren met een erg strakke set, die ik dus grotendeels van verder in de clubtent heb gesavoureerd.
Wel helemaal vooraan stonden we voor Allah-Las, dat het podium gezelliger had aangekleed met kleurrijke tapijtjes en de mix van surf en psychedelica van dit zestal, op plaat goed voor mooie luistermomenten, had verwachtingen gewekt die niet helemaal ingelost werden. Weliswaar speelden ze lang niet slecht en beschikken ze dus over goeie songs, maar met iets te weinig variatie en ook wel een gebrek aan enthousiasme in hun interactie met het publiek wisten ze mijn aandacht niet lang vast te houden.
Dat probleem kende Son Lux zeker niet. Debuutalbum Lanterns besprak ik hier al en ook het nieuwe album, Bones, is erg goed, dus was dit optreden een mooi vooruitzicht. En het trio maakte dat ook waar. Live valt nog meer op hoe de songs een knappe collage zijn, want het lijkt bij momenten alsof zowel de gitarist, de drummer als de toetsenist (frontman Ryan Lott) elk eigen stukken spelen die op één of andere manier toch samenvallen tot een geheel waarin je bij momenten de afzonderlijke elementen duidelijk onderscheiden kan en dan weer vormt alles één organisch geheel. Drummer Ian Chang lijkt wel jazz te spelen en gitarist Rafiq Bhatia tovert geluiden uit zijn gitaren die je soms amper kan geloven. Bovendien speelt het trio met zoveel enthousiasme en straalt Ryan Lott één en al vreugde en dankbaarheid uit. Geopend wordt er met Change is everything en meteen raakt het publiek betoverd. Die collage van geluiden valt heel duidelijk op in Easy en wordt gevolgd door een schitterend Flight. Verder hoorden we nog een prachtig Your day will come, Now I want, een indrukwekkend You don't know me en afgesloten werd er natuurlijk met een superfantastische vertolking van Lost it to trying.
Tame Impala waren goed, maar ik was intussen te moe om er nog echt van te kunnen genieten. Wel viel me op dat de synthesizers een grotere plaats hebben gekregen in hun muziek. Maar zoals al gezegd, trokken we, nog tijdens hun concert, vroeger huiswaarts, helemaal moe en met rugpijn. Tja, we worden dan toch oud zeker?
23 januari 2013
Lied van de week: week 4 - 2013
Vorig jaar kon je op deze blog al uitgebreid lezen over Douglas Firs. Ik interviewde frontman Gertjan Van Hellemont, ik besprak het debuutalbum en ik schreef een verslag van het concert in de Gentse Minard. Omringd door vrienden slaagde Gertjan erin om de clip voor zijn nieuwe single, Pretty legs and things to do, op te nemen in één van de architecturale pareltjes van Gent, de Boekentoren.
Met het achtergrondkoor, de tuba en nog enkele andere kleine ingrepen biedt het nieuwe arrangement het nummer een wat radiovriendelijker imago (al was er niks mis met de albumversie), en ik blijf nog steeds erg tuk op het zinnetje "You know I am not good with people, but I think I could be pretty good with you"
Je kan het album Shimmer & glow nog steeds hier kopen.
Lyrics:
You can learn a lot from one bad dream
Life's not always what it seems
There are times when you don't have a clue
What it means to be around a girl like you
With pretty legs and things to do
And times when you just don't have a clue
Gonna try now
And tell you
What I've never said out loud before
You know I'm not good with people
But I think could be pretty good with you
Why don't you show me how it's done
Why don't you tell me what went wrong
The things that I've been missing for way to long
Like being around a girl like you
With pretty legs and things to do
And times when you just don't have a clue
Gonna try now
And tell you
What I've never said out loud before
You know I'm not good with people
But I think could be pretty good with you
Gonna try now
And tell you
What I've never said out loud before
You say I'm not good with people
But we should let me be pretty good with you
02 november 2014
Lied van de week: week 44 - 2014
Douglas Firs, die ik naar aanleiding van zijn debuutalbum ooit interviewde en die ik al enkele keren live zag, zowel als voorprogramma als als hoofdact en op de Gentse Feesten, brengt begin volgend jaar zijn tweede plaat uit, The long answer is no. De eerste single daaruit is alvast veelbelovend. En de leuke clip erbij, gemaakt door Hannelore Dreher, is een mooie bonus.
04 september 2015
Lied van de week: week 36 - 2015
Je kan het album The long answer is no nog steeds hier kopen. Mijn recensie van het album lees je hier.
Lyrics:
When I met her she was wearing something green I didn't like
She was showing me a lot of useless things I didn't have
I was telling her a story with a joke, but she didn't laugh
She just said "stay a little longer"
She told me all about how she wished that she was born in some other time
About everyone who didn't understand what she was like
All the dreams she lost while looking for some truth she couldn't find
And by the time I had my answer she was already gone
Oh, summer's leaving and she's about to do the same
Oh, I can't believe it, that we will let this slip away
While we tried to hide our faces from the wind, she got to me
She said "man, at times like these it all becomes so very clear:
There's a meanness all around us and a beauty to fear"
So I stayed a little longer
We found a bench on which a famous guy had spent his loneliness
So I asked her how she thought we got ourselves into this mess
She took some time to think, then answered "it's just growing up, I guess"
And by the time I had my answer she was already gone
29 april 2017
Lied van de week: week 17 - 2017
17 maart 2012
Democrazy concert: Thomas Dybdahl (voorprogramma: Douglas Firs)

Aanleiding voor de tournee van de Noor Thomas Dybdahl is de tiende verjaardag van zijn debuutalbum That great october sound. Hij speelde de meeste nummers uit dit album, afgewisseld met werk uit de andere platen én enkele helemaal nieuwe nummers. Op die manier werd het een erg gevarieerde set, waarin steeds meer opviel hoezeer Dybdahl vocaal aan Jeff Buckley doet denken.
De Noor mag er dan uitzien als een plaatselijke Admiral Freebee, en klinken alsof hij eigenlijk een Amerikaanse hillbilly is met een strooien hoed, hij claimt terecht een eigen plaats in de spots. Hij verdiende dan ook meer publiek dan er vanavond was. Gebrek aan naambekendheid is natuurlijk een belangrijke verklaring, en toch wisten we al snel in de set dat dit een voor velen verborgen parel is. Dybdahl liet zich bijstaan door 2 muzikanten, één op steel guitar en één aan de contrabas, en speelde zelf ook eventjes piano. De diepe bassen van de contrabassist gaven zijn liedjes een geheel eigen klankkleur, de steel guitar drenkte ze in een haast moerassige sound van het blues- en folkrijke zuiden van de VS.
Thomas Dybdahl, zich erg bewust van zijn geringe bekendheid hier, was zo vriendelijk bijna elk nummer expliciet met titel (en vaak een bijhorende anekdote) aan te kondigen, en vroeg het publiek enkele keren om hulp, door hen te laten meezingen. Hij was erg goedgemutst. Dat hij hier 6 jaar geleden al eens gestaan had, herinnerde hij zich niet zo heel goed meer, zo bleek bij een reactie van een toeschouwer. Hij wist wel nog dat hij ooit in Gent een opera van Monteverdi gezien had. Zelfspot en humor waren trouwens ook in voldoende mate in zijn performance aanwezig, en blijken ook uit een songtitel als Party like it's 1929.
Met een veelbelovend voorprogramma en een onterecht verborgen gebleven parel werd het een mooie avond, voor wie de gok had gewaagd…

Je vindt deze review ook hier op Indiestyle.
Setlist :
From Grace
Party Like It's 1929
All's Not Lost
That Great October Sound
Love Story
Life Here Is Gold
Tomorrow Stays The Same
Cecilia
Adelaide
Shine
Something Real
nieuw, onafgewerkt nummer (Are They Happy Here?)
Dreamweaver
Bisronde
It's Always Been You
Still My Body Aches






































