22 februari 2026

Damberd concert: Bazz Normann


Wie Het Damberd op de Gentse Korenmarkt (zoals ik) vooral nog kent als jazzcafé (en voorheen blijkbaar zelfs nog hippiecafé), zal gisteren vreemd opgekeken hebben toen hij er een optreden zag van de vierkoppige band Bazz Normann. Dit kwartet, klassiek bestaand uit drummer, bassist, gitarist en zangeres, bracht immers geen jazzklanken voort, maar eighties en nineties alternative rock.
De invloeden waren duidelijk hoorbaar: new-wave en punk, maar dus ook de alternative rock van bands als Magnapop, Lush en Sugar. De zangeres serveerde bij de sterk door de ritmesectie (en vooral de bas) gedreven nummers een stem die varieerde tussen het gespeeld onschuldige van Blondie en de krachtige vocalen van Skin (Skunk Anansie). Het viertal bracht voornamelijk eigen nummers maar speelde ook een cover van Sisters Of Mercy (Alice), die het origineel alle eer aandeed. 
Er werd dus geput uit de reeds verschenen EP en het full-album Days to remember. De zangeres kondigde aan dat de band binnenkort voor de derde maal de studio induikt en daarop brachten ze het nieuwe nummer The party man.


Tommorow immortal vormde een fijn bisnummer waarop de groep door een enthousiast publiek nogmaals het podium opgejouwd werd en ze dan The party man nog eens hernamen. 

19 februari 2026

Twintig parels per maand: februari 2026


We presenteren weer elke maand twintig lukraak gekozen parels en dit zijn de keuzes voor deze maand:

1.My girl - The Rolling Stones: de mij bekendste versie is natuurlijk die van The Temptations maar deze cover door de Stones mag er zeker ook zijn

2. I'm gonna be warm this winter - Connie Francis: eigenlijk een kerstliedje maar zo jolig en zo geldig voor de hele winter dat het ook nu nog kan

3. Materials made from the blood - Five Green Moons: de man achter Five Green Moons is Justin Robertson, een britse DJ die ons eerder al vermaakte als Lionrock (met o.a. de single Fire up the shoesaw). Dit komt uit de eerste plaat, Moon 1, uit 2024, die vorig jaar een opvolger kreeg in -zoals te verwachten- Moon 2

4. The heat - Jungle: dit komt uit de debuutplaat van de Londenaars

5. How can you luv me - Unknown Mortal Orchestra: een fantastisch futurisch gebouw siert de hoes van de titelloze plaat uit 2011 waaruit dit nummer komt

6. Bum bum bum - Cass McCombs: deze Californische singer-songwriter maakt nooit saaie, laat staan slechte platen, en is een favoriete metgezel in de auto

7. Sleeper car - Mike Reid & Joe Henry: de Amerikaan Joe Henry leerde ik kennen met het geweldige album Civilians. Naast zijn eigen platen produceerde hij ook meerdere platen van andere artiesten, waaronder 3 Grammy-winnaars. In september vorig jaar bracht hij samen met countryzanger Mike Reid Life and time uit

8. I don't wana disappear - Malcolm Holcombe & Iris DeMent: de in 2024 overleden Malcolm Holcombe zag ik ooit live in een muziekcafé in Haren (Brussel). Ik kocht er zijn toen recentste plaat en bleef hem altijd wel een beetje volgen. Hier brengt hij een mooi duet met Iris DeMent

9. 500 miles away from home - Bobby Bare: we keren nog eens terug naar de sixties met deze countryballad

10. Horror head - Curve: ik kocht Döppelganger van Curve na het zien van de fantastische hoes met allemaal uit elkaar gehaalde poppen en hoorde kort erna deze single daaruit meermaals op Studio Brussel. Deze band kende zijn hoogdagen in het begin van de jaren negentig en hield ermee op in 2005, na vijf albums. Eigenlijk vind ik enkel Döppelganger echt de moeite

11. Lunacy - Swans: met The seer wisten Swans mijn enthousiasme voor de band een serieuze boost te geven. Dit nummer daaruit durft op onverwachte momenten wel eens in mijn hoofd te gaan zitten als een bizarre oorworm.

12. Movie (never made) - Silver Mt. ZionHe has left us alone but shafts of light sometimes grace the corners of our room is één van die geweldige ontdekkingen ooit in de bib van Gent (toen die nog niet in De Krook zat). Ik leende het enkel en alleen op basis van de intrigerende hoes, want van de band had ik nog nooit gehoord. Intussen hebben ze al heel wat uiteenlopende bandnamen versleten maar hun muziek wist me telkens te bekoren

13. Old town road - Lil Nas X: in de VS zette dit hiphop-countrynummer de hele country-scene op zijn kop, waar puristen uiteraard schande spraken van de manier waarop Lil Nas X hun (wit) genre "besmette" met een toch wel erg zwarte subcultuur

14. Alors on danse (Dubdogz remix) - Stromae: de eerste hit van Stromae, maar hier in een remix door Dubdogz, een Braziliaans electronica-duo

15. Baddadan - Chase & Status: toen drum 'n bass in de vroege jaren negentig langzaam populairder werd, ging ik met heel veel plezier naar d&b-fuiven. Dat deed ik nog steeds toen vanaf 2003 Chase & Status hun plek veroverden en intussen groeiden ze uit tot één van de populairste artiesten binnen het genre, waarvan ik zelfs vermoed dat ook mijn stiefdochters met volle overtuiging staan te dansen op hun muziek

16. Teachers - Daft Punk: op debuut Homework staat ook deze ode aan al hun helden. De broers Dewaele brachten in 2005 een eigen versie uit op basis van hetzelfde idee en vernoemde hún helden (terug te vinden op Nite versions

17. Weight off - Kaytranada & Badbadnotgood: ik reviewde vroeger voor het online magazine Indiestyle. Eén van de (voor de rest vooral persoonlijke en gezondheids-) redenen waarom ik op een bepaald moment stopte, was dat ik merkte dat ik de voeling wat verloor met de evoluties binnen de alternatieve muziek. Ik reviewde voornamelijk nog artiesten en genres die ik al kende en waagde me amper nog aan nieuwere stromingen en artiesten, al bleef ik wel volgen wat mijn collega's zoal recenseerden en af en toe beluisterde ik dat ook. En zo ontdekte ik o.m. Kaytranada en Badbadnotgood, die op  dit nummer samenwerken

18. Life is sweet (Daft Punk remix) - The Chemical Brothers: op de soundtrack van de film Nowhere vind je deze versie van Life is sweet, een herwerking van een vroege single (uit debuut Exit planet dust) die hier onherkenbaar is

19. All is love - Karen O & The Kids: ook deze song komt uit een soundtrack, namelijk die van Where the wild things are. Karen O kan je ook kennen als zangeres van Yeah Yeah Yeahs

20. Keep slipping away - A Place To Bury Strangers: we eindigen met shoegaze van deze groep uit New York, die ik in 2012 live zag in De Kreun (tegenwoordig Wilde Westen) in Kortrijk

Beluister hieronder de volledige playlist: 

15 februari 2026

Megadeth


De grote namen in de metal zoals Iron Maiden, Slayer, Judas Priest, Mötley Crüe,... zijn lang aan mij voorbijgaan en dat geldt ook voor Megadeth. Toen ik ook metal ging beluisteren, waren het bands als Pantera en Sepultura die het mooie weer maakten en me overtuigden. In hun kielzog volgden voor mij o.a. Prong, Mastodon, Baroness, Dool, Type O Negative en uiteraard Amenra. Ik beken dus alvast maar dat ik de eerdere platen van de Amerikaanse band nooit echt goed beluisterd heb. Het is pas door een tip van een kennis dat ik deze nieuwe plaat die titelloos bleef, een kans gaf.
Het is al meteen vanaf opener Tipping point duidelijk dat ik die kennis dankbaar mag zijn. Gitaren en drums geven meteen van katoen en zullen dat de komende 45 minuten blijven doen. Zanger Dave Mustaine zingt alsof zijn leven ervan afhangt. Misschien is dat niet zo verwonderlijk, gezien hij zelf het einde van de band, met afscheidstournee, aankondigde. Nog één keer knallen en op een hoogtepunt stoppen, is daarbij zijn betrachting. Ook I don't care is een opzwepende song waar ik nog regelmatig naar terug wil luisteren. 
Niet alles op deze plaat blijkt echter even geweldig. Hey God?! stijgt amper boven de middelmatigheid uit maar wordt gelukkig wel gevolgd door het gaspedaal induwend Let there be shredAnother bad day klinkt zowaar alsof er verleidelijk naar de hitparade geknipoogd wordt en schurkt daarmee wat aan tegen het beste van Guns 'n Roses. 
Al bij al stelt deze laatste plaat van het viertal (waaronder een Vlaamse drummer, Dirk Verbeuren) nooit teleur voor mij, misschien wel soms voor de fans, dat kan ik niet echt inschatten. Het is dan ook nog maar de vraag of dit het hoogtepunt is waarmee Mustaine wou eindigen. Afgesloten wordt er alvast met een deugdelijke cover van Ride the lightning (Metallica).

Je kan het volledige album hieronder beluisteren en hier kopen:

14 februari 2026

Ververij concert: Douglas Firs


Gisterenavond speelde Douglas Firs in CC De Ververij in Ronse. Enkele maanden geleden tourde hij nog met een zeskoppige band, maar voor deze concertreeks in kleinere zaaltjes brengt hij enkel zijn geluidsman en zijn instrumenten mee. 
Gertjan van Hellemont, zoals hij bij de burgerlijke stand bekend staat, ken ik al langer. Ik interviewde hem in 2012 ter gelegenheid van de release van zijn debuut Shimmer & glow en hij passeerde al enkele malen op deze blog. Nu het weer haalbaar is om concerten bij te wonen, was ik dan ook verheugd hem te kunnen zien in mijn huidige woonplaats. 
Meer dan dertien jaar later op de dertiende van de maand mocht hij mij en mijn lief trakteren op nummers uit zijn intussen vijf albums. Hij bracht solo intiemere versies van o.a. Pretty legs and things to do en Pains in the asses, die doorgaans krachtiger klinken mét band maar toch overeind blijven in deze versie. Uiteraard passeerden ook sowieso al rustiger nummers als Montréal en I miss you, dat thematisch nog erg hoort het album Heart of a mother maar terug te vinden is op zijn vijfde plaat, Happy, pt. 2. Hij deed ook enkele verzoekjes, zoals Judy, echt een band-song die hij voor het eerst solo bracht, en Don't buy the house, dat ook wat inspanning vroeg om zonder de overige muzikanten te spelen. Toch bracht hij het er telkens goed vanaf.


Douglas Firs toonde zich overigens als entertainer een grappige en openhartige gastheer, waardoor je niet alleen via de liedjes zijn universum in gezogen werd. Het publiek vergaste hem dan ook op veel applaus en zong op verzoek soms zelfs verrassend enthousiast mee.

Ulrika Spacek


Hoewel Ulrika Spacek klinkt als de naam van een Duitse electronica-artieste, betreft het een Engelse band die ons verblijdt met een vierde full length, Expo. Ze hebben een voet in post-rock, shoegaze, art-rock en psychedelische rock maar laten we al die labels even vergeten bij het beluisteren van de drie kwartier muziek waarop we getrakteerd worden. 
De songs doen bij momenten dromerig aan (Showroom poetryA modern low) en laveren zo tussen Beach House en Curve. Echo's van Tortoise horen we dan weer in Picto en I could just do it. Op afsluiter Incomplete symphony horen we dan weer een gitaarintro die niet zou misstaan op High/Low van Nada SurfWeight & measures zou de eenentwintigste soundtrack kunnen vormen bij een stedelijke nacht, met verlaten straten en flikkerende neonlichten. 
Het kwartet weet dus duidelijk uit meerdere vaten te tappen en houdt het daarmee boeiend tot de laatste noot.

Je kan de volledige plaat hieronder beluisteren en hier kopen via hun Bandcamp-pagina of hier via Full Time Hobby, hun platenlabel:

13 februari 2026

Gelezen (162)


Dode kamer - Erik Spinoy

Poëzie, zo zei een leraar Nederlands uit het middelbaar ooit, is de kunst om met zo weinig mogelijk woorden zoveel mogelijk te zeggen. Daar moest ik vaak aan denken bij deze bundel gedichten van Erik Spinoy. Vooral in het eerste en derde deel ervan staan veel gedichten die je volle concentratie vereisen omdat elke zin en bijna letterlijk elk woord meerdere betekenissen tegelijk gebruikt om in het korte bestek van het gedicht toch zoveel mogelijk te delen. In het eerste deel gaat het vooral over het verblijf in een exotisch, niet-gespecifieerd land en in het derde deel schetst Pinoy herinneringen uit zijn kindertijd.
In het tweede deel van de bundel staan dan weer de gedichten die hij maakte bij de kunstwerken (ik vermoed video-installaties) van de Belgische Ann Veronica Janssens. Een tijdlang waren kunstwerken én gedichten samen te zien op een website die nu helaas niet meer bestaat. Doordat je niet meer kan zien waar de gedichten bijhoren en/of een reactie op waren, mis je natuurlijk de helft van het plezier. Ik las wel ergens in een oude recensie van deze bundel (die uitgebracht werd in 2011) dat de gedichten heel beschrijvend zijn, maar toch...
Ik lees niet zo vaak poëzie (al nam ik mij intussen voor dat meer te gaan doen) dus een echt goed gefundeerde en door kennis gespekte mening pretendeer ik niet te hebben, maar het belangrijkste is dat ik alvast van deze verzameling gedichten genoten heb. 


Wat we kunnen weten - Ian McEwan

Ik lees zelden recensies van boeken die ik van plan ben te lezen, dus wellicht was mijn beeld vooraf sowieso onvolledig. Wat we kunnen weten van Ian McEwan werd in de berichtjes (vooral op sociale media) die me toch bereikten, vooreerst neergezet als een roman over de klimaatverandering. In het boek dat zich over iets meer dan 100 jaar afspeelt, kijken we over de schouder van het hoofdpersonage mee naar de gebeurtenissen en rampen die ons sinds pakweg 2025 overkomen ten gevolge van (o.a.) de klimaatverandering (die in de toekomst aangeduid wordt als De Ontwrichting).
Dat aspect blijkt uiteindelijk een niet onbelangrijk maar relatief klein deel te zijn van het verhaal en dit boek gaat in de eerste plaats over menselijke relaties, over schaamte, over wat liefde is,... Het gaat ook over overleven, maar dan niet zozeer in de betekenis van rampen overleven, maar van het dagelijks overleven in de omstandigheden waarin je terechtkomt door al dan niet bewuste keuzes én door toeval. Terloops worden allerlei onderwerpen aangereikt en lezen we er verstandige dingen over (zoals over sociale media, waarvan men zich in deze fictieve toekomst afvraagt hoe we ooit zo stom konden zijn die over te laten aan commerciële bedrijven in plaats van aan overheden die de publieke belangen voorop horen te stellen).
Het boek valt uiteen in twee delen: in het eerste deel volgen we literatuurhistoricus Thomas Metcalfe die in het midden van de tweeëntwintigste eeuw probeert het beroemde maar nooit teruggevonden gedicht (sonnetenkrans eigenlijk) Een lauwerkrans voor Vivien terug te vinden. In deel twee lezen we de tekst die hij uiteindelijk vindt bij die queeste.
Zoals ik onlangs nog tegen iemand zei: Ian McEwan stelt nooit teleur, je weet dat het een goed boek zal zijn. En dat is deze roman dus ook: het is een grootse roman die doet wat grootse literatuur doet. Hij zet je aan het denken over universele waarheden en hun betekenis voor je eigen leven.

12 februari 2026

Ist Ist

De uit de regio rond Manchester afkomstige band Ist Ist is met Dagger al aan zijn vijfde album toe. De post-punk van het viertal lijkt zwaar gedrenkt in inspiratie die gehaald werd bij The Sisters Of Mercy. De stem van zanger Adam Houghton klinkt dan ook nog bijwijlen heel sterk als die van Andrew Eldritch. Waar die laatstgenoemde band echter in het beste geval is blijven stilstaan (en afgaande op commentaren op hun concerten de laatste jaren zelfs achteruit gegaan), weet Ist Ist het muzikaal pad van hun inspiratoren verder te zetten met een modernere sound. Opener I am the fear weet te charmeren met een madchester sound die ons ook doet denken aan EMF, Jesus Jones en The ShamenEncouragement is hoe Pet Shop Boys zouden klinken als ze zich zouden wagen aan wat meer zwart in hun muziek en een lager toonregister zouden aanboren. Obligations drijft op een ritmesectie die voortdendert als een zwaar geladen goederentrein. 
Het rustige Song for someone is een buitenbeentje op deze plaat. Jammer genoeg weet de band in deze modus minder te overtuigen, al lijkt de song na twee minuten toch wat op gang te komen. Doorgezet wordt er echter niet en dus valt het nummer tegen op een verder wel aangename plaat, waarop de Mancunians de muzikale lijn van The Sisters Of Mercy doortrekken, nog niet meteen de eenentwintigste eeuw in, maar toch op zijn minst al de nineties. 

Je kan het album hieronder beluisteren en hier kopen via hun Bandcamp-pagina. Een luxe-versie van de plaat (met live-versies van nieuwe en oude songs) vind je hier

06 februari 2026

Momoyo


Er zijn van die stemmen die je onmiddellijk herkent, zelfs al ken je het nummer (nog) niet. Eén ervan is zeker die van Frie Maline, zangeres bij (o.a.) momoyo. Die Gentse band heeft net een tweede full length album uit met de intrigerende titel Home is just a state of mind.
Met deze plaat blikken de bandleden terug, meer bepaald op die bepalende periode in hun leven tussen twintig en dertig, wanneer levenskeuzes gemaakt worden die nog niet definitief hoeven te zijn maar je leven toch richting geven. Het is ook de periode waarin je jezelf echt leert kennen, na de stappen daartoe die je al zette in je puberteit. Zeker in een tijd als deze waarin vaak langer gestudeerd wordt, later getrouwd (of een andere samenlevingsvorm) wordt en kinderen krijgen ook uitgesteld raakt (dit alles althans bij wie voor een vervolgopleiding kiest na het middelbaar), lijkt dertig meer en meer hét scharnierpunt te zijn in het volwassen worden.
Ook het verlies van mensen om je heen maakt daar deel van uit en het scherpst komt dit naar voor in My sister slept waarin dichter en frontman Jonas Bruyneel een ode brengt aan zijn dertig jaar eerder overleden zus, een ervaring die hij bleek te delen met Frie. Die song is een intimistisch pareltje waarin je elke zucht en elk detail kan horen en dat naar het hart grijpt, niet alleen omwille van het onderwerp, maar evenzeer door de minimalistische aanpak. Het is een song om te koesteren en misschien wel dé sleutelsong van dit album. Er hoort overigens een bijzonder mooie en passende video bij, gemaakt met familiebeelden van het zusje van Jonas. Die geeft het nummer zo mogelijk nog méér diepgang en ontroering zonder een moment sentimenteel te zijn.
Behalve songs die rust brengen en stilstaan bij de dingen (zoals ook To fix a heart with words en Forgotten cities), kunnen we op deze tweede van momoyo gelukkig ook weer genieten van het speelse van hun muziek. Spanish song from the 90s klinkt zo zomers en nostalgisch als de titel laat vermoeden. Je hoofd en benen stilhouden is bij Clouds onmogelijk maar gun je hersenen en hart toch ook maar wat werk en luister goed naar de lyrics over overdenken en keuzes willen overdoen of veranderen. Afsluiter When the morning comes is zo'n typisch liedje voor de band waarin de bas een stevig fundament vormt om alle andere instrumenten (en reken daar ook maar zang bij) overheen te draperen.
momoyo ontstond uit Uncle Wellinton's Wives en was bedoeld om een herstart te maken. De breuk met wat vooraf ging is bij de Gentenaars inderdaad goed hoorbaar, maar wie aandachtig luistert, merkt ook dat deze coming of age-plaat eigenlijk in wezen de coming of age is van de leden én van het geheel (dat zoals bekend meer is dan de som der afzonderlijke delen). 

Je kan het volledige album hieronder beluisteren en hier kopen via Wellington Records. Tien procent van de opbrengst gaat trouwens naar Fundación Natura, een herbebossingsproject in Colombië.

05 februari 2026

Bonfire Lakes


Sommige instrumenten en hun bespelers worden vaak over het hoofd gezien hoewel ze een belangrijke rol spelen op een plaat. Ze staan bij concerten vaak achteraan opgesteld en alle aandacht gaat vaak naar de zanger(es) en gitarist(e). Drums en bas hoeven doorgaans ook niet echt te klagen want ze worden gezien als een fundamenteel onderdeel van een band, en gooi daar ook nog maar de keyboards bij.
Nochtans kunnen de blazers het verschil maken en dat is exact wat gebeurt op Sorino van Bonfire Lakes, het project rond Marino Roosen. De warmte die het album kenmerkt, wordt subtiel de kamer ingeblázen, letterlijk. Luister maar eens goed naar The new wave type (always in between) waarin het refrein gedragen wordt door de trompet die zich om de stem van Roosen wentelt. Tegelijk verleent ze het nummer een hoge mate van nostalgie, precies het gevoel dat de zanger verwoordt in een terugblik op wie hij was en de weg die hij heeft afgelegd.
Die nostalgie betreft ook de bezongen relaties in songs als Island en WYMM. De band klinkt afwisselend bedaard, serieus en toch ook vrolijk, zoals in S-day. Dat lijkt wel een popversie van een fanfare mét zanger.
Dit tweede album van Bonfire Lakes kreeg een mooie productie van Gaetan Vandewoude (Isbells), waaruit zelfs een vriendschap groeide tussen de twee. Gaetan slaagde er immers in die tweeledigheid in Marino Roosen te helpen vertalen naar een bundel liedjes die zo precies dát weergeven. En daarmee slagen ze er samen in ons het mooiste geschenk te geven dat in die vriendschap zat.

Je kan het volledige album hieronder beluisteren en hier kopen:

04 februari 2026

Leisure Hour


Leisure Hour
is een fris klinkende band uit Indiana die het soort punkrock en slacker music brengt dat dankzij bands als PUP en Modern Baseball terug populair werd. Op hun tweede plaat ...and to think denderen ze goed derig minuten van song naar song en toveren zo een smile op je gezicht. 
Hoewel de nummers eenzelfde stramien aanhouden en drijven op eenzelfde mix van gejaagde drums en gitaren met urgente zang, vallen er toch een paar op. If I could kill you (I would) klinkt vrolijker dan je zou vermoeden terwijl Happy birthday! allerminst het cadeau is dat je wil horen op je feestje. Ode to Muncie is het eerbetoon van de groep aan hun thuisbasis. Jenny, de afsluiter van dit album, opent wat andere dimensies alvorens terug het intussen bekende register te benutten.
Deze plaat is vermakelijk, ligt goed in het gehoor en heeft vaart genoeg om geen moment te vervelen, maar toch missen we hier dat extraatje dat we bij PUP en Modern Baseball wél horen.

Je kan het volledige album hieronder beluisteren en hier kopen: 

01 februari 2026

Beck


Coveralbums blijken dezer dagen populair, want na The Damned met Not like everybody else gooit ook Beck ons een dergelijk werkstuk voor de voeten. Everybody's gotta learn sometime bevat acht nummers en biedt ons een half uur luisterplezier met nummers van andere artiesten die Beck naar zijn hand weet te zetten.
Die eigen interpretatie wordt misschien nog wel het duidelijkst in afsluiter True love will find you in the end van Daniel Johnston. Hier presenteert Beck ons geen ontroerend krakkemikkige love ballad, maar een mooi gearrangeerde versie waarin de uitvoering zorgzaam gebeurt. Waar Johnston dit liefdeslied als het ware rauw en schijnbaar ongeoefend op plaat zette, zijn gitaarspel en zang bij Beck precies en verzorgd. En toch verliest deze versie de eenvoud van het origineel niet. Bijna gelijkaardig is de aanpak van Can't help falling in love van Elvis, dat een sober jasje aangemeten krijgt, met een vleugje gedoseerde gospel dankzij het achtergrondkoortje. I only have eyes for you wordt gestript tot een hartbrekend pleidooi met behoud van een soort soulvolle doo-wop in de achtergrond en hiermee overstijgt hij de versie van The Flamingos (en van Art Garfunkel).
Beck verzamelt hier overigens songs die hij soms wel twintig jaar geleden opnam. De titelsong kennen we al uit de soundtrack van Eternal sunshine of the spotless mind. Er is één eigen song (Ramona) en twee nog niet eerder uitgebrachte nummers: de al vermelde cover van Daniel Johnston en een prachtige uitvoering van Your cheatin' heart van Hank Williams, dat de country nonchalant van zich afschudt.
We horen op deze plaat een ingehouden Beck, die zijn geniale en flamboyante arrangementen achterwege laat en kiest voor een schijnbare eenvoud. De songs zijn nochtans vaak mooi georchestreerd maar bieden alle elementen in zulk een bescheiden mate dat de eenvoud van de gekozen nummers helemaal tot zijn recht komt.

Je kan het album hieronder volledig beluisteren en hier kopen: