16 september 2016

Wovenhand



De sound van een band kan herkenbaar blijven, evolueren of iets tussen beide in doen. Voor Wovenhand geldt dat de stem van zanger David Eugene Edwards de constante is in hun geluid. Daarnaast hoorden we twee albums geleden een goed gereorganiseerde groep op The laughing stalk, met Alexander Hacke (Einstürzende Neubauten, Nick Cave And The Bad Seeds) aan de knoppen. Dat luidde de verandering in. Na al die jaren kan Wovenhand nog amper verrassen en dat is de belangrijkste vaststelling na beluistering van Star treatment.
De nieuwe plaat lijkt tijdens de eerste nummers vooral een voortzetting van wat de groep op The laughing stalk en Refractory obdurate liet horen. De gitaren scheuren en knarsen op songs als Come brave, Swaying reed en The hired hand. Plots is daar dan The quiver, waarin gas teruggenomen wordt en de stem van de frontman meer gaat bepalen hoe onze oren veroverd dienen te worden. Hoewel het tempo daarvoor al wat gezapiger lag tijdens Crook and flail, klonk het voordat The quiver werd ingezet vooral zwaar.
De Native American roots van Edwards worden blootgelegd op All your waves. Echo’s van platen van Robbie Robertson duiken op, onder meer in de achtergrondzang. Naar die afkomst wordt overigens ook al verwezen op de hoesfoto. Daarna lijkt Wovenhand vooral te twijfelen welke kant de plaat verder zal uitgaan. De zwaarte van de aanvang zit het sterkst in Five by five, Low twelve daarentegen schurkt tegen Crook and flail aan.
Het resultaat is niet het meesterwerk dat Wovenhand wellicht had hopen te maken. De teleurstelling komt vooral voort uit het gebrek aan het wisselende niveau. Net als bij Standard de afgelopen jaren in de Jupiler Pro League, krijgen we zowel mooie dingen als ontgoochelende prestaties voorgeschoteld. De introspectie bij het kijken naar de sterrenhemel schijnt de aanleiding te zijn geweest voor deze plaat, die geen maatschappijkritiek is op sterrencultus. We zouden niet graag moeten leven met wat die overpeinzingen uit de behoorlijk zwarte ziel van Edwards naar boven haalden. Nu is het niet zo dat donkere platen niet gesmaakt worden. Mijn oordeel over de nieuwe van Nick Cave bewees onlangs nog het tegendeel. Helaas weten deze Amerikanen het grimmige niet voldoende om te zetten in schoonheid. We missen de verzachtende klanken van violen of zelfs een banjo. We missen de verstilling en de beklijving van een welgemikte pianotoets. We missen bovenal nuance. Wanneer de plaat in de tweede helft ook nog wat stuurloos en besluiteloos blijft, raakt Wovenhand ons wat kwijt.

Je kan deze recensie ook hier (in licht aangepaste vorm) lezen op Indiestyle. Beluister hieronder het volledige album:

Geen opmerkingen:

Klik op oranje tekst om de links te volgen en blauwe links voor de mp3's.