22 november 2013

Connan Mockasin



Na Forever dolphin love waren we geneigd mee te staan roepen wat een genie die Connan Mockasin toch is. Het hoeft dan ook geen verwondering te wekken dat hier met hooggespannen verwachtingen uitgekeken werd naar de opvolger, Caramel. Het uitkijken naar dit album werd nog versterkt door zijn mooie concert in de Handelsbeurs enkele weken geleden. Verscheidene luisterbeurten later blijven we wat teleurgesteld achter. Hoewel…
Ons oordeel dat de Nieuwzeelander geniaal is, is nog niet helemaal overboord gegooid. Net zoals je bij Daniel Johnston onder de gebrekkige beheersing van instrumenten en zang geweldige melodieën kan ontdekken, zijn ook hier weer genoeg pareltjes te vinden om een mooie kraalketting van te maken. Connan verstopt die vooral onder een dikke, zeg maar centimeters dikke laag synthesizerklanken die uit de jaren 70 zijn weggelopen, onderweg wat paddo’s hebben geslikt, marihuana gerookt en een fles goeie whisky gekraakt. Als je die metafoor overdreven vindt, moet je zelf maar eens luisteren. Meteen legt dit het pijnpunt van deze plaat bloot. Zoals wijlen Paul Vanden Boeynants zou gezegd hebben: “trop is teveel”.
Het was al even wennen geweest met de vooruitgeschoven single I'm the man, that will find you. Hoe meer je de stevige melodische basis van het lied hoorde, hoe meer appreciatie je ervoor kon opbrengen. Ook I wanna roll with you vertoont dezelfde kenmerken. Het is even slikken met al die psychedelica eroverheen gegoten, doch het refrein neemt je na enkele keren je oor te luister leggen ongetwijfeld mee naar een land van zoete popvelden. Bij enkele andere liedjes verzuipen we bovendien in de zeemzoete soul (Why are you crying? en Do I make you feel shy?). Dat laatste doet ons overigens erg denken aan Prince wanneer die suikerspinnen songs op de wereld loslaat. De synthesizerobsessie maakt Mockasin erg verwant aan Jimi Tenor, een man van wie we ook al vaker gedacht hebben dat een scheutje minder niet misstaan had.
Het uit maar liefst vijf delen opgetrokken It's your body is het ultieme bewijs voor onze stelling. De muzikant gaat helemaal loos en experimenteert erop los, legt laagje over laagje, springt alle kanten op en af en toe ontdek je dan een flard die je bekend voortkomt, gerecycleerd uit de overige liedjes. Soms lieflijk, soms dreigend (deel 3): altijd klinkt het anders en vooral heel bijzonder, maar hier is de song ontegensprekelijk ondergeschikt gemaakt aan de ontdekkingsdrang.
En zo krijgen we een plaat die het genie van de maker weliswaar nog steeds illustreert. Tegelijk echter wordt het je erg moeilijk gemaakt. En voor velen zal gelden dat over the top dit keer een pak te ver gegaan is.

Je kan deze recensie ook hier lezen op Indiestyle.


Geen opmerkingen:

Klik op oranje tekst om de links te volgen en blauwe links voor de mp3's.