29 februari 2024

Nadine Shah


Wakker word je meteen bij het beluisteren van Filthy underneath, de nieuwste plaat van Nadine Shah. Klokken als op For whom the bell tolls van Metallica openen het album. Daar stopt de vergelijking wel want de muziek van de Britse lijkt in niets op die van de metalgrootheden.
Ken je dat? Je bent vroeg op een feestje en de DJ speelt wat plaatjes om op te warmen. Hij kiest voor muziekjes waarmee hij nog niet zijn beste kruit al verschiet want de dansvloer is nog leeg maar hij wil toch al laten horen dat zijn keuze eigenzinnig en erg goed is, zodat je zou denken "amai, als dit is wat hij nu draait, hoe goed zal het straks dan niet zijn?". In die sfeer in een donkere fuifzaal past Topless mother voor mij perfect. Het is een soort moderne variant van Jungle fever, de Belpophit van The Chakachas, zonder gekreun en met een sneller ritme, wél met eenzelfde zwoele lading en zweterige laag die van de noten afdruipt. Voor mij is dit het hoogtepunt van deze plaat. Nochtans resten er nog heel wat fijne songs. Opener Even light (met dus die openende klokken) klinkt als een nacht waarin alle beloftes nog ingelost zullen worden. Food for fuel schurkt zich in de openingsseconden qua mood tegen Topless mother aan om vervolgens een andere wending te nemen tot het refrein terugvalt op het succesrecept. You drive, I shoot is in meerdere betekenissen een moordsong en Hyperrealism twijfelt tussen de dansvloer en de kamer van een contemplatieve tiener die zich onvoldoende geliefd voelt. 
Na het begin van de plaat volgen behoorlijk wat tragere nummers: Keeping score, See my girl en verweven als onderdeel van andere liedjes. Toch worden die niet op een hoop gegooid maar goed gedoseerd zodat het album zijn flow behoudt. Afsluiter French exit is een mooie kers op een taart die we intussen al heel erg smaken.

Je kan het album hieronder volledig beluisteren en hier kopen via de link op haar website:

28 februari 2024

Ziekenhuis


Het UZ in Gent kent nog weinig geheimen voor me. Al vanaf mijn geboorte ben ik er "vaste klant". Ik heb immers een aangeboren hartafwijking en werd daarvoor reeds op jonge leeftijd geopereerd. De ingreep waarmee ze het probleem toen verhielpen was destijds vrij nieuw maar wordt tegenwoordig niet meer uitgevoerd omdat er al betere alternatieven zijn. Uit longitudinaal onderzoek, zo vertelde mijn cardioloog bij wie ik minstens jaarlijks op controle ging (en ga), bleek dat na verloop van tijd een reeks van problemen (waaronder ritmestoornissen) ontstonden ten gevolge van die ingreep en ik had nog geluk dat die evolutie bij mij trager ging dan vele lotgenoten. Maar sinds enkele jaren zijn de secundaire problemen niet langer te negeren en staan ze een normaal functioneren in de weg. Nier-, lever- en vaatproblemen volgden en ik sta inmiddels al een tijdje op de wachtlijst voor een transplantatie van hart en nier. Op een dag zal ik plots telefoon krijgen dat er een donorhart beschikbaar is voor mij. Het is een dag waar ik tegelijk naar uitkijk en tegen opzie, want de revalidatie zal lang en niet makkelijk zijn. (En wellicht zal ik hier dan een tijdje "verdwijnen" tijdens mijn hospitalisatie.)
Mijn vertrouwdheid met ziekenhuizen (want de nierdialyse krijg ik in mijn woonplaats en niet in het te verre Gent) inspireerde me tot onderstaande Spotify-playlist met songs in het thema:

  1. Hospital - Astronaute: we openen met dit rustige nummer van het album Petrichor dat ik ooit hier reviewde.
  2. Hospital beds - Cold War Kids:  Cold War Kids hadden ooit een fijne radiohit met Hanging out to dry en het typische stemgeluid dat die song er toen deed uitspringen kleurt ook deze song overduidelijk.
  3. Take me to the hospital - The Prodigy: er zullen weinig zieken zijn die kunnen meedansen op het moment dat de titel ook hun wens is maar verder is er weinig mis met dit nummer dat terug te vinden is op Invaders must die.
  4. Harborview hospital - Mark Lanegan: hoe fantastisch ik het album Blues funeral van de betreurde Mark Lanegan wel vind, kan je op elk moment hier nalezen. Er staat werkelijk geen minder liedje op de plaat en hoewel dit niet het hoogtepunt is, blijft ook dit staan als een huis.
  5. Picture me in a hospital - Babyshambles: de hype rond The Libertines en Babyshambles, de bands van Pete Dohery, begreep ik destijds niet echt. Intussen heb ik beide bands toch wel weten te waarderen. En dit nummer ligt aangenaam in het gehoor dus mag hier zeker niet ontbreken.
  6. Nurse - Miss Kittin and The Hacker: er is iets guilty pleasure-achtig aan de muziek van Miss Kittin. Tegelijk lijkt alsof ze gebruikmaakt van goedkope effecten maar wie goed luistert, hoort toch hoe ingenieus ze met de elementen aan de slag gaat en deze song over een verpleegster past perfect als illustratie voor mijn punt.
  7. Earth people - Dr. Octagon: we kennen het allemaal uit films en ziekenhuisseries uit de VS dat door de speakers boodschappen weerklinken voor de dokters. "Paging Dr. Octagon", zo begint dit fijn  nummer van Dr. Octagon, een alter ego van Kool Keith, en je wordt meteen het hospitaal ingeslingerd als luisteraar.
  8. X-ray - The Maccabees: hoeveel röntgenfoto's (niet in het minst van mijn longen, want dat lijkt wel standaar te zijn bij een opname via spoed) zouden er van mij intussen niet al in mijn medisch dossier zitten? Ik hoop maar dat ik niet straal als de reactorkern van Doel, om eens een overdrijving uit de kast te halen.
  9. Wires - Athlete: zanger Joel Pott van Athlete schreef dit nummer nadat zijn dochtertje kort na de geboorte ziek werd en op intensieve moest opgenomen worden. De aanblik van al die draden die zijn kindje verbonden met de apparatuur inspireerde hem en het verhaal heeft me altijd al ontroerd.
  10. Röntgen - Affet Robot: deze Londense dark wave-artiest was me totnogtoe onbekend maar zijn nummer hoort hier perfect thuis.
  11. Take your medicine - Czarface and MF Doom: hiphop die even zwart klinkt als new wave, ik hou er wel van. En Czarface en MF Doom zijn er goed in. Nog geen minuut lang, dit liedje, maar toch toepasselijk.
  12. Medicine - Nick Waterhouse: voor zijn song over medicatie bedient Nick Waterhouse zich van een heel ander muzikaal palet want hij grossiert in rhythm & blues, jazz en soul. 
  13. Injection - Push (featuring Belko): Push ken je wellicht van het zeer populaire Universal nation maar ook dit nummer is de moeite waard.
  14. I need a doctor - Dr. Dre, Eminem and Skylar Grey: fijn singletje uit 2011.
  15. Doctor's orders - Sonic Youth: het is een running gag tussen mijn lief en mij sinds ik enkele malen via spoed opgenomen werd. Er zijn  immers twee zinnetjes die we telkens (vaak) te horen kregen: "de dokter heeft dat voorgeschreven" en "de dokter komt zo". Fijn te weten dat ook Sonic Youth ervaring heeft ermee...
  16. Bad case of loving you (Doctor, doctor) - Robert Palmer:  het moeten niet allemaal minder bekende of zelfs obscure songs zijn in dit liedje. Deze hit van Robert Palmer zullen velen al wel eens horen passeren hebben op de radio. Deze diagnose heb ik echter nog nooit gekregen.
  17. Doctor doctor - Labi Siffre: ik breek hier graag een lans voor de onderschatte Britse soulzanger Labi Siffre, die af en toe eens een klein hitje scoorde maar wiens platen veel meer pareltjes bevatten. Ook hij aanroept de dokter.
  18. Surgery - Two Door Cinema Club: soms leidt een opname tot een operatie: nooit leuk maar wel noodzakelijk. Al goed dat je zelf weinig weet van wat er gebeurt tijdens de ingreep. En ik kijk ook niet graag (meer) naar operaties die ze op tv tonen, dus daar mogen ze eigenlijk ook wel eens mee ophouden. 
  19. Anaesthetic - Arca: operaties zijn nooit leuk maar gelukkig is er de narcose. Ik heb me in al die jaren leren overgeven aan de narcose want mijn drang naar controle hield me vroeger zo lang mogelijk wakker zodat ik zo lang mogelijk zou zien en horen wat er gebeurde (niet de pijn natuurlijk, ik ben blij dat ik tegen dan altijd allang weg ben van de wereld).
  20. Cardiology - Good Charlotte: de groep die een one hit-wonder werd met Lifestyles of the rich and famous bezingt hier de discipline die in mijn leven het meest centraal staat.

Misschien mis je hier Smokers outside the hospital doors van Editors, een song die altijd in mijn hoofd sluipt als ik naar het ziekenhuis ga en bezoekers, personeel en patiënten zie die staan te roken net buiten de ingang. Behalve dat ik dat asociaal vind om dat op die plaats te doen (de meeste ziekenhuizen voorzien immers paviljoentjes waar je kan roken zonder de anderen te storen) zodat wie binnen- of buitengaat door de rook moet, ben ik het ook eens met Tom Smith dat het één van de meest zielige dingen is die je kan zien: zieke mensen die een ziekmakende gewoonte niet kunnen laten en in kamerjas en met een standaard waaraan hun infuus is bevestigd, die verslavende nood moeten inlossen. Maar ik heb daar elders al eens over geschreven (maar blijkbaar nooit op deze blog) dus hoefde het voor mij niet in dit lijstje.

27 februari 2024

Whispering Sons


Natuurlijk hangt de schaduw van Joy Division ook nog steeds over The great calm, de derde plaat van Whispering Sons. Toch hoor je een verschuiving in de muziek. Producer was dit keer Bert Vliegen, die je nog kan kennen van de fijne band Horses wiens concert we hier ooit nog bespraken. Die zware jaren 80-sound die zo kenmerkend was voor de band heeft hij samen met de Limburgers laten evolueren naar een meer mysterieuze rocksound.
Het album klinkt nog steeds niet als een antidepressivum waar je opeens manisch van zou worden maar tussen al het zwart en donkergrijs dat vroeger werk kleurde, worden nu streepjes kleur toegelaten waardoor alles wat rijker en gevarieerder klinkt. Het is niet dat we niet van de eersteling (en in iets mindere mate van de "moeilijke tweede") houden doch als we hun platen moeten rangschikken komt deze toch op de eerste plaats te staan. Opener Standstill is een fantastische song waar ze ons op elk radiostation zouden mogen mee overvallen en die we graag toelaten als oorworm in ons hoofd. En dan wordt die gevolgd door het nóg opwindender Walking, flying dat voortgestuwd word door de ritmesectie die een versnelling hoger heeft geschakeld. Op gelijkaardige manier wordt ook Something good op sleeptouw genomen. The talker is misschien wel de meest kleurrijke song die we te horen krijgen. Het speelse verrast, op een aangename manier.
Ook in de rustige songs weet de band te overtuigen. Cold city sleept zich als een opgestaan lijk over het kerkhof en de symbiose tussen de muziek en de stem van Fenne Kuppens is compleet. Still, disappearing wordt geschraagd door een schijnbaar eenvoudig pianoriedeltje dat herhaald wordt tot het aanzwelt richting het refrein. Oceanic bootst een hartslag na op de achtergrond en dat werkt wonderwel.
De rijkdom die toegevoegd werd wil ik ook graag illustreren met Balm (After violence) dat enkele goede muzikale ideeën combineert tot een song die zich niet meteen laat doorgronden maar na verloop van tijd wel je hart en oren verovert en uitgroeit tot misschien wel hét hoogtepunt van deze plaat. 

Je kan het album hieronder volledig beluisteren en hier kopen via hun Bandcamp-pagina of via de link op hun website:

25 februari 2024

Expo: "Defectio Re" van Jana Roos

 

Jana Roos: ooit was ze een klein meisje dat ik net als haar broer aan de overkant van de straat met haar fiets zag vertrekken naar school (of in de late namiddag terugkeren). Jaren later was ze een tijdlang de babysit van mijn twee kinderen als ik naar de opleiding rond autisme ging. Mijn kinderen waren dol op haar en zijzelf gaf altijd het gevoel (en ik heb geen reden te twijfelen dat ze dat ook meende) dat ik haar haast meer plezier deed met haar te vragen dan zij mij door te komen oppassen. Ze was toen al begonnen aan haar opleiding mode en kunst en ik bleef haar, toen mijn kinderen allang geen oppas meer nodig hadden, volgen. Vooral op haar Instagramaccount zag ik haar modecreaties passeren maar ook de prachtige tekeningen die ze maakte. Ik zag hoe ze meer en meer succesvol werd, met modeshows in enkele Afrikaanse landen zelfs (Oeganda, Ghana), maar ook met creaties voor theater en andere evenementen. En onlangs was één van haar installaties te bewonderen op het Lichtfestival in Gent.


Vrijdagavond waren we uitgenodigd op de vernissage van haar eerste expositie. Defectio Re laat een staalkaart zien van wat ze kan, door de creatie van een fantasiewereld (Ice adaptability) die je als toeschouwer ook zelf nog kan invullen. Er zijn kledingontwerpen te zien (inclusief hoofddeksels of moet ik zeggen hoofdornamenten), er staat één van de glas-in-lood sculpturen waarmee ze te zien was op het Lichtfestival en die ze maakte in samenwerking met het bekende Atelier Mestdagh. 


Maar bovenal interessant is dat ze een inkijk geeft in het proces. Dat doet ze middels enkele projecties maar vooral door op twee tafels de elementen tentoon te stellen die geleid hebben tot het eindresultaat dat je er ook kan zien.



Deze bijzondere tentoonstelling kan je nog tot en met zondag 10 maart zien in Artspace Ontsteking in de Chinastraat in Gent, boven Bar Bricolage (nabij Dok-Noord), elke dag van het weekend van 16u tot 20u. Op  zondag 10 maart is er nog de finissage vanaf 19u. Alle info over de expo vind je ook hier.

22 februari 2024

Alice De Micele


Het is onnodig te zeggen dat de coronapandemie er stevig inhakte in de culturele sector en dus ook bij muzikanten. Sommigen maakten van de nood een deugd om op een ander soort manier op te nemen of een heel ander soort plaat te maken dan ze gewoon waren. De Amerikaanse Alice De Micele maakte van de afzondering in Oregon gebruik om de platen te herontdekken die haar jeugd en haar volwassen leven hadden mee vorm gegeven. Ze maakte zich sommige songs die belangrijk voor haar waren eigen en dat levert nu Interpretations: volume 1 op, waarop we negen covers terugvinden van niet de minste artiesten.
Geopend en afgesloten wordt er met Neil Young, wiens Old man en Harvest moon hier een passend eerbetoon krijgen. Vooral bij de opener blijft ze dicht bij het origineel maar alleen al de vrouwenstem geeft de songs toch een ander cachet. Give yourself to love is een mooie wegwijzer richting het werk van de mij voorheen onbekende Kate Wolf. Erna volgt de prachtige bluessong Death don't have no mercy (van -Reverend- Blind Gary Davis) waarop we ons een rokerig bluescafé voorstellen met oude mannen die langzaam slurpend aan hun bier allen aan hun eigen zorgen denken terwijl ze de muziek in zich opzuigen.
De stem van Alice trekt een wat ander register op in Over my head van Fleetwood Mac. We zien in gedachten Christine McVie goedkeurend knikken. En net zoals op Tori Amos' Strange little girls met de keuze om nummers van mannen als vrouw te zingen, slaagt De Micele erin om Square one van Tom Petty te transformeren en haar versie als de andere helft van éénzelfde verhaal te maken.
Jazz zegt me minder en dat verklaart wellicht waarom Throw it away van Abbey Lincoln mij op dit album het minst aanspreekt. Natuurlijk hoor ik de kwaliteit ervan maar het raakt me minder. Dat heb ik wel vaker met jazz, dus het ligt niet aan de artieste, zullen we maar besluiten.
Gelukkig volgt dan een waar hoogtepunt in de vorm van Sugaree (van The Grateful Dead). Het gitaarspel is zo mooi dat ik er bijna tranen van in de ogen krijg en de zangeres dwingt ons om écht te luisteren naar het nummer. Ze pakt ons bij ons nekvel en een mooier compliment dan dit kan ze The Grateful Dead eigenlijk niet geven. Erna daalt er weer wat meer rust neer met The hounds of winter van Sting.
Covers zijn altijd een moeilijk geval voor elke artiest. Je wil het origineel eer bewijzen maar je wil ook je eigen stem laten horen en de beste covers weten de essentie te extraheren uit het origineel om er iets helemaal unieks mee te doen. Alice De Micele slaagt daar wonderwel goed in.

Je kan het album hieronder volledig beluisteren en hier kopen via haar Bandcamp-pagina:

21 februari 2024

Chelsea Wolfe


She reachte out to she reaches out to she
, het zevende studio-album van Chelsea Wolfe, begint heel veelbelovend. De dreigende sfeer in de openingssong Whispers in the echo chamber trekt de luisteraar zonder genade de plaat in en Wolfe zingt alsof ze de vrouwelijke Tricky is. Hoewel ik haar naam kende maar haar muziek nooit echt goed beluisterd had, werd ik meteen heel enthousiast.
Helaas zit het hoogtepunt van deze plaat helemaal vooraan en tegen de tijd dat je aan het tiende en laatste liedje zit, is er een moeheid opgetreden (althans bij mij) ten aanzien van haar smachtende stem die na bijna drie kwartier bijna als een gimmick klinkt. Ja, House of self-undoing is zeker nog de moeite waard (al schurkt ze hier gevaarlijk dicht aan tegen of all people Within Temptation) en muzikaal horen we af en toe interessante ideeën (zoals in Eyes like nightshade) maar al kan ik niet goed te pakken krijgen waarom, na een tijdje begint ze zowaar wat te irriteren. Een snelle trip doorheen haar oudere albums toont dat ze al betere platen heeft gemaakt (Pain is beauty en Hiss spun bijvoorbeeld) die ik, als haar nog eens een kans geef door mijn boxen te weerklinken, toch ga verkiezen.

Je kan het album hieronder volledig beluisteren en hier kopen via haar Bandcamp-pagina of haar website:

20 februari 2024

Grandaddy

Platen van Grandaddy zijn niet alleen van een haast onbeschrijflijke, hemelse schoonheid, ze zijn ook uniek en je herkent ze van mijlenver. De vertrouwde elementen van de onverwachte details, de ingenieus opgebouwde arrangementen en natuurlijk ook die typische stem van Jason Lytle zorgen voor een heel eigen geluid. In 2017 kregen we voor het laatst een nieuwe plaat van hen te horen, daarna volgden wel nog wat alternatieve versies (op piano of met extra's) van hun vorige platen. Na Last place is dit kakelvers ei, Blu wav, tegelijk wat je van de band verwacht en toch ook dat tikkeltje anders.
Ik herinner me nog hoe vrolijk ik werd van hun debuut Under the western freeway in 1997. Bovengenoemde elementen waren rijkelijk aanwezig en alles klonk bovendien erg speels. Die speelsheid moest op latere albums soms wijken voor meer ingetogenheid maar telkens opnieuw dook ze terug op. Op Blu wav is het springerige er toch wel wat en daardoor ligt er een laken van melancholie en rust over deze plaat. De americana-invloeden komen meteen ook sterker op de voorgrond. Samenzang als in You're going to be fine and I'll go to hell omarmt je en dat is gezien het berustend verdriet dat we horen exact de troost die we nodig hebben. Voor Watercooler mogen we het gerust het woord "langoureus" nog eens bovenhalen en On a train or bus past in de soundtrack van zowat elke Amerikaanse roadmovie die de kijker door uitgestrekte landschappen loodst. De intro van Jukebox app is een mooi voorbeeld van hun nog steeds aanwezig experimenteel kantje waarin allerlei geluidjes een plek krijgen, waarna de song zich languit uitstrekt als een luie kat in de zetel dichtst bij de open haard. Een buitenbeentje is Yeehaw ai in the year 2025, dat amper een liedje te noemen valt maar toch weet te betoveren.
De onaardse schoonheid is op dit album gelukkig gebleven en dat maakt het lange wachten sinds Last place de moeite waard. Als staalkaart of introductie zou ik andere albums van de band aanraden omdat hier toch vooral de melancholische kant op de voorgrond staat maar wie langs deze weg kennismaakt met Grandaddy kon het slechter treffen.

Je kan het album hieronder volledig beluisteren en hier kopen via de Bandcamp-pagina van de band: 

15 februari 2024

Febem, Fleezus and CESRV


Black diamond
van Buraka Som Sistema, mijn nummer 1 van 2009, blijft ook nu nog één van mijn favoriete albums. Die mix van genres en dan dat Portugees dat even wervelend klinkt als het beste voetbal van Brazilië of zelfs Portugal wisten me toen én nu heel erg te bekoren. Ik moest er aan denken toen ik Brime! van Febem, Fleezus en CESRV beluisterde.
Over die drie Braziliaanse artiesten of acts is amper info te vinden op het internet. Febem blijkt een Braziliaanse rapper (echte naam: 
Felipe Silva Desiderio), ooit lid van een band maar sinds 2016 solo, en Fleezus en CESRV zijn (vermoedelijk) landgenoten waar hij regelmatig mee samen blijkt te werken. Brime! staat wellicht voor "Brazilian grime" want dat relatief nieuw muziekgenre is waar ze zich van bedienen op een opwindende wijze. Daarbij moeten ze niet onderdoen voor hun Britse collega's. Het klinkt allemaal natuurlijk wel exotischer.
Het is vooral Sobe e morro  dat me aan de eerder genoemde Portugees-Angelose band deed denken. Het refrein roept beelden op uit Amerikaanse hiphopclips waarin ze hun auto's laten "springen". Ook opener Raddim wordt na de samples met stemmen door de bas en de ritmes gedreven en zet meteen de toon voor het album. Verdere hoogtepunten zijn Chelsea en Golpe. Enkel Soho weet me niet echt te verleiden, daarvoor klinkt het te smooth. 
Toevallige ontdekkingen leveren al eens plaatjes op die je in Vlaanderen nooit zou horen, al zeker niet als ze gemaakt zijn in een niet-Westers land en binnen een genre dat nu niet bepaald veel airplay krijgt. Toch zijn het die platen die je muziekbeleving nog kunnen verrijken en dat doet Brime! zeker en vast.

Beluister hieronder het volledige album:

14 februari 2024

Gelezen (157)

 


Post mortem - Peter Terrin

Dit boek van Peter Terrin valt uiteen in 3 delen. In deel 1 maken we kennis met Emiel Steegmans, een niet zo succsvolle schrijver en zijn gezin: zijn vrouw Tereza en zijn vierjarig dochtertje Renée. Drie verhaallijnen en perspectieven lopen voortdurend door elkaar: het verhaal van Emiel zelf, de flashbacks naar zijn jeugd die verteld worden vanuit de jonge Emiel en de fragmenten die Emiel in zijn hoofd begint te schrijven aan een autobiografische roman T. Geheel onverwacht gebeurt er met zijn dochter iets dat ogenschijnlijk onschuldig lijkt maar zeer ingrijpend blijkt én tegelijk wordt zijn meest recente roman De moordenaar overladen met veel lof en een belangrijke literaire prijs.
In deel twee volgen het rechtlijnig verhaal van de eerste week (of iets langer) na de ingrijpende gebeurtenis met Renée en is die autobiografische roman even niet meer aan de orde omdat alles rond zijn dochtertje zijn aandacht opeist.
In deel 3 krijgen we het standpunt van de man die een biografie wil schrijven van Emiel Steegmans, beroemd na de successen van De moordenaar en T en overleden aan kanker. In de puzzel die hij probeert te leggen staan twee zaken centraal: de ophef nadat een zelfmoord gelinkt wordt aan T en Steegmans zelfs voor de rechtbank gedaagd werd als verdachte van moord en de videobandjes die Steegmans voor of na zijn overlijden laat bezorgen aan de biograaf en waarop vooral beelden te zien zijn van hoe het verder gaat met Renée.
In essentie gaat het boek over hoe we greep willen krijgen op hoe anderen ons zien. Emiel Steegmans krijgt het idee voor de autobiografische roman nadat hij beseft dat een zeer succesvolle auteur na zijn dood besmeurd kan raken door details uit zijn leven die opgerakeld worden door biografen en exploreert hoe hij zoveel mogelijk controle daarover kan krijgen terwijl hij nog leeft. En dat is uiteindelijk ook wat Steegmans zelf probeert te doen.
Ik vond deel 1 nogal verwarrend bij momenten door de voortdurende wisselingen tussen de verhaallijnen, wat aanvankelijk ook niet zo duidelijk is. Maar eens de roman op gang komt met de ingrijpende gebeurtenis rond Renée merk je dat dit boek toch knap in elkaar zit en bovendien leest vooral deel 2 heel vlot. Er worden meer vragen opgeroepen dan antwoorden gegeven en dat zet je als lezer aan het denken over hoe veel (weinig dus) we zelf in de hand hebben over hoe we door andere gepercipieerd worden. 



 Crossroads - Walter van den Broeck

De pas overleden schrijver Walter van den Broeck is zo'n auteur die ik wel kende maar waar ik nog nooit iets van gelezen had. Mijn lief heeft de verfilming van Groenten uit Balen en raadde me die aan eens te bekijken (wat er nog niet van kwam) en ik ben begonnen aan "Tijl Uilenspiegel" in een periode dat lezen me moeilijk viel dus dat boek moet ik nog uitlezen.
Deze Crossroads is een nostalgische trip doorheen de tijd in een dorpje in de Kempen (Olen) en vertelt het verhaal van de familie Boeckx die een café uitbaat, In De Kroon, en alle personages eromheen, waaronder de auteur zelf. Langsheen een minimum aan historische feiten die het dorp overstijgen (de invoering van de btw en de euro, corona,...) loodst van den Broeck ons langs een typisch kleinmenselijk maar universeel verhaal van een teloorgegaan soort dorpsleven. Het levert een leuk boek op dat zich ook in -ik zeg maar iets- Beervelde had kunnen afspelen, het dorp van mijn grootouders. Wie jonger is dan ik, zal zich sommige beschreven situaties en relaties misschien moeilijker kunnen voorstellen, maar de verhalen die ik als kind hoorde echoden doorheen dit boek dat ik dan ook met plezier las.  

11 februari 2024

Mitch Ryder


Je hebt een teletijdmachine nodig die je terugbrengt naar Detroit in de jaren zestig om een debuterende Mitch Ryder te zien en horen. In de "Motor City" was hij met zijn band Mitch Ryder & The Detroit Wheels één  van de grote soullegendes en scoorde hij enkele top 10-hits. Zestig jaar en talloze albums later waarin hij ook de muzikale velden van rhythm & blues exploreerde, blijft hij met de regelmaat van de klok muziek uitbrengen en aan zijn lange discografie voegt hij dit jaar The roof is on fire toe,  een live-dubbelaar. Deze eeuw was zijn populariteit het grootst in Duitsland (en bij uitbreiding groter in Europa dan in de VS) maar als er een publiek bestaat dat nog steeds ouderwetse rock én blues(rock) weet te waarderen (en dat is er zeker!) kan hij met dit album zeker nieuwe fans werven.
The roof is on fire stoomt de eerste helft van de 15 nummers lange plaat, goed voor bijna anderhalf uur, gewoon door. Er is een interessante cover van Dylans Subterrean homesick blues of van Tuff enuff van The Fabulous Thunderbirds. Af en toe worden we vergast op een bluesy rustpunt als From a Buick 6 of de muzikale strandwandeling Freezin in hell. Dat laatste nummer leidt een overgang in naar een meer bluesgericht tweede deel met daarin het mooie door een orgeltje gedragen Many rivers to cross en de meer dan een kwartier uitgesponnen maar nooit vervelende afsluiter Soul kitchen (een cover van The Doors).
Mitch Ryder mag zijn commercieel hoogtepunt al een heel mensenleven (of meer) van menige luisteraar achter zich hebben, met deze plaat toont hij ook in 2024 nog relevant te zijn en een plaatsje te verdienen in de luisterlijsten die uw jaar zullen kleuren.

Je kan het volledige album hieronder beluisteren en hier kopen via de website van het platenlabel Ruf Records:

10 februari 2024

Alkaline Trio


Punk is een genre dat ik weliswaar graag hoor maar niet zo vaak opzet. Het wordt al snel druk als je ondertussen iets anders wil doen en variatie is op punkalbums wel regelmatig een beetje een probleem. Dat gezegd zijnde vraag ik alsnog uw aandacht voor Blood, hair, and eyeballs, van Alkaline Trio. Deze band uit Chicago heeft al een mooie geschiedenis achter de rug vóór dit tiende album. Hun eerste album werd zelf nog in de vorige eeuw uitgebracht (1998). Zanger Matt Skiba heeft overigens van 2015 tot 2022 Tom DeLonge vervangen bij Blink-182, tot die besloot alsnog terug te keren.
Het zal ook jou plezier te doen te horen dat variatie op deze plaat géén issue is. De spreekwoordelijke drie akkoorden vormen allang niet meer het enige dat je te horen krijgt. Vaak klinken de songs melodieus, zoals Versions of you, Bad time en Break. Soms wordt de voet eventjes van het gaspedaal gehaald zoals in delen van Shake with me en dat soort momenten zouden er naar mijn smaak nog iets meer mogen zijn.
Niettemin is die een fijne punkplaat die deze band ook bij jou op de radar zou kunnen brengen.

Beluister hieronder het volledige album dat je ook kan kopen via de website van de band:

09 februari 2024

Bipolar Architecture


Opmerkelijke bandnamen kunnen mij al eens verleiden tot een beluistering van hun muziek. Dat valt soms tegen maar levert ook af en toe ontdekkingen op die ik wel weet te smaken. Aan dat laatste lijstje mag je ook Bipolar Architecture toevoegen, dat metal maakt met een twist waardoor ze niet zouden misstaan op het Gentse Consouling-label.
Metaphysicize is het tweede album van dit Berlijnse gezelschap en zeven nummers lang word je als luisteraar meegesleept in een krachtige storm. De ex-leden van Heretic Soul wenden niet alleen hun metalervaring aan maar breiden hun geluid uit naar andere genres, tot zelfs post-rock toe. Kaygi is daar een mooi voorbeeld van. In Alienated klinken de gitaren dan weer zoals menigeen ze bij metal verwacht, tot plots de song een heel andere wending neemt en zowaar contemplatief wordt (maar niet blijft). Mijn persoonlijke favoriet is Immor(t)al dat meer dan zes minuten duurt en lange tijd voortkabbelt op de akkoorden van een gitaar die langzaam vergezeld wordt van de drum. We zijn bijna halfweg als de song helemaal ontluikt en je steeds krachtiger in het gezicht waait. Ook verderop wordt de luisteraar beloond met rustpunten tussen al dat geweld. Die afwisseling werkt uitstekend.

Je kan het volledige album hieronder beluisteren en hier kopen via hun Bandcamp-pagina:

08 februari 2024

J. Mascis


Wat er ook te zeggen valt over J Mascis, frontman van Dinosaur Jr maar ook steeds vaker solo-artiest, beweren dat hij niet levert wat je van hem mag verwachten kan je niet. Dat is ook zo op zijn nieuwste solo-album What do we do now. De gitaar en de zang klinken als vanouds en zijn zo herkenbaar als het silhouet van je partner in een menigte.
Dat wil overigens niet zeggen dat hij zomaar in herhaling valt. Elke plaat is op zichzelf toch weer een net iets andere toevoeging aan zijn oeuvre. Waar hij ene keer meer schuurt dan de andere keer, slaagt hij er alleen of met zijn band in soms zulke arrangement uit zijn hoed te toveren dat hij nieuwe luisteraars weet te verleiden. Het mooiste voorbeeld blijft voor mij toch wat dat betreft Take a run at the sun dat hij met Dinosaur Jr maakte maar ook op deze plaat slaagt hij erin. Dat doet hij naar mijn aanvoelen met zowel Right behind you en Hangin out die beiden klinken alsof een radiostation dat even zijn format en zijn gepolijste muziekkeuze durft te vertalen, met succes zou kunnen draaien. 
Je luistert niet naar platen van J Mascis voor de vernieuwing maar omdat je houdt van dat unieke gitaarspel en die ongepolijste stem en dat krijg je ook op deze plaat wederom in overvloed.

Je kan het volledige album hieronder beluisteren en hier kopen via zijn Bandcamp-pagina:

07 februari 2024

The Bony King Of Nowhere


Ik heb het geluk gehad ooit Bram Vanparys (The Bony King Of Nowhere) enkele malen te mogen ontmoeten, onder andere ter gelegenheid van huisconcerten die hij gaf. Hij is één van de meest innemende Vlaamse muzikanten die ik ken. Zijn lange, smalle verschijning, zijn bescheidenheid en zijn aarzelende en ietwat onzekere houding gaven een indruk makkelijk bereikbaar te zijn en zijn dankbaarheid jegens fans versterkte dat alleen maar. Maar afgezien daarvan is het natuurlijk de muziek die hij maakt die telt en wat dat betreft kan je op deze blog meermaals lezen hoe verguld ik was van zijn platen.
Waar zijn muziek op de eerste platen nog eerder voorzichtig en verlegen klonk bij momenten, is deze artiest intussen tot grotere volwassenheid gekomen en klinkt hij zelfzekerder en getuigen de nummers op Everybody knows van een rijkheid die alleen maar gegroeid is. Wat vooral opvalt, is hoe Vanparys op zijn zesde plaat vaak aanschurkt tegen Radiohead. Zowel muzikaal als in de manier waarop de Gentenaar zijn zang Thom Yorke-gewijs daarover drapeert hoor je opvallend veel gelijkenissen. Dat hoor je het best in opener Are you still alive, het titelnummer, Almost invisible, Erase, Working harder en Perfect sense. Toch is hij geen Yorke-kloon en weet hij eigen toetsen aan te brengen. Falling into place is een pareltje dat zo eenvoudig klinkt dat het bedrieglijk makkelijk lijkt. Wie goed luistert, hoort echter hoe de details in het arrangement een extra patina aan de song geven.
Na de eerste drie platen ben ik de man wat uit het oog verloren maar deze hernieuwde kennismaking is alvast zo aangenaam als het begroeten van een oude vriend die jaren in het buitenland heeft gewoond en veranderd maar toch in essentie nog steeds dezelfde jongen teruggekeerd is.

Je kan het volledige album hieronder beluisteren en kopen via zijn website of hier op zijn Bandcamp-pagina:

06 februari 2024

Isla

Josh Rouse kent u misschien al maar wist u dat hij een zij-project heeft waarmee hij in 2021 al een album uitbracht (The Mediterrenean gardener)? Nu is er een opvolger van dat project, Isla. Deze keer betreft het een EP, Oceanside.
De vijf songs op de EP klinken zo relaxed als de titel en de hoes al laten vermoeden. Opener Down by the oceanside is zomerser dan een parasol en Hurricane heeft de cruise control opgezet zodat je ongestoord kan genieten van het uitzicht tijdens het rijden. Helaas ben ik minder te spreken over Milwaukee dat teveel moderne dancepop achterna loopt waarmee de hitparades al te veel gevuld zijn naar mijn smaak. Maar gelukkig wordt het gevolgd door Valerie Marquee dat slimmer omgaat met electronica en wel weet te bekoren. Afsluiter Photograph is dan weer voor mij weer een twijfelgeval. Ik hoor goede elementen maar tegelijk doet het nummer me iets te veel zijn best om ook de meer hitgevoelige radiostations te verleiden tot airplay.

U kan de EP hieronder beluisteren en kopen via de Bandcamp-pagina van Josh Rouse:

05 februari 2024

Lee "Scratch" Perry


Het laatste album van Lee "Scratch" Perry is net postuum uitgekomen want de reggae-grootheid stierf in 2021. De songs op deze plaat zijn opgenomen in 2020 en 2021 en er is nogal gepuzzeld met opnames om de plaat af te krijgen maar als luisteraar merk je daar niets van.
King Perry is een waardige afsluiter van een back catalogue (al komen er ongetwijfeld nog eerder onuitgebracht materiaal en live-opnames en dergelijke, u weet hoe dat gaat met dode artiesten). Wat me vooral opvalt, doordat ik vooral bekend ben met zijn ouder werk, is hoe modern deze plaat klinkt.  De dub en reggae zijn hier ingebed in bij momenten zeer eigentijds aandoende songs. Het begint dan wel nog vrij traditioneel met 100lbs of summer,  in Midnight blues krijgen we vooral een wat hijgerige sleper die sporen bevat van triphop. De zachte zang van Perry zelf en gastvocaliste Fifi Rong zorgen voor een broeierige sfeer. En hoogtepunt Green banana (met Shaun Ryder van Happy Mondays) is een dancenummer waarin Ryder een rol krijgt als in Dare van Gorillaz en dat klinkt alsof Green Velvet zich bemoeid heeft met de opbouw rond de dub van Perry. Ook Jesus life wisselt tussen dance die in niets gelijkt op zijn ouder werk en een dublijntje waarover heen hij zingt. Future of my music bewijst dat Lee Perry zich zelf bewust was van de evolutie die zijn muziek heeft doorgemaakt. Zelfs na al die decennia blijft de pionier het voortouw nemen in nieuwe wegen die dub en reggae zouden kunnen inslaan. De rapserige stem van Tricky en de zwoele stem van Marta zorgen voor contrasten waardoor de verbinding tussen oude en nieuwe stijlen nog duidelijker wordt.
Deze plaat maakt me benieuwd naar de albums die hieraan voorafgingen want ik zou wel eens willen horen of die evolutie al hoorbaar was of even plots kwam als Achtung baby in de carrière van U2.

Hieronder kan u het volledige album beluisteren:

02 februari 2024

Chatham County Line


Chatham County Line is al aan hun elfde album toe met Hiyo. De band uit North Carolina is al actief sinds 1999 en heeft naast tien eerdere platen ook samengewerkt met de Noor Jonas Fjeld en Sharon Van Etten. Waar ze voorheen de bluegrasstraditie alle eer aandoen zonder hun americana oubollig te laten klinken, kiezen ze hier zelfs voor een nieuwe weg. Ja, bluegrass vormt nog steeds de basis voor de songs maar het gebruik van synthesizers, drum machines en meer electrische instrumenten dan ze gewoon waren, geeft de nummers toch een andere klank.
Gelukkig betekent dat niet dat de kwaliteit verminderd is. De songwriterscapaciteiten van de bandleden vormen nog steeds de ruggengraat voor hun muziek en je krijgt dus hier elf heerlijke americana-pareltjes voorgeschoteld. En net als bij echte parels, blinkt de ene al wat meer dan de andere. Hoogtepunten op deze plaat zijn voor mij opener Right on time, Lone ranger en vooral Under the willow tree. In vele van de andere songs klinkt de band een beetje als The Avett Brothers, met wie ze als samen tourden.
Deze plaat is zonder meer goed te noemen. Voor een excellent rapport hadden ze nog een tandje mogen bijsteken en wat mij betreft toch iets vaker voor hun typisch bluegrassgeluid van voorheen mogen kiezen. Dat ze een ander instrumentarium toevoegen aan hun palet is lovenswaardig, dat zeker, maar je mag als band ook niet vergeten waar je sterktes liggen en die liggen hier niet toch echt niet enkel in het schrijven van goede melodieën.

Je kan het album hieronder volledig beluisteren en hier kopen via hun Bandcamp-pagina:

01 februari 2024

The Smile


A dark shaped pool uit 2016 is het (voorlopig?) laatste wapenfeit van Radiohead maar dat betekent niet dat de bandleden stilzaten sindsdien. Ze hadden vaak hun eigen projecten of gingen in een andere constellatie samenwerken, zoals Thom Yorke en Jonny Greenwood die met Tom Skinner (Sons Of Kemet) in 2022 A light for attracting attention uitbrachten en zelfs op tour gingen. In tegenstelling tot Yorkes eerdere project Atoms For Peace blijkt The Smile geen eenmalige samenwerking te zijn want zonet verscheen Wall of eyes, de opvolger van dat debuut uit 2022.
Natuurlijk zijn er gelijkenissen tussen de muziek van Radiohead en die van The Smile, daar kunnen we niet omheen. Sommige nummers op deze plaat zouden zeker ook op A dark shaped pool hebben kunnen staan. Maar interessanter is dat Skinner (en de afwezigheid van de andere Radioheadleden dan Thom en Jonny) The Smile iets meer richting jazz en krautrock duwen. Het duidelijkst zijn die overeenkomsten en verschillen voor mij te horen in Bending hectic, dat ze al als single uitbrachten. Het einde van die song is zelfs een typische post-rockclimax en laat ik daar nu net heel erg van houden. Net als Radiohead klinkt ook The Smile avontuurlijk en bereid tot experimenten zonder de melodieën uit het oog te verliezen. Zo kan je je verbazen over de vreemde geluidjes in afsluiter You know me! en je tegelijk laven aan de vertrouwd klinkende stem van Thom Yorke gedrapeerd over een melodie die op de latere platen van Radiohead ook terug te vinden had kunnen zijn. Een ander goed voorbeeld is Read the room dat we tot de meest melodieuze krautrock kunnen rekenen.
Wie met heimwee terugverlangt naar Radiohead krijgt met The Smile de dichtste benadering die je kan krijgen: vertrouwde klanken en toch telkens weer net iets anders omdat steeds ook het experiment opgezocht wordt. 

Je kan het album hieronder volledig beluisteren en hier kopen:

31 januari 2024

William Elliott Whitmore


Dat William Elliott Whitemore nog niet eerder aan bod is gekomen op deze blog, mag best wel verbazen. De Amerikaan uit Iowa voelt zich thuis in zowat alle rootsgenres (blues, folk, country,...) en brengt al sinds 1999 met regelmaat goede platen uit. Zijn elfde regulieren album, Silently, the mind breaks is alweer zo'n voltreffer waar ik u graag doorheen gids.
Opener Be still brengt ons een mooi samenspel van de banjo en Williams wat nasale stem, doordrenkt van die "howl" die zo typisch is voor de genres die hij beheerst. In Darkness comes roept hij herinneringen op aan misschien wel de beste Bruce Springsteen, van The ghost of Tom Joad en Devils and dust. Adaptation and survival mag je gerust een hoogtepunt noemen dat de uitgestrekte landschappen die menige roadmovie sieren evoceert. Met Dance with me schurkt hij tegen de latere platen van John Hiatt's Crossing muddy waters aan. De eerder vernoemde banjo zet ook de toon op Break even, Bunker built for two en What for. Maar het beste wordt voor het einde bewaard: afsluiter A golden door to an empty place is muzikaal de rijkste song en voert je niet alleen mee door decennia Amerikaanse traditionele muziek maar ook naar het hart van de artiest. Tristesse, spijt en heimwee lijken een strijd met elkaar te voeren waar je als luisteraar alleen maar ten volle kan genieten.
William Elliott Whitmore verdient met veel van zijn albums een plaatsje in uw platenkast en als u hem nog niet kende, kan deze nieuwe release u uitstekend inleiden in zijn oeuvre.

Je kan het album hieronder volledig beluisteren en hier kopen. Enkele van zijn andere platen (vreemd genoeg niet deze) zijn dan weer te koop via zijn Bandcamp-pagina:

30 januari 2024

The Germans

 
Hoewel ik toen het op treden van Gazelle Twin het meest memorabele noemde, is intussen gebleken dat de passage van The Germans op Pukkelpop 2015 nog het meest in het geheugen zit (ook bij mijn lief trouwens). En zoals ze toen één lang nummer speelden en daarmee muzikaal vooral een sfeer opriepen, blijkt ook op hun nieuwe plaat Spirituality dat ze daar nog steeds meesters in zijn.
De mood die dit keer opgeroepen wordt, is een contemplatieve maar ook donkere gemoedsgesteldheid waar amper een zonnestraaltje in doorschijnt. Dat levert wel mooie songs op, zoals Take a deep breath dat door de blazers zoveel diepte meekrijgt dat je erin gezogen wordt. Die blazers keren ook prominent terug in Rose quartz, dat daarmee aanvoelt als een variatie én vervolg op Take a deep breath, al zitten er hier lichtere muzikale toetsen in. Mercury in retrograde vraagt wat inspanning van de luisteraar en geeft zijn geheimen niet meteen prijs. Het is een veellagig nummer waarop slechts in de verte lijkt gezongen te worden (overigens deels in parlando). Soft and fragiel as my heart lijkt merendeels een angelieke hymne die je in een misviering zou kunnen horen maar The Germans zouden The Germans niet zijn als ze niet hier en daar kleine stoorzendertjes zouden ingebouwd hebben die het voor dat doel toch onbruikbaar maken. As it ends lijkt te drijven op het geluid dat een natte vinger over een glas gestreken oplevert. Zonder blazers dit keer bereikt het eveneens een diepte zoals Take a deep breath. Verlichting komt er door de oosters aandoende hoge tonen.
Spirituality is een album dat je best gewoon op je af laat komen zonder verzet te bieden. Telkens wanneer je dreigt te verdrinken in de zuigende moeraskracht werpt de band je reddingsboeien toe in de vorm van kleine muzikale details. Het resulteert in een bijzonder fraai en te koesteren album.

Je kan dit album hieronder volledig beluisteren en hier kopen via hun Bandcamp-pagina:

27 januari 2024

Gelezen (156)

 

 

Tony, de zieke pony. En nog 179 andere teksten die ooit werden bezongen maar nu de heerlijke stilte van het drukwerk zijn toevertrouwd, waar nodig voorzien van een toefje uitleg, zodat de verbijsterende diepgang of in sommige gevallen ook het verfrissende gebrek daaraan zich kan ontvouwen bij het ritselende openslaan der bladzijden. - Hugo Matthysen

In dit boek worden alle songteksten die Hugo Matthysen ooit voor zichzelf of voor anderen schreef, verzameld, thematisch zelfs. Het is een bonte verzameling van nummers die soms absurd-komisch zijn, soms observationele humor en altijd taalkundig spitsvondig. Niet alleen werkte hij soms samen met Drs. P (met wie hij bevriend raakte), de invloed van de Nederlandse taalvirtuoos is duidelijk merkbaar, soms heel openlijk (wanneer Hugo zich waagt aan alternatieve versies van "Dodenrit"), meestal gewoon in de manier waarop een wel heel brede woordenschat vakkundig ingezet wordt voor rijm en sfeerzetting.
Achteraan het boek is er nog een kort stukje proza waarin Hugo Matthysen uitlegt "hoe het zover is kunnen komen" en ook dat is weer zo heerlijk humoristisch en typisch voor zijn schrijfselen, dat je ook daar zeker nog van kan genieten. Daarna volgt een overzicht van de projecten waarvoor de songs geschreven zijn met een beetje uitleg bij. De naam van die projecten is immers doorheen het boek telkens onderaan de tekst terug te vinden.

Faith, hope and carnage - Nick Cave & Séan O'Hagan

Dit boek is eigenlijk één groot en lang interview dat journalist Séan O'Hagan had met Nick Cave. De gesprekken die samen dit interview vormen, startten tijdens de lockdown. Ruim twee jaar later volgt nog een gesprek waarin een soort stand van zaken opgemaakt wordt bij het verschijnen van de paperbackeditie (voorheen was dit boek enkel als hard cover verschenen). Daarin blikt Nick Cave ook even terug op de tour die volgde op Carnage, het meest recente album. Maar de meeste gesprekken vonden dus plaats na Ghosteen en tijdens de eerste stappen die zouden leiden tot Carnage.
Hoewel er geprobeerd wordt om de gesprekken wat thematisch te ordenen, lopen vele thema's toch voortdurend door elkaar. Er is uiteraard het overlijden van zijn zoon Arthur (en wanneer het laatste gesprek plaatsvindt ook van een andere zoon, Jethro), ook dat van Nick Caves moeder en zijn voormalige vriendin Anita Lane, er is de samenwerking met The Bad Seeds (en het opstappen van Blixa Bargeld en Mick Harvey) en hoe die verschilt van zijn samenwerking met Warren Ellis, die steeds meer zijn partner wordt in het schrijven van de song, andere projecten (keramiek, The Red Hand Files,...). Twee thema's springen er vooral uit: de bewustwording bij Nick Cave van zijn spirituele, zelfs religieuze kant en de veranderde manier van songschrijven.
Wat die religiositeit betreft, is het overlijden van Arthur een belangrijke trigger geweest maar niet de oorzaak. Doorheen de gesprekken legt hij uit (en wordt ook voor hemzelf duidelijker) dat die er altijd geweest is maar na de dood van zijn zoon meer vorm heeft gekregen en dat hij er ook meer is over gaan nadenken. Voor Cave is die religiositeit een voorwaarde om een goed leven te leiden, maar noch de interviewer noch ik raken ervan overtuigd. Duidelijk is wel hoe het hem en zijn vrouw Susie heeft geholpen en nog steeds helpt, al gaat zijn vrouw er nog anders mee om dan hij.
Voor de muziekfan is vooral interessant hoe hij beschrijft welke veranderingen er plaats hebben gevonden in zijn songschrijven, veranderingen die zeker nauw samenhangen met de steeds intensere samenwerking met Warren Ellis. Het verklaart ook hoe Ghosteen (en later Carnage) toch wel een ander soort platen geworden zijn dan we van Cave gewoon waren. Hoewel ik zelf niet zo enthousiast werd van die twee meest recente albums, snap ik nu beter hoe ze tot stand konden komen als een evolutie die voor vele luisteraars (waaronder ik) verrassend was.

26 januari 2024

Ethan P. Flynn


Had ik dit album niet zien opduiken in eindejaarslijstjes eind december en begin januari, ik had nooit geweten dat het debuut van Ethan P. Flynn zulk een fantastische plaat is. De Brit mocht na het afstuderen aan de Guildhall School of Music aan de slag bij het Young-label (van The XX) en hij werkte er samen met FKA Twigs, David Byrne, Slowthai en anderen. Voor oktober vorig jaar had hij al enkele ep's op zijn naam staan, met slimme en wat tegendraadse bedroom-pop. Eenzaamheid was ook daarop een prominent thema en dat is het al helemaal op dit album.
Opener In silence is wat dat betreft al meteen een mooi voorbeeld. Het klinkt als een singer-songwriter die toch een wel een upgrade gekregen heeft en muzikaal een rijker palet dan zijn gitaar en stem mag bedienen, een veel rijker zelfs. Ook de titelsong weet te bekoren door een rijkdom die we van zo'n artiest niet verwacht hadden. De song waaiert helemaal open. Op No shadow weet de vrouwelijke achtergrondzang een soort evangelieke schoonheid toe te voegen aan wat in essentie een vrij triest nummer is. Crude oil klinkt helemaal anders en toch herken je hierin dezelfde hand van alle andere songs op de plaat.
Ik kon alvast geen enkel zwak moment vinden. Integendeel, de variatie die hij koppelt aan een herkenbaar eigen geluid getuigt van een onverwachte muzikale maturiteit. Het wordt de komende jaren uitkijken naar het vervolg dat Ethan hieraan weet te breien.

Beluister hieronder het volledige album, dat je hier kan kopen via zijn  Bandcamp-pagina:

25 januari 2024

Omar Rodriguez-López


Omar Rodríguez-López kende ik al als gitarist van The Mars Volta en At The Drive-In. Met De-loused in the comatorium wist die eerste band mij bijzonder te intrigeren. Wat rondsurfen leerde me dat deze Texaan intussen al zo'n vijftig solo-releases achter zijn naam staan heeft sinds 2004. Het is een fenomenale output en ik ga ze zeker niet allemaal beluisteren.  Wel leen ik mijn oor (met plezier overigens) aan de nieuwe plaat Is it the clouds? die net uitgebracht werd.
Het contrast tussen het bovengenoemde debuut van The Mars Volta en deze plaat kan amper groter zijn. Het grote, weidse gebaar heeft plaats gemaakt voor voornamelijk rustige nummers. Wat wel hetzelfde gebleven is, is dat er in elke song vanalles te horen en te beleven valt. Neem nu Rat pain, waarin de geest van Tom Waits rondwaart en het nummer minder rechtlijnig blijkt dan het eerst lijkt. Het resultaat van deze kleine sieraden is een bedwelmende trip door een wereld waarin alles mogelijk lijkt. De Mexicaanse invloeden zijn duidelijk te horen in Amor frio, een orgeltje opent Your own worst enemy en Broken (Reprise) is een luisterliedje waarin de zanger zo dicht bij de micro lijkt te staan dat je elke ademzucht hoort. Mijn persoonlijke favoriet is toch wel Once a broken human, dat muzikaal klinkt als de synthese van dit album. Het is van een eenvoudige schoonheid, al wordt het eveneens verrijkt met allerlei kleine details.
Wie muziek zoekt die niet opdringerig is om mee te werken of gewoon rustig in de zetel wil zitten (al dan niet lezend), kan zich geen betere muzikale begeleiding wensen dan deze plaat.

Beluister het hele album hieronder:

24 januari 2024

Het Zesde Metaal


Het overlijden van een goede vriend doet wat met een mens. Zelf mag ik van geluk spreken dat nog niet meegemaakt te hebben maar je hebt niet veel empathie nodig en observatievermogen om de impact toch minstens een beetje in te kunnen schatten. Zo'n sterfgeval confronteert je nog meer dan bij je grootouders of ouders met je eigen eindigheid.
Niet iedereen verkeert in een situatie waarin je daarmee aan de slag gaat binnen je creatieve bezigheden maar Wannes Capelle en zijn band Het Zesde Metaal hebben het voordeel dat liedjes maken en platen uitbrengen hun stiel is en dat ze daarin ongegeneerd publiekelijk de rouw een plaats kunnen en mogen geven. Op Het langste jaar voel je doorheen heel wat songs dat de ziekte van Tom Pintens die uiteindelijk tot zijn dood zou leiden, als een bezielende levensadem het album zowel intimiteit als urgentie verleent. Ondanks zijn ziekte heeft Pintens uiteindelijk nog alle opnames kunnen meemaken en de plaat kunnen producen. Het overlijden van een dicht familielid van zanger Wannes Capelle versterkte dit alles nog meer.
Misschien is deze plaat daardoor wel in zekere zin de meest donkere plaat van de Westvlamingen maar het is zeker ook de meest ingenieuze en  meest gedetailleerde. Tegenover grote en kleine levensvragen in de teksten staat muziek die verrijkt is met de aardigste kleinigheden die hen zoveel meer diepgang verleent. De storm is daar een goed voorbeeld van.  Een goede luisteraar leent zijn oor aan alle instrumenten en melodietjes die als een mug rond een brandende lamp cirkelen. Omgekeerd heeft het titelnummer net door zijn soberheid de grootste impact. Moeder aarde gaat thematisch schijnbaar een andere kant op: de ode aan onze planeet wijst ons op onze achteloze manier van omgaan ermee. Doch zinnen als "je bent zo dichtbij dat we je bijna niet zien staan" (maar dan in het Westvlaams) zijn evenzeer van rouw doordrenkt en zouden ook in een andere context hard binnenkomen.
De twee sleutelsongs van deze plaat zijn mooi verdeeld over begin en einde. Den tijd die ons nog rest volgt op de opener en grijpt bij de keel door de dringende boodschap die de band ons meegeeft. Het is bij momenten toch wel naar adem happen bij de treffende dingen die Capelle zingt en je wordt gedwongen na te denken over hoe je zelf je leven leidt en of je wel het meeste haalt uit de tijd die je hebt met geliefden om je heen. En de afsluitende titelsong duwt je door het sober arrangement nog meer met je neus op de feiten. Het is van een intimiteit waarvan je je amper kan voorstellen dat de sfeer van een optreden niet heel sterk verandert eens deze song ingezet wordt. Als dit de live show afsluit, gaat volgens mij iedereen in stilte en peinzend naar huis, een stuk van het grote gedeelde verdriet meenemend.

Beluister hieronder het volledige album, dat je hier kan kopen via hun Bandcamp-pagina:

23 januari 2024

Tranen


Toen ik opgroeide, kwam er een shift in hoe omgegaan werd met emoties die getoond worden door mannen. Mijn vader was nog volwassen geworden met het idee dat je als man je verdriet en je tranen niet toont, zeker niet in het openbaar. De man moest sterk zijn zodat zijn gezin (en in het bijzonder zijn vrouw) op hem kon terugvallen als rots in de branding. Tijdens mijn adolescentie en jongvolwassenheid won het idee van de "nieuwe man" meer en meer terrein, een man die niet alleen (meer) hielp in het huishouden maar ook gevoelig mocht zijn. Mijn vader heb ik slechts éénmaal in mijn leven zien huilen, toen zijn moeder gestorven was. Mijn kinderen hebben mij vaker zien wenen al bleef ook ik het moeilijk vinden om mijn gevoelens zo openlijk zichtbaar te maken.
Tranen zijn ook in de muziek een thema dat af en toe opduikt. In onderstaande playlist maak ik een selectie ervan.

  1. Teardrop - Massive Attack: dit blijft één van de mooiste nummers van Massive Attack, waarin je bovendien de opbouw van de song heel goed hoort, laagje na laagje komt erbij en wordt er op het einde weer afgepeld.
  2. Tears - Giorgio Moroder: ook de Italiaanse pionier van de electronische muziek en de (euro)disco maakte een song over tranen en hij gebruikte het in de soundtrack van Die Klösterschülerinnen, een erotische film uit 1972. Dit nummer werd gesampled door DJ Shadow in zijn Organ donor.
  3. Tearz - Wu-Tang Clan: op het debuutalbum Enter the Wu-Tang (36 chambers) horen we deze fijne song.
  4. Larmes de sel - Wall.E featuring Tsune: deze Franse hiphop-artiest verwijst naar de zoute smaak van tranen.
  5. Her tears taste like pears - Dorian Concept: volgens de Oostenrijkse componist, producer en keyboardspeler Dorian Concept smaken sommige tranen dan weer eerder naar fruit. Dit nummer is te vinden op de verzamelaar Ninja tunes XX vol.1 van het Ninja Tune label.
  6. Lágrimas negras - Compay Segundo: deze Cubaan werd bij ons vooral bekend dankzij Buena Vista Social Club.
  7. Lágrimas de oro - Manu Chao: de frontman van Mano Negra maakte nadien solo nog enkele platen waarop de songs soms vaak op elkaar lijken en/of fragmenten uit Mano Negra-nummers recycleren. Hier horen we de muzikale thema's die heel het album Clandestino beheersen dan ook duidelijk terugkomen.
  8. Le jardin des larmes - Zaz featuring Till Lindemann: de chouchou van de Franse hedendaagse popmuziek en de zanger van Rammstein, het blijft een vreemde combinatie maar hier werkt ze wel.
  9. Crying - Roy Orbison: als iemand iets afweet van huilen, is het wel de man die het noodlot enkele malen hard tegenkwam in het leven.
  10. Tears in the morning - The Beach Boys: de mooie samenzang van The Beach Boys mag zeker niet ontbreken in deze playlist.
  11. Hot tears - Leif Vollebekk: in 2010 zag ik de Canadees live in een woonkamer in Gent optreden, net na het uitbrengen van zijn debuutalbum.
  12. Cry - Cigarettes After Sex: de dream pop van deze Texanen biedt troost als een warm dekentje, een glas thee en een arm om de schouder.
  13. Through watery eyes - Douglas Firs: op The long answer is no (wat een prachtige titel toch), de tweede plaat van de groep rond Gentenaar Gertjan Van Hellemont, vind je dit nummer terug.
  14. Crying - J.J. Cale: J.J.  Cale is zo'n artiest waarvan je het bestaan makkelijk vergeet en af en toe bots je dan nog eens één van zijn uitstekende albums om hem te herontdekken. Het is alweer van 2013 geleden dat hij overleed maar laten we hem nooit echt vergeten.
  15. Daddy cry - The Toasters: de New Yorkse ska-band The Toasters maakt nog steeds muziek, al is hun Moon Ska label dat ze oprichtten toen ze geen platendeal kregen bij het begin van hun carrière intussen wel ter ziele gegaan.
  16. So many tears - 2Pac: Tupac Shakur is ook nog 27 jaar nadat hij doodgeschoten werd bijzonder populair.
  17. Boys don't cry - Grant-Lee Phillips: als er één song is die mijn punt rond hoe mannen vroeger hun verdriet moesten wegsteken uitstekend illustreert, is het wel Boys don't cry van The Cure, hier gecoverd door de zanger van Grant Lee Buffalo die enkele hele mooie solo-albums op zijn naam heeft staan intussen.
  18. Dancing with tears in my eyes - Ultravox: ook de new wave band rond John Foxx en Midge Ure probeert de tranen te verbergen achter een masker van vreugdevol dansen. Dit is overigens één van de oudste songs die ik me herinner al als kind gehoord te hebben.
  19. Crying in the rain - The Everly Brothers: ondanks een latere reünie hielden The Everly Brothers er al enkele jaren na mijn geboorte mee op dus hen heb ik nooit bewust gekend als kind. Hun muziek werd wel gesmaakt door mijn ouders en hoorden we dus alsnog vaak. Ook zij hebben een manier gevonden om hun tranen te verbergen.
  20. Blue eyes crying in the rain - Willie Nelson: deze country-legende, die nog steeds mooie platen uitbrengt, beschikt blijkbaar over dezelfde tactiek als het voorgaande duo.
  21. Cry to me - Solomon Burke: in 2010 overleed soullegende Solomon Burke bij aankomst op Schiphol. Dat huilen ook een thema is binnen de soulmuziek mag geen wonder heten.
  22. Cry - Godley & Creme: een latere clip bij dit nummer hoorde bij Miami vice en is dus doorspekt met fragmenten uit de serie maar het is toch vooral de originele video met de morfende gezichten die legendarisch werd.
  23. Don't cry - Guns N' Roses: de beide Use your illusion-platen waren een zeer ambitieus project van de band rond Axl Rose en Slash maar leverden wel enkele beklijvende songs op.
  24. It keeps raining (tears from my eyes) - Bitty McLean: deze debuutsingle van de Britse reggae- en ska-artiest haalde in de UK zelfs de top 10.
  25. Tears dry on their own - Amy Winehouse: uiteindelijk drogen tranen ook weer en gaan we verder met ons leven.
Beluister hieronder de volledige playlist: