05 november 2010

The Orb & David Gilmour


Dat The Orb ooit zou samenwerken met (een lid van) Pink Floyd, hoeft niet echt te verwonderen. Er zijn wel wat gelijkenissen te bespeuren tussen beide groepen, en zeker het Pink Floyd waarin David Gilmour (die hier dus gitaar komt spelen bij dé ambient band bij uitstek) staat bekend om zijn lang uitgespronnen intro's en muzikale stukken (denk maar aan de sfeer van The division bell uit 1994, of nummers als Time en Money). Dat grootse, stadioneske karakter deelt ook The Orb, dat ooit met A huge ever growing pulsating brain that rules from the centre of the ultraworld tekende voor de toen langste songtitel ooit. De band balanceerde tussen genialiteit (Little fluffy clouds) en kinderlijke speelsheid met een randje Druivelaar (op Orbus terrarum b.v.).
Wat levert de samenwerking tussen The Orb en David Gilmour nu op ? Tien songs, verdeeld over 2 tracks (waarin dus telkens 5 nummers in elkaar overlopen), samen goed voor bijna 50 minuten dromerige ambient met gitaartoetsen verspreid over het geheel van dit album, Metallic spheres. De voorliefde voor concepten springt al snel in het oog. De eerste track (bijna 29 minuten) heet Metallic side en begint met geluiden uit een science-fiction film, waaroverheen de lang uitgesponnen gitaarintro van David Gilmour niet zou misstaan op het live-album P.u.l.s.e. en het is onmogelijk de vijf songs te onderscheiden. Er zitten in de lange track zeker goeie momenten (de pulserende drums rond 11 minuten en een half, en het typische Pink Floyd geluid dat opzet rond het kwartier), maar daartussen krijgen we o.m. een soort nepdierengeluiden (rond 13 minuten ongeveer) waarmee ze toch vooral vervallen in het soort spielerei dat van hun track Toxygene een uitstekend voorbeeld maakt van waar ze balanceren op de wel erg dunne scheidslijn tussen “geestig” en “irritant”.
Ook het tweede nummer (Spheres side) schijnt te bestaan uit 5 songs, maar ook die zijn niet te onderscheiden. Op deze track lijkt David Gilmour iets meer zijn stempel te hebben weten drukken, en voor de rest kunnen we een vrijwel identiek oordeel vellen als voor de eerste track,
Bij een eerste beluistering leek dit album vooral langdradig en saai, en te weinig divers. Meerdere beluisteringen brengen meer reliëf in het geheel, maar al bij al blijft dit een te lang uitgesponnen mijmering, die weliswaar zijn goeie momenten kent. Doordat ervoor gekozen is om alles te verdelen in slechts 2 tracks, is het onmogelijk om de skip-toets verstandig te gebruiken, en dat is jammer, want te vrezen valt dat het globale plaatje te zwak uitvalt en de goeie stukken te veel weggestopt zijn hierdoor, om deze cd nog vaak op te zetten.

Deze recensie vind je ook hier op Indiestyle.be

Geen opmerkingen: